Hidde Middelweerd 27 september 2018, 10:00

Elektrische auto op zonne-energie: wij maakten een testrit

Er zijn inmiddels al tientallen elektrische auto’s op de markt gebracht en bijna elk vooraanstaand automerk heeft meerdere elektrische modellen in ontwikkeling. Toch weet de kleine, Duitse start-up Sono Motors zich in de kijker te spelen, met een elektrische auto met ingebouwde zonnepanelen. Wij maakten een testrit.

Sono motors 1

Op een parkeerterrein in Almere, pal naast het IJsselmeer, staan twee prototypes van Sono Motors’ elektrische auto: de Sion. Het exterieur van de elektrische auto valt meteen op. De Sion beschikt namelijk over 7,5 vierkante meter aan ingebouwde zonnecellen, van het dak tot de deuren.

Het is vandaag een zonnige septemberdag, een graadje of 24, en er is geen wolkje aan de lucht. De grote vraag is natuurlijk: hoeveel kilometer kan de auto vandaag op zonne-energie rijden? Felix Deitert, test drive manager bij Sono Motors, kijkt even naar de lucht en maakt een schatting: “Als hij de hele dag in de zon zou staan, kan hij vandaag zeker 20 kilometer op zonne-energie rijden.”

Lees ook: 6 elektrische auto's die in 2019 in de showroom staan

Ingebouwde zonnepanelen

De monokristallijne zonnepanelen van de Sion kunnen op hele zomerse dagen zelfs leiden tot 30 kilometer aan extra bereik. “Klanten kunnen tussen april en augustus rekenen op gemiddeld 20 kilometer extra bereik per dag. Maar op hele zonnige dagen verwachten we inderdaad uitschieters van boven de 30 kilometer, volledig groen en gratis”, vertelt Deitert. “De zonnecellen bieden daarmee echt toegevoegde waarde. In Duitsland rijdt men dagelijks gemiddeld 14 kilometer tussen woning en werk. Met een beetje geluk, kan je je woon-werkroute met onze elektrische auto dus maandenlang duurzaam én gratis afleggen.”

Hoewel de zonnepanelen een welkome toevoeging zijn, rijdt de elektrische auto natuurlijk niet alleen op zonne-energie. De Sion beschikt ook over aansluitingen voor regulier laden en snelladen. Op een volle batterij moet hij in staat zijn om 250 kilometer af te leggen.

Uniek luchtfiltersysteem

Wie achter het stuur gaat zitten van de compacte, elektrische auto, wordt verrast door het luchtfiltersysteem: een speciaal soort mos, geïntegreerd in het dashboard van de auto. Deitert: “Iedereen die in de auto gaat zitten, vraagt er meteen naar. Het filtert tot 20 procent van al het fijnstof uit de lucht. Daarnaast heeft het een positief effect op de temperatuur en luchtvochtigheid in de Sion.”

Elektrisch en duurzaam rijden

Met een elektrische aandrijving en ingebouwde zonnecellen is de Sion al te bestempelen als een bijzonder duurzame auto, die inmiddels wereldwijd op de voet wordt gevolgd. Sono Motors gaat echter voor de overtreffende trap, vertelt Deitert: “We willen zo duurzaam mogelijk bezig zijn, maar ook wij ontkomen niet aan CO2-uitstoot. Dit houden we echter bij en compenseren we volledig door initiatieven te ondersteunen die leiden tot CO2-reductie, zoals het planten van bomen.”

“Daarnaast besteden we veel aandacht aan de supply chain van al onze leveranciers”, vervolgt hij. “Waar komen de geleverde producten vandaan en, belangrijker nog, onder welke omstandigheden worden ze gemaakt? We willen onze elektrische auto graag zo goedkoop mogelijk realiseren, maar het mag nooit koste gaan van mens en milieu.”

Ook op het gebied van recycling onderzoekt Sono Motors actief wat er mogelijk is, vertelt Deitert. “Als de capaciteit van de batterij op een keer afneemt naar 80 procent moet hij vervangen worden, maar dat betekent niet dat hij geen waarde meer heeft. We onderzoeken daarom mogelijke herbestemmingen, wanneer ze vervangen moeten worden. Ze kunnen bijvoorbeeld fungeren als thuisbatterij. Of als je ze verzamelt, kan je er een grotere energieopslagfaciliteit van maken.”

