Marc Seijlhouwer 29 september 2020, 17:06

Duurzamer Nederland? Dan moeten burgers meer te zeggen krijgen over energieprojecten

Als we willen dat de energietransitie van de regio’s in Nederland slaagt, moeten burgers beter en meer betrokken worden. Ook moeten ze iets terugzien van de winst van energieparken in de buurt. En de energieparken zelf moeten gebouwd worden met oog voor de natuur. Alleen dan krijg je een succesvolle energietransitie, vinden de verenigde natuur- en milieufederaties (NMF) in Nederland.

Adobestock 157428613 energietransitie zonnepanelen laadpalen risico verzekeraar kleiner

NMF reageerde vandaag (samen met 7 andere organisaties) op de eerste versies van de 30 regionale energiestrategieën. Dit zijn plannen van gemeenten en regio’s over de energietransitie. Elke regio mag zelf bepalen hoe ze klimaatvriendelijker wordt in 2050, binnen de kaders van het Klimaatakkoord. Maar voor alle strategieën moet er genoeg aandacht zijn voor ‘lokale participatie’, zoals de NMF het noemen.

“De RES-sen die er nu liggen zijn een goed begin. Maar belangrijke dingen, zoals participatie en aandacht voor de natuur, staan nu nog in de kinderschoenen”, vertelt Has Bakker, programmacoördinator RES namens de Natuur en Milieufederaties. De NMF zaten bij veel van de RES-sen aan tafel. Daar vroegen ze ook aandacht voor hun speerpunten, waardoor ze in bijna alle strategie-documenten een paragraafje hebben gekregen.

Lees ook: In mei had Zeeland de primeur met de eerste RES van Nederland

Profiteren van duurzame stroom

“We zijn optimistisch, maar ook kritisch”, vat Bakker het samen. “We hopen dat de regio’s binnenkort dingen als natuurbehoud en participatie echt verankeren, en er beleid van maken. Als je de komende decennia allerlei duurzame energieprojecten start, is het belangrijk om nu alles vast te leggen.” Alleen op die manier weten we zeker dat iedereen profiteert van de energietransitie. Nu gebeurt dat vaak niet. Zoals Bakker het zegt: “De lusten komen maar bij een paar mensen of bedrijven terecht, terwijl de kosten wel voor de hele maatschappij zijn. Dat moet anders.”

Dat kan bijvoorbeeld als bedrijven samenwerken met een coöperatie van burgers. Zo heeft iedereen inspraak, en verdient iedereen iets aan de energieprojecten. Als een windmolen of zonnepark jou omgeving verdrukt, is het fijn om er iets voor terug te krijgen. Is dat niet veel meer werk voor bedrijven? “In het begin vraagt het meer geregel. Maar je krijgt ook aanzienlijk minder klachtprocedures, waardoor het proces aan het einde juist sneller gaat.”

Klimaatakkoord

Het idee om de baten van de energietransitie terug te laten vloeien leeft op veel plekken. In het Klimaatakkoord staat de ambitie om 50 procent van alle energieprojecten lokaal eigendom te laten zijn. “En je hebt elkaar bij de energietransitie ook hard nodig. Dat is een goede reden om die participatie te stimuleren.”

De RES die er nu legt, is een concept. In de zomer van 2021 volgt de ‘RES 1.0’. De plannen hier zijn dan min of meer definitief, maar niet binden. Dat komt pas als gemeenten de plannen uit de RES omzetten in juridische beleidsteksten. Voor die tijd hoopt Bakker wel dat de RES bekender wordt, ook bij burgers. “Nu gebeurt er veel binnenskamers. Maar die participatie moet niet alleen zitten in het eigendom van een duurzaam energieproject, maar ook in de besluitsvorming. Wij hopen dat iedereen mee gaat doen.”

Lees ook: "Als we de RES uit willen voeren, moeten we nu geen projecten uitstellen"

Bron: NMF | Beeld: Adobe Stock

Voor het eerst bioasfalt op openbare weg

Het asfalt vervangt de helft van het bitumen (een teerachtige fossiele stof) door lignine, een restproduct uit de papierindustrie. Mede dankzij deze vervanging kan het asfalt ook op een lagere temperatuur aangelegd worden. Zo wordt op twee manieren CO2-uitstoot bespaard. Door de biomassa (want dat is lignine) een hoogwaardige toepassing te geven en het niet te verbranden, is het nog beter voor het milieu.Veilige wegenEerdere proeven met het asfalt, onder andere op de campus van Wageningen University & Research (WUR) waren veelbelovend. Daarom waagt bouwbedrijf H4A de volgende stap met het havengebied van Vlissingen. Het is voor het eerst dat een openbare autoweg dit asfalt krijgt. Daarvoor moet het asfalt natuurlijk wel aan alle regels voldoen; het moet net zo veilig en robuust zijn als gewoon asfalt. “De stroefheid moet op orde zijn, want die bepaalt de remweg van de auto”, vertelt Martijn Verschuren van H4A. “We hebben dit bij de vorige proeven uitgebreid onderzocht, maar je moet het blijven controleren.”Lees ook: Avantium krijgt subsidie om bioasfalt te makenHet asfalt wordt gemaakt van lignine die uit Finland komt. Het plan was aanvankelijk om Nederlands papierafval te gebruiken, maar dat voldoet nog niet aan de eisen. Daarvoor is meer onderzoek nodig, maar de partijen wilden wel al een ‘echte’ weg aanleggen met het lignineasfalt. “Uiteindelijk moet er ook goed Nederlands lignine komen”, vertelt Verschuren. “Het is namelijk een heel nuttige grondstof, die je vaak kan gebruiken als vervanging van fossiele materialen zoals plastic.”  Taaier en iets duurderHoewel het asfalt aanzienlijk beter is voor milieu en klimaat, kent het ook nadelen. “Het is taaier”, zegt Verschuren. “Daarom moet je het sneller en met meer kracht walsen nadat je het op de weg hebt gelegd. Dat vraagt dus om een wat andere manier van werken.” Ook is het ongeveer 15 procent duurder, hoewel deze meerprijs door schaalvergroting lager kan worden.In de toekomst hopen de partijen die het asfalt maakten nog meer bitumen te kunnen vervangen. “Er komt een nieuwe werkgroep, die de komende drie jaar onderzoekt of je het laatste deel bitumen kan vervangen door andere plantaardige grondstoffen. Er is een goede kans dat dat lukt, maar er is nog wel wat werk nodig”, zegt Verschuren.Lees ook: Op de A73 experimenteren bouwbedrijven met asfalt gemaakt van puinBron: UU/H4A | Beeld: Adobe Stock/UU