Bas Joosse 10 oktober 2018, 13:28

230.000 Zonnepanelen in Groningen; stad wil nog meer

In de stad Groningen is het aantal zonnepanelen in 2018 verdubbeld ten opzichte van 2017. Dat zijn er inmiddels ruim 230.000, maar Groningen wil de komende jaren nog veel meer zonnepanelen toevoegen.

Zonne energie zonnepark

Groningen wil in 2035 klimaatneutraal zijn en werkt aan de transitie. “Zonne-energie heeft daarin een belangrijke rol. In 2035 komt 60% van onze benodigde elektriciteit uit lokale zonnepanelen”, stelt wethouder duurzaamheid Mattias Gijsbertsen. De stad sprak eerder de ambitie uit om in 2018 100.000 zonnepanelen te hebben. Daar wordt ruimschoots aan voldaan.

137.000 zonnepanelen

Alleen al op zonneparken rond de stad liggen meer dan 130.000 zonnepanelen. In 2017 zijn in Groningen de zonneparken Vierverlaten (7.777 panelen), Woldjerspoor (43.000 panelen) en Zernike (1.700 panelen) geopend. De grootste slag wordt eind dit jaar geslagen, als het zonnepark Roodehaan in gebruik genomen wordt. Op dit park vlak buiten de stad wordt met ruim 85 duizend panelen energie opgewekt.

Ook de Groningse daken komen steeds voller te liggen met panelen. In 2017 lagen er al 63.000 panelen, in 2018 is dat aantal toegenomen tot 92.000.

700.000 zonnepanelen nodig

De komende vijf jaar wil Groningen nog veel meer zonnepanelen plaatsen om energie lokaal op te kunnen wekken. In 2023 moeten er in en rond de stad 700.000 panelen liggen. Per jaar moeten er dan ongeveer 94.000 zonnepanelen bijkomen. In 2035 moeten 2,7 miljoen panelen zestig procent van de energie in de stad kunnen opwekken.

Wil je weten wat er nog meer speelt op het gebied van duurzaamheid in Groningen?

Fossiele brandstoffen

Groningen maakt op dit moment, net als heel Nederland, nog veel gebruik van fossiele brandstoffen voor de energievoorziening. Uit de Groningse routekaart voor energie blijkt dat in 2016 49 procent van alle energie in de stad uit aardgas kwam en 24 procent uit benzine of diesel. Het aardgas moet in 2035 vervangen zijn door, merendeels, elektriciteit en warm water. Het gebruik van brandstoffen moet tegen die tijd gehalveerd zijn.

Zonneparken

Met 85.000 panelen op Roodehaan slaat de stad Groningen een grote slag, maar in de provincie zijn nog grotere parken te vinden. In Delfzijl staan 120.000 panelen die sinds vorig jaar 30 megawatt aan energie opwekken. De gemeente Midden-Groningen is bezig met een nog groter park.

Bekijk ook:

