Bas Joosse 27 juni 2019, 08:27

Busbedrijf laat 15.000 bussen zuiniger rijden met software

Busbedrijf Arriva gaat de komende jaren in Europa 15.000 bussen zuiniger laten rijden. Door chauffeurs te voorzien van realtime data over hun rijprestaties, moeten zij milieuvriendelijker en comfortabeler gaan rijden, stelt de vervoerder. Met de maatregel wil het bedrijf 72.000 ton CO2 besparen per jaar.

Arriva bus limburg

De nieuwe software wordt geïnstalleerd in 15.000 bussen, die in tien landen rijden. Arriva vervoert door heel Europa passagiers. Ook in Nederland heeft het bedrijf een aantal vergunningen voor het openbaar vervoer.

Buschauffeurs krijgen door de software onder andere directe feedback op hoe zij remmen, optrekken en stationair draaien. Arriva verwacht hiermee jaarlijks 6 procent aan brandstof te kunnen besparen. Ook moet jaarlijks 72.000 ton CO2 bespaard worden. Dit staat volgens de vervoerder gelijk aan de CO2-uitstoot van meer dan 15.000 personenauto’s.

Bestaand systeem

Het systeem is voor Arriva niet geheel nieuw; bussen in Denemarken, Servië, Portugal en Zweden zijn er al mee uitgerust. De komende jaren worden ook bussen in Kroatië, Tsjechië, Hongarije, Italië, Polen, Slovenië, Spanje, het Verenigd Koninkrijk en Nederland van het systeem voorzien. Om hoeveel bussen het in Nederland gaat, is niet duidelijk. Arriva verzorgt in delen van Drenthe, Flevoland, Friesland, Gelderland, Groningen, Limburg, Noord-Brabant, Overijssel, Zuid-Holland het openbaar vervoer.

Elektrische bussen

In de zoektocht naar verduurzaming van het openbaar vervoer zetten busbedrijven in Nederland vooral in op elektrische bussen. Met de rijksoverheid is afgesproken dat in 2025 alle bussen emissievrij moeten rijden. Onder andere in Groningen, Amsterdam, Brabant en Limburg rijden nu al elektrische bussen rond. Busbouwers als VDL en Ebusco hebben diverse elektrische bussen in de etalage staan.

Bussen op waterstof zijn er in Nederland nog beduidend minder; in Groningen rijden al wel enkele jaren bussen op waterstof. In het Verenigd Koninkrijk komen waterstofbussen meer voor; in Londen worden de komende jaren dubbeldekkers op waterstof aangeschaft.

Luister onderstaande podcast met Alexandra van Huffelen over de manieren waarop het GVB inzet op verduurzaming.

