Marc Seijlhouwer 02 december 2020, 15:50

Nederland bungelt onderaan in duurzaamheid van Europese landen

Nederland heeft een van de slechtste duurzame concurrentieposities van Europa. Dat blijkt uit de nieuwste Global Sustainability Competetive Index (GSCI), die met tientallen criteria meet hoe duurzaam en concurrerend een land is. Door een gebrek aan natuur en kwistig materiaalgebruik staan we onder landen als Hongarije en Roemenië.

Adobestock 207523984

Nederland staat vijfentwintigste en is daarmee een van de laagst genoteerde EU-landen. De top van de lijst bestaat uit Scandinavische landen: Zweden, IJsland en Denemarken vormen de top 3. Onder Nederland komen grote economieën zoals de Verenigde Staten (32) en China (37). Sommige landen met een laag BBP staan toch verrassend hoog in de lijst. Nepal staat bijvoorbeeld op plek 53, vooral omdat het zoveel natuur heeft. Scandinavië scoort hoog dankzij de combinatie van sociale voorzieningen, intellectuele ontwikkeling en de grote hoeveelheid natuur.

Dat Nederland lager scoort heeft een paar oorzaken. Omdat we een dichtbevolkt land zijn is er minder ruimte voor de natuur. Daarnaast is het grondstofverbruik in ons land veel minder efficiënt dan in andere Europese landen. De combinatie van die twee factoren zorgt voor de relatief lage positie op de lijst, achter veel andere Europese landen.

Lees ook: Dit zijn de duurzaamste bedrijven om in te investeren

Hogere score dankzij duurzaamheid

De Global Sustainability Competetiveness Index kwam deze week uit. Hij meet hoe concurrerend landen zijn en neemt daarbij duurzaamheid mee als belangrijk aspect van de posititie. De lijst is een soort alternatief voor de kredietbeoordelingen die bekende bureau’s als Standard & Poor’s en Moody’s uitgeven.

Landen die in die traditionele ratings laag scoren, krijgen in dit systeem soms een hoger cijfer, omdat ze – al dan niet bewust – duurzamer zijn dan andere landen. Zo heeft Argentinië bij de kredietbureaus een rating van CCC, terwijl dit in de GSCI een BB+ wordt. De rating van een olieland zoals Quatar wordt juist lager, omdat olie niet voor een duurzame concurrentiepositie zorgt.

Investeren in duurzaamheid

De denktank achter deze index gebruikt 117 meetbare criteria om de lijst samen te stellen. De gegevens komen van officiële instanties als het Internationaal Monetair Fonds en de Wereldbank. Uiteindelijk zorgen deze criteria voor een rating op vijf gebieden, van sociaal kapitaal tot natuurbeheer en intellectuele kracht. Het is de negende keer dat deze lijst uitkomt.

De makers willen graag bewustzijn onder investeerders en het publiek creëren. Nu al willen steeds meer beleggers dat de bedrijven waarin ze investeren een plan hebben voor duurzaamheid. Fossiele bedrijven zijn tegenwoordig risicovolle investeringen. De GSCI laat zien hoe investeerders met feiten en cijfers een duurzame geldbeslissing kunnen nemen.

Lees ook: Hoe duurzaam zijn de Nederlandse energieleveranciers?

Bron: GSCI | Beeld: Adobe Stock

Kweekvleesprimeur voor Singapore, dat gekweekte kip mag verkopen aan consumenten

Hoewel kweekvlees door velen wordt gezien als het vlees van de toekomst. was er tot nu toe geen plek waar je het ook daadwerkelijk mocht verkopen. Op wat experimenten na - zoals de eerste gekweekte hamburger in 2013. Maar nu zegt de voedsel- en warenautoriteit van Singapore dat de kipnuggets van Just verkocht mogen worden in een restaurant. Welk restaurant is nog onbekend.De gekweekte kipnuggets bevatten een combinatie van planten-eiwit en gekweekt kippenvlees. Dat doet het bedrijf om de prijs laag te houden, want op dit moment is puur kweekvlees nog veel te duur om te concurreren met vlees van echte kippen. Wat de precieze verhouding is tussen kip en plant houdt Just geheim.Lees ook: KFC Rusland werkt aan kweekvlees uit de 3D-printerKweekvleesrevolutieDe toestemming in Songapore kan het begin zijn van een kweekvleesrevolutie. Nu dit land met allerlei experts heeft vastgesteld dat kweekvlees veilig is om te eten, kunnen ook andere bedrijven in andere landen proberen om hun vlees op de markt te krijgen. Hoe meer bedrijven kweekvlees kunnen aan bieden, hoe sneller het geproduceerd kan worden. Daardoor zullen de kosten dalen en wordt het proces efficiënter.Dat Just zich richt op kip uit het lab is opmerkelijk. Kippenvlees zorgt namelijk niet voor milieuwinst, wat één van de belangrijkste voordelen is van kweekvlees versus ander vlees. Natuurlijk is er minder leed voor kippen als er kweekvlees wordt gegeten, maar volgens schattingen stoot kweekvlees drie keer meer CO2 uit dan vlees van een echte kip.Warmte in de bioreactorDat komt omdat de bioreactor waar de cellen uitgroeien tot vlees veel energie vraagt. Als die energie duurzaam wordt opgewekt, wordt de voetafdruk kleiner - maar zelfs dan blijft de voetafdruk hoger dan bij een echte kip. Die groeien namelijk zo efficiënt door de grote schaal van kippenboerderijen, daar kan geen high-tech bioreactor tegenop.Het is dan ook niet verrassend dat andere kweekvlees-bedrijven, zoals het Nederlandse Mosa Meat, zich focussen op rundvlees. Omdat koeien bij het herkauwen veel broeikasgas produceren en het heel veel water en voer kost om een kilo rundvlees te maken, wint een gekweekte koe het wel in die vergelijking.Lees ook: Nederlander wil liever kweekvlees dan vegetarisch alternatiefBron: MIT Tech Review | Beeld: Adobe Stock