Jerom van Gemert 19 maart 2015, 08:15

Waarom zeewier een investering waard is

Een groot samenwerkingsverband van kennisinstellingen wil een complete zeewierketen opzetten, die teelt, oogst, bewerkt en afzet. Het initiatief is afkomstig van de Wageningen UR, Deltares, ECN en TNO.

OFI Einsiderv1

Het ministerie van Economische Zaken investeert € 850.000 in het project. De eerste stap van het ‘landbouw op zee’ project is een uitgebreide schets. Daaruit moet onder meer blijken of zeewier voor meerdere markten geschikt is. En of het product op een duurzame en efficiënte manier is te oogsten.

Veelzijdigheid

De onderzoekers hopen op investeringen van grote bedrijven door zeewier voor meerdere markten aantrekkelijk te maken. Tot nu toe worden de planten vooral gekweekt voor de voedselindustrie. Maar zeewier dient ook als grondstof voor andere producten.

Bijvoorbeeld in de chemische industrie. Zeewier levert mannitol, een bouwsteen voor polyesters. Bruine en rode wieren maken polysachariden die dienen als stabilisator in voedingsmiddelen. Diezelfde polysachariden zijn volgens de onderzoekers ook geschikt voor toepassing in bioplastics. Of, door hun vochtvasthoudend vermogen, als incontinentiemateriaal.

Oogsten

Voordat de zeewierboerderijen daadwerkelijk in de Noordzee liggen, moeten de onderzoekers nog een aantal obstakels uit de weg ruimen. Grootschalige zeewierkweek is berucht moeilijk, omdat de oogst inefficiënt is. Het project AT~SEA probeert hiervoor oplossingen te bedenken. Daarnaast vereist het ruige zeemilieu ijzersterke teelconstructies. In de winter kunnen de golven in de Noordzee tot wel 20 meter hoog worden.

Voor het transport van de oogst naar het vasteland liggen verschillende mogelijkheden open. Bijvoorbeeld via het vaarverkeer van en naar boorplatforms en windmolenparken.

Bronnen: Wageningen UR, Duurzaamgeproduceerd | Foto: H Matthew Howarth via Flickr, Creative Commons (Cropped by DuurzaamBedrijfsleven)

Start-up daagt massaproductie uit met supersnelle 3D-printer

Carbon3D is een spin-off van twee universiteiten in de Amerikaanse staat Californië. De start-up heeft al $ 41 mln aan durfkapitaal verworven voor de commercialisatie van zijn 3D-printer. Joseph DeSimone, oprichter van Carbon3D, stelt dat zijn concept kan concurreren met traditionele massaproductieprocessen en toch de flexibiliteit en materiaalzuinigheid behoudt van een 3D-printer.DeSimone presenteerde zijn printer deze week in een TED-talk in Vancouver. Gedurende zijn presentatie werd in zeven minuten een object geprint. Tegelijkertijd met de TED-talk publiceerde het wetenschappelijk tijdschrift Science een artikel over de onderliggende technologie.CLIPDe enorme snelheid is mogelijk dankzij het CLIP-proces. CLIP staat voor Continuous Liquid Interface Production. De 3D-printer maakt gebruik van kunstharsen die uitharden onder invloed van UV-licht. Dit concept is eerder toegepast, maar is in huidige 3D-printers nog erg traag. De innovatie van Carbon3D zit hem in de toevoer van zuurstof. Zuurstof vertraagt het uitharden van de hars.Een bak met vloeibare kunsthars wordt van onderaf gericht beschenen met een UV-lamp. Het lichtdoorlatende venster laat daarbij ook zuurstof door. Het uithardingsproces vindt net iets boven dit venster plaats, in plaats van direct op het glas. Zo kan de printer continu doorprinten.Andere printers werken stapsgewijs en zijn 25 tot 100 keer trager. Bovendien hebben objecten die met CLIP zijn geprint, geen geribbeld oppervlak. Dat gebeurt met de stapsgewijze variant wel.Bron: C2W, TechnologieReview | Foto: elwin schmit, via Flickr Creative Commons (Cropped by Duurzaambedrijfsleven)