Maaike Kooijman
06 februari 2026, 11:31

Opmerkelijk: IOC overweegt zomersporten op Winterspelen door klimaatverandering

Dit weekend barsten de Olympische Winterspelen in volle hevigheid los in Milaan. De vraag hoe vaak dat in de toekomst nog in februari zal gebeuren. Door klimaatverandering staan niet alleen locaties onder druk, maar wordt ook de timing problematischer. De organisatie wringt zich in bochten voor oplossingen.

Olympische Winterspelen in 2022 Wie weet kijken we over enkele jaren niet alleen naar skiën, maar ook naar wielrennen in de winter. | Credits: Getty Images

Al sinds 1964 is februari dé maand van de Winterspelen. Maar deze week zette het Internationaal Olympisch Comité (IOC) die traditie op losse schroeven. Misschien, zeiden de organisatoren voorzichtig, moeten we het evenement wel naar januari verplaatsen.

Dat klinkt als een kleine verandering, maar in sportland betekent het een grote verschuiving. In januari vinden er normaal veel andere wedstrijden plaats. Toch heeft het IOC een goede reden voor de suggestie.

Opmerkelijk

Soms stuit je als redactie op nieuws waarbij een wenkbrauw omhoog schiet. Die ene vreemde innovatie, een onverwacht effect van klimaatverandering of een staaltje menselijke onhandigheid. Opmerkelijk dus. In deze rubriek deelt Change Inc. bijzondere vondsten en ontwikkelingen.

Aantal gebieden met sneeuw neemt af

Dankzij de opwarming van de aarde wordt het wereldwijde gebied met natuurlijke sneeuw in rap tempo kleiner. De opwarming gaat in de bergen relatief snel, doordat een berg zonder sneeuw meer warmte absorbeert.

In het Italiaanse Cortina d’Ampezzo, waar de Spelen in 1956 voor het laatst plaatsvonden, is het sindsdien gemiddeld 3,6 graden warmer geworden in februari. Bovendien kent het Noord-Italiaanse dorpje jaarlijks liefst 41 minder dagen met temperaturen onder het vriespunt.

Volgens onderzoek zijn er in 2050 wereldwijd nog maar 52 betrouwbare hostlocaties over, vergeleken met 87 nu. Voor de Paralympische Winterspelen, die een maand later worden gehouden, is het plaatje nog minder rooskleurig. Die zouden in 2050 nog maar in 22 gebieden gehouden kunnen worden.

Dat heeft grote gevolgen voor de toekomst van de Olympische Winterspelen. In 2022 in Beijing werd er al vrijwel helemaal gebruikgemaakt van kunstsneeuw. En ook deze winter is er ruim 2,4 miljoen kubieke meter nepsneeuw nodig. Maar omdat daarvoor ook kou nodig is, plus veel water en elektriciteit, zet klimaatverandering ook die oplossing onder druk.

Hardlopen in de winter

Meest opmerkelijk is nog wel de speculatie over het toevoegen van sporten die traditioneel in de zomer plaatsvinden. ‘We bekijken de omvang van de Spelen, de mix van sporten en mogelijkheden voor nieuwe toevoegingen. We kijken ook naar mogelijke kruisbestuiving tussen zomer- en wintersporten’, zei IOC-lid Karl Stoss woensdag. Hardlopen en wielrennen zouden geschikte kandidaten zijn.

De toevoeging van zomersporten biedt overigens niet alleen het hoofd aan klimaatverandering; volgens de organisatie zijn die sporten ook gewoon populairder en leveren ze daarmee meer geld op.

Lees ook:

Hoogwater, leefbaarheid, vaarrroutes en natuur: de Maastrichtse puzzel van vier transities

