Thijs ten Brinck 05 juni 2015, 07:04

Britten exporteren getijdenproject naar China

Het Tidal Lagoon Swansea Bay getijdenenergieproject heeft het Chinese bedrijf China Harbour Engineering geselecteerd als voorkeurspartner. De opdracht is ruim € 400 mln waard.

16479903026 85b99b93a3 k

De plannen van Tidal Lagoon Power in de Britse Swansea Bay worden steeds concreter. De ontwikkelaars van de 320 megawatt grote geplande getijdenlagune bij de kust van Wales hebben de Chinese aannemer aangewezen als voorkeurspartner, voor de aanleg van onder andere de ringdam.

“We zien het Swansea Bay project als een baanbrekend plan dat de wereld een nieuwe type duurzame energie kan brengen”, zegt Lin Yi Chong, CEO van China Harbour Engineering Company tegen de website Businessgreen. “We hebben een voorstel ingediend om in het project te investeren en zoeken naar vergelijkbare plannen in Groot Brittannië en de rest van Europa.”

Tidal Lagoon Power kondigde eerder aan te werken aan nog eens vijf getijdencentrales in Groot-Britannië.

Export 

De mensen achter het Tidal Lagoon Project en China Harbour Engineering hebben daarnaast de intentie uitgesproken het concept samen ook in Azië te vermarkten. Aan de 18.000 kilometerlange kustlijn van China zijn er verschillende lagunes die in aanmerking komen voor het opwekken van duurzame elektriciteit. 

Of het eerste project in Wales doorgaat is nog wel afhankelijk van een gegarandeerde afnameprijs per opgewekte kilowatt, die de Britse overheid moet vaststellen. Als het project doorgang vindt dan zal het gehele plan naar verwachting € 1,4 mrd kosten.

Eerder haalden de Britse ontwikkelaars al € 200 mln op bij investeerders. Het Nederlandse waterbouwkundig ingenieursbureau Deltares heeft onderzoek gedaan naar de lokale zeestromingen.

Bron: Business Green | Foto: Simon, via Flickr Creative Commons (Cropped by Duurzaambedrijfsleven)

Reststromen in biologische landbouw onvoldoende benut

Dat blijkt uit een onderzoek van BioForum Vlaanderen. Bijproducten van biologische herkomst, afkomstig van bierbrouwerijen, melk- en suikerproducenten en de aardappelindustrie zijn prima geschikt als veevoer. Net als onverkochte biologische landbouwproducten die niet voldoen aan de kwaliteitseisen.In de praktijk blijkt dat die reststromen op de markt belanden als gewoon voer. Terwijl de biologische veeteelt grote behoefte heeft aan voer van gecertificeerde herkomst. De prijzen zijn hoog en het aanbod is beperkt. Veehouders vangen de tekorten aan eiwitrijk voer deels op met geïmporteerde gecertificeerde soja.Meer informatieVolgens BioForum Vlaanderen zijn de oorzaken heel divers. Aanbieders van biologische reststromen kennen de afnemers niet. Biologische en niet-biologische bijproducten belanden samen in opslagloodsen, waardoor scheiding vrijwel onmogelijk is. En soms is het aanbod zo laag dat transport naar een biologische veehouderij onrendabel is.Uit een enquête onder vertegenwoordigers van de verschillende partijen blijkt dat de veehouders grote behoefte hebben aan extra stromen eiwitrijke restproducten. Ze willen meedenken over verbreding van het aanbod. Veevoederbedrijven blijken echter nauwelijks geïnteresseerd in de vermarkting van bijproducten.Natte reststromen passen niet in het huidige productieproces. De verwerkers hebben vooral last van een versnipperd aanbod met lage volumes. Ook de scheiding van biologische en andere bijproducten blijft lastig. De verwerkers zijn wel bereid inspanningen te doen, op voorwaarde dat die niet leiden tot hogere kosten.Online platformVolgens BioForum Vlaanderen is het probleem van vraag en aanbod op te lossen met een online platform voor reststromen. De partijen in de keten zouden elkaar daardoor gemakkelijker kunnen vinden. Verwerkers van bijproducten en veevoederfabrikanten zouden meer inzicht moeten krijgen over de financiële voordelen en de mogelijkheden voor aanvullende inkomsten. Bron: BioForum Vlaanderen | Foto: US Department of Agriculture, via Flickr Creative Commons (Cropped by Duurzaambedrijfsleven)