Thijs ten Brinck 01 oktober 2015, 09:45

Tennet tegen standby-subsidie voor fossiele centrales

Hoogspanningsnetbeerder Tennet ziet de opwekcapaciteit van zonnepanelen en windmolens in 2022 groeien naar 15.000 megawatt. Nu staat er in Nederland ruim 4.000 megawatt.

Tesla Motors HQ Palo Alto

Tegelijkertijd daalt het geïnstalleerd vermogen aan elektriciteitscentrales op aardgas en steenkool in de komende jaren volgens Tennet met een vijfde. De netbeheerder zet daarom sterk in op het verbinden van het Nederlandse elektriciteitsnet met dat van omringende landen.

"Vergeet die grenzen, dat zijn obstakels voor het succesvol introduceren van groene energie”, zegt Mel Kroon, CEO van Tennet.

Intensieve samenwerking tussen Europese hoogspanningsnetbeheerders, nieuwe stroomverbindingen tussen landen en de koppeling van systemen zijn volgens de topman nodig om de levering van stroom in de toekomst zeker te stellen.

Het draaiend houden van onrendabele fossiele energiecentrales in gesubsidieerde capaciteitsmarkten moet volgens Tennet niet nodig zijn.

Nieuwe stroomkabels

De komende jaren investeert Tennet in 3.400 megawatt aan stroomkabels naar buurlanden, over zee en over land. Momenteel maken dergelijke kabels het al mogelijk om maximaal 6.000 megawatt aan stroom naar het buitenland te transporteren of juist te importeren.

"Dergelijke verbindingen, die een levensduur hebben van tenminste 40 jaar, verdienen zich in relatief korte tijd terug en zorgen ervoor dat de markten gekoppeld worden”, zegt Kroon. “Hiervan profiteert iedereen in Nederland, omdat we goedkopere duurzame stroom kunnen importeren of, als de prijs in een ander land hoger is, kunnen exporteren." 

Capaciteitsmarkten

Volgens Tennet groeit het vermogen van windparken, zonnecentrales en zonne-energie in de gebouwde omgeving naar 15.000 megawatt, een stijging van maar liefst 360 procent ten opzichte van vandaag.

Omdat enkele kolencentrales verplicht moeten sluiten en verschillende gascentrales door een slechte concurrentiepositie in de mottenballen gaan, zal Nederland de internationale stroomverbindingen nodig hebben om de variërende behoefte aan stroom zo zeker en zo duurzaam mogelijk in te vullen.

In 2022 is er volgens Tennet 2.700 megawatt minder kolenstroom en 1.900 megawatt minder gasgestookt vermogen op afroep beschikbaar. Tennet is erop tegen dat deze fossiele energiecentrales gesubsidieerd stand-by blijven. Dat zou ‘verstoringen veroorzaken in de markt’ ten aanzien van investeringen in vraagsturing en energieopslag en innovatie in het algemeen.

Bron: Tennet | Foto: Attila Malarik (header) & Bruce Guenter (side), via Flickr Creative Commons (Cropped by Duurzaambedrijfsleven)

 

 

Siemens topman wil vluchtelingen opleiden voor windsector

Energieonderzoek Centrum Nederland (ECN) heeft een haalbaarheidsstudie gedaan naar het doel om in 2023 duurzame stroom uit offshore-windparken 40 procent goedkoper te maken ten opzichte van 2010.Volgens ECN heeft de industrie de noodzakelijke vernieuwingen om de gewenste kostenbesparing te realiseren praktisch binnen handbereik. Ab van der Touw, bestuursvoorzitter van Siemens Nederland, ziet kansen om zelfs nog lager uit te komen.Werkgelegenheid en kostenreductieVan der Touw, topman van windturbinebouwer Siemens in Nederland, was een van de sprekers op het Springtij Forum. BNR sprak Van der Touw na afloop. De topman stelt dat de winddivisie van zijn bedrijf in drie jaar tijd van 40 man personeel naar 140 man is gegroeid, en dat er nog steeds vacatures zijn.De werknemers die voor Siemens windturbines installeren en onderhouden komen vooral uit Nederland, gevolgd door Denemarken en Duitsland. Van der Touw hoopt ook onder de vluchtelingen die momenteel Europa intrekken te werven.“Misschien dat er onder de vluchtelingen die nu ons land binnenkomen mensen zijn die een technische achtergrond hebben”, zegt hij tegen BNR. “Die help ik graag.”Siemens is volgens Van der Touw goed op weg om in 2023 windenergie te produceren voor € 100 per megawattuur of minder. “We zitten op een lineaire lijn daar nu al onder”, extrapoleert de topman de kostenbesparingen die tot nu toe zijn gerealiseerd.Grotere molens en stopcontactenECN noemt in een visiedocument de belangrijkste pijlers om die goede lijn inderdaad door te zetten en in 2023 tot het in het Energieakkoord afgesproken tarief voor wind op zee te komen.De grootste kostenreductie, 15 procent, is volgens ECN haalbaar met grotere windmolens en technische innovatie in de turbines zelf. Het centraal aanbesteden van stopcontacten op zee door hoogspanningsnetbeheerder Tennet is goed voor 10 van de 40 procent aan besparingen.Samenwerken tussen windmolenparken en het samen testen van innovaties leidt volgens ECN tot nog eens 10 procent besparing, wat vervolgens doorwerkt in de kapitaalkosten. Met het slimmer organiseren van leningen en verzekeringen is 3 procent kostenreductie te behalen. De overige procenten komen voort uit logistieke verbeteringen en optimalisatie in de plaatsing van windmolens in een windpark.Bron: BNR, ECN | Foto's: Siemens