Redactie DuurzaamBedrijfsleven.nl 07 september 2013, 11:00

Groot gat tussen duurzaam praten en duurzaam doen

Er zit een groot gat tussen wat bedrijven zeggen en doen omtrent duurzaamheid. 65 procent ontwikkelt beleid op CEO niveau, maar slechts 35 procent neemt actie.

Kitch via flickr e1378476976741

Dit blijkt uit een enquête van United Nations Global Compact onder 1,712 bedrijven uit 113 verschillende landen. Het Global Corporate Sustainability Report 2013 beoordeelt de acties die bedrijven hebben ondernomen om de verantwoorde werkwijzen die beschreven worden in het Global Compact Management Model op te nemen in hun strategieën, activiteiten en cultuur.

Wanneer bedrijven daadwerkelijk actie ondernemen is dit voornamelijk op het gebied van milieu en werknemersrechten. Het blijkt dat de helft van de onderzochte bedrijven risicobeoordelingen maken voor het milieu tegenover 21 procent voor mensenrechten, 36 procent voor arbeid en 25 procent voor anti-corruptie.

 

Kleine bedrijven lopen achter

 

Bij grote bedrijven komt het twee maal vaker voor dat zij hun eigen milieuprestaties evalueren of dat zij een klachtensysteem hebben met betrekking tot mensenrechtenzaken dan bij kleine bedrijven. Kleine bedrijven lopen hier dus duidelijk op achter.

Kleine en middelgrote ondernemingen noemen een gebrek aan financiële middelen en kennis primaire barrières voor het nemen van maatregelen op het gebied van duurzaamheidsvraagstukken. Wel toont het onderzoek dat kleinere bedrijven steeds meer ondernemen om bij te blijven.

 

Grootste uitdaging

 

Supply chains blijken volgens het onderzoek voor de grootste uitdagingen te zorgen als het gaat om de verbetering van duurzaamheid.

Ongeveer 83 procent van de bedrijven gaat uit van naleving van de Global Compact principes door hun leveranciers, maar slechts 18 procent helpt zijn leveranciers bij het stellen en beoordelen van doelen. Slechts 9 procent van de bedrijven controleert ook daadwerkelijk of hun leveranciers verbetering tonen.

In juli maakte de UN Global Compact bekend dat er 99 bedrijven uit het programma waren gegooid omdat deze hun duurzaamheidsprogressie in de afgelopen twee jaar niet konden overleggen. Deze 99 bedrijven representeren 3 procent van de 3.288 bedrijven die deelnemen aan het United Nations Global Compact.

Bron: Environmental Leader

Foto: kitch via flickr

Gevaar genetisch gemodificeerd voedsel onderschat

Professor Gilles-Eric Seralini -die een wetenschappelijke storm veroorzaakte toen hij claimde aan te tonen dat genetische gemodificeerd voedsel tumoren en kankers veroorzaakt in ratten- beschuldigt de Engelse Food Standards Agency (FSA) van het roekeloos in gevaar brengen van de volksgezondheid.In een reeks van parlementaire en publieke bijeenkomsten deze week in Londen, Edinburgh en Cardiff heeft Seralini Britse politici en veiligheidsinstanties uitgedaagd om de manier waarop de veiligheid wordt beoordeeld te beoordelen.Seralini’s studie vond dat ratten die twee jaar lang gevoerd werden met een dieet van Monsanto’s roundup-tollerante genetische gemodificeerde mais, NK603, veel meer kanker ontwikkelden en eerder stierven dan de controlegroep. Industriële studies duren maar 90 dagen. Roundup is een pesticide ontwikkeld door Monsanto.Séralini vindt dat er veel meer lange-termijn onderzoeken moeten worden gedaan. Ongeloof Ondanks dat de €3.2 mln kostende studie werd gepubliceerd in een peer-reviewed journal en claimt het meest grondige lange-termijn onderzoek naar genetische gemodificeerde voedselproducten te zijn dat ooit is uitgevoerd, kreeg het een storm van kritiek over zich heen.“Ik ben geschokt over de belangenverstrengelingen van zoveel wetenschappers. Het zijn er meer dan ik me ooit kon voorstellen. Het probleem is dat er een kleine groep wetenschappers is die kritiek geeft zonder eerst zelf de data te controleren. Ze eisen ook geen data van Monsanto zelf.” zegt Séralini.Toch wordt het werk van Séralini een jaar na dato gerechtvaardigd. Een Franse overheidsagentschap heeft tenders uitgegeven om het experiment te herhalen. Daarnaast heeft de European Food Safety Authority, EFSA, nieuwe richtlijnen opgezet voor het testen van de lange-termijn toxiciteit van genetische gemodificeerd voedsel die, volgens Séralini, grotendeels valideren hoe hij zijn experimenten had opgezet.Het wachten is nu op de uitkomsten van de nieuwe studies en de publicatie van de ruwe data van Monsanto en Séralini.Bron: The GuardianFoto: via wikimedia