Rianne Lachmeijer 13 maart 2020, 08:59

‘Lage olieprijs houdt energietransitie niet tegen’

Rijden op elektriciteit wordt steeds goedkoper en investeren in windmolens en zonnepanelen rendabeler dan investeren in de productie van diesel en benzine. Ook bij de huidige lage olieprijs. Dat stelt Mark Lewis van BNP Paribas Asset Management. Vorig jaar deed hij een onderzoek waaruit bleek dat oliemaatschappijen veel omzet verliezen door de opkomst van elektrische auto’s.

Adobestock 91383548 olieprijs olie industrie

De olieprijs moet fors naar beneden als oliebedrijven willen blijven concurreren met hernieuwbare energie als aandrijving voor auto’s. Dat was één van de conclusies uit het rapport ‘Wells, Wires and Wheels’, dat Mark Lewis, econoom bij BNP Paribas Asset Management, vorig jaar presenteerde.

Lage olieprijs

Op dit moment is de olieprijs laag. Zal dat de energietransitie dan vertragen? Waarschijnlijk niet. De markt voor hernieuwbare energie groeide de afgelopen jaren gestaag en de risico’s voor investeerders werden kleiner. De risico’s van investeren in olie groeiden juist, omdat het onduidelijk is of investeringen op de lange termijn nog wel terugverdiend worden. “Het is nu niet logisch meer om je investeringen in hernieuwbare energie te verminderen als de olieprijs crasht. Het is logischer om je investeringen in olie te verminderen", zei Lewis tegen Bloomberg.

'Het is niet logisch om investeringen in hernieuwbare energie te verminderen nu de olieprijs crasht'

Olie als brandstof voor auto’s is economisch gezien niet langer houdbaar, stelt Lewis. Hij komt tot die conclusie op basis van het onderzoek dat hij eerder uitvoerde en optekende in het rapport ‘Wells, Wires and Wheels’. Daaruit blijkt dat een investering in windmolens of zonnepanelen meer opbrengt dan dezelfde investering in diesel of benzine. De zogenoemde Energy Return on Capital Invested (EROCI). In het eerste deel van een vijfdelige podcastserie legt Lewis dit uitgebreider uit.

Uit de berekening blijkt dat een investering van $ 100 mrd in windmolens op zee 1.881 Terawattuur (TWh) stroom oplevert om elektrische auto's aan te drijven, terwijl hetzelfde bedrag slechts 270 TWh aan benzine oplevert bij een olieprijs van $ 60 per vat. Bij een lagere prijs wordt olie wel concurrerend. Zo levert olie met een prijs van $ 10 per vat 1.667 TWh op en bij $ 9 per vat 1.881 TWh. Echter zijn er slechts weinig olievelden die bij die prijs rendabel zijn. Nu ligt de olieprijs rond de $ 34, dat zorgt al voor problemen bij producenten van schalieolie.

De voordelen van elektrisch rijden

Het rapport ‘Wells, Wires and Wheels’ focust op de economische voordelen van elektrische auto’s versus fossiel aangedreven varianten. Maar er zijn meer voordelen, zegt Lewis in deel twee van de podcastserie. Zo levert de schonere lucht gezondheidswinst op. En als de infrastructuur er eenmaal ligt is elektriciteit makkelijker te vervoeren dan olie. Ongelukken met lekkende olietankers behoren dan tot het verleden.

Energietransitie onontkoombaar

Lewis stelt in het derde deel van de podcastserie dat de wereld elektrificeert. Investeerders kijken volgens hem over het algemeen anders naar dat proces dan oliebedrijven. Zo kan hernieuwbare energie slechts 6 procent uitmaken van de totale energiemix van een land, maar wel verantwoordelijk zijn voor 100 procent van de groei in de sector. Juist het product dat groeit is interessant om in te investeren.

Bijvoorbeeld: 79 procent van de Nederlandse energiemix bestaat uit aardgas, 13 procent uit hernieuwbaar, 4 procent uit olie en 4 procent uit overig. Dan lijkt er wellicht niets aan de hand voor aardgasproducenten, maar als jaarlijks het aandeel aardgas in de energiemix afneemt terwijl het aandeel hernieuwbaar stijgt, heeft dat natuurlijk wel invloed. Zo kan het dat de Nederlandse energieproductie in totaal stijgt, maar dat die stijging compleet voor rekening komt van hernieuwbare energie.

De toekomst is elektrisch

In het vierde deel van de podcastserie gaat Lewis in op de oorzaken van de toenemende elektrificering van de auto-industrie. Hij wijst onder andere op de invloed van wetgeving, maar ook op de wensen van consumenten. Hij stelt dat het tijd is voor oliebedrijven om hun prioriteiten bij te stellen.

Lagere opbrengsten, maar minder prijsschommelingen

De energiemarkt verandert in rap tempo, stelt Lewis in het laatste deel van de podcastserie. Dat brengt onzekerheid met zich mee. Daarom moeten investeerders nog beter opletten om goedgeïnformeerde keuzes te maken. Ook verwacht hij dat de hoge rendementen op energie-investeringen verleden tijd zijn. De opbrengsten van investeringen in hernieuwbare energie zijn lager dan die in olie, stelt hij. Daar tegenover staat meer zekerheid, want hij verwacht dat de prijs van hernieuwbare energie minder zal schommelen dan de olieprijs.

Lees hier het interview met Mark Lewis over de energietransitie. 