Het Zuidelijk Maasdal staat voor een opgave: bij verwachte piekafvoeren van meer dan 4.600 m³ water per seconde in de komende twee eeuwen zijn stevige aanpassingen aan het landschap onvermijdelijk. Maar hoe bescherm je Maastricht tegen extreem hoogwater zonder de ziel van de stad te verliezen?Bewoners van Maastricht genieten dagelijks van het uitzicht op het water, de historische bruggen en het groene landschap in en rondom de stad. De Maas is meer dan een decorstuk: het is de levensader van de stad. Ze draagt bij aan de culturele identiteit, speelt een sleutelrol in de scheepvaart en zorgt ervoor dat water veilig wordt afgevoerd zodat de voeten van Maastrichtenaren droog blijven. Vier transities tegelijk [caption id="attachment_173702" align="alignright" width="200"] Jette Eshuis - WSP[/caption]De uitdaging in dit Zuidelijk Maasdal project: vier grote transities moeten hier tegelijkertijd plaatsvinden. Strategisch omgevingsmanager Jette Eshuis legt uit: ‘Hoogwaterbescherming, het verbeteren van de vaarroute voor scheepvaart, ruimtelijke ontwikkeling en het versterken van de natuur. Ze zijn nauw met elkaar verweven en vragen om slimme, integrale keuzes.’ Vaarroutes en keringen Ze vervolgt: ‘De vaarroute door Maastricht is op sommige punten te krap en laag voor veilig en efficiënt transport. Ook bij de invaart van het Julianakanaal ontstaan risico’s bij hoge stroomsnelheden op de Maas. Schepen uit België komen daar met te hoge snelheid in stilstaand water terecht – gevaarlijk voor mens én schip. In 2017 ontwikkelden we al oplossingsrichtingen, die we nu verder uitwerken. De keringen tussen Eijsden en Borgharen zijn te laag of niet sterk genoeg. Daarvoor onderzoeken we oplossingen zoals het versterken van dijken of het verruimen van het rivierbed.’ Transformatie en natuur behouden Dan zijn er nog de transformatie van industrieterreinen tot levendige woon- en werkgebieden, én de wens om natuur en recreatie te behouden. Eshuis: ‘Maastricht transformeert. Verouderde industrieterreinen aan het water maken plaats voor levendige woon- en werkgebieden. Daarbij zoeken we verbindingen tussen oost- en westoever – letterlijk, via bruggen, en figuurlijk, in ruimtelijke samenhang.’‘Fietsen en wandelen in de natuur draagt bij aan de gezondheid en het geluk van Maastrichtenaren. En een robuust en veerkrachtig riviersysteem aan de natuur en biodiversiteit. Als we de rivier moeten verbreden voor waterveiligheid, combineren we dat met nieuwe natuur, zodat er altijd groene ruimte blijft.’ Integrale oplossingen [caption id="attachment_173549" align="alignleft" width="200"] Diederik den Houting, adviseur planproducten WSP Nederland[/caption]Diederik den Houting (adviseur planproducten WSP Nederland) legt de kern van het probleem bloot: ‘Een brug bouwen is goed voor de ruimtelijke ontwikkeling, maar beperkt vaak de scheepvaart. Dijken verhogen is gunstig voor de waterveiligheid, maar kan ten koste gaan van de ruimtelijke kwaliteit. En het verruimen van de rivier of een kanaal kan gunstig zijn voor de scheepvaart maar ten koste gaan van ruimte voor bijvoorbeeld woningbouwontwikkelingen.’ Een nieuw speelveld De aanpak in het Zuidelijk Maasdal laat zien wat er mogelijk is als je die barrières doorbreekt. ‘Het projectteam bestaat uit een combinatie van ingenieursbureaus (WSP en Haskoning) en opdrachtgevers (Waterschap Limburg, Rijkswaterstaat en het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat, Gemeente Maastricht)’, vertelt Eshuis. ‘We werken als één organisatie, zonder de traditionele opdrachtnemer-opdrachtgeververhouding. Het gebied en het project staan centraal, niet vanuit welke organisatie je komt.’‘Gezamenlijk brengen we de juiste expertise aan tafel voor deze complexe opgave. Binnen WSP hebben we diepgaande expertise op het gebied van scheepvaart, het betrekken van de omgeving bij het project én waterveiligheid. We kennen de keringen daar goed; we hebben ze eerder getoetst.’ Out-of-the-box denken Deze werkwijze vergt durf, niet alleen technisch, maar vooral bestuurlijk en financieel. Met zoveel belangen is out-of-the-box denken geen luxe, maar noodzaak, benadrukt Eshuis. ‘Misschien moeten we accepteren dat sommige gebieden bij extreme omstandigheden tijdelijk natter worden. Dat kan verstandiger zijn dan de hele Maasoever op de schop nemen om echt álles droog te houden. Zulke keuzes vragen lef. Ook financieel moeten we nieuwe paden durven bewandelen: bij zo’n integraal project vloeien de middelen uit verschillende opgavepotjes samen tot één grote financieringsstroom. Dan is het niet altijd glashelder welke euro precies welk resultaat oplevert. Dat vraagt vertrouwen en moed.’Al die belangen hebben verschillende vertegenwoordigers, vult Den Houting aan. ‘Wij brengen het ministerie, waterschap, de gemeentes en de provincie samen om het eens te worden over de opgaven, de oplossingen, het uiteindelijke voorkeursalternatief en de manier waarop de oplossingen gefinancierd worden.’ Transparantie In een project met zoveel belangen is communicatie geen bijzaak maar succesfactor. Den Houting benadrukt: ‘Juist in een project met zoveel belangen en uitdagingen is het belangrijk om inwoners en bestuurders op een heldere manier mee te nemen in de keuzes die worden gemaakt. Om ondanks de complexiteit en de veelheid aan opgaven via onder andere het milieueffectrapport op een navolgbare manier tot een voorkeursalternatief komen.’Voor Eshuis is de complexiteit juist wat het werk mooi maakt: ‘Ik houd van projecten waar veel opgaven en belangen samenkomen. Daar zit mijn kracht: bruggen slaan tussen tegenstrijdige wensen en werkbare oplossingen bedenken. Dit project biedt meer dan genoeg uitdaging – ik ben voorlopig niet uitgewerkt.’ Dit artikel is gemaakt door onze partner, zonder inhoudelijk inspraak van de redactie van Change Inc. Change Inc. werkt met partners die de klimaattransitie aanjagen. Zij kunnen cases presenteren waar anderen zich aan kunnen optrekken en zijn eerlijk over de uitdagingen. Niet één bedrijf is al 100 procent duurzaam, maar veel zijn onderweg. Dankzij ons partnermodel zijn onze artikelen gratis toegankelijk voor iedereen. Benieuwd naar hoe wij werken? Klik hier.