Wilke Wittebrood
22 april 2026, 11:03

Emissiereductie, eiwittransitie: taalstrateeg Jens van der Weele ergert zich kapot aan duurzaam jargon

Vegan mayonaise verkoopt beter als die plantaardige mayonaise heet. En van afdankertjes wordt niemand blij, maar van een doorgeefjas wel. Dat is de kracht van taal, zegt taalstrateeg Jens van der Weele, die bedrijven adviseert over woorden die werken. ‘Eiwittransitie? Veel te ingewikkeld.’

Jens van der Weele De duurzame transitie kan wel nieuwe taal gebruiken, vindt Jens van der Weele | Credits: Jens van der Weele/bewerking Change Inc.

De telefoon van Jens van der Weele staat vol foto’s en screenshots van krantenkoppen, posters, gekke dingetjes op straat. Beelden van ‘sturende taal’, zoals hij het noemt, taal die je denken een bepaalde richting op stuurt. ‘Als je het eenmaal opmerkt, kun je het niet meer níét zien.’

Op het meest recente kiekje dat hij maakte, staat een graffiti-tekst die hem aan het denken zette. ‘Your comfort zone is a prison without bars. Dat vond ik goed bedacht. Dat vond degene die de tekst heeft gezet vast ook, anders had-ie ‘m niet op de muur geschreven.’

Van der Weele is oprichter van Transitietaal. Als zelfstandig taalstrateeg helpt hij bedrijven en organisaties letterlijk de juiste woorden te kiezen om draagvlak te creëren voor veranderingen. Veranderingen ten gunste van klimaat, natuur en biodiversiteit om precies te zijn, zijn specialisatie. ‘Omdat de duurzame transitie het allerbelangrijkste is wat de wereld op dit moment nodig heeft.’

Eiwittransitie: te ingewikkeld, te abstract

Die transitie kan wel nieuwe taal gebruiken. Van der Weele ergert zich kapot aan het jargon dat hij tegenkomt. ‘Eiwittransitie’ bijvoorbeeld, brr. Te ingewikkeld, te abstract, te ver van de belevingswereld van mensen. De fossiele lobby en conservatieve partijen hebben wat dat betreft een beter en vooral simpeler verhaal: dat van een linkse elite die de gehaktbal van de gewone man wil afpakken.

Als je daar termen als ‘emissiereductie’ en ‘klimaatdoelstellingen’ tegenover zet, tsja, dan doe je het ook een beetje zelf. ‘We klinken zo precies als de technocratische elite in het populistische narratief.’

Jens van der Weele op Transition2026: korting op je ticket tot 1 mei

Jens van der Weele spreekt op 23 juni tijdens Transition2026. Hoe zet je taal strategisch in om draagvlak te bouwen, polarisatie te overbruggen en mensen in beweging te krijgen? Tijdens een break-out sessie duikt hij met zijn publiek diep in de materie. Essentieel voor iedereen die anderen probeert mee te nemen in verandering, of dat nu klanten zijn, collega’s of politici.

Tot 1 mei koop je je tickets voor Transition2026 met 50 euro korting, met de kortingscode CHANGE50.

Dat taalstrateeg een serieus beroep is, ontdekte hij toen hij tijdens zijn master Politieke Cultuur & Debat Words That Work van de Amerikaanse taalstrateeg Frank Luntz las. Een ‘marketinggoeroe’ die precies weet welke taal nodig is om de publieke opinie te beïnvloeden, al heeft hij dat talent bepaald niet voor de goede zaak ingezet.

Luntz adviseerde de Republikeinen in 2002 via een inmiddels beruchte memo om te stoppen met de term ‘global warming’ (mondiale opwarming), want te angstaanjagend, en over te stappen op het neutralere ‘climate change’ (klimaatverandering). Dat klonk minder emotioneel én minder urgent: het klimaat verandert nu eenmaal, niets om je zorgen over te maken.

Een typisch geval van framing, zegt Van der Weele. ‘Woorden zijn zelden neutraal. Ze dragen een emotionele lading die bepaalt of we iets als positief of negatief ervaren.’ Luntz kwam later op zijn advies terug, maar toen was de term al lang en breed ingeburgerd. Veelzeggend is de kop boven een artikel met zijn mea culpa: ‘I was wrong on climate change’.

Oliebedrijven worden energiebedrijven

Oliebedrijven hebben volgens de taalstrateeg dezelfde omslag gemaakt. Voortaan heetten ze geen olie- en gasbedrijven meer, maar energiebedrijven. In plaats dat ze naar olie boorden, hielden ze zich bezig met ‘energie-exploratie’. De Franse oliegigant Total veranderde zijn naam in 2021 zelfs naar TotalEnergies.

Van der Weele: ‘Dat komt ook uit de koker van Luntz. Die ontdekte dat mensen negatieve associaties hadden met olie, en positieve met energie. En oliebedrijven wilden hun license to operate behouden.’

