Rianne Lachmeijer 08 december 2020, 18:04

Duurzaamheidsmeetmethode die ten grondslag ligt aan de Green Deal "niet groen genoeg"

De duurzaamheidscriteria die de duurzaamheid bepalen van de activiteiten die ten grondslag liggen aan de Europese Green Deal sluiten niet aan bij de doelstellingen die de Europese Unie zichzelf stelt om in 2050 klimaatneutraal te zijn. Daarvoor waarschuwen 123 wetenschappers uit 27 landen in een open brief.

Adobestock europa vlaggen gebouw

“Hoe beschermt de Green Deal de toekomst van de Europese Unie als de definities van duurzaamheid niet op één lijn liggen met de ambitie om broeikasgassenuitstoot naar nul terug te brengen tegen 2050?” Daarmee openen 123 wetenschappers hun brief gericht aan Commissievoorzitter Ursula von der Leyen, eurocommissarissen Frans Timmermans en Mairead McGuinness.

Definitie voor duurzaamheid

De wetenschappers doelen op de zogenoemde EU Taxonomy for Sustainable Activities. Deze werd in eerste instantie ontwikkeld als onderdeel van een hervormingsplan voor de financiële sector. Het doel van de taxonomie is om duurzaamheid te definiëren zodat er geen discussie meer mogelijk is over de vraag of iets groen is of niet. “Voor de eerste keer is het mogelijk om appels met appels te vergelijken”, zei Helena Viñes Fiestas van BNP Paribas Asset Management daar in een eerder interview over. Zij maakt onderdeel uit van de expertgroep die de taxonomie ontwikkelde.

Lees hier het interview met Helena Viñes Fiestas.

Missend onderdeel in de taxonomie

Volgens de wetenschappers mist er in de taxonomie een verwijzing naar het doel van de Europese Unie om klimaatneutraal te zijn in 2050. Om daaraan te voldoen moeten bedrijven hun CO2-uitstoot stapsgewijs terugdringen. Door het weglaten van een duidelijk afbouwtraject bestaat de kans dat de taxonomie niet overeenkomt met de klimaatdoelen.

Een deel van de briefschrijvers maakt onderdeel uit van de groep wetenschappers die meewerkte aan het onderzoek dat ten grondslag ligt aan de taxonomie. Het plan was om de criteria in de loop der tijd aan te scherpen, zodat deze strenger worden naarmate 2050 nadert. “We gaan ervan uit dat het ontbreken hiervan een ongelukkige administratieve vergissing is, in deze buitengewone tijden. Deze vergissing moet echter dringend worden gecorrigeerd”, aldus de briefschrijvers.

Lees de brief hier.

Voortgang

Momenteel bevindt de taxonomie zich in een consultatiefase. Die periode van publieke raadpleging verloopt op 18 december. Vervolgens besluit de Europese Commissie of het 529 pagina’s-tellende document nog wordt aanpast voordat het ter goedkeuring naar het Europees Parlement en de lidstaten gaat.

