Redactie DuurzaamBedrijfsleven.nl 13 juni 2014, 08:15

Algenindustrie bloeit op in Wageningen

Algen zijn de planten van de toekomst. Wetenschappers van het AlgaePARC presenteerden trots de huidige stand van zaken en hun verwachtingen.

Screen shot 2014 06 12 at 13 43 31 e1402573493675

Op zo'n vijf minuten rijden van de Wageningse bebouwde kom staat tussen de weilanden een grote kas. Naast de kas zijn enkele stellages in de open lucht opgesteld op een grote betonnen vloer die 's zomers zoveel licht weerkaatst dat de wetenschappers die er rond lopen zonnebrillen dragen.

Pompen stuwen in lange, regelmatig gerangschikte buizen een groene vloeistof rond; in een hoek staat een ovale bak met water dat door een schoepenrad in beweging blijft. Aan de muur hangt een afbeelding van een doorzichtig waterbed met groene platen dat in esthetisch opzicht met kop en schouders uitsteekt boven het overige uitgestalde waar en de omliggende maaivelden.

Algenboerderij

Het is de algenboerderij, het AlgaePARC, van de Wageningen Universiteit. Vier jaar geleden is het onderzoekscentrum in het leven geroepen ter bestudering van ‘de kleinste plant’ en zijn mogelijke rol in de productie van brandstoffen, voedsel, veevoer, chemicaliën en verdere denkbare toepassingen. Het uiteindelijke doel is het op grote schaal kweken van algen en de verwerking van de bruikbare stoffen op een financieel rendabele manier.

In een Wagenings hotel, voor een zaal vol afgevaardigden van bedrijven als Total, l’Oréal en Heineken, presenteerden de wetenschappers van het AlgaePARC deze week trots de huidige stand van zaken en hun verwachtingen voor de toekomst.

Biomassa

Algen zijn een van de meest veelbelovende bronnen van biologische producten van dit moment. Anders dan bacteriën die biomassa als gras en maïs, omzetten in brandstof, zijn algen de biomassa. Met simpele fotosynthese vormen de algen kostbare bestanddelen die ze opslaan in hun cel. De belangrijkste zijn eiwitten, koolwaterstoffen, vetten, vitaminen, anti-oxidanten en kleurstoffen.

Biomassa is echter nog geen bioproduct. De algen moeten nog worden ‘gemolken’ om bij de werkelijk interessante stoffen te komen. Dat kost zo'n  €1 à €1,5 per kilo algen. In het lab worden pogingen gedaan ook deze kosten te drukken, onder andere door de algen genetisch te modificeren waardoor hun productie stijgt. Een andere methode is het aanpassen van het dag-en-nacht-ritme van de alg, zodat de plantjes langer blijven doorgroeien.

Marktwaarde

De totale kosten voor de productie van de stoffen –transport, arbeid en energie inbegrepen– worden geschat op zo’n   €1,75 tot  €2,25 onder de gunstigste omstandigheden. Sommige eindproducten zijn al goedkoop genoeg om rendabel te zijn en de concurrentie aan te gaan met olie-producten.

Zo kan er uit de algen biokerosine gemaakt worden met een marktwaarde van €2 per kilo. Net genoeg om de productiekosten te compenseren. Parel in de gedeelde kroon van het onderzoeksteam, onder leiding van René Wijffels en Maria Barbosa, is echter de verwerking van algen in voedseladditieven, zoals onverzadigde vetzuren. De waarde van een kilo algen stijgt in dat geval al naar €8 per kilo.

Algenproductie

Om de algen te melken moet de celwand worden gebroken, en dat overleven ze niet. Een constante productie is daardoor onontbeerlijk. Hierin zit juist de crux. Algen groeien langzaam en het kweken is een dure aangelegenheid. Het Wageningse team van Wijffels en Barbosa test zeven verschillende algenproductiesystemen. Ze zijn allemaal nog volop in ontwikkeling, toch zijn de gemiddelde kosten sinds 2010 al meer dan gehalveerd.

Het systeem dat de meeste winst boekte, is het oogstrelende vlakkeplaatsysteem: een doorzichtige waterzak met daarin rechte platen waar algen tegenaan groeien. Onder de Nederlandse zon kost de productie van een kilo algen in deze omgeving €2,26 euro. In zonniger oorden dalen de kosten drastisch. In Gran Canaria  €1,37 en in Saudi-Arabië  €1,06 euro per kilo. Als het wetenschappelijke onderzoek in hetzelfde tempo doorgroeit zoals de afgelopen vier jaar, is de verwachting dat in deze landen de algenprijs binnen tien jaar onder de euro per kilo duikt.

