Redactie DuurzaamBedrijfsleven.nl 12 februari 2014, 11:39

Japan bouwt energieopslag uit oude batterijen elektrische auto’s

In Japan is het eerste grootschalige systeem gebouwd dat energie opslaat in de oude batterijen van elektrische voertuigen.

Osoka Maritime Museum e1392200616838

Op het eiland Yume-shima, wat voor Osaka ligt, wordt het opslagsysteem voor zonne-energie gebouwd. De Japanse multinational Sumitomo ontwikkelde de faciliteit.

Het systeem hergebruikt afgedankte batterijen van elektrische voertuigen (EV) voor de opslag van zonne-energie. Het is de eerste ter wereld met een dergelijke omvang. Het commerciële opslagsysteem zal eind februari in werking treden.

Hikari-no-mori

Het systeem zal de komende drie jaar de energieopbrengst van het nabijgelegen Hikari-no-mori zonnepark meten en op te slaan. Het doel is om de fluctuatie van de opgewekte energie afkomstig van het zonnepark geleidelijk uit te balanceren.

Daarbij slaat ontwikkelaar Sumitomo twee vliegen in één klap. Door het effectieve hergebruik van afgedankte batterijen lost het bedrijf ook een milieuprobleem op. Er is nog geen afdoende oplossing voor de verwerking van – doorgaans giftige – batterijen uit elektrische voertuigen aan het einde van hun levenscyclus.

Om dit probleem te adresseren zette Sumitomo in 2010 een joint venture op met Nissan genaamd ‘4R Energy Corporation’. De gebruikte EV-batterijen ondergaan een grondige inspectie bij 4R. Eventueel wordt er klein onderhoud gepleegd om zo de veiligheid en prestatie van de batterij te waarborgen.

Zo zal het eiland Yume-shima met het zonnepark Hikari-no-mori er komen te zien zodra het project voltooid is. Bron: Sumitomo Corporation

Promotie

Sumitomo zegt dat het op zoek gaat naar nieuwe bedrijfskansen rondom het economische opslagsysteem. Daarnaast zal de onderneming werken aan de ontwikkeling van meer toepassingen voor gebruikte EV-batterijen. Het bedrijf wil deze aanpak actief promoten, zodat het hergebruik van batterijen verder uitgebreid kan worden en om ook hernieuwbare energie aan te moedigen.