Uiteindelijk is het de bedoeling dat elk onderdeel van de Sion te recyclen of hergebruiken is, maar zo ver is het nog niet. “Daar gaan nog wel wat jaren overheen”, beaamt Deitert.

"De teller staat inmiddels op ruim 7.500 preorders, vanuit meer dan 30 landen"

Focus op duurzaamheid

Deze ambitieuze focus op duurzaamheid was er in 2012 al, toen de oprichters van Sono Motors, Laurin Hahn en Jona Christians, besloten om proactief met duurzaamheid aan de slag te gaan. Deitert: “Minder vliegen en veganistisch eten zette voor hen te weinig zoden aan de dijk.”

In de jaren daarna ontwikkelden de oprichters daarom stapje voor stapje een elektrische auto. Het doel: een elektrische auto die iedereen kan betalen. Dankzij crowdfunding-campagnes kreeg de elektrische auto steeds meer vorm, creëerde Sono Motors tegelijkertijd een achterban en groeide de populariteit van de Sion gestaag. “De teller staat inmiddels op ruim 7.500 pre-orders, vanuit meer dan 30 landen”, aldus Deitert.

Volgend jaar worden de eerste exemplaren van de elektrische auto in productie genomen, zodat ze gekeurd kunnen worden en crashtests kunnen ondergaan. Aan het einde van het jaar wordt de Sion vervolgens bij de eerste klanten afgeleverd.

Als het zo ver is, verwacht Sono Motors dat de populariteit van de elektrische auto nóg een vlucht neemt. “We mikken op 260.000 exemplaren in acht jaar. Als hij eenmaal de weg op mag, verwachten we dat de Sion nog populairder wordt. Dan ziet men dat hij rijdt, dat het werkt en dat het geen greenwashing is. Dan schiet het aantal reserveringen geheid omhoog.”

Minder auto’s op de weg

Toch heeft Sono Motors niet de doelstelling om zoveel mogelijk auto’s te produceren. Het milieubewuste bedrijf mikt juist op het terugdringen van het aantal auto’s op de weg. Dat klinkt tegenstrijdig, maar kan zomaar eens werken. Deitert legt uit: “We moeten af van de auto als statussymbool: het is een middel om mobiliteit te realiseren, niets meer. Dat betekent dat we auto’s en ritten veel meer kunnen delen.”

"We moeten af van de auto als statussymbool: het is een middel om mobiliteit te realiseren, niets meer"

Sono Motors bestempelt zich daarom als een provider of mobility, in plaats van een autofabrikant. Om dit waar te maken, zet de start-up vol in op autodelen. De elektrische auto wordt geleverd met bijbehorende app om juist dat te kunnen doen. Wie om 5 uur zijn auto voor het laatst gebruikt, kan hem via de app bijvoorbeeld beschikbaar stellen voor mensen uit de buurt of familie en vrienden. Ook het delen van ritten kan via de app geregeld worden.

Deitert: “Dat brengt allerlei nieuwe mogelijkheden met zich mee. Je kan er bijvoorbeeld ook voor kiezen om de Sion met de buurt aan te schaffen of met een groep vrienden.”

Meer lezen over deelsystemen? Lees ons achtergrondartikel:

Betaalbaar

De doelstelling om een betaalbare elektrische auto te creëren, lijkt in ieder geval al geslaagd. Voor een vaste prijs van € 16.000 komt de Sion op de markt. De batterij kost nog eens € 4.000, maar kan waarschijnlijk ook geleased worden.

Sono Motors slaagt in deze relatief lage prijs door verschillende factoren. Zo hanteert de start-up een zogeheten één-product-strategie. “We maken één versie van de Sion”, legt Deitert uit. “Klanten kunnen alleen kiezen of ze een trekhaak willen of niet, maar verder niets. Geen andere bekleding voor de stoelen, geen andere kleur: de Sion komt in één uitvoering op de markt. Daarmee drukken we de kosten enorm.”

“Daarnaast outsourcen we zoveel mogelijk”, besluit Deitert. Dit betekent in de praktijk dat Sono Motors alleen de onderdelen ontwikkelt die het zelf belangrijk vindt, zoals de geïntegreerde zonnecellen, de batterij en het chassis. Onderdelen als zijspiegels en sturen worden gewoon gekocht. Ook de uiteindelijke productie van de auto wordt uitbesteedt. Deitert: “Onze partners zijn gespecialiseerd in die zaken. Dan is uitbesteden simpelweg goedkoper dan zelf het wiel opnieuw uitvinden.”