Bron: Gemeente Groningen, GIC. Foto: Adobe Stock

Duurzame teelt: aan de slag met bodemgezondheid

De grote schuur van akkerbouwbedrijf Monnikenhof in het Zeeuwse Kattendijke loopt op een regenachtige ochtend in juli vol met aardappeltelers uit de regio. Zeeland behoort tot de grootste aardappelproductiegebieden in Nederland, dus het is een grote groep van ongeveer 40 telers. ‘Gezonde aardappelteelt met rendement’ prijkte er op de uitnodiging van Lamb Weston / Meijer. Het is de doelstelling van het duurzame teeltplan dat de aardappelverwerker tijdens de bijeenkomst voor het eerst presenteert.Voeden van een groeiende wereldbevolkingDe wereldbevolking groeit volgens schattingen van de Verenigde Naties door tot bijna 10 miljard in 2050. Dat is ruim 2 miljard meer dan de huidige populatie. Het voeden van al deze monden is een van de grootste uitdagingen. Slechts een beperkt deel van de grond wereldwijd is namelijk geschikt voor landbouw. Dat betekent dat de opbrengst van gewassen per hectare grond omhoog moet.'Hoe kan de milieu-impact van de landbouw verlaagd worden terwijl de opbrengst en kwaliteit omhoog gaat?'Lamb Weston / Meijer ziet in het mondiale vraagstuk een grote rol voor de aardappel weggelegd. “De aardappel levert per hectare de meeste calorieën en goede voedingsstoffen op”, beargumenteert John Wiskerke, director strategic supply bij Lamb Weston / Meijer. Een bijkomstigheid is dat het gewas met relatief weinig water en bemesting kan worden geteeld.De vraag naar aardappels en eindproducten zoals frites stijgt wereldwijd. Vooral in opkomende markten is de groei groot. Het op lange termijn veiligstellen van de voedselproductie en aardappeltoevoer is daarom belangrijk voor de fritesproducent. Maar daarin schuilt wederom een uitdaging.Aan de ene kant heeft de landbouw een aanzienlijke milieu-impact die, om de klimaatdoelstellingen van Parijs te behalen, omlaag moet. Maar aan de andere kant ondervindt de landbouw ook de gevolgen van klimaatverandering wat een risico vormt voor de opbrengst. Hoe kan er voor gezorgd worden dat de milieu-impact, van in dit geval de aardappeltelers, verlaagd wordt, terwijl de opbrengst per hectare en de kwaliteit van de aardappels omhoog gaat?Lees ook:5 trends voor duurzame voedselproductieMonitoren met sensoren en smartphoneMet minder input een hogere opbrengst behalen, is het antwoord van Lamb Weston / Meijer. Daarvoor is in samenwerking met het Centrum voor Landbouw en Milieu een duurzaam teelt plan ontwikkeld. Daarin ligt een focus op watermanagement, het verhogen van biodiversiteit, verminderd gebruik van gewasbeschermingsmiddelen en een reductie in de uitstoot van broeikasgassen. Eerder onderzoek van de fritesproducent toonde aan dat ongeveer de helft van de CO2-uitstoot van haar product wordt veroorzaakt met de teelt en bewaring van de aardappel. Centraal in het plan staat de bodemgezondheid. Dit is namelijk onmisbaar om op lange termijn gezonde aardappels met bedrijfseconomisch rendement telen.'Vroeger werd milieu vaak als een beperkende factor gezien door voortdurend veranderende wet- en regelgeving'Tijdens de bijeenkomst in Kattendijke laten verschillende experts zien wat er mogelijk is om verduurzamingsslagen in de akkerbouw te maken. Er zijn deskundigen van Delphy, Bioscope en NWO-TTW (Nederlandse Wetenschappelijke Organisatie voor onderzoek, domein toegepast en technische wetenschappen). De telers krijgen van hen uitleg over bodemgezondheid, de invloed van bemesting op de groei en gezondheid van gewassen en het gebruik van informatie uit satellietbeelden. Voorbeelden van concrete toepassingen zijn gerichte bemesting op basis van GPS-technologie. Ook is het mogelijk om vocht in de bodem met behulp van vochtsensoren en een smartphone te monitoren en optimaliseren.Lees ook:Vitens, Rabobank en a.s.r. ontwikkelen bodemindex voor duurzaam bodembeheerUitrollen van het duurzame teelt planEen nauwe samenwerking met telers is belangrijk om het duurzame teelt plant succesvol uit te voeren. Het project is met acht aardappeltelers uit drie regio’s van start gegaan. “Daarbij koppelen we de theoretische kennis aan de praktijk en werken we continu aan verbetering”, legt Wiskerke uit. “Dat betekent dat er nulmetingen zijn gedaan, er ervaringen worden gedeeld en prestaties gemeten om waar nodig te verbeteren.”Het duurzame teelt plan wordt vervolgens stapsgewijs uitgerold. De volgende stap is om de overige Nederlandse aardappeltelers, ongeveer 250, bij het project te betrekken. Daarnaast staat ook internationale uitbreiding op het programma. Volgend jaar zijn telers in het Verenigd Koninkrijk, Duitsland en Frankrijk aan de beurt.Kantelpunt naar duurzame landbouwHarde targets op bijvoorbeeld het waterverbruik en de CO2-uitstoot in het productieproces van de akkerbouwer zijn geen onderdeel van het plan. Ook is de aardappelverwerker niet van plan om te werken met labels of certificaten. “Het belangrijkste is dat we samen actief met de thema’s aan de slag gaan”, vindt Wiskerke, die zelf is opgegroeid in een landbouwbedrijf.'Het is hoog tijd voor verandering. Stil staan is geen optie'“Vroeger werd milieu vaak als een beperkende factor gezien door de voortdurende veranderende wet- en regelgeving”, spreekt Wiskerke uit ervaring, “Maar nu zien we langzamerhand een kantelpunt naar duurzame landbouw.” Cees Groenewege, een teler uit Sint-Maartensdijk die aan het programma meewerkt, knikt instemmend. Ook hij heeft gezien hoe de nadruk tot voor kort voornamelijk op productie lag in de landbouw en niet op de gezondheid van de grond.De telers die meedoen aan het duurzame teelt programma, waaronder ook Koninklijke Maatschap de Wilhelminapolder, zijn niet zomaar een groep een telers. Ze zijn binnen hun eigen sector koplopers op het gebied van duurzaamheid. Groenewege ziet verduurzaming als een noodzaak. “Het is hoog tijd voor verandering. Stil staan is geen optie”, stelt de teler. Daarom werkt Groenewege graag mee aan het testen van duurzame en nieuwe technieken.Het enthousiasme over het project is groot onder de deelnemende en aanwezige telers. “Wij zijn natuurlijk  in de eerste plaats leverancier van Lamb Weston / Meijer maar met dit soort programma’s laten ze zien dat hun betrokkenheid verder gaat”, zegt Groenewege. De samenwerking is een mooi voorbeeld van de veranderde relatie tussen producenten en leveranciers op weg naar een duurzame economie. Een oppervlakkige focus op transacties van grondstoffen en producten heeft plaats gemaakt voor ambitieuze samenwerkingsverbanden.Lees ook het interview met Lamb Weston / Meijer:Er gaan 2 kilo aardappels in 1 kilo frites: waar blijft de rest? Foto: Adobe Stock