Eelco Brandes 09 mei 2016, 07:04

Miele: 'Circulaire samenwerking vraagt om continu overleg'

Het circulair maken van producten vraagt om permanent overleg tussen de ketenpartijen, zegt Stefan Verhoeven, CEO van Miele Nederland. Met het recyclebedrijf Coolrec heeft de fabrikant van huishoudelijke apparaten enkele recycleprojecten lopen.

56u65

Verhoeven is één van de sprekers tijdens het het jaarcongres Afval & Recycling dat op 2 juni plaatsvindt in Schiedam. Tegenover mediapartner DuurzaamBedrijfsleven Media licht de algemeen directeur een tipje van de sluier van zijn presentatie op.

Miele maakt al enige tijd samen met Coolrec, dochterbedrijf van Van Gansewinkel Groep, de balansonderdelen van de wasmachines circulair, vertelt Verhoeven. “We maken producten die lang houdbaar zijn. Aan het einde van een levenscyclus van apparaten hebben we gekeken naar producten die nog bruikbaar zijn.”

" Circulaire samenwerking is niet iets wat je er even bij doet" 

Zodoende kwamen Coolrec en Miele als eerste uit op de balansonderdelen van de wasmachine. Deze contragewichten, die goed zijn voor een groot aandeel van het gewicht, zorgen ervoor dat de machine niet beweegt tijdens bijvoorbeeld het centrifugeren.

Gietijzer

Verhoeven: “Al onze concurrenten gebruiken hier beton voor. Wij gebruiken echter een variant van gietijzer. Het mooie van gietijzer is dat je het bijna volledig kunt hergebruiken.”

Coolrec separeert voor Miele de afgedankte wasmachines uit het hele recycletraject en haalt hier de gietijzeren contragewichten uit. Deze gaan terug naar de Miele-fabriek en worden daar opnieuw verwerkt tot nieuwe contragewichten.

Voor Miele is er geen economisch belang om dergelijke recycletrajecten op te zetten, zegt Verhoeven. “Het is een neutrale operatie. De besparing wordt opgeheven door de kosten.”

" Gerecycled plastic moet in zijn ‘tweede leven’ ook weer twintig jaar mee kunnen. Dat is een voorwaarde." 

Toegevoegde waarde

Hoewel de algemeen directeur zeer tevreden is met het project is het niet iets wat het bedrijf er 'zo even bij doet'. “Er is regelmatig overleg nodig tussen de ketenpartijen om samen volgende stappen te kunnen zetten”, zegt Verhoeven.

Zo heeft Coolrec inmiddels ook een manier gevonden om de bodemplaten van de Miele-stofzuigers te scheiden en aan te bieden voor hergebruik. Verhoeven: “Dat vind ik een prachtig voorbeeld van de toegevoegde waarde van goed overleg tussen diverse partijen."

Miele heeft hier echter nog geen groen licht voor gegeven, omdat het gerecyclede plastic in zijn ‘tweede leven’ ook weer twintig jaar mee moet kunnen. Dit is een belangrijke voorwaarde van de producten van de fabrikant. “Dit moeten wij eerst testen”, zegt Verhoeven.

Foto: Miele

Smartphone-app meet hartritmestoornis net zo goed

Dat blijkt uit onderzoek van de Amerikaanse University at Buffalo (UB). Om gebruik te maken van de AliveCor smartphone-app, wordt een elektrode vastgemaakt aan de smartphone. Een patiënt met hartritmestoornis legt een vinger op de elektrode, waarna gegevens en mogelijke ritmestoornissen worden gemeten en bijgehouden.Gebruiksvriendelijke methodeIn dit onderzoek hebben de wetenschappers 32 patiënten met een hartritmestoornis gevraagd zowel het conventionele apparaat te dragen en gebruik te maken van de zogeheten AliveCor Heart Monitor smartphone-app.Hieruit blijkt dat de app 91 procent van de ritmestoornissen in het hart aangaf, terwijl de traditionele monitor slechts 87.5 procent van de stoornissen aankaartte. Volgens de wetenschappers is de smartphone-app gebruiksvriendelijker dan de traditionele methode.Continu metenBij de diagnose van hartritmestoornis, dienen patiënten in de huidige situatie gebruik te maken van de zogenoemde Holter-monitor. Dit is een draagbaar apparaat dat de elektrische activiteit van het hart gedurende dertig dagen kan meten.Het apparaat wordt via elektroden aan het lichaam vastgemaakt. Hierdoor ervaren patiënten volgens de wetenschappers overlast. Daarnaast willen patiënten het apparaat liever niet in het openbaar dragen. Dit leidt er toe dat de ritmestoornissen niet continu kan worden weergegeven, stellen de wetenschappers. Bron: University at Buffalo | Foto: Hoofdafbeelding: Juhan Sonin, Creative Commons, In tekst-afbeelding: Juhan Sonin, Creative Commons (Cropped by DuurzaamBedrijfsleven)