Foto's: Sono Motors

Energiebesparing was nog nooit zo makkelijk

First things first: wat zijn de kansen van digitalisering eigenlijk op het gebied van energiebesparing? Die zijn eindeloos, stelt Jörgen Waagenaar, algemeen directeur van INNAX. INNAX is specialist op het gebied van gebouwverduurzaming en zet digitale oplossingen in om die verduurzaming te realiseren. “Denk bijvoorbeeld aan ventilatiesystemen die zijn uitgerust met sensoren, waardoor je heel gericht kan ventileren. Dergelijke systemen leveren al snel een energiebesparing van 20 procent op”, vertelt hij. “Ook verlichting kan tegenwoordig ‘connected’ zijn. Dat heeft, behalve energiebesparing, ook een positieve impact op de beleving.”Wilbert Prinssen, directeur energie & asset control bij Technolution, noemt kassenbouw als een goed voorbeeld van de impact die digitalisering op energieverbruik kan hebben. “Kassen gebruiken erg veel energie: tot wel 30/40 procent van de totale kosten. Dat energieverbruik is ook nodig, want er worden kwalitatieve producten mee geteeld. Maar om te weten of die energie ook efficiënt wordt benut, is inzicht nodig in het klimaat en de invloed ervan op plantengroei”, legt hij uit. “Digitalisering maakt dat mogelijk. Een draadloos netwerk van sensoren stelt je in staat om microklimaten in de kassen real-time te monitoren. De kansen op het gebied van energiebesparing worden daarmee inzichtelijk.”Inzicht verschaffenWaagenaar ziet dat inzicht als een van de belangrijkste kansen die digitalisering biedt. “Stel je voor: je bent eigenaar of beheerder van 100 kantoorgebouwen en wilt aan de slag met energiebesparing. Waar begin je dan?”, stelt hij. “Een cloud-omgeving met 3D-weergaven van gebouwen, die real-time laten zien hoe de energiestromen lopen, heeft dan erg veel waarde. Het brengt je huidige energieverbruik in kaart en laat zien waar de kansen liggen.”“Daardoor wordt energiebesparing en -efficiëntie toegankelijk voor iedereen, ook voor de managers die uiteindelijk de juiste beslissingen moeten nemen”, vervolgt hij. “Daar wringt namelijk nogal eens de schoen: men maakt vaak keuzes zonder inzicht te hebben in datgene waar de keuze over gaat. Maar dat is juist stap één. Leg niet zomaar je dak vol met zonnepanelen, krijg eerst maar eens inzicht in je energieverbruik.”Stapsgewijs innoverenWilbert Prinssen, directeur energie & asset control bij Technolution, ziet dat inzicht ook als de eerste stap die bedrijven moeten zetten. “De meeste projecten op het gebied van energiebesparing richten zich momenteel op datavergaring. De bouwsteentjes om dat te doen, van sensoren tot slimme meters, zijn tegenwoordig ruimschoots beschikbaar. Daarnaast zijn de draadloze netwerken om die data real-time te ontsluiten tegenwoordig betaalbaar. Het is een goed startpunt.”Maar tegelijkertijd is er tegenwoordig al veel meer mogelijk, stelt Prinssen. Die vervolgstappen worden echter nog maar mondjesmaat gezet. “Als je ons om een efficiënter gebouw of bedrijfsproces zou vragen, en ons de vrijheid zou geven om los te gaan, dan wordt dat een technisch hoogstaand, volledig geautomatiseerd project, waar je geen omkijken meer naar hebt”, zegt hij. “De techniek om dat te doen, is er al. Maar in de praktijk werkt het natuurlijk niet zo.”“Energiebesparing gaat ook over mensen, euro’s, noem maar op”, vervolgt hij. “In de praktijk is innovatie een stapsgewijs proces: je voegt steeds een stukje technologie toe en kijkt vervolgens wat er gebeurt.” Prinssen herkent hierin 4 fases, waarvan de eerste het ontsluiten van meetdata is.