Fitria Jelyta 12 februari 2016, 07:58

Deense zeecontainerwoning gemaakt voor circulair gebruik

Deense architecten hebben een woonconcept ontwikkeld met zeecontainers die modulair, flexibel en verplaatsbaar zijn. Hiermee willen de ontwikkelaars woningtekorten als gevolg van verstedelijking voorkomen.

VDL Citea SLFA Electric Evolans

De CPH Shelter-woningen van de Deense architect Søren Nielsen geeft antwoord op de toenemende vraag naar woningen in snelgroeiende steden als Kopenhagen. Door oude zeecontainers te hergebruiken als woningen, zegt de architect een snelle en betaalbare woonoplossing te bieden.

De modulaire woning beschikt over een waterbergingsinstallatie en wekt zelf energie op. Dit maakt het mogelijk om de huizen overal in de wereld zonder aansluiting op het water- en elektriciteitsnet te plaatsen. Dankzij energiebesparende installaties, zoals natuurlijke ventilatiesystemen, verbruikt het huis weinig energie.

Daarnaast zijn de zeecontainerwoningen binnen een dag te demonteren en te transformeren tot woonruimtes voor meerdere bewoners. Zo zijn de zeecontainers van CPH Shelters al ingezet als studentenwoningen in Kopenhagen.

[image]

Lokaal hout

De zeecontainerwoningen beschikken over een interieur dat gemaakt is uit lokaal hout. Door de poreuze structuur biedt het hout weerstand tegen vochtvorming en laat het weinig warmtestralingen door, waardoor bewoners een prettiger binnenklimaat ervaren, zo stellen de architecten.

Daarnaast hebben de ontwikkelaars geen verf gebruikt in de inrichting van de woning. Mede hierdoor stoot het zeecontainerhuis 80 procent minder CO2 uit ten opzichte van traditionele gebouwen.

Off-grid wonen

Ook in Nederland is het woonconcept met zeecontainers niet onbekend. De Nederlandse start-up Sustainer Homes heeft een duurzame zeecontainerwoning ontwikkeld die dankzij duurzame energie en een eigen regenwaterberging overal in de wereld te plaatsen is. 

Bron: Arch Daily, Inhabitat, CPH Shelter | Foto: CPH Shelter (Cropped by DuurzaamBedrijfsleven)

Elektronische neus ‘ruikt’ prostaatkanker in urine

Wetenschappers van de University of Liverpool en de University of the West of England (UWE Bristol) hebben een patiëntvriendelijke methode ontwikkeld die blaas- en prostaatkanker in urinemonsters opspoort door gebruik te maken van een elektronische neus. Dit moet volgens de wetenschappers leiden tot een vroegtijdige diagnose van de ziekte, waardoor de behandeling wordt verbeterd en de kans op genezing stijgt.De nieuwe diagnosetechniek bestaat uit het zogeheten Odoreader-sensorsysteem dat gasstoffen van het urinemonster van elkaar scheidt en vervolgens in een algoritme verwerkt om vast te stellen of de patiënt te maken heeft met blaas- of prostaatkanker. Uit de eerste testresultaten blijkt dat de diagnosetechniek de aanwezigheid van blaas- en prostaatkanker bij 155 mannelijke patiënten kon vaststellen.Snel resultaat“Er is een dringende noodzaak om deze vormen van kanker in een vroeg stadium vast te stellen, waardoor ze beter behandelbaar zijn”, zegt Professor Chris Probert van de University of Liverpool. “Na een vervolgonderzoek willen wij de techniek in een gebruiksvriendelijk format opstellen.”Met behulp van verschillende partners zegt de onderzoeker de snelle en goedkope diagnosetechniek in onder meer ziekenhuizen en klinieken beschikbaar te maken.Volgens de wetenschapper bestaat er op dit moment nog geen techniek die nauwkeurige diagnoses maakt van prostaatkanker. Vaak leiden traditionele diagnosetechnieken tot onnodige biopsies en kunnen de technieken infecties veroorzaken, stelt Probert. Bron: University of Liverpool | Foto: Steven Depolo, Creative Commons (Cropped by DuurzaamBedrijfsleven)