Bas Joosse 30 juli 2019, 10:35

Veiligheidszegels van Nestlé worden biologisch afbreekbaar

De Britse tak van voedingsmiddelenconcern Nestlé gaat biologisch afbreekbaar materiaal gebruiken om ladingen mee te verzegelen. De veiligheidszegels die nu gebruikt worden, zijn van plastic en zijn niet biologisch afbreekbaar. Volgens Nestlé is het bedrijf de eerste ter wereld die een dergelijk veiligheidszegel gebruikt.

Adobestock veiligheidszegel

Met de plastic zegels worden ladingen verzegeld die vertrekken vanaf de fabrieken van het bedrijf. Als de veiligheidszegel doorbroken is, betekent dit dat er mogelijk met de lading gerommeld is. Jaarlijks vertrekken ongeveer 200.000 ladingen vanaf de fabrieken.

Wegwerpplastic

“Iedereen bij Nestlé is zich in toenemende mate bewust van hoe we plastic gebruiken. Deze zegels, die gewoon weggegooid worden als ze gebruikt zijn, waren een duidelijke bron van wegwerpplastic”, stelt Richard Hastings, hoofd logistiek voor het Verenigd Koninkrijk en Ierland.

De nieuwe zegel is gemaakt van biologisch afbreekbaar plastic. Hierdoor hoeven ongeveer 200.000 niet weggegooid te worden. Volgens Hastings maakt Nestlé daarmee “een kleine maar belangrijke verandering in de impact van het plastic afval.” Ontwikkelaar Mega Fortris stelt dat de zegels “binnen een redelijke tijd” afgebroken worden en dat nieuwe grondstoffen overblijven.

Lees ook: Feiten en fabels over bio-plastics: ‘een genuanceerd verhaal’

Andere duurzame initiatieven

In 2025 wil de multinational alle verpakkingen herbruikbaar of recyclebaar maken. Naast het verminderen van de hoeveelheid plastic zet Nestlé zich al jaren in voor een duurzamere wereld. Zo worden sinds vorig jaar satellieten ingezet om de aanvoerketens van palmolie te monitoren. Met de inzet van de satellieten wil het bedrijf ontbossing voor de aanleg van palmolieplantages tegengaan. Ook probeert Nestlé het welzijn van kippen te verbeteren die gebruikt worden in voedingsproducten. Eerder stopte de multinational al met het gebruik van kooi-eieren.

Bron: Nestlé | Afbeelding: Adobe Stock

Toename windenergie in Europa: kleine rol voor Nederland

Volgens de Europese brancheorganisatie WindEurope werd in de eerste helft van dit jaar 2,9 gigawatt aan onshore windenergie geïnstalleerd; ruim 400 megawatt minder dan in 2018. Frankrijk voegde met 523 megawatt de meeste capaciteit toe, gevolgd door Zweden (459 MW) en Duitsland (287 MW).De afname van de nieuwe capaciteit komt volgens WindEurope vooral op het conto van Duitsland te staan. Het land voegde sinds 2000 weinig nieuwe windcapaciteit toe. “De toelatingen blijven een bottleneck”, stelt Pierre Tardieu, chief policy officer bij de belangenorganisatie. “Er zit nog 11 gigawatt aan onshore windprojecten in het toelatingsproces.”83 megawatt voor NederlandNederland eindigt met 83 megawatt aan nieuwe capaciteit op de tiende plaats van de landen die capaciteit heeft toegevoegd. Dit gebeurde alleen op het land. De eerste geplande offshore windparken in de Noordzee worden op dit moment gebouwd.Lees ook: Zo ziet de krachtigste windturbine ter wereld eruitInvesteringenSamen met Frankrijk is Nederland wel leidend in de investeringen; in de eerste zes maanden werd voor € 8,8 miljard geïnvesteerd in nieuwe windparken. Het merendeel hiervan kwam ten goede aan windparken op het land. De investeringen moeten tot 2022 leiden tot 5,9 gigawatt aan nieuwe capaciteit.1,9 gigawatt aan offshoreQua offshore windenergie zijn er maar vier landen die capaciteit toevoegden: het Verenigd Koninkrijk leidt de dans met 931 megawatt. Denemarken (374 megawatt) en België (370 megawatt) volgen op grote afstand. Duitsland sluit met 252 megawatt de top vier. Details Hoewel er meer capaciteit is bijgekomen, is WindEurope wel kritisch over de Europese strategieën. De EU-lidstaten moeten 32 procent van hun energie duurzaam opwekken in 2030. Met de snelheid waarmee de capaciteit nu toegevoegd wordt, wordt dat doel niet gehaald, voorspelt de organisatie. In februari was dit kritische geluid ook al te horen.“Landen moeten zoveel mogelijk details geven over hun beleid, hoe de toewijzing verloopt en wat er gebeurt als windparken aan het eind van hun levensduur komen,” stelt Tardieu, “Deze details heeft de industrie nodig om te kunnen plannen en Europa’s klimaatambities kosteneffectief te kunnen leveren.”Bron: WindEurope | Afbeelding: Adobe Stock