Dimitri Reijerman 06 oktober 2015, 15:08

5 concepten voor goedkoop internet in arme landen

Internetreuzen als Google en Facebook willen internet ook in ontwikkelingslanden toegankelijker maken. Ook start-ups hebben soortgelijke plannen.

5545366578 4de819a307 o

Om internet in continenten als Afrika te ontsluiten, zijn glasvezelverbindingen vaak te duur. Bedrijven kijken daarom naar andere kansen om het web voor de massa bereikbaar te maken. Duurzaambedrijfsleven zet vijf initiatieven op een rij.

1. Drones

Drones hebben de potentie om snel internet aan te bieden vanuit de lucht. Sommige ontwerpen, zoals die van Titan Aerospace, kunnen autonoom tot 5 jaar in de lucht blijven, op een hoogte van 20 kilometer. Deze autonomie is mogelijk dankzij zonnepanelen op de vleugels. Naast een internetsignaal doorgeven kunnen de drones ook weersinformatie leveren.

Facebook heeft gepoogd Titan Aerospace over te nemen, maar uiteindelijk kreeg Google de dronebouwer in handen. De drones moeten nog dit jaar hun eerste proefvluchten gaan maken.

2. Luchtballonnen

Naast drones ziet Google ook kansen in luchtballonnen. In zijn Project Loon-initiatief experimenteert het internetbedrijf met het aanbieden van een 4g- en wifi-signaal via ballonnen. De Project Loon-ballonnen zweven gemiddeld honderd dagen in de stratosfeer op circa 20 kilometer hoogte en worden via supercomputers aangestuurd.

De vuurdoop voor Project Loon zal in Sri Lanka plaatsvinden. Het gehele eiland moet met de ballonnen afgedekt gaan worden. Daarbij werkt Google samen met een aantal telecombedrijven.

3. Satelliet

Facebook, dat via zijn Internet.org-stichting internet in armere landen wil gaan aanbieden, heeft zijn geld vooral ingezet op satellietinternet. De sociale-netwerkreus wil in 2016 samen met Eutelsat een nieuwe satelliet de lucht in brengen om zo in Afrika het internet toegankelijker te maken.

Welke netwerktechnologie Facebook in de Amos 6-satelliet wil gaan gebruiken, is nog onduidelijk. Wel belooft het bedrijf dat de kosten laag liggen en dat bestaande hardware toepasbaar is.

4. Outernet

Outernet maakt ook gebruik van satellieten, maar hanteert een andere strategie: de organisatie stuurt in een downstream grote hoeveelheden nuttige data, zoals content van Wikipedia en vrij verspreidbare e-books van Project Gutenberg, richting de aarde.

De data kan met een antenne worden ontvangen en opgeslagen, om vervolgens lokaal verspreid te worden. Ondanks dat een retoursignaal ontbreekt, is Outernet naar eigen zeggen met name nuttig in het onderwijs. Bovendien is de technologie goedkoop in te zetten, omdat er geen kosten zijn voor dataverbruik.

5. Bestaande netwerken beter benutten

In veel ontwikkelingslanden zijn al wel mobiele netwerken in de lucht, maar internetcommunicatie via 2g- of 3g-netwerken is veelal nog erg duur. De start-up LotusFlare wil via een mobiele app goedkope databundels aan te bieden. Daarmee is het in feite een virtuele provider. Het bedrijf heeft ook contacten met Google.

LotusFlare bekijkt zelfs of het gratis internet aan kan bieden. Daarvoor experimenteert het bedrijf met sponsormodellen en advertenties.

Bron: Facebook, Outernet | Foto: Facebook

Lidl verslaat Tesla met duurzaamste distributiecentrum

Dat heeft Lidl vandaag bekend gemaakt tijdens de Vakbeurs Energie in Den Bosch. Het circa 50.000 vierkante meter grote distributiecentrum in Waddinxveen krijgt het Breeamcertificaat ‘Outstanding’, de hoogst haalbare certificering.Het nieuwe distributiecentrum wordt volledig verlicht met LED-lampen. Ook komen er meer dan 4.000 zonnepanelen op het dak, waarmee het gebouw op een zonnige dag zelfvoorzienend is.RestwarmteHet meest onderscheidende is volgens Marcel Ganzeboom, hoofd bouwzaken van Lidl Nederland, dat er geen gasaansluiting is. “We gebruiken de restwarmte uit de koeling om zowel de distributiehal als de kantoren te verwarmen.”Ganzeboom wijst erop dat het Lidl-distributiecentrum in Heerenveen, uit 2013, ook gebruik maakt van restwarmte uit de koelsystemen. “We besparen daar € 100.000 per jaar op de energierekening”, zegt hij. In de Friese stad worden de kantoren nog wel met gas verwarmd. Ganzeboom: “In het nieuwe distributiecentrum is de besparing zeker 20 procent groter.”Alle maatregelen samen leveren het distributiecentrum een Breeamscore van 91,38 procent op, volgens Lidl de hoogste ontwerpcertificaatscore voor een Nederlands distributiecentrum. Het net geopende centrum New Logic II van Tesla in Tilburg scoort 91,18 procent.KostenbesparingenDe investeringen in duurzame technologie zijn volgens Ganzeboom een logisch uitvloeisel van de strategie van Lidl om zoveel mogelijk kostenbesparingen te realiseren, om die door te rekenen aan de consument.“Wij rekenen alles door”, zegt Ganzeboom. “We investeren iets meer in bijvoorbeeld LED-verlichting. De terugverdientijd daarvan is drie jaar. Voor zonnepanelen is dat zes jaar. Een terugverdientijd van vijf tot zes jaar is voor ons acceptabel.”LeveranciersLidl vangt ook regenwater op voor onder meer de irrigatie van de naastgelegen landbouwkassen. Naast alle eigen duurzame activiteiten en systemen, zullen ook de leveranciers van het nieuwe distributiecentrum van Lidl gebruik maken van duurzame en verantwoorde materialen die recyclebaar zijn. Het nieuwe distributiecentrum wordt in januari 2017 geopend.Lidl is een van de grootste supermarktketens van Nederland, met meer dan vierhonderd filialen. Sinds september 2014 is het Energielabel A++++  de standaard voor alle nieuw te bouwen winkels.Foto: Lidl