Romy de Weert 11 juli 2021, 19:45

‘De kans op extreme weersomstandigheden neemt razendsnel toe, ook in Nederland’

De extreme hitte in Canada en delen van de VS wordt overduidelijk veroorzaakt door klimaatverandering. Dat blijkt uit een recent onderzoek waar meerdere Nederlandse instituten aan meewerkten. De kans op extreme weersomstandigheden, zoals hittegolven neemt toe, ook in Nederland. Hoe kunnen we ons hierop voorbereiden?

Adobestock 399242737 De kans op extreme weersomstandigheden neemt door klimaatverandering toe. Beeld: Adobe Stock

Canada en delen van de VS werden vorige week getroffen door extreme hitte met bosbranden tot gevolg. Een groep internationale onderzoekers – waaronder een aantal uit Nederland – analyseerde de hittegolf. Wat blijkt? De hittegolf had nooit plaatsgevonden zonder door de mens veroorzaakte klimaatverandering.

Maarten van Aalst, directeur van het Klimaatcentrum van het internationale Rode Kruis en hoogleraar aan de Universiteit Twente is medeauteur van het onderzoek. “Twintig jaar geleden wilde de gemiddelde klimaatwetenschapper geen link leggen tussen klimaatverandering en hitte, omdat het weer vaak grillig van zichzelf is. Inmiddels kijken we daar anders naar”, zegt Van Aalst. De onderzoekers keken naar trends in zulke extremen in de waarnemingen van de afgelopen decennia. Vervolgens vergeleken ze met behulp van klimaatmodellen de resultaten mét en zonder de uitstoot van broeikasgassen. “De kans dat extreme weersomstandigheden zoals hitte voorkomen is razendsnel toegenomen. Ook in Nederland”, zegt Van Aalst.

Hitte in Nederland is iets waar we ons zorgen om moeten maken

Zo zijn hittegolven in Nederland tien keer waarschijnlijker geworden. “Hitte in Nederland is echt iets waar we ons zorgen om moeten maken”, zegt de wetenschapper. De afgelopen twee jaar was hitte in Europa de dodelijkste ramp in de wereld, en als we niet oppassen staat Nederland straks boven aan de lijst. “Het hitteprobleem is iets wat bijna niemand zich realiseert. We denken vaak aan een leuke dag aan het strand, maar voor kwetsbare groepen is het een ramp.”

Extreme regenval en overstromingen

“Bij klimaatverandering in Nederland denkt iedereen gelijk aan een stijgende zeespiegel. En dat is ook hoe we er klassiek over nadenken met risicomanagement”, vertelt Van Aalst. “Bij tien centimeter zeespiegelstijging verhogen we onze dijken met tien centimeter en dan zijn we weer veilig. Maar ook de kans op extreme regenval is de afgelopen jaren door klimaatverandering steeds groter geworden.”  Die twee – zeespiegelstijging én de kans op extremere regenbuien, zorgt dat het lastiger wordt om van het water af te komen. “Met die gedachte hebben we maatregelen uitgevoerd om het water weg te krijgen. Maar tegelijkertijd zag je dat droogte in Nederland afgelopen zomer een groot probleem was.”

Van Aalst ziet dat er meerdere problemen zoals extreme regenval en droogte steeds erger worden. “Oplossingen voor het ene probleem kunnen het andere probleem versterken. Het is belangrijk om op zowel lokaal als landelijk niveau te kijken naar hoe we ons kunnen voorbereiden op extremer weer.” Zo werd Europa in 2003 getroffen door een extreme hittegolf waarbij tienduizenden doden vielen. “Er werden toen in Nederland nog geen hittewaarschuwingen afgegeven. Toen we in 2006 opnieuw aan de beurt waren is er besloten dat we hitte serieuzer moeten nemen.” Inmiddels bestaat er een nationaal hitteplan. “Als het KNMI een hittegolf ziet aankomen gaat er een hitte-alarm af. Er worden dan bepaalde protocollen in ziekenhuizen en verpleeghuizen gehanteerd die de kwetsbaren moeten beschermen. Maar er zijn ook een hele hoop kwetsbaren die op zichzelf wonen. Hoe bereiken we die dan?”

Lokaal en landelijke maatregelen voeren

Daar ligt volgens Van Aalst de grootste uitdaging. De groep kwetsbaren bereiken waar geen oogje in het zeil gehouden wordt. “Op korte termijn kunnen steden denken aan koelcentra creëren in bijvoorbeeld gymzalen en overheidsgebouwen, waar airco en voldoende drinkwater is.” Op lange termijn moeten steden de vraag stellen: hoe houden we onze stad koel?  “In Den Haag is de Schildersbuurt een hitte-hotspot. Die buurt kun je verkoelen door meer groen te planten. Maar je ziet dat het beleid soms niet aansluit bij de echte nood, want de meeste subsidies voor vergroening gaan naar plekken in de stad die al groen zijn”, zegt Van Aalst.

