Teun Schröder
17 maart 2026, 06:49

Nieuwsupdate: Eerste groene waterstoffabriek aangesloten en BYD rolt snellaadnetwerk uit in Europa

De waterstoffabriek Holland Hydrogen 1 op de Rotterdamse Maasvlakte is als eerste producent van groene waterstof aangesloten op het Nederlandse waterstofnetwerk. Verder in het nieuws: Bedrijventerreinen niet klaar voor extreme hitte of regenval en strenge klimaatmaatregelen kunnen leiden tot meer wereldhonger.

Gouden las waterstoffabriek Gasunie-dochter Hynetwork legde de ‘gouden las’ tussen de 200 megawatt-fabriek en een nieuwe waterstofleiding van 32 kilometer. | Credits: Gasunie

Waterstoffabriek op Maasvlakte voor het eerst aangesloten op nationaal netwerk

De waterstoffabriek Holland Hydrogen 1 op de Rotterdamse Maasvlakte is als eerste producent van groene waterstof direct aangesloten op het Nederlandse waterstofnetwerk, schrijft Industrielinqs.

Gasunie-dochter Hynetwork legde de zogenoemde ‘gouden las’ tussen de 200 megawatt-fabriek en een nieuwe waterstofleiding van 32 kilometer. Via deze leiding wordt groene waterstof naar de Shell-raffinaderij in Pernis getransporteerd, waar het een deel van de grijze waterstof uit aardgas vervangt. Dagelijks gaat circa 55 ton groene waterstof door de leiding. De productie is afhankelijk van windenergie van windpark Hollandse Kust Noord.

Lees ook: Groene waterstof voorbij de hype: ‘We zijn inmiddels terug op aarde, maar de belofte is nog steeds groot’

Bedrijventerreinen in Nederland warm en nat door weinig groen

Bedrijventerreinen in Nederland hebben vaak te weinig groen en te veel asfalt, waardoor ze bij warm weer extreem heet en bij zware regenval te nat worden, blijkt uit onderzoek van Werklandschappen van de Toekomst, waarover NU.nl schrijft.

Zeven op de tien terreinen lopen risico op wateroverlast, waarbij het water bij extreme buien minstens 15 centimeter hoog kan staan. Bij extreme hitte kan de temperatuur op sommige locaties oplopen tot 43 graden. Het gebrek aan natuur maakt deze effecten erger en vormt risico’s voor personeel en gebouwen. Het advies van de onderzoekers: creëer meer ruimte voor groen.

Lees ook: Bedrijventerreinen moeten rigoureus anders in circulaire economie: 5 belangrijke veranderingen

Pilot met zoutbatterij in VS moet elektriciteitsnet goedkoper maken

Een Amerikaanse pilot met natriumbatterijen in het elektriciteitsnet kan op grote schaal honderden miljoenen dollars besparen, meldt BNR. Batterijfabrikant Peak Energy gaat samen met RWE Americas testen hoe de zogenoemde zoutbatterij presteert in een regionaal stroomnet in het Middenwesten van de Verenigde Staten.

Natriumbatterijen gelden als eenvoudiger en robuuster dan de gangbare lithium-ion-batterijen en gebruiken het veelvoorkomende element natrium, dat onder meer uit zeewater kan worden gewonnen. Volgens Peak zijn de totale kosten over de levensduur ongeveer de helft van bestaande opslagsystemen.

Lees ook: De natrium-ionbatterij kan in 2026 echt doorbreken: 6 dingen die je moet weten

BYD introduceert supersnel Flash Charging in Duitsland

Het Chinese automerk BYD brengt zijn 5-minuten durende Flash Charge binnenkort naar Europa, schrijft Bright. Duitsland wordt een van de eerste landen waar de laadpalen komen te staan. Met de tweede generatie Flash Chargers kunnen elektrische voertuigen in negen minuten van 10 naar 97 procent worden opgeladen, zelfs bij temperaturen tot -30 graden.

In China staan al 4.000 Flash Chargers. BYD plant de Europese lancering in april. Het is nog wel even afwachten of de Europese laadpalen precies dezelfde prestaties kunnen leveren als in China. Deels is dat afhankelijk van de hardware die hier voor de laadinfrasctructuur gebruikt wordt.

Lees ook: Elektrische auto als batterij voor je huis of bedrijf: 8 dingen die je moet weten over bidirectioneel laden

Klimaatbeleid kan honger vergroten, maar schonere lucht verzacht effect

Strenge klimaatmaatregelen kunnen wereldwijd leiden tot meer honger, maar schonere lucht kan een deel van dat effect compenseren, blijkt uit nieuw internationaal onderzoek dat is gepubliceerd in Nature Food, schrijft Scientias. In een van de zes beschreven scenario’s waarin streng klimaatbeleid de norm wordt stijgt het aantal mensen met risico op honger door hogere voedselprijzen en concurrentie om land.

Minder ozon door schonere lucht verhoogt gewasopbrengsten en compenseert circa 15 procent van dit effect. De onderzoekers benadrukken het belang van klimaatbeleid, maar zeggen dat dit hand in hand moet gaan met het beschermen van voedselzekerheid.