Volgens de wetenschappers valt op alle gebieden nog veel winst te boeken. Er valt nog zoveel ontdekken. Een PhD-studente vergeleek de positie van het onderzoeksteam met die van een in geografie geïnteresseerde Middeleeuwer, die over het bestaan van Amerika nog moet leren. Maar dat er land achter de horizon ligt, daarvan is zij overtuigd.

Bron: AlgaePARC Wageningen| Foto: youtube.com

Geothermie in Zuid-Nederland haalbaar

Grontmij Nederland, TNO en onderzoeksbureau Vito onderzochten de mogelijkheden in Zuid-Nederland. De resultaten zijn veelbelovend.In de diepere ondergrond kan de temperatuur van het grondwater oplopen tot meer dan 80 graden Celsius. Prima om huizen mee te verwarmen, als de aardwarmte tenminste kosteneffectief uit de grond is te halen.Het GEOHEAT-app-project is een Vlaams-Nederlandse samenwerkingsverband. De deelnemers onderzochten niet alleen wat de beste plekken zijn om aardwarmte te winnen, maar ook waar die het meest effectief is. "Dit is een belangrijk project, omdat verschillende expertises samenkomen", zegt Geoheat-app-projectleider Ben Laenen van VITO. “Ook mensen uit de financiële wereld en de energiesector geloven er nu in." Om de studie zo realistisch mogelijk te maken, dienden concrete vastgoedprojecten als basis voor het haalbaarheidsonderzoek. Kandidaten Onderzoekers van Grontmij keken voor drie Vlaamse en drie Nederlandse steden naar haalbare toepassingen. Twee daarvan, in Belgisch-Limburg en bij Antwerpen, bleken weinig tot geen kans te maken. Daar is volgens de berekeningen niet genoeg warmte naar boven te pompen, of er zijn te weinig afnemers om de installatie te rechtvaardigen. Dat laatste probleem deed in 2013 al een geothermieproject in Den Haag de das om.Het bestaande warmtenet van de Amercentrale in het Brabantse Geertruidenberg bleek een veelbelovende kandidaat. Ondanks lage energiewaardes zou aardwarmte hier voor een constante levering kunnen zorgen aan de tuinbouw. Een ander potentieel project dat positief uit de test kwam, is een nieuwe wijk in Eindhoven. Hoewel de hoeveelheid warmte die hier kan worden opgewekt veel kleiner is, kan het toch economisch rendabel zijn om een nieuw warmtenet aan te leggen. Stimulering De Nederlandse Stimuleringsregeling Duurzame Energie (SDE+) is volgens Laenen een belangrijke ondersteuning voor geothermieprojecten. Dankzij de regeling is de terugverdientijd tussen de tien en twaalf jaar. Voor de Vlaamse projecten bestaat geen specifieke financiële ondersteuning. De terugverdientijd kan bij de zuiderburen oplopen tot vijftien jaar.Laenen hoopt dat pilotprojecten helpen de totale kosten, van proefboring tot de aanleg van het warmtenet, naar beneden te brengen. Ook verwacht hij dat de kosten uiteindelijk nog 20 procent zullen dalen door het aantrekken van afnemers en optimalisatie van de techniek. “Het helpt als je bekend bent met de ondergrond. De tweede boring op locatie ging al veel sneller dan de eerste.” Diep Bij gebruik van geothermie komt nauwelijks CO2 vrij, terwijl de warmtelevering constant is. Hoe diep de warmte zich bevindt, verschilt echter. In regio's met veel geologische activiteit, zoals in Oost-Afrika en Zuidoost-Azië, wint de hernieuwbare energiebron gestaag aan populariteit.In eigen land is dat moeilijker, omdat de warmte dieper ligt. Staatssecretaris Dijksma kondigde vorig jaar aan de toepassing van aardwarmte voor de glastuinbouw te willen versnellen. Gemeenten en projectontwikkelaars hebben aangegeven de resultaten voor Zuid-Nederland te gaan gebruiken voor concrete toepassingen van geothermie.Bron: VITO | Foto: VITO (gebruikt met toestemming)