Marc Seijlhouwer 21 april 2020, 18:15

Grolsch haalt straks twee derde van zijn warmte uit duurzame bron

Bierbrouwerij Grolsch wil in 2022 72 procent van zijn warmte halen uit biomassa. Het bedrijf krijgt straks warm water van biomassabedrijf Twence, dat anderhalve kilometer van de brouwerij ligt. Hiermee bespaart Grolsch 5.500 ton CO2 per jaar. Twence zegt alleen biomassa te produceren uit restproducten die anders geen toepassing hebben, zoals bouwafval.

Brouwerij grolsch

De duurzame warmte komt bij Grolsch binnen in de vorm van warm water, geproduceerd bij Twence. Grolsch gebruikt de hitte van het water om er met een warmtewisselaar zelf heet water van te maken in het eigen systeem. Dat hete water gebruikt de brouwer om flessen schoon te maken. Daardoor heeft Grolsch geen aardgas meer nodig om in boilers het hete water te maken. Wel is er nog gas nodig om stoom te produceren, die de brouwer gebruikt om het biermengsel te koken. Ook is er nog een klein beetje aardgas nodig voor verpakkingsapparatuur.

Klimaatneutraal in 2025

De overstap naar biowarmte is een grote voor Grolsch. In 2025 wil de brouwer klimaatneutraal zijn. Eerder werd alle elektriciteit die het bedrijf gebruikte al groen. Maar net als bij veel bedrijven is overstappen naar een duurzame warmtebron ingewikkelder. “We hebben geluk dat Twence bij ons in de buurt zit”, vertelt Susan Ladrak, engineering manager bij Grolsch. “Het is een mooie regionale samenwerking”.

Lees ook: Grolsch stapt over op kartonnen verpakking voor blikjes

Als Twence er niet was geweest, had Grolsch moeten kijken naar elektrische verwarming of een warmtepomp. Grolsch kijkt nu wel of zo’n warmtepomp kan helpen bij stoomproductie. “Maar dat is zo’n dynamische wereld dat we nog niet weten of dat straks de beste oplossing is."

Warmte uit bouwafval

Dit jaar nog worden de technische uitdagingen van het project in kaart gebracht. In 2021 moet de aanleg starten, waarmee Grolsch in 2022 duurzame warmte krijgt.

Die warmte komt uit verschillende bronnen. Twence zegt deze op te wekken uit niet-herbruikbaar afval, biomassa en de zon. Het produceert nu al elektriciteit uit biomassa, maar door het Grolsch-project zal dat minder gebeuren. "We gaan minder elektriciteit opwekken en meer warmte. Dat is ook efficiënter", vertelt de woordvoerder van Twence. De warmte van Grolsch komt niet uit zonne-energie. "Voor hoge temperaturen is biomassa de beste oplossing. Dat soort temperaturen bereiken met zon en wind is nog niet efficiënt", aldus de woordvoerder. 

Geen verspilling

Dat Grolsch straks al haar elektriciteit en een groot deel van de warmte uit duurzame bronnen haalt, betekent niet dat het bedrijf kwistig om zal springen met die energie. Ladrak: “We proberen al sinds 2005 ons energieverbruik te verminderen en daar hebben we grote stappen in gemaakt; we verbruiken nu 30 procent minder energie dan in 2005. En we zullen blijven proberen om waar mogelijk onze energiebehoefte te verminderen.”

Lees ook: In 2019 was een vijfde van het Heineken-bier duurzaam

Een eerdere versie van dit artikel bevatte enkele onjuistheden die zijn aangepast

Bron & beeld: Grolsch

Europese subsidie voor grootschalige innovaties in watermanagement

Het consortium bestaat uit 38 publieke en private partners uit twaalf verschillende landen, onder leiding van de TU Delft en start op 1 september.“Deze subsidie bouwt voort op een aantal projecten dat de afgelopen jaren op technologische schaal ontwikkeld is”, vertelt Patricia Osseweijer, hoogleraar Biotechnology and Society aan de TUD en één van de coördinatoren van dit project. “De tijd is rijp om op grotere schaal het technologie niveau (TRL) te verhogen.”In totaal worden er zes casestudies gedemonstreerd in vijf verschillende landen. “We zullen systemen bouwen die zich richten op stedelijk afvalwater, industriële waterstromen en de ontzouting van zeewater”, gaat Osseweijer verder. “Centraal bij al deze projecten staat de vraag hoe we deze systemen zo circulair mogelijk kunnen maken. Hiervoor is het essentieel om ook een passend circulair business model te ontwikkelen, zodat de technologie een commerciële toepassing vindt.”Casestudies in NederlandIn Nederland komen twee projectdemonstraties. Voor het eerste project zal het ‘Nereda’-proces bij de afvalwaterzuivering in Utrecht verder worden aangepast om kaumera terug te winnen, een polymeer dat veel toepassingen heeft. Het afvalwater wordt biologische behandeld, waarbij vervuild water wordt gezuiverd zonder chemicaliën. De tweede casestudy vindt plaats in Rotterdam, waarbij samen met Nouryon wordt gekeken naar de productie van chloor. Door een nieuwe techniek is het mogelijk om tot 70 procent van het nodige water te besparen.Maatschappij-inclusieve samenwerkingDe innovaties worden in praktijk gepresenteerd, maar het is ook de bedoeling dat deze doorontwikkeld worden tot commercieel winstgevend product. “Bij dit proces worden verschillende stakeholders betrokken”, vertelt Osseweijer. “Zo zullen we samen met bedrijven kijken naar mogelijke afnemers van afvalstromen en gaan we het gesprek aan met de politiek om de regelgeving aan te passen. Verder willen we ook het publiek bij de doorontwikkeling betrekken. Door bijvoorbeeld samen te werken met NEMO Science Museum en Floating Farm Rotterdam willen we de bevolking kennis laten maken met onze innovaties. Dit creëert bewustwording en helpt ons in te zien wat voor gedragsverandering noodzakelijk is om bepaalde technieken beter in de maatschappij te laten landen.”Toekomst van projectenHoewel de technologieën in enkele landen worden gedemonstreerd, is het doel dat de innovaties uiteindelijk op veel meer plekken toepasbaar zijn. “Hoewel afvalwaterstromen en waterbeleid verschilt tussen regio's kunnen de technieken uiteindelijk toepast worden in andere gebieden, zowel binnen als buiten Europa”, zegt Osseweijer. “De herwaardering van watersystemen is wat dat betreft een internationaal gedeelde visie.”De projecten zullen gedurende de gehele looptijd doorontwikkeld worden aan de hand van de terugkoppeling van betrokken partijen. De doelstelling is om in de loop van het vierde jaar de eerste projecten commercieel te implementeren.Beeld: Adobe Stock