Lees ook: Nu koffie en cacao schaarser worden moeten topmanagers als systeemleiders werken, zegt ceo Rainforest Alliance

In andere media:

  • Met hybride vlees richting plantaardig: ‘Het grootste compliment: ik proef het verschil niet’ (de Volkskrant)
  • Windmolenwieken werken verrassend goed als geluidswal (NRC)
  • In de Nederlandse wildernis is meer te zien dan je denkt (Trouw)
  • Hoogleraar accountancy: ‘Vervang de cfo voor de chief value officer’ (FD)
  • Het windenergie-project van Ørsted dat tweemaal door Trump werd bedreigd levert eerste elektriciteit (Recharge News)

Niks mis met techno-optimisme, maar geloof in kernenergie mag wind en zon niet remmen

Het Noord-Hollandse dorp Opmeer wil in 2030 een kleine kerncentrale bouwen. Experts noemen dat plan in een NOS-artikel 'volstrekt onhaalbaar'. Volgens energieonderzoekers is de kans groot dat er tegen die tijd hooguit een demonstratiemodel bestaat dat nog geen stroom kan leveren.Je zou dit kunnen afdoen als een lokale politieke luchtballon. Maar psychologisch gezien is het een bijzonder herkenbaar verhaal. Het laat een mechanisme zien dat we in het klimaatdebat overal tegenkomen: techno-optimisme als uitstelstrategie. Opmeer: van zonneweides naar kernreactoren In Opmeer speelde eerder iets anders. Er waren plannen voor zonneweides. Die stuitten op protest van inwoners en verdwenen uiteindelijk in de ijskast.Nu is er een alternatief: een Small Modular Reactor (SMR). Een nieuwe generatie kernreactoren waarvan onderdelen in fabrieken worden gemaakt en vervolgens op locatie worden opgebouwd. In theorie sneller en goedkoper dan grote kerncentrales.In de praktijk zijn deze reactoren echter nog nauwelijks ontwikkeld. Experts schatten dat commerciële toepassing in Nederland eerder rond 2040 dan 2030 ligt, en zelfs dat is onzeker. En toch heeft het plan een duidelijke politieke aantrekkingskracht. Want het belooft iets wat psychologisch belangrijk is: dat we nu niets hoeven te veranderen. De psychologie achter techno-optimisme Als maatregelen die nu al beschikbaar zijn, zoals windmolens, zonnevelden of energiebesparing, weerstand oproepen, ontstaat er vaak een sterke behoefte aan een oplossing die in de toekomst ligt. Een technologie die nog niet bestaat en nog niet bewezen is, maar wel belooft dat het probleem straks wordt opgelost.Psychologen herkennen hierin een vorm van coping. Mensen proberen de spanning te verminderen die ontstaat als ze weten dat er een probleem is, maar tegelijkertijd moeite hebben met de oplossingen die daarvoor nodig zijn. Een toekomstige technologische doorbraak biedt dan een uitweg. Die geeft hoop én het maakt het mogelijk om moeilijke keuzes uit te stellen. Het rebound-effect van techno-optimisme Op zichzelf is er niets mis met optimisme over technologie. Innovatie is essentieel voor de energietransitie. Zonder nieuwe oplossingen voor opslag, netcapaciteit, industrie en mobiliteit komen we er simpelweg niet.Het probleem ontstaat wanneer dat optimisme bestaande oplossingen verdringt. In het NOS-artikel zegt energie-expert Wim Turkenburg te vrezen dat Opmeer niets meer met wind- en zonne-energie doet zolang het inzet op een kleine kerncentrale. Dat is het reboundeffect van techno-optimisme: hoe sterker het geloof in een toekomstige technologische oplossing, hoe kleiner de bereidheid wordt om maatregelen te nemen die nu al werken. Met andere woorden: de belofte van morgen wordt een reden om vandaag niets te doen. Een patroon dat we overal zien Dit mechanisme beperkt zich niet tot kernenergie. Het duikt steeds weer op in het klimaatdebat. Bijvoorbeeld bij:CO2-afvang die emissies van fossiele industrieën zou neutraliseren; Waterstof als oplossing voor vrijwel elke energietoepassing; Synthetische brandstoffen die vliegen klimaatneutraal zouden maken; Geo-engineering om het klimaat met technische trucs te 'repareren'.Al deze technologieën kunnen een rol spelen. Sommige waarschijnlijk zelfs een belangrijke. Maar steeds zien we hetzelfde patroon: de hoop op toekomstige oplossingen vermindert de urgentie om huidige oplossingen te gebruiken. Het echte probleem: acceptatie van oplossingen die nu al werken De energietransitie wordt vaak gepresenteerd als een technologisch vraagstuk. Alsof het vooral draait om de vraag welke technologie uiteindelijk wint. Maar het voorbeeld van Opmeer laat iets anders zien. De technologieën die we nu nodig hebben – wind, zon, energiebesparing – bestaan al. Ze zijn bewezen effectief, schaalbaar en relatief goedkoop.De grootste uitdaging zit dus ergens anders: in acceptatie, gedrag en politieke keuzes. Technologie kan ons helpen, maar technologie kan ons ook een verhaal bieden dat psychologisch aantrekkelijk is: dat we nog even kunnen wachten.De vraag is daarom niet of kleine kerncentrales ooit een rol kunnen spelen. Misschien wel. De echte vraag is wat er met onze keuzes van vandaag gebeurt zolang we blijven hopen op oplossingen van morgen. Reint Jan Renes is gedragswetenschapper en lector Psychologie voor een duurzame stad aan de Hogeschool van Amsterdam.Lees ook:Optimisme over zonne-energie: ‘Snelheid van technologische ontwikkeling én kostendaling nog steeds onderschat’ Klaas Dijkhoff over gedragsverandering: 'Kweekvlees moet net zo door mijn baard druipen als slachtvlees' Gedrag met hoge CO2-impact moeilijk te veranderen, maar Milieu Centraal ziet toch veel kansen