Hidde Middelweerd 08 november 2016, 07:31

Hoe de kweek van microalgen tot biobrandstof kan leiden

TUI Benelux, Wageningen University & Research centre (WUR) en het Nederlandse ministerie voor Economische Zaken richten een nieuw onderzoekscentrum op in Bonaire, voor verder onderzoek naar microalgen als duurzame grondstof voor biobrandstof.

Algen

Het nieuwe onderzoekscentrum krijgt de naam AlgaeParc Bonaire en is naar verwachting in 2017 operationeel. Door de gunstige klimaatomstandigheden op Bonaire is dit de uitgelezen plek om microalgen te kweken.

Dit meldt TUI Nederland in een persbericht.

Duurzame luchtvaart

Het onderzoek naar microalgen als grondstof voor biobrandstof kan een positieve bijdrage leveren aan het verduurzamen van de luchtvaart. Sinds 2013 werkt TUIfly samen met WUR aan dit duurzame alternatief voor kerosine. Met het onderzoekscentrum in Bonaire wordt de volgende stap gezet: het daadwerkelijk produceren van biobrandstof, door gebruik te maken van de natuurlijke hulpbronnen op Bonaire.

Mocht de biobrandstof op basis van algen een geschikt alternatief zijn voor kerosine, wordt het onderzoek verder opgeschaald.

Microalgen

De teelt van microalgen brengt belangrijke voordelen met zich mee ten opzichte van andere vormen van biomassa die worden ingezet voor biobrandstoffen. Zo leveren microalgen over het algemeen een grotere hoeveelheid olie, koolhydraten en eiwitten op. Daarnaast kan er bij algenteelt gebruik gemaakt worden van afvalstromen, zoals CO2.

Ook kunnen algen in zeewater gekweekt worden en in andere locaties die ongeschikt zijn voor landbouw, zodat de teelt van algen niet ten koste gaat van voedselproductie.

CO2-uitstoot reduceren

Onlangs tekenden verschillende luchtvaartmaatschappijen een overeenkomst om de CO2-uitstoot in de luchtvaart terug te dringen.

Meer weten over de mogelijkheden van algen? Lees de volgende artikelen:

Bron: TUI Benelux | Foto: TUI Benelux

Smartphone als meetapparaat voor veilig voedsel

Rikilt van Wageningen University & Research ontving onlangs bijna € 3 mln van het Europese wetenschapsministerie. Het bedrag is bedoeld om samen met vijf andere landen onderzoek te doen naar andere manieren om voedsel te controleren.Momenteel worden in de voedselketen monsters verzameld, die worden verzonden naar laboratoria voor onderzoek op resten van bijvoorbeeld pesticiden, antibiotica, natuurlijke toxines en allergenen. Het kan vervolgens enkele dagen duren voordat een lab-uitslag beschikbaar is, terwijl er in de meeste gevallen niets aan de hand is met een product.Meten met smartphoneHet Europese consortium FoodSmartphone verwacht dat een deel van deze metingen kan worden verplaatst en ter plekke kan worden uitgevoerd. Voedselinspecteurs met een smartphone zouden deze metingen kunnen uitvoeren. Dat bespaart tijd en geld, aldus het onderzoeksinstituut.De aangesloten partners zeggen daarnaast dat het ‘heel goed voorstelbaar’ is dat op termijn ook consumenten zelf die metingen met behulp van een smartphone kunnen uitvoeren.Duurzame voedingRikilt ontwikkelde eerder in samenwerking met Amerikaanse en Duitse partners een smartphone-hulpstuk en app voor het meten van een verboden hormoon in een druppel melk. Daarnaast maakte het onderzoeksinstituut een voedselscanner, waarmee consumenten in de toekomst zelf de herkomst, houdbaarheid en samenstelling van voeding kunnen meten.Bron: Wageningen University & Research | Foto: Toronto Eaters, via Unsplash Creative Commons (Cropped by DuurzaamBedrijfsleven)