Bron: Sustainablebrands | Foto: Hiromitsu Morimoto via Flickr

Wat is goed? Wat kan beter? Het energieakkoord geëvalueerd

Door de één verguisd, door de ander de hemel in geprezen: het SER-energieakkoord is niet onomstreden. Wiebe Draijer, voorzitter van de Sociaal Economische Raad (SER), noemde de afspraken in het energieakkoord het maximaal haalbare en roemde de totstandkoming van het akkoord. Volgens Marjan Minnesma, oprichter van actieorganisatie Urgenda, zijn de gemaakte afspraken niet vergaand genoeg, waardoor we “we al polderend het ravijn ingaan”.Op 6 september 2013 werd het energieakkoord gepresenteerd. Bij de besluitvorming van het akkoord kwamen 45 organisaties aan te pas, waardoor een breed gedragen energieakkoord het gevolg was. In het akkoord staan richtlijnen opgenomen voor de inpassing van duurzame energie in Nederland voor de komende tien jaar.Participatiemaatschappij Oost Nederland (PPM Oost) en strategisch adviesbureau eRisk Group hebben de effecten van het energieakkoord op de financierbaarheid van energieprojecten in kaart gebracht. Het rapport bekijkt per sector de gevolgen van de afspraken die binnen het energieakkoord zijn gemaakt en plaatst kanttekeningen bij de inhoud van het akkoord. Het rapport stelt simpele vragen: wat is goed en wat kan beter?Wind: goedIn 2023 moet 10 gigawatt aan windenergie op land en zee gerealiseerd zijn. Dit is behoorlijk ambitieus, want volgens Draijer is ‘de hoeveelheid wind op zee die Nederland de komende 10 jaar wil realiseren, meer dan de complete hoeveelheid wind op zee die momenteel wereldwijd is gerealiseerd’. Alle vergunningen voor de offshore windparken zijn al gegeven, ze moeten nu nog gebouwd worden.Theoretisch is het doel haalbaar, maar de gestelde termijn is kort voor wind op land. Het grootste obstakel hierbij is de lange vergunningprocedure. Voor offshore wind is het onduidelijk wie verantwoordelijk is voor de infrastructuur.Zon: kan beterIn dezelfde periode 2013-2023 moet 5 à 6 gigawatt aan opgesteld fotovoltaïsch vermogen gerealiseerd worden. De zonnemarkt is de laatste jaren behoorlijk gegroeid in Nederland, maar heeft een lange weg te gaan: vooralsnog staat er 365 megawatt opgesteld. Elk jaar moet minstens het huidige totaal vermogen worden bijgebouwd om aan het gestelde doel te komen.Volgens het rapport kan dit doel gehaald worden als de juiste stimuleringsmaatregelen worden gegeven. Er is een goed begin. De salderingsmaatregeling blijft onaangetast en ook een tien jaar gegarandeerde korting van installaties door zonnecoöperaties op de energiebelasting (7,5 eurocent per kilowattuur) wordt goed ontvangen.Echter, om voor het laatste in aanmerking te komen, moeten huishoudens binnen de ingestelde ‘postcoderoos’ vallen. Met deze maatregel kunnen huishoudens profiteren van het werk van de zonnecoöperatie als deze op dezelfde of aangrenzende postcode woont. De effectiviteit van de postcoderoos, zo betogen PPM-Oost en eRisk Group, is laag wanneer de postcodes zich op grensgebieden bevinden, er te weinig mensen binnen de ‘roos’ wonen of er onvoldoende draagvlak is bij de bewoners van de postcode.Ook de salderingsregeling moet uitgebreid worden in het energieakkoord: leden van coöperaties worden uitgesloten van saldering wanneer de vereniging niet uitsluitend particuliere leden heeft. Een groep met één thuiswerkende ZZP’er mag dus nu niet salderen.Biomassa: goedIn de komende tien jaar worden oude kolencentrales uitgefaseerd en mogen modernere kolencentrales maximaal 25 petajoule aan biomassa bijstoken. Dit is een verbetering van de oude situatie: om de Europese duurzaamheidsdoelen te halen was Nederland waarschijnlijk afhankelijk van het bijstoken van biomassa bij oude kolencentrales. Hiervoor zou op jaarbasis 12 miljoen ton aan biomassa pallets moeten worden ingevoerd uit Noord-Amerika. Nu enkel moderne kolencentrales biomassa mogen bijstoken, wordt de hoeveelheid biomassa beperkt tot 4 miljoen ton. Hierdoor kan de focus worden gelegd op de kwaliteit en duurzaamheid van biomassa.Biomassa kan in Nederland geproduceerd worden, maar het energieakkoord garandeert op korte termijn geen financiële zekerheid in de subsidieregeling voor de productie van biomassa.Verwezenlijken van ambitiesHet energieakkoord is ondertekend door meer dan veertig partijen, wat leidde tot gevarieerde input van de onderhandelende partijen. De doelstellingen en het pad er naartoe zijn nauwgezet geformuleerd. Het akkoord is ambitieus, de betrokken partijen moeten dus alle zeilen bijzetten om de afspraken na te komen.Op gebied van windenergie bevat de analyse van PPM Oost weinig kritische opmerkingen. De postcoderoos kan leiden tot de ontmoediging van zonnecoöperaties wanneer de postcode onnodige barrières opwerpt. Het bijstoken van biomassa in kolencentrales is een compromis tussen milieubewegingen en energiebedrijven. De focus op bijstoken leidt mogelijk tot een vertraging in de ontwikkeling van biobrandstoffen van tweede generatie. De SER moet dan ook waken dat suboptimale oplossingen worden vermeden en de ambitie van het akkoord wordt waargemaakt. Foto: Mariia Kravtsova via Flickr