Teun Schröder
17 september 2020, 17:41

Nederlandse waterstof gefnuikt door Brussel, maar ons eigen subsidiesysteem rammelt ook

De Europese Commissie zet een streep door de plannen van minister Wiebes om waterstofproductie te ondersteunen met subsidie. Volgens Brussel komt Nederlandse stroom, waarmee de waterstof gemaakt moet worden, nog voor een te groot deel uit fossiele bronnen. Experts vinden dat het Nederlandse waterstofbeleid zelf te wensen overlaat.

Afbeelding 1 rotterdam kan internationale rol als waterstofhub krijgen

Milieuvriendelijke waterstof moet gemaakt worden met elektriciteit van windmolens en zonneparken. In Nederland wordt echter nog zeker 80 procent van de stroom opgewekt uit aardgas en steenkool. Dit zou betekenen dat bij de productie van waterstof het gebruik van deze fossiele bronnen stijgt, waardoor de CO2 uitstoot in Nederland juist toeneemt, zo redeneert Brussel.

Bureaucratische beslissing

“Het besluit van Brussel is streng, maar niet verrassend”, zegt Faiza Oulahsen, hoofd klimaat en energie van Greenpeace in een telefonische reactie. “Als je strikt naar de bepaling kijkt, dan klopt het dat elektrolysers (de machines die waterstof maken met elektriciteit, red.) op dit moment nog veel fossiele brandstoffen zouden gebruiken. En je wil de perverse prikkel voorkomen dat er door waterstofsubsidies meer geïnvesteerd wordt in fossiele energie.”

Toch is dit volgens haar wel een klap. “Elektrolysers vormen een cruciaal onderdeel in de energietransitie”, zegt Oulahsen. “Deze moeten nu ontwikkeld worden, zodat ze straks optimaal werken als ze gevoed worden met groene stroom." Oulahsen maakt de vergelijking met elektrische auto’s. “De eerste modellen reden in eerste instantie op fossiele stroom, maar kunnen nu gevoed worden met duurzame energie.”

SDE++ subsidie schiet tekort

Het is volgens Oulahsen te simpel om de schuld bij Brussel neer te leggen. Het Nederlandse subsidiesysteem voor groene waterstof had volgens haar al mankementen. Daarom ziet ze liever veranderingen bij het ministerie van Economische Zaken en Klimaat. “Op het moment worden groene waterstofinnovaties ondergebracht in de SDE++, waar het vrijwel kansloos is. Investeringen in groene waterstof zijn nog veel te hoog en de kans op subsidie is klein.”

Dit heeft te maken met een door het Planbureau van de Leefomgeving (PBL) gehanteerde rekenmethode, waarbij een waterstoffabriek slechts 2.000 (gebaseerd op het geraamd aantal uren in 2030 dat álle Nederlandse elektriciteit groen is) van de 8.600 draaiuren mag maken. De rest van de tijd staan elektrolysers stil, waardoor productie veel te duur is. Doordat de SDE++ een rangorde kent op basis van kosteneffectiviteit staat groene waterstof achteraan de rij, en is de kans op subsidie klein.

'Waterstofprofessor' Ad van Wijk zette al eerder vraagtekens bij de rekenmethode van de SDE++: "De regeling is een gedrocht. Volgens de huidige regels mag je alleen groene waterstof produceren, als je een elektrolyser direct koppelt aan duurzame energie; een heel kostbare investering. Thuis mag je wel 'grijze' stroom kopen met een groen certificaat. Als je de energietransitie vaart wil geven, moet dit ook mogelijk worden voor elektrolysers."

Groene waterstof kan al

Belanghebbenden vermoeden dat hiermee de ontwikkelingen van duurzame waterstof in gevaar komen. “Ik ben bang dat het ministerie met het bericht uit Brussel de schuld van zich af gaat schuiven” ,zegt Oulahsen. “Terwijl Nederland innovaties in groene waterstof veel beter zou moeten ondervangen, zoals ook in landen als Frankrijk en Duitsland gebeurd.”