“De tweede fase is analyse: het herkennen van patronen, zodat je juiste oplossingen kan aan koppelen”, vertelt hij. “De derde fase zien we op energiegebied nog maar heel weinig, wij noemen die decision support. Dit houdt in dat er na de analyse van de energiehuishouding ook automatisch de beste scenario’s worden voorgesteld: ‘Bij deze temperatuur, moet de verwarming zo hoog staan’. In fase 4 gebeurt alles, van datavergaring tot de uitvoering van de meest geschikte scenario’s, volledig automatisch.”"Het ‘Paris-proof’ maken van gebouwen krijgt nu eindelijk een hogere prioriteit"Belang van automatiseringHet bereiken van het niveau van volledige automatisering is erg belangrijk, stelt Waagenaar. “Er zijn momenteel meer dan 50.000 kantoorgebouwen in Nederland met energielabel D of lager. Die moeten allemaal onder handen genomen worden; dat is een enorme opgave”, legt hij uit.Volgens Waagenaar ligt een gebrek aan gekwalificeerde techneuten op de loer, die de verduurzaming in goede banen kunnen leiden. Automatisering zou uitkomst bieden. “Als een gebouw volledig automatisch geanalyseerd kan worden, compleet met een uitrol van de te nemen maatregelen, dan neemt de behoefte aan gekwalificeerde techneuten logischerwijs af, zodat zij zich kunnen richten op complexere vraagstukken”, aldus Waagenaar. “Door het eenvoudig delen van kennis, het standaardiseren van processen én het effectief inzetten van de gekwalificeerde techneuten kunnen we de enorme verduurzamingsopgave effectiever realiseren.”Nog niet op de agendaOndanks de huidige mogelijkheden en kansen staat energiebesparing en -efficiëntie nauwelijks op de agenda bij het Nederlandse bedrijfsleven. Prinssen: “De drive om ermee aan de slag te gaan, loopt achter op wat er technisch gezien mogelijk is.”“Het merendeel van de bedrijven heeft niemand in dienst die verantwoordelijk is voor energiebesparing, het blijft bij een contract met de lokale installateur. Dat maakt het lastig”, vervolgt hij. “Niemand is tegen energiebesparing, maar tegelijkertijd vindt niemand het zo interessant om er proactief mee aan de slag te gaan. Zeker als er risico’s kunnen zijn voor de primaire businesscase van een bedrijf.”Waagenaar herkent dit ook, maar ziet ook iets veranderen: “In het afgelopen jaar merk ik dat het ‘Paris-proof’ maken van gebouwen eindelijk een hogere prioriteit krijgt. Duurzaamheid lijkt mainstream te worden en men is er enthousiast over. Dat is belangrijk. Daarnaast wordt de wetgeving op het gebied van energie-efficiëntie steeds strenger, dus we móéten nu wel. Ook dat zorgt voor versnelling.”Prinssen sluit zich daarbij aan: “Strengere wetgeving zorgt ervoor dat bedrijven op een keer wel met energiebesparing aan de slag moeten. Daar ligt een gigantische kans voor de installatiebranche. Installateurs die nu bij bedrijven aankloppen met het voorstel om hun energierekening te verlagen, komen moeilijk binnen. Maar als bedrijven verplicht met energiebesparing aan de slag moeten, is dat natuurlijk een ander verhaal.”"Met een ondernemende spirit is er veel meer mogelijk dan je denkt"Kansen genoegToch raden zowel Waagenaar als Prinssen bedrijven aan om niet alleen met energiebesparing aan de slag te gaan omdat het moet. “De verhalen van bedrijven die met verduurzaming aan de slag gaan, zijn heel positief”, vertelt Waagenaar. “Ik vergelijk het wel eens met de elektrische auto: men is trots om er in te rijden. Zo werkt het ook bij duurzame en energie-efficiënte kantoorgebouwen: men is trots en enthousiast om er te mogen werken.”Waagenaar verwacht daarnaast dat digitale oplossingen de standaard worden in het realiseren van die verduurzaming. “Het wordt steeds vaker toegepast en de techniek wordt goedkoper. Ik ben ervan overtuigd dat het op den duur standaard onderdeel uitmaakt van verduurzamingsplannen. Wanneer? Dat is afwachten.”Prinssen: “Bedrijven hoeven nu nog niet met energiebesparing aan de slag, maar er zijn wel al allerlei kansen. Ga er dus vooral mee aan de slag, is mijn advies. Met een ondernemende spirit is er al veel meer mogelijk dan je denkt. Er zijn nu al baten en onverwachte spin-offs En belangrijker nog, het is gewoon erg leuk.”Dit artikel is onderdeel van een drieluik over de impact van digitalisering op de energietransitie. Lees ook de vorige publicaties in deze reeks:Hoe Virtual Reality draagvlak creëert Is Nederland klaar voor smart grids? Hoofdafbeelding: Adobe stock | Foto in tekst: Technolution