De verlate aanpak tegen hitte in Nederland is volgens Van Aalst te verklaren omdat extreme warmte nieuw is voor ons land. “Oorspronkelijk hebben we hitte in Nederland nooit als een probleem ervaren. Daarom lopen de plannen nog achter. We moeten het dus heel praktisch aanpakken: wat kunnen we per stad doen om een extreme weerssituatie voor te zijn?”

Meer weten over duurzame ontwikkelingen in Nederland? Schrijf je in voor onze nieuwsbrief.

True price: hoe bestuurders en commissarissen hier meer mee kunnen doen

“Er is in het verleden veel gepraat over de afwenteling van maatschappelijke kosten op de volgende generatie”, begint Volkert Engelsman, CEO van Eosta, distributeur van biologische en fairtrade producten. “Maar de tijd van praten lijkt nu definitief voorbij nu ook rechters met het oude normaal breken. Ondernemers hebben, net als de publieke sector, een zorgplicht voor de samenleving.”Het is een trend die volgens Engelsman steeds concreter wordt. De bouwstenen van de wetgeving rond klimaat- en stikstofbeleid zijn gelegd. En ook de financiële sector neemt steeds vaker duurzaamheidscriteria en maatschappelijke kosten (of: externaliteiten) mee in risicoanalyses. Dit heeft grote gevolgen voor bestuurders en toezichthouders, denkt Engelsman.Meer lef nodig financiële instellingenOok digitaal aangeschoven in de webinar is Harm Tunteler, voorzitter raad van commissarissen van matrassenproducent Auping. Wat merkt hij van het debat rond maatschappelijke kosten en veranderde business modellen? “Het is soms een beetje dubbel”, vertelt Tunteler. “Aan de ene kant zie ik dat financiële instituten het steeds belangrijker vinden om te investeren in duurzaam ondernemerschap. Maar aan de andere kant merk ik ook dat banken soms nog terughoudend zijn in het verstrekken van financiering voor echt duurzame initiatieven.” De constatering van Tunteler sluit aan op het bericht dat het FD vorige week publiceerde. Onderzoekers van de universiteit Utrecht en Maastricht stelden dat het Nederlandse banken en andere instellingen nog te vaak ontbreekt aan lef om te investeren in klimaatprojecten.Lees ook over het ABN AMRO fonds waarmee de bank op dit probleem wil inspelen. “Jonge bedrijven zijn nog niet altijd klaar voor reguliere bankfinanciering, maar komen wel in aanmerking voor investering vanuit dit fonds", vertelt Mirna Geense, Hoofd Corporate Investments bij ABN AMRO. Hoe werkt dat?Consumenten zijn er klaar voorToch lijkt er aan de vraagkant ook wat te veranderen als het gaat om een meerprijs voor externaliteiten. “Consumenten zijn er klaar voor”, laat Michel Scholte enthousiast weten in een videoboodschap. Als voorbeelden noemt Scholte het koffie-inkoopbeleid van Rijkswaterstaat, de chocola van Tony's Chocolonely, en de opening van de eerste supermarkt in Amsterdam die rekent met ‘echte prijzen’. Deze laatste twee zagen ondanks hun hogere prijzen de omzet stijgen. “De volgende stap is om te kijken hoe we het belastingsysteem slim kunnen inrichten”, zegt Scholte. “Hoe kunnen we gezond en duurzaam voedsel betaalbaar en toegankelijk maken voor iedereen. Dat is de vraag die we ons nu moeten stellen.”Tunteler bemerkt de groeiende interesse van de consument ook. “Bedrijven worden in toenemende mate beoordeeld op transparantie en maatschappelijk verantwoord ondernemen. De slimme aandeelhouder ziet dat duurzaamheid en circulariteit continuïteit heeft.”Rol overheidEngelsman ziet ook een belangrijke rol voor de overheid. “De signalen uit de maatschappij zijn duidelijk. Nu is het aan de wetgever om met financiële prikkels duurzaam gedrag te belonen en vervuilende praktijken aan banden te leggen.” Alhoewel de kabinetsformatie op zich laat wachten, is Engelsman hoopvol over klimaatbeleid, mede door beleidsvoorstellen van MVO Nederland en de gesprekken die Rutte met mensen als Marjan Minnesma voert.Tot slot doet Engelsman nog een oproep: “Moeten we niet een algemene bestuurlijke richtlijn opstellen waarin de zorgplicht van ondernemers wordt vastgelegd? Zodat we als commissarissen zowel zicht hebben op financieel, als sociaal kapitaal. Graag zie ik dat duurzaamheid en maatschappelijke zorg verankerd wordt in ondernemerschap.”