Theoretisch gezien is het al mogelijk om meer dan 2.000 uur zon- en windstroom af te nemen. Via commerciële contracten kunnen elektrolysers 100 procent duurzame stroom afnemen, als ze direct worden aangesloten op offshore windparken, aangevuld met zonne-energie. Hierdoor kunnen ze nagenoeg permanent groene waterstof produceren. Het ministerie staat in de rekenmethode van het PBL echter niet toe om groene stroom direct te koppelen aan waterstofproductie.

Aandeel groen stijgt in de toekomst

De redenering van de Europese Commissie betekent niet dat overheidssteun voor waterstof helemaal stopt. Wel is er sprake van een versobering van de regeling, wat er waarschijnlijk toe leidt dat waterstoffabrieken (nog) minder mogen produceren. Pas als de aanvoer van groene stroom groot genoeg is, mogen de fabrieken hun draaiuren verhogen.

Op het moment wordt in Nederland zo’n 18 procent van de elektriciteit opgewekt uit hernieuwbare bronnen. Met een hoop wind- en zonneparkprojecten in de steigers is de verwachting dat dit percentage de komende jaren snel zal stijgen.

Beeld: Adobe Stock

Australiërs maken waterstof uit poep en ander rioolafval

De Australische RMIT-universiteit vond een manier om de afvalstoffen uit het riool te gebruiken voor de productie van waterstof. Eerst moeten de ‘vaste’ bestanddelen omgezet worden in actieve kool, zogenoemd biochar. Normaal wordt biochar gebruikt in de land- en tuinbouw om planten beter te laten groeien. Ook kan je van afvalwater biogas maken, dat bijvoorbeeld ook gebeurt bij mest van dieren.Zwaar metaal in poepkorrelsDe combinatie van biogas, actieve kool en water gaat in een reactor, die de onderzoekers van RMIT bouwden. Deze is volgens hen ongekend efficiënt, en zet water met biogas om in waterstof en CO2. De koolstofkorrels gemaakt van poep dienen daarbij als katalysator; er zit genoeg zwaar metaal in om het waterstofproces snel te laten verlopen. Bij het omzetten van gas in waterstof komt ook CO2 vrij, dat vervolgens aan de koolstofkorrels wordt gebonden.Een close-up van de koolstofkorrelsHet proces is eigenlijk hetzelfde als bij de productie van ‘grijze’ waterstof, gemaakt met aardgas. Maar waar in die processen de CO2 de lucht in gaat (of onder de grond wordt opgeslagen, in het geval van blauwe waterstof) wordt het broeikasgas in deze reactor gebonden aan de koolstofkorrels, in de vorm van een flinterdun extra koolstoflaagje rond de korrels.Lees ook: Het riool is een letterlijke goudmijnOnbeperkt beschikbaarHet voordeel van deze methode is dat alle grondstoffen op één plek aanwezig zijn: Vaste afvalstoffen (poep) voor biochar en afvalwater voor biogas. “Afvalstoffen zijn vrijwel onbeperkt beschikbaar”, vertelt wetenschapper Kalpit Shah in het persbericht. Dat maakt deze techniek in ieder geval breed toepasbaar. Of het de meest efficiënte manier is om de afvalstoffen uit een rioolwaterzuiveringsinstallatie toe te passen, valt te bezien. Er lopen wereldwijd, ook in Nederland, inmiddels meerdere experimenten om nuttige dingen te doen met afvalwater en slib.Voor Australië komt deze nieuwe manier om waterstof te maken als geroepen. Het land wil, misschien nog wel meer dan Nederland, een waterstofeconomie worden. Het land zou aanvankelijk waterstof leveren aan de Spelen van 2020, voordat covid-19 roet in het eten gooide. Australië heeft veel ruimte om duurzame stroom op te wekken, waarmee het groene waterstof kan maken. Duitsland wil die waterstof in de toekomst graag afnemen. Maar zolang er niet genoeg groene waterstof is, kan deze ‘grijze’, maar wel uit afvalstoffen gemaakte waterstof, uitkomst bieden.Lees ook: Gigantisch energiepark in Australië voor waterstofBron: RMIT | Beeld: RMIT