Marc Seijlhouwer 28 februari 2020, 15:57

Duurzame kastelen: Schotland wil monumenten van het gas af in 2032

De Schotse monumentenorganisatie Historic Environment Scotland (HES) wil in 2032 geen enkele historische locatie meer met gas verwarmen. Daar horen ook een aantal kastelen bij, die vaak tochtig en slecht geïsoleerd zijn en zich daarom moeilijk heet laten stoken. Ook in Nederland worden monumenten langzaam verduurzaamd. Kunnen we iets leren van de Schotten?

Eilean donan castle scotland jan 2011

Vorige week kwam HES met een nieuw rapport waarin de ambities duidelijk werden. Om in 2032 geen enkel monument meer met gas te verwarmen, moeten er veel warmtepompen geplaatst worden. Elektrificatie van verwarming is volgens de organisatie de beste oplossing voor de monumenten.

30 procent minder energie

Schotse monumenten variëren van oude woningen in de steden tot afgelegen ruïnes en kastelen. Op dit moment wordt het grootste deel nog met gas verwarmd. De afgelopen jaren boekte HES wel vooruitgang. Edinburgh Castle werd bijvoorbeeld beter geïsoleerd, waardoor er 30 procent minder energie nodig was. De renovatie kostte een half miljoen euro, maar betaalt zichzelf volgens de organisatie in vijf jaar terug.

Lees ook: Onzichtbare zonnedakpan maakt monumenten duurzamer

Uiteindelijk moeten de monumenten in 2045 allemaal klimaatneutraal zijn, net als heel Schotland. Het land heeft zich voorgenomen om vijf jaar voor de deadline al te voldoen aan de klimaatdoelen van Parijs. De monumentenorganisatie heeft daar zelf ook belang bij, zeggen ze in het rapport. Als het door klimaatverandering meer gaat regenen in de hooglanden, worden bestaande paden onbegaanbaar en zal het bezoek aan kastelen afnemen. Dat moet voorkomen worden.

Verduurzaming Nederlandse monumenten

Ook Nederland wil het monumentenpark verduurzamen, hoewel de plannen (nog) niet zo ambitieus zijn als die van Schotland. Toch is er ook in ons land de ambitie om monumenten voor 2050 klimaatneutraal te maken. Sinds oktober is er een kennis- en innovatieplatform dat verzorgers helpt om de monumenten te verduurzamen. Het platform faciliteert bijvoorbeeld een studie naar de isolerende werking van oude bakstenen.

Lees ook: Alternatieve vorm van isolatie helpt monumenten

Er bestaat een Routekaart Verduurzaming, waarin staat dat monumenten een CO2-reductie van 40 procent in 2030 en 60 procent in 2040 moeten realiseren, als gemiddelde over de gehele monumentenvoorraad in Nederland. “Maar de verduurzaming moet wel gebeuren met oog voor de cultuurhistorische waarden van de monumenten,” vertelt Karin IJzendoorn van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed.

Het ingewikkelde is dat er geen maatregelen zijn die voor elk monument werken. “Verduurzaming van monumenten vraagt om maatwerkoplossingen, maar de overtuiging is dat ook monumenten kúnnen en móeten verduurzamen,” aldus IJzendoorn. Het moeilijkst zijn volgens IJzendoorn de grote monumenten. “Maar ook die kunnen energiezuinig worden gemaakt.”

Bron: HES | Beeld: DAVID ILIFF. License: CC BY-SA 3.0

Frans Hofstede, Arcadis, laat zien dat met duurzaamheid geld te verdienen is

 Het rapport van de Club van Rome uit 1986 maakte indruk op Frans Hofstede. “Het zaadje was geplant”, zegt hij daar zelf over. Tijdens de opleiding bedrijfseconomie deed de life cycle analysis zijn intrede. Daarbij is de milieu-impact geen ‘externaliteit’ meer, maar maakt deel uit van de begroting. Ook het begrip rentmeesterschap sprak hem aan. “Je moet de aarde zoals je hem krijgt ook weer achterlaten.”‘Het subsidiepotje van Frans’Eenmaal op de arbeidsmarkt merkte Hofstede dat duurzaamheid nog niet bij iedereen prioriteit nummer één is.  Bij zijn huidige werkgever advies- en ingenieursorganisatie Arcadis is de aandacht voor verduurzaming sinds zijn aantreden steeds verder gegroeid. Inmiddels wil het bedrijf niet alleen in de eigen onderneming duurzaamheid op orde hebben, maar ook de branche in beweging brengen. “Ik denk dat de mensen nu wel snappen dat het ook belangrijk is om te investeren in milieu.”Dat was een paar jaar geleden wel anders, herinnert Hofstede zich. "In 2013 was het nog helemaal niet duidelijk dat je werk moest maken van duurzaamheid, terwijl ik al wist: je kan hier geld mee verdienen." Hofstede was niet de enige binnen het bedrijf met oog voor duurzaamheid. Soms wilde een projectmedewerker een project duurzamer insteken, maar zag de projectmanager daar geen kans voor: te tijdrovend of te duur. Daar had Hofstede wel een oplossing voor: geld voor een brainstorm-dag en een dag voor de uitwerking. ‘Het subsidiepotje van Frans’, werd dit door medewerkers genoemd. “Daarmee zie je wel dat je het versnelt,” aldus Hofstede.Het goede voorbeeld gevenHofstede gelooft erg in het goede voorbeeld geven. Dat maakt een leider geloofwaardig. Zijn eigen dak ligt vol zonnepanelen, hij heeft een zonneboiler en hij rijdt elektrisch. ’s Zomers pakt hij af en toe de racefiets. “Practice what you preach”, vindt de financieel directeur.Interview: Paul van Liempt | Fotografie: Céline Wagenmakers