Fitria Jelyta 03 november 2016, 07:45

‘Bouwsector moet zich houden aan Klimaatakkoord’

Om de bouwsector te verduurzamen en daarmee te streven naar de doelen die in het Klimaatakkoord zijn vastgesteld, is er meer financiering nodig. Ook moeten bouwconcerns meer gebruikmaken van innovaties die het energieverbruik van gebouwen verminderen.

Duurzame bouw

Dat stelt de Climate Action Tracker (CAT), een initiatief van de onderzoeksinstellingen Climate Analytics, Ecofys, en New Climate Institute, om de gevolgen van het Klimaatakkoord te monitoren.

Het Parijse Klimaatakkoord stelt onder andere dat de opwarming van de aarde niet verder mag stijgen dan 2 graden Celsius. Om dit te behalen, moet de bouwsector actie ondernemen om het energieverbruik van gebouwen aanzienlijk te besparen, blijkt uit onderzoek van CAT.

Duurzaam bouwen

Volgens de onderzoeksinstellingen is de bouw- en vastgoedsector verantwoordelijk voor 20 procent van de wereldwijde broeikasgasemissies die klimaatverandering veroorzaken. “We moeten gebouwen ontwikkelen, die zijn afgestemd op het Parijse Klimaatakkoord”, zegt Karlien Wouters, analist van Ecofys, in een persbericht.

“Aangezien gebouwen een lange levensduur hebben, is het belangrijk om snel actie te ondernemen. Niet energie-efficiënt vastgoed dat vandaag wordt gebouwd, moet later gerenoveerd worden tegen hogere kosten. Dat vergroot de uitdaging waar we nu voor staan, namelijk het renoveren van de meerderheid van bestaand vastgoed.”

Energie-efficiëntie

Uit het onderzoek van CAT blijkt dat de bouwsector bij kan dragen aan de doelstellingen van het Klimaatakkoord door zowel nieuwbouw als bestaand vastgoed zoveel mogelijk te laten werken op hernieuwbare energie. Daarnaast zouden energie-efficiënte installaties, zoals verlichting, maar ook verwarming en koeling, leiden tot CO2-besparing.

Een grote drempel voor het verduurzamen van de bouwsector is financiering, stelt CAT. Hiervoor verwachten de onderzoeksinstellingen passende wetgeving en stimuleringsregelingen om onder andere duurzame renovatie versneld mogelijk te maken.

Naast gebrek aan financiering, zien vastgoedeigenaren door de hoge kosten ook niet de directe voordelen van energiebesparende maatregelen. Dit kan volgens CAT de duurzame bouwsector belemmeren. Om de energiebesparing alsnog te realiseren, zouden innovatieve financieringsinstrumenten ontwikkeld moeten worden. 

Bron: Climate Action Tracker | Foto: Lauren Livingston via Unsplash.com, Creative Commons (Cropped by DuurzaamBedrijfsleven)

Deze tuintafel is gemaakt van duurzaam rietcomposiet

NPSP gebruikt naast glasvezels ook natuurlijke grondstoffen zoals vlas, jute, kokos en hennep voor zijn vezelversterkte kunststoffen. In samenwerking met Staatsbosbeheer heeft het bedrijf een nieuwe toepassing gevonden voor riet, een belangrijke reststroom van natuurbeheer.Naast het riet bestaat het materiaal uit een biologische hars en kalk, dat restmateriaal is van de waterproductie. In totaal levert dit een materiaal dat 82 procent bio-circulair is. Het materiaal is ontwikkeld in nauwe samenwerking met AkzoNobel, Waternet en Staatsbosbeheer en ondersteund door het Ministerie van Economische Zaken.Als voorbeeld heeft NPSP een tuintafelblad van het nieuwe biocomposiet gemaakt. Daarnaast zullen op korte termijn meer demonstratieproducten vervaardigd worden om de praktische haalbaarheid te onderzoeken bij potentiële gebruikers.Het bedrijf denkt daarbij aan dienbladen, damwanden, peilschalen en straatnaamborden. Natuurlijke vezels als riet vergen nauwelijks energie om te produceren en hebben geen chemicaliën nodig om zich te hechten aan het hars.Staatsbosbeheer beheert landelijk ongeveer 500 hectare rietland. Eén hectare levert zo’n 3.000 kilo droog riet op. In een tuintafelblad is ongeveer 3 kilo riet verwerkt, waardoor er in potentie voldoende riet is om 500.000 tafelbladen te maken.Eerder maakte NPSP al een straatbank uit restmaterialen van onder meer Waternet en Staatsbosbeheer.GrondstoffenHet beheer van zijn terreinen levert Staatsbosbeheer veel hernieuwbare grondstoffen op, zoals hout, gras en biomassa. Vanuit zijn visie op efficiënt en duurzaam beheer gebruikt de organisatie dit materiaal bij voorkeur als grondstof voor andere, zo hoogwaardig mogelijke producten.Zo wordt een groot deel van het geoogste hout als FSC-hout toegepast in de houtverwerkende industrie. Een tastbaar voorbeeld is de houten surfplank, die Staatsbosbeheer samen met het bedrijf MacSurf heeft ontwikkeld.Gras wordt ingezet voor de fabricage van karton door het op een slimme manier te verwerken. Als er geen ander product van gemaakt kan worden, biedt Staatsbosbeheer de biomassa aan voor de opwekking van energie.NPSP is koploper van de sector in het verduurzamen van composieten. Bekende producten van NPSP zijn de paddenstoelen voor de ANWB, scooters voor Van.Eko, neuzen van de koplopertreinen en stoelen van Pastoe.Bron en foto's: Staatsbosbeheer