Het probleem met framing – het zit al in het woord – is dat je slechts een deel van de werkelijkheid laat zien, en een veel groter deel niet. Van der Weele: ‘Dit specifieke frame wekt de suggestie dat oliebedrijven al veel verder zijn in de transitie dan daadwerkelijk het geval is. Duurzame investeringen vormen slechts een fractie van hun totale portfolio. Dat bestaat nog steeds grotendeels uit fossiele brandstoffen.’

Aansluiten bij belevingswereld

Met dat dilemma – wat laat je wel zien, en wat niet? – krijgt Van der Weele in zijn duurzame advieswerk ook te maken. Als je draagvlak voor verandering wilt creëren, weet hij, moet je die verandering koppelen aan de belevingswereld van mensen.

‘Onlangs heb ik voor de Nederlandse energieregio’s een narratief ontwikkeld waar precies dát aspect centraal staat: de energietransitie als oplossing voor de onzekerheid en instabiliteit in de wereld’, vertelt hij. ‘Door je huis te verduurzamen krijg je grip op je energierekening en zijn de kosten op lange termijn stabieler en voorspelbaarder, is de centrale boodschap. Een week later vielen Amerika en Israël Iran aan en schoot de gasprijs omhoog.’

Een effectief frame, maar ja, daar gaan we weer: het laat ook iets niet zien. ‘Namelijk de ernst van de klimaatcrisis zelf. Met dit frame draag ik onbedoeld bij aan het idee dat we het daar maar beter niet over kunnen hebben.’ Hij denkt even na. ‘Eigenlijk is het een spagaat. Ik denk dat de huidige brandstofcrisis de energietransitie enorm helpt en dat dit het verhaal is waarop we nu moeten aansluiten. Maar dat moet geen reden zijn om de klimaatcrisis te bagatelliseren of helemaal weg te laten uit je boodschap.’

Geen ‘dierlijke’ namen voor vegavlees

Zo bezien klinkt het alsof de oude industrie de publieke opinie taalkundig een stuk effectiever weet te bespelen dan de nieuwe. De fossiele industrie heeft inderdaad een voorsprong, knikt Van der Weele – ze beschikken over meer onderzoekscapaciteit, de budgetten zijn groter. Ze hebben ook meer lobbymacht, getuige het recente Europese verbod op ‘dierlijke’ namen voor plantaardig vlees.

Burgers en worstjes ontspringen de dans, maar verwijzingen naar (delen van) dieren mogen niet meer. Nederland is extra streng. In ons land mag plantaardig gehakt officieel ook geen gehakt heten, al staat die term niet op de EU-lijst.

De agro-industrie weet volgens Van der Weele heel goed hoe groot de impact van zo’n verbod is. ‘Taal bepaalt hoe we denken’, zegt hij. ‘Dat komt voort uit de cognitieve linguistiek, het vakgebied dat ons brein ziet als een netwerk van paden. Die paden heten schema’s en kun je zien als ingesleten ideeën over hoe de wereld werkt. Die schema’s worden weer gevormd door de taal die we gebruiken.’

Succes van de ‘plofkip’

Stel, zegt Van der Weele, dat je al je hele leven pasta bolognese met dierlijk gehakt eet, maar eigenlijk wel wat minder vlees wil eten. Dan helpt het enorm als de plantaardige variant zoveel mogelijk lijkt op wat je al kent: hetzelfde uiterlijk, dezelfde verpakking, dezelfde naam. ‘Mensen die hooggemotiveerd zijn, nemen zo’n pak vegagehakt nog wel mee als er ineens ‘bruine sojasliertjes’ op het etiket staat. Maar het grote publiek bereik je dan niet.’

Maar vergis je niet, de duurzame wereld heeft ook een paar klinkende successen op zijn naam. ‘Het beroemdste voorbeeld is de plofkip. Dat is bedacht door journalist Wouter Klootwijk, medeoprichter van Keuringsdienst van Waarde, en verspreid door Wakker Dier. Het ging al snel een eigen leven leiden – tot het punt dat mensen bij hun lokale supermarkt gingen informeren of zij toch hopelijk geen plofkip verkochten.’

Hij durft wel te stellen dat het woord ‘plofkip’ heeft geleid tot het verdwijnen van het product ‘plofkip’. ‘Met één woord werd visueel gemaakt dat wat wij tot dan toe als normaal beschouwden, kuikentjes binnen zes weken vetmesten voor de slacht, absoluut niet normaal is. Met één woord werd een heel verhaal verteld. Dat moet je hebben, dan nemen mensen het over.’

De ‘doorgeefjas’ van Hema – hij heeft de term niet zelf bedacht – vindt hij ook leuk. ‘Ik droeg vroeger afdankertjes. Dit