Marc Seijlhouwer 06 mei 2020, 17:39

Waterstofcentrale in de maak bij grote producent elektriciteitscentrales

Wärtsilä, een Fins bedrijf dat veel elektriciteitscentrales bouwt, werkt aan techniek om gascentrales op 100 procent waterstof te laten draaien. Daarmee is de gasturbine-techniek straks klaar voor de toekomst. Zo’n waterstofcentrale kan bijschakelen als er stroombehoefte is, net als nu gebeurt met gas.

Wartsila centrale waterstof

Vandaag onthulde het Finse bedrijf, dat energiecentrales, bootschroeven en dieselmotoren bouwt, haar toekomstvisie. Daarin spelen de klassieke gascentrales nog steeds een belangrijke rol. Alleen verbranden ze straks geen aardgas meer, maar 100 procent waterstof.

Nu is dat niet niet mogelijk; de eigenschappen van waterstof (zoals energiedichtheid) zijn anders, waardoor een gasturbine niet optimaal werkt als je er 100 procent waterstof in verbrandt. Wartsila doet naar eigen zeggen al twintig jaar onderzoek naar alternatieve brandstoffen in gascentrales, en in tests kunnen de turbines tegenwoordig zelfs een mengsel van 60 procent H2 en 40 procent aardgas aan.

Lees ook: Vraag naar hybride scheepsmotoren groeit snel

Alles op één plek

Binnen een paar jaar (een precieze tijdlijn is er nog niet) moet Wärtsilä klaar zijn voor 100 procent waterstof. Het bedrijf denkt dat waterstof onmisbaar wordt om het elektriciteitsnet stabiel te houden. Door opwek van duurzame elektriciteit, een waterstoffabriek en -centrale én een ondergronds resevoir om de waterstof op te slaan op één plek te bundelen, hoeft men veel minder dure batterijen voor elektriciteitsopslag te bouwen. De centrale heeft dan dezelfde rol als nu, en levert stroom in de avond of bij windstilte, als de duurzame bronnen het af laten weten.

In Nederland wordt ook geëxperimenteerd met de transitie van gas naar waterstof. Vattenvall wil de Magnumcentrale in Groningen vanaf 2023 deels op waterstof laten draaien (die vanaf 2030 uit duurzame bronnen komt). In Amerika wordt een kolencentrale verbouwd zodat hij in 2025 30 procent waterstof aan kan, en in 2045 helemaal op waterstof draait.

Lees ook: Hoe een kolencentrale in Utah klaar wordt gemaakt voor een duurzame toekomst

Bron: Wärtsilä

3D-printer maakt afgekeurde mondkapjes klaar voor gebruik

De beugel maakt miljoenen mondkapjes plotseling klaar voor gebruik. Op dit moment is Materialise druk met het testen van de prototypes van de beugel. Daarvoor werkt het bedrijf samen met de Belgische overheid en de Taskforce Shortage, die een oplossing moet vinden voor de tekorten van beschermend materiaal voor essentiële beroepen.Als de tests slagen, heeft Belgié in één klap een heleboel extra mondkapjes. Toen de maskers van het type KN95 binnenkwamen was de teleurstelling groot. Hoewel de filters in de maskers goed werken, sloten ze bij de neus niet aan. Zo zou het coronavirus langs het mondmasker alsnog zijn werk kunnen doen. Een neusbeugel dicht het gat tussen mondkapje en gezicht, en zorgt volgens Materialise ook nog voor meer draagcomfort, wat fijn is als er uren achter elkaar bescherming gedragen moet worden.Bekijk ook onze crisiscast, waarin Jan Rotmans zijn visie op de coronacrisis deelt:Minder verspillingDoor de beugels te 3D-printen in het land zelf, kan België toezien op de kwaliteit en hoeft het niet te wachten tot er geschikte mondmaskers worden geleverd vanuit China of de VS. En hoewel de beschikbaarheid van beschermend materiaal vooral belangrijk is omdat het levens redt, voorkomt de beugel ook veel verspilling, omdat de afgekeurde maskers niet weggegooid hoeven worden.Materialise werkt sinds de coronacrisis verwoed aan 3D-geprinte hulpmiddelen tegen het virus. Zo bouwde het een opzetstuk waarmee mensen deuren met de elleboog open kunnen maken en werkt het bedrijf aan een 3D-geprint zuurstofmasker voor beademingsapparaten. Let wel: geen van deze geprinte oplossingen is nog uitgebreid getest of goedgekeurd voor medisch gebruik.Lees ook: Overal zoekt men naar zelfgemaakte beademingsapparatenBron: Materialise | Beeld: Materialise