Afbeelding: Adobe Stock

Chemelot: duurzame grondstoffen zorgen voor groene chemie

De rol van de chemische industrie is voor Chemelot-directeur Loek Radix onomstreden. “De maatschappij heeft de producten vanuit de basischemie nodig, nu en in de toekomst. Basischemie is het begin van vele economische waardeketens, zoals plankton dat is binnen voedselketens. Kunstmest, kleding en medicijnen, het kan allemaal niet bestaan zonder de grondstoffen die de chemie produceert.” Twee uitdagingen  Alleen zijn er volgens Radix twee ‘probleempjes’ die moeten worden opgelost. Ten eerste moeten de fossiele grondstoffen, die als input voor de chemische fabrieken dienen, vergroenen zodat automatisch ook de producten groen zijn. En ten tweede moeten alle chemische processen geëlektrificeerd worden en gevoed met duurzame elektriciteit.  Die twee uitdagingen zijn enorm omvangrijk, maar kunnen volgens Radix zeker worden opgelost. Op dit moment worden er op Chemelot nog veel fossiele grondstoffen gebruikt: ruwweg 1 miljard kubieke meter aardgas en circa 4 miljoen ton nafta (‘raffinaderijbenzine’) per jaar. Het elektriciteitsverbruik zit op circa 2 miljoen megawattuur per jaar.  “Toch kan Chemelot in 2050 volledig duurzaam en circulair zijn”, aldus Radix over de missie van Chemelot. “Daarvoor moet nog veel werk verzet worden, en daar zijn we druk mee bezig.” Klimaatneutrale chemiesite  De Chemelot-directeur voelt zich gesteund door minister Eric Wiebes van Economische Zaken en Klimaat, die de basisindustrie tot ‘cruciale sector’ heeft verklaard. In zijn ‘visie op verduurzaming’ benadrukt Wiebes de onmisbare rol van de chemiesector in Nederland, en stemt hier mede het economisch beleid op af. Het Nederlandse kabinet heeft de ambitie om ‘the place to be’ te zijn voor toekomstige duurzame basisindustrieën.  Radix is vastbesloten om van het chemiecomplex Chemelot in Zuid-Limburg zo’n ‘place to be’ te maken. Met de ambitie van het Nederlandse kabinet moet Chemelot die positie kunnen behouden en zelfs verstevigen. Chemelot is een zeer internationaal georiënteerde chemiesite; ongeveer 90 procent van alle producten die daar worden geproduceerd, is bestemd voor de export.  Chemelot is volgens Radix als geen ander gepositioneerd voor de transitie naar een circulaire, duurzame en volledig klimaatneutrale chemiesite. Vanuit de historie van het terrein zijn de ruim zestig fabrieken op het Chemelot-terrein in hoge mate geïntegreerd. Het product van de ene fabriek, is grondstof voor de andere fabriek. Op die manier gaat relatief weinig energie verloren, en is de efficiency hoog. Integratie en nauwe samenwerking zijn de sleutelwoorden om duurzaamheid en circulariteit te kunnen realiseren.  Sabic en Plastic Energy Als voorbeeld noemt Radix de nieuwe fabriek, die de chemiebedrijven Sabic en Plastic Energy gaan bouwen op het terrein van Chemelot. Deze nieuwe fabriek, die in 2021 in bedrijf gaat, zal plastic afval chemisch recyclen. Plastic Energy ontwikkelde voor deze samenwerking een speciale technologie waarbij plastic afval in een zuurstofvrije omgeving wordt gesmolten en afgebroken tot zogenoemde pyrolyse-olie. Deze uit plastic afval afkomstige olie wordt door Sabic als grondstof ingezet in de naftakraker en omgezet in etheen en propeen. Plastic afval wordt op deze manier dus omgezet in nieuwe hoogwaardige grondstoffen. Met als circulair resultaat dat plastic kan worden geproduceerd van gerecycled plastic in plaats van nafta. “Deze vernieuwing leidt tot minder afvalverbranding en biedt een milieuvriendelijker alternatief voor het verwerken van gemengd plastic afval.”  Unilever is in dit geval vanaf de start actief betrokken geweest bij de ontwikkeling, omdat deze plastics kunnen worden gebruikt als verpakkingsmateriaal voor voedingsmiddelen. Radix is trots op deze ontwikkeling, die de fossiele nafta overbodig maakt en door een circulair alternatief wordt vervangen.  Om deze en andere technologieën grootschalig te kunnen toepassen moet veel gebeuren. De benodigde opslagcapaciteit en recycling van plastic afval, huishoudelijk afval en biomassa vraagt op termijn om ruimte, die Chemelot zelf niet heeft. Fabrieken waar recycling plaatsvindt, worden bij voorkeur niet op Chemelot gebouwd, en dat kan ook elders. Waarna, na het recycling-proces de hernieuwbare grondstoffen zoals pyrolyse-olie via bestaande pijpleidingen, via het water, via het spoor, schip of via de weg naar Chemelot getransporteerd worden. Vervanging van aardgas en nafta  Chemelot vormt een knooppunt van verschillende typen infrastructuren: pijpleidingen, snelwegen, waterwegen, treinrails en elektriciteitsleidingen. Die infrastructuur speelt een belangrijke rol in de duurzaamheidstransitie, want de pijpleidingen zijn niet alleen nodig voor het aanvoeren van de eerder genoemde pyrolyse-olie, maar ook voor de vervanging van die andere belangrijke grondstof: aardgas.  Nafta en aardgas zullen langzaam maar zeker vervangen worden door duurzame alternatieven. Chemische processen hebben warmte nodig, waarvoor nu vaak aardgas wordt verbrand. In de toekomst zullen hoge temperaturen nodig blijven voor vele chemische processen, alleen zal dit (duurzame) elektrische warmte zijn. Om die reden zal het elektriciteitsverbruik tot 2050 ongeveer verviervoudigen.  Onmisbare schakel in de oplossing  In de klimaatdiscussie vormt Chemelot niet alleen het probleem, Chemelot is  volgens Radix een ‘onmisbare schakel in de oplossing’. Op vele fronten zoekt Chemelot de samenwerking op met bedrijven, instellingen en overheden om de ambities waar te maken. Denk daarbij aan infrastructuur en de levering van voldoende groene stroom, maar ook het zekerstellen van een ‘level playing field’ in Europa en in de wereld. “Voor een chemiesite die 100 procent van zijn producten op de wereldmarkt afzet, is dat laatste geen detail om te veronachtzamen”, besluit Radix.