Bron en afbeelding: Arriva

Een emissievrije transportsector: waterstof versus elektrisch

Aan het woord is Iwan te Winkel, directeur fleet & logistics bij Suez. Suez onderzoekt verschillende alternatieven voor fossiele brandstoffen. “Wij hebben natuurlijk een omvangrijk wagenpark van zo'n achthonderd auto's op de weg en we zijn ons er terdege van bewust dat we moeten bewegen naar een situatie waarin wij minder uitstoten. Hoe die toekomst eruit ziet is nog niet helemaal klip en klaar, maar wij moeten wel onze strategie gaan bepalen.” De keuze voor een alternatieve aandrijvingsmethode, is afhankelijk van de activiteit waarvoor een vervoersmiddel wordt ingezet. Zo doet het bedrijf aan afvalinzameling in binnensteden, maar ook aan lange afstandsverkeer. Ook besteedt de specialist in afval- en grondstoffenmanagement zaken uit. Pilots helpen Suez om te bepalen welke verduurzamingsmogelijkheden er per manier van werken zijn. “Het is een ontdekkingsreis welke vervoerwijze het beste past bij de welke vorm van werken”, aldus Te Winkel.Zo heeft Suez een hybride voertuig dat elektrisch rijdt in de binnenstad en daarbuiten op fossiele brandstof. Daarnaast test het bedrijf verschillende alternatieven in verschillende steden. In Rotterdam rijdt Suez met een elektrische portaalwagen, in Amsterdam met een elektrische bakwagen, in een aantal Utrechtse gemeenten op LNG en in de regio Helmond gaat Suez op waterstof rijden. Ook in Arnhem gaat in 2020 de eerste vuilniswagen op waterstof de weg op. In die stad wordt een waterstoftankstation gebouwd.De rol van gemeentenDat er in Arnhem een waterstoftankstation komt, is cruciaal als stimulans voor partijen die met waterstof aan de slag willen, stelt Te Winkel. “Als we iets met waterstof willen, maar er geen infrastructuur is dan hebben we niets.” Hij merkt dat meerdere gemeenten met initiatieven komen voor het terugdringen van emissies. “Vanuit het Klimaatakkoord van Parijs hebben heel veel steden zichzelf als doel gesteld om te streven naar een emissievrije binnenstad.”Eén van die steden is Amsterdam. Die stad wil in 2030 helemaal geen vrachtverkeer op fossiele brandstoffen meer in de stad hebben. Te Winkel ziet het belang van dit soort ambitieuze doelen in, tegelijkertijd vraagt hij zich af of het technisch haalbaar is. “Die technische uitvoerbaarheid zit erin of wij erop kunnen rekenen dat er over een jaar of twee, drie voldoende emissievrije voertuigen van de lopende band rollen, waarmee we een volledige dag kunnen inzamelen. Dat is nu nog zeker niet het geval.”Verschillende aandrijvingsmethodenVanuit zijn rol als directeur fleet & logistics heeft Te Winkel een goed overzicht van de voor- en nadelen van verschillende aandrijvingsvormen. Hij zet de mogelijkheden aan de hand van een aantal voorbeelden op een rij. Van minst duurzaam, naar duurzaamst.Hij begint met de traditionele fossiele brandstoffen, gevolgd door de ‘synthetische diesels’. Deze diesels ontstaan door gas of een andere basisbrandstof, zoals aardgas of biomassa, om te zetten in een vloeibare brandstof. Deze brandstoffen leveren (afhankelijk van de samenstelling) een forse besparing op het gebied van CO2, fijnstof en stikstofdioxide (NOx) op, stelt Te Winkel. Vervolgens zit er een groot gat tussen de emissies van deze brandstoffen en de emissies die aandrijving met behulp van elektriciteit of waterstof opleveren. “Dus als emissie verminderen je enige doel is dan zijn elektrisch en waterstof daar nu toch wel de absolute koplopers in.”Waterstof versus elektrischAls Te Winkel elektrisch met waterstof vergelijkt, ziet hij op de lange termijn meer kansen voor waterstof als aandrijving voor het zware transport dan voor elektrisch. Overigens zijn waterstofwagens ook elektrisch met een (kleine) accu, maar is de voornaamste energiedrager waterstof die de accu oplaadt onder het rijden.'Met waterstof kun je gewoon een groter rondje rijden'Eén van de voordelen van waterstofaandrijving is dat er minder accu voor nodig is. "Een accu is uiteindelijk ook geen milieuvriendelijk product." Het grootste voordeel zit echter in de actieradius. Een grote actieradius is cruciaal voor zwaar transport. "En met waterstof kun je gewoon een groter rondje rijden; de actieradius is groter." Hij verwacht dat infrastructuur een bepalende factor wordt bij de keuze voor een aandrijvingsmethode. Hij vermoedt dat de waterstofinfrastructuur makkelijker op te bouwen is dan de elektrische laadinfrastructuur, maar hij benadrukt dat hij op dat vlak minder expertise heeft.Actieradius, grondstoffen en infrastructuur: “Als je aan mij vraagt wat de voordelen van waterstof zouden kunnen zijn, dan zit het hem daarin. Maar ik denk tegelijkertijd dat alle technieken nog doorontwikkeling nodig hebben.”De verduurzaming van de transportsectorTe Winkel ziet dat er over de hele linie verduurzamingsinitiatieven plaatsvinden binnen de transportsector. “Een flinke lappendeken aan initiatieven die allemaal te maken hebben met emissievrij rijden.” Hij merkt dat de transitie binnen het lichte vrachtverkeer, zoals kleine bakwagens en busjes, sneller op gang komt dan die bij het zwaardere vrachtverkeer. Dat komt door betere technische mogelijkheden.Om ook de transitie binnen het zwaardere segment te versnellen ziet hij voor verschillende partijen rollen weggelegd. “Ik denk dat het een pakket is.” Zo kunnen gemeenten een bijdrage leveren door kaders te stellen, zoals Amsterdam doet. “Als de overheid beperkende of stimulerende maatregelen neemt die de toegankelijkheid verbeteren voor emissievrije voertuigen dan zal dat een belangrijke driver zijn om daarin te investeren.” De Rijksoverheid zou accijnzen kunnen invoeren op fossiele brandstoffen, maar Te Winkel vindt het belangrijker dat de Rijksoverheid de lokale initiatieven stroomlijnt waardoor niet elke stad haar eigen model heeft.Hij kijkt echter vooral naar zichzelf. “Wij zijn hierin als bedrijfsleven ook gewoon aan zet.” Partijen als Suez kunnen een kritische massa creëren. Dat is het omslagpunt waarop de massa dermate hoog is dat de prijs per product omlaag gaat. Bedrijven met duurzaamheidsagenda’s kunnen daaraan bijdragen, omdat zij de wil hebben om te investeren. “Zodat we met elkaar kunnen voorzien in een kritische massa en dat fabrikanten er heil in zien om te investeren in productietechnieken die daaraan tegemoetkomen.”Het omslagpuntWaar dat omslagpunt precies ligt is nog onbeslist, mede doordat nog niet duidelijk is of uiteindelijk elektrisch of waterstof dé aandrijvingsmethode voor het zware transport wordt. “Wat is nou precies de brandstof van de toekomst?”, vraagt Te Winkel zichzelf hardop af. “Je moet ergens een soort kritische massa hebben van het product waar iedereen dan voor gaat.”Te Winkel verwacht dat over twee of drie jaar duidelijk is wat de aandrijvingsmethode van de toekomst wordt. Om die keuze te maken zijn pilots, zoals die in Arnhem, nodig. Suez deelt de ervaringen die het daar opdoet graag met de branche. “Mede dankzij subsidie kunnen we daar als Suez een koplopers-rol in vervullen, wat uiteindelijk met zich meebrengt dat we met zijn allen kunnen versnellen.”Deze week besteedt DuurzaamBedrijfsleven extra aandacht aan waterstof. Lees meer over ontwikkelingen op het gebied van de energietransitie op onze themapagina of lees één van onderstaande artikelen over waterstof:Van transport tot energievoorziening: 5 keer waterstof De potentie van waterstof voor woningverwarming Koning opent fabriek voor groene waterstof in Groningen Afbeeldingen: Suez