Erik Verheggen 15 april 2015, 16:32

Bijtanken in de lucht is goedkoper en zuiniger

Vliegtuigen die op een lange vlucht niet hoeven landen om bij te tanken, verbruiken tot 23 procent minder brandstof. Ondanks de benodigde extra infrastructuur is het ook nog eens goedkoper.

Einstein Jones Groepsfoto

Dat blijkt uit simulatieproeven van het Nationaal Lucht- en Ruimtevaartlaboratorium NLR, en een aantal andere Europese onderzoeksinstellingen. Binnen het project Recreate is onderzocht wat de mogelijkheden zijn van het bijtanken in de lucht van passagiersvliegtuigen.

Vliegtuigen die in de lucht kunnen tanken, hoeven minder vaak op te stijgen en te landen. Bovendien hoeven ze minder brandstof mee te nemen, en neemt hun reikwijdte toe.

Brandstofbesparing

Uit het onderzoek bleek dat de brandstofbesparing daardoor flink kan oplopen. Een typische langeafstandsvlucht van 11.000 kilometer met 250 passagiers aan boord, zou tussen de 11 en 23 procent minder brandstof verbruiken. “Daarin is het extra brandstofverbruik door het tankvliegtuig meegerekend”, vertelt Bart Heesbeen van het NLR.

Tot hun verrassing kwamen de onderzoekers erachter dat ook een kostenbesparing mogelijk is door bijtanken in de lucht. “Zelfs als alle bijkomende kosten worden meegerekend, blijft er onder de streep een besparing over”, zegt Heesbeen. “Voor de tankvliegtuigen moet een aparte infrastructuur worden opgetuigd. De airliners moeten bovendien hun route iets verleggen om langs tankbases te komen. Toch is het totale kostenplaatje positief.”

Aan boord

Daarmee wordt het principe meteen ook interessant voor vliegmaatschappijen en vliegtuigbouwers. Een volgende stap in het onderzoek kan zijn dat deze partijen aan boord komen, vertelt Heesbeen. “We hebben nu de mogelijkheden en besparingen blootgelegd. Nu willen we onderzoeken of het principe past in de operatie van bedrijven uit de luchtvaartsector.”

In de lucht bijtanken is in de militaire luchtvaart al lang niet nieuw meer. Tijdens de Falklandoorlog vlogen Britse militaire vliegtuigen al non-stop 14.000 kilometer heen weer naar Zuid-Amerika. De veiligheidseisen voor burgerluchtvaart zijn echter vanzelfsprekend veel stringenter. “Voordat het onderweg bijtanken de nieuwe standaard kan worden, zal eerst moeten worden aangetoond dat het superveilig is”, zegt Heesbeen.

Foto: NLR

‘Zelfbakkende pizza’ verduurzaamt composietindustrie

Onderzoekers van de Amerikaanse universiteit MIT hebben een laagje van nanomateriaal ontwikkeld dat composietonderdelen kan verhitten zonder dat daar grote ovens voor nodig zijn. De coating is dunner dan een haardikte en voegt vrijwel geen gewicht toe. Wanneer het nanolaagje onder stroom wordt gezet, genereert het voldoende warmte om de vliegtuigonderdelen uit te laten harden.Het is de wetenschappers zo gelukt om composietonderdelen te maken die net zo sterk zijn als conventionele vleugels en rompen. Het energieverbruik lag daarbij op slechts 1 procent van conventionele productiemethodes.Volgens Brian Wardle van MIT is de technologie breder toepasbaar dan alleen in de vliegtuigindustrie. “Het is een energiebesparende productiemethode voor vrijwel elk industrieel composietmateriaal”, zegt hij op de website van MIT.“Onze technologie brengt hitte precies waar dat nodig is”, zegt Wardle. “Zie het als een zelfbakkende pizza. In plaats van een oven, steek je de pizza in het stopcontact en hij bakt zichzelf.”De nanofilm bestaat uit koolstof nanotubes, die overeind staan als bomen in een bos. De onderzoekers gebruikten het laagje eerst om vleugels ijsvrij te houden. Toen bleek dat er zoveel warmte vrijkwam, ontdekten ze dat de methode ook geschikt is om de onderdelen zelf te maken.De resultaten zijn gepubliceerd in het vaktijdschrift ACS Applied Materials and Interfaces.Bron: MIT | foto: Geoff Hutchison, creative commons (cropped by DuurzaamBedrijfsleven)