Redactie DuurzaamBedrijfsleven.nl 23 oktober 2012, 17:16

KPN en Philips wisselen stuivertje in groene top 10

In de jaarlijkse Green Rankings van het Amerikaanse tijdschrift Newsweek is KPN op de negende plaats geëindigd. Philips zakte terug.

120310 KPN borg Groningen NL e1351005090919

In de Green Rankings, die afgelopen maandag voor de vierde keer werden gepubliceerd, zijn de 500 grootste Amerikaanse en de 500 grootste internationale bedrijven gerangschikt naar duurzaamheid. Daarbij moesten ze scoren op drie punten: de totale milieu-impact, het beheer van de ecologische voetafdruk en de transparantie van de duurzaamheidsprestaties.

KPN in de top 10

In totaal zijn negen Nederlandse bedrijven opgenomen in de internationale lijst. Het beste presteert KPN, die een negende plaats in de top 500 mag innemen, een stijging van 27 plaatsen ten opzichte van vorig jaar. Dit was vorig jaar nog de plaats van Philips, die dit jaar gedaald is naar de 23e plek.

“Het is fantastisch dat erkende specialisten ons nu vertellen dat we echt duurzaam zijn”, zegt Renske Algra, woordvoerder bij KPN. “Alle verbruikte elektriciteit is sinds 2011 voor 100 procent afkomstig uit groene stroom geproduceerd in eigen land. Daarnaast hebben wij als doelstelling om in 2020 geen CO2  meer uit te stoten.” Daarnaast beperkt KPN haar afval door oude apparatuur te recyclen.

Het is fantastisch dat erkende specialisten ons nu vertellen dat we echt duurzaam zijn. Renske Algra, woordvoerder KPN

Een andere flinke stijger is Akzo Nobel, die met 123 plaatsen is gestegen naar de 196e plaats. Ook Unilever en Heineken stegen op de ranglijst, al hebben zij de top 200 niet gehaald met respectievelijk plaats 202 en 341. ING (plaats 73), Randstad (plaats 148), Ahold (plaats 165) en Shell (plaats 348) daalden juist in aanzien ten opzichte van vorig jaar.

Trage vooruitgang

In tegenstelling tot de recent verschenen Dow Jones Sustainability Index (DJSI), een andere belangrijke graadmeter voor de duurzaamheid van het bedrijfsleven, worden ondernemingen in de Green Rankings door een onafhankelijke derde partij gecontroleerd. De DJSI, waar bedrijven als Unilever en Philips hoge ogen gooien vertrouwt met name op zelfrapportage.

Al met al zijn er weinig veranderingen ten opzichte van vorig jaar. De gemiddelde groene score van de internationale bedrijven steeg met twee punten naar 59 van de totaal haalbare 100 punten. De scores op milieu-impact stegen met slechts één procent. Deze cijfers duiden erop dat er in ieder geval vooruitgang is op milieugebied ondanks diverse crises, hoewel deze nog traag verloopt.

De transparantie van de duurzaamheidsprestaties maakte dit jaar wel een grote sprong met tien punten, naar een gemiddelde van 59 punten voor de internationale bedrijven.

Groot aandeel IT-bedrijven

De internationale lijst wordt dit jaar aangevoerd door de Braziliaanse Santander Bank. Ook de derde plaats wordt ingenomen door een Braziliaanse bank, Bradesco. De tweede plaats is voor het Indiase IT-bedrijf Wipro, die vorig jaar nog de 35e plaats innam.

In de top van de Green Rankings staan opvallend veel IT-bedrijven: naast Wipro bijvoorbeeld de Amerikaanse bedrijven IBM, HP, Sprint en Dell. De oorzaak is dat zij de productie uitbesteden aan andere bedrijven, zodat hun handen ‘schoon’ blijven. Over de milieu-impact van de productieketen is in veel gevallen geen informatie verstrekt, terwijl uit onderzoek is gebleken dat de milieuschade van de 3.000 grootste bedrijven voor 49 procent bepaald wordt buiten het eigen bedrijf in de rest van de productieketen.