Bron: BNP Paribas AM | Afbeelding: Adobe Stock

Dit bedrijf redde al 600.000 elektronische apparaten van de vuilnisbelt

De Shopping Awards worden georganiseerd door de Stichting Shopping Awards in samenwerking met brancheorganisatie Thuiswinkel.org. Dit jaar kunnen webshops voor het eerst meedoen in de categorie Duurzaamheid. In de aanloop naar de uitreiking licht DuurzaamBedrijfsleven de drie genomineerden uit.We vroegen Rick van der Heijden, marketing manager bij ReplaceDirect, waarom deze webshop voor losse elektronica-onderdelen de award binnen zou moeten slepen.Wat maakt jullie duurzame businesscase uniek?“Ons hele bedrijf is ingericht op duurzaamheid – het is de kern van onze business. Onze missie is om apparaten een langer leven te geven en op deze manier e-waste te voorkomen.Dagelijks zijn we bezig met onze zoektocht naar onderdelen om aan te kunnen bieden aan onze klanten. De kunst zit hem erin dat we digitale koppelingen leggen tussen het betreffende onderdeel en de apparaten waarvoor het geschikt is. Op deze manier verbinden wij de wereld van apparaten aan de ‘anonieme’ wereld van onderdelen.”Hoe kwamen jullie destijds op het idee voor ReplaceDirect?“We zijn in 2003 begonnen. Er bestond toen nog geen toegankelijke consumentenmarkt voor elektronische onderdelen. We zagen dit als een kans die we met beide handen hebben aangegrepen.”Doen jullie, naast het verkleinen van de hoeveelheid e-waste, nog meer met duurzaamheid?“We werken bijvoorbeeld samen met de Rainforest Connection. Zij maken van oude telefoons een alarmsysteem dat reageert op de geluidsfrequentie van kettingzagen, zodat rangers op tijd worden gewaarschuwd als er illegale houtkap plaatsvindt. Naast ons duurzame businessmodel en onze duurzame partnerships proberen we duurzaamheid ook te integreren in alle dimensies van de werkvloer. Medewerkers gebruiken glazen mokken in plaats van wegwerpbekertjes en we hebben de ramen beplakt met isolerende raamfolie.”Wat was/is de grootste uitdaging bij het verduurzamen van jullie businessmodel/branche?“Sommige leveranciers leveren geen losse onderdelen aan. Dan gaan wij op zoek naar compatibele onderdelen die toch kunnen worden gebruikt. Denk bijvoorbeeld aan beeldschermen voor een specifieke laptop die niet meer origineel verkrijgbaar zijn. Dat is soms een zoektocht, maar het geeft een enorme voldoening wanneer we klanten kunnen helpen met een specifiek onderdeel dat nergens anders te vinden is.Onze grootste uitdaging is de consument bewust maken dat ze een kapot apparaat niet meteen hoeven weg te gooien. Daarom werken wij samen met allerlei Repair Café's in het land en ondersteunen wij actief de SIRE campagne ‘Waardeer het, repareer het’. En iedere maand, in onze nieuwsbrief – en in al onze uitingen – promoten wij ook zelf de voordelen van het repareren van elektronische apparatuur.”Hoe zorgen jullie dat jullie voorop blijven lopen?“Met ons brede assortiment aan losse elektronische onderdelen zijn wij de grootste en meest complete webshop in onze soort in Nederland. Daarnaast blijven wij altijd nadenken over hoe wij het gemak van de consument voorop kunnen stellen. Daarom werken wij samen met ons zusterbedrijf Twindis, waarmee we een landelijke dekking van resellers en reparatiebedrijven hebben waar onze klanten terecht kunnen voor hulp bij het vervangen van onderdelen.”Wat leveren jullie initiatieven concreet op als je kijkt naar jullie footprint?“De CO2-besparing hebben we nog niet doorberekend. Maar in 2019 hebben we met ReplaceDirect ongeveer 600.000 elektronische apparaten gered van de vuilnisbelt. Dat is 1.300 ton aan laptops, telefoons en stofzuigers. Of om het te visualiseren: 211 zeecontainers aan elektroschroot.We proberen onze processen ook steeds verder te verduurzamen. Tot 2019 lieten wij bijvoorbeeld onderdelen overvliegen uit Azië, maar daar zijn we mee gestopt. Nu laten we alles per boot komen. En we voeren kwaliteitscontroles uit voordat een vracht de grote oversteek maakt, zodat het aantal retourzendingen van defecte onderdelen ook afneemt. Wij hebben hierdoor wel ons voorraadmanagement opnieuw moeten inrichten, want een boot gaat langzamer dan een vliegtuig, maar het heeft een kleinere impact op het milieu.”Waarom besloten jullie met ReplaceDirect om mee te doen aan de Shopping Award Duurzaamheid?“De missie van ons bedrijf was en is om apparaten een langer leven te geven en daarmee e-waste te voorkomen. Wij bedienen met ReplaceDirect consumenten die hun kapotte apparatuur willen repareren, in plaats van dat ze nieuwe spullen kopen. Er was tot nu toe eigenlijk geen echte duurzaamheidsprijs voor webshops in Nederland. Wel in België. Die prijs hebben we ooit gewonnen. Nu gaan we voor de Nederlandse award!”Lees ook: Hoe de koppeling van financiële en milieu-data de businesscase voor ondernemers rondmaaktBeeld: AdobeStock