Redactie DuurzaamBedrijfsleven.nl 01 maart 2013, 14:42

Servers in water: geen kortsluiting maar energiebesparing

Door servers met water te koelen, kan er 80 tot 97 procent energiebesparing worden gehaald. Datacenters hebben een flink aandeel in het wereldwijde energiegebruik.

Data center e1362145089988

Dankzij een nieuwe koelingstechnologie van de Universiteit van Leeds en hardwarebedrijf Iceotope, kunnen datacenters 80 tot 97 procent energie besparen. Een dergelijke besparing heeft veel invloed. Jaarlijks zorgen alle datacenters samen voor 170 miljoen ton CO2-uitstoot, vergelijkbaar met de mondiale luchtvaartindustrie.

Bij de nieuwe koelingstechnologie worden servers volledig ondergedompeld in speciaal niet-geleidend water. “De vloeistof die we gebruiken is bijzonder,” zegt Jon Summers van de Universiteit van Leeds. “Als je je mobiele telefoon er in gooit, blijft de elektronica gewoon werken.”

Het systeem werkt simpel. Het niet-geleidende water wordt bovenin de serverkast losgelaten en sijpelt dan door de elektronica naar beneden. Onderin wisselt het niet-geleidende water de opgenomen warmte uit met een extern koelingssysteem met normaal water. Vervolgens wordt het niet-geleidende water weer omhoog gepompt. De temperatuur van het externe water kan oplopen tot 50 graden Celsius. Dat water kan daarna gebruikt worden voor verwarming van de rest van het gebouw.

Duizend keer zo effectief

Over het algemeen worden servers gekoeld met lucht die door ventilatoren wordt rondgeblazen. Maar lucht is juist een goede warmte-isolator, die we bijvoorbeeld gebruiken in dubbel glas. Water kan warmte duizend keer effectiever vervoeren dan lucht en is dus veel beter geschikt voor koeling.

De energiebesparing is duidelijk het grootste voordeel van het waterkoelingsysteem. Een ander voordeel is dat het watersysteem geen geluid maakt, in tegenstelling tot het vervelende gezoem van ventilatoren van luchtkoeling.

Bron: Businessgreen

Foto: Bandarji via Flickr.com

Onrust over rendement zonnepanelen onnodig

Een bericht van keuringsorganisatie Kiwa over rendementsproblemen van Nederlandse zonnepanelen zorgde vorige week voor opschudding.  Er werd geclaimd dat de helft van de zonne-energie installaties in Nederland over 10 jaar nog maar 60 procent rendement zouden leveren, terwijl ze volgens de fabrikant na 20 jaar nog 80 procent rendement moeten kunnen opleveren. De onafhankelijke adviseur Mr. Sunshine was verantwoordelijk voor deze claim. Inmiddels heeft Kiwa de claims weer ingetrokken. Volgens de organisatie werd ten onrechte de conclusie getrokken dat zij van mening zijn dat  een groot aantal zonneproducten ondeugdelijk zijn. Daarnaast gaat het keuringsinstituut zich beraden op de samenwerking met Mr. Sunshine, omdat deze naast ‘onafhankelijk adviseur’ ook leverancier van zonnepanelen blijkt te zijn. Geheimhoudingsplicht De nieuwe stellingname van Kiwa is dat de helft van de door hen beoordeelde producten niet aantoonbaar en herleidbaar voldoen aan de eisen. Volgens het instituut is deze bewering gebaseerd op intensief onderzoek dat bestaat uit eigen bevindingen sinds 2009. Zoals resultaten uit testen, inspecties van productielocaties en beoordeling van conformiteitsdossiers uitgevoerd in opdracht van derden. Helaas zegt het instituut zich te moeten houden aan geheimhoudingsplicht tegenover opdrachtgevers, dus kan Kiwa geen details over het ‘intensieve onderzoek’ naar buiten brengen. Daarnaast heeft Kiwa in oktober 2012 een kwaliteitsregister voor zonnepanelen gestart. Dit register zou de markt transparanter moeten maken en de problemen met de herleidbaarheid van claims over rendementen moeten oplossen. Bron: Energiebusiness Foto: M. Breet via Flickr.com