Opname kleinere bedrijven

Bedrijven die niet in de lijst zijn opgenomen kunnen voor $15.000 (€11.500) deelnemen aan het  rankingproces. “Op deze manier kunnen bedrijven op dezelfde manier beoordeeld worden als de top 500 en zijn zij direct vergelijkbaar met deze bedrijven” zegt Ian Yarret, redacteur bij Newsweek die verantwoordelijk is voor de Green Rankings.

Bron: GreenBiz

Foto: Wikipedia

'Over 45 jaar doet iedereen aan autodelen'

Met autodelen worden auto’s op verschillende locaties beschikbaar gesteld voor meerdere mensen. Als je de auto niet gebruikt, dan betaal je niets tot weinig. Ten opzichte van vorig jaar steeg de autodeelmarkt met 26 procent naar een totaal van 2.649 wagens. “Autodelen is in een stroomversnelling geraakt,” zegt Frenken, hoogleraar Economics of Innovation and Technological Change aan de TU Eindhoven. "Het zou heel goed kunnen dat over 40 à 50 jaar iedereen aan autodelen doet," zegt hij. Het delen van auto’s brengt een groot aantal voordelen met zich mee. Zo hoef je nooit gefrustreerd rondjes te rijden op zoek naar een parkeerplek, omdat de auto’s vaste parkeerplekken hebben. Daarnaast ervaren gebruikers toenemende flexibiliteit, lagere kosten en is het toegankelijk voor incidentele gebruikers, zoals studenten en toeristen. Daar komt nog bij dat het duurzamer is. Minder auto’s betekent minder materialen, minder parkeerplekken en minder energieverbruik. “Autodelen past beter bij de behoeftes van de consument,” concludeert Frenken.  Autodelen past beter bij de behoeftes van de consument,  Koen Frenken, hoogleraar Economics of Innovation and Technological Change aan de TU Eindhoven.Veranderende instelling Frenken ziet vooral onder jongeren een veranderende instelling. “Het niet bezitten van een auto is steeds meer sociaal geaccepteerd. Vroeger was autobezit teken van succes,” zegt Frenken. Nu ontlenen jongeren aan andere objecten hun status en expressie.  iPads, laptops, schoenen en mobieltjes winnen terrein op de auto als het om uiten van identiteit gaat. “De toename van autodelen werkt versterkend,” zegt de hoogleraar. Op dit moment neemt autodelen vooral een vlucht in grote steden met hoge parkeerdruk. Het systeem wordt echter ook steeds aantrekkelijker voor andere gebruikers door de zogenoemde meeropbrengsten. Bij schaalvergroting neemt de beschikbaarheid toe en de prijs per rit af. Efficiëntere manier van consumeren Frenken ziet de toename van autodelen in een bredere context. Delen is volgens hem steeds normaler. Niet alleen voor auto’s maar ook voor andere producten, zoals De Windcentrale en spullendelen.nl. Delen is volgens de hoogleraar een begrijpelijke oplossing. “Door te delen bundelen consumenten hun individuele marktkracht,” zegt hij.  Zo kan autodeelbedrijf Greenwheels in een keer een heel wagenpark aanschaffen, waardoor de prijs per stuk zakt. Over benzineprijzen kan worden onderhandeld en onderhoudscontracten kunnen voor de laagste prijs worden uitbesteed. Door te delen bundelen consumenten hun individuele marktkracht, Koen Frenken, hoogleraar Economics of Innovation and Technological Change aan de TU Eindhoven.Eerlijk delen duurt het langst “Met autodelen is het op dit moment al mogelijk om de auto te kiezen die je op jouw moment nodig hebt,” zegt Jan Borghuis, een van de directeuren van Greenwheels. “Op onze site kan de consument een keus maken uit verschillende auto’s. Een kleine Peugeot 107 om van A naar B te komen, een Peugeot 207 Station voor boodschappen en Peugeot Partner voor kleine verhuizingen.” Jongeren van 20 tot 30 jaar hechten weinig waarden aan auto’s als statusobject, terwijl lager opgeleiden en oudere generaties daar gevoeliger voor zijn. Maar, kan autodelen niet kleine jongensdromen uit laten komen? Een Porsche op maandag, een nieuwe BMW op dinsdag en met een Aston Martin het weekend in. Borghuis voelt daar weinig voor. Mensen die een auto zien als statusobject willen die hebben, want “een deelauto staat niet dag en nacht te pronken op de oprit”. Foto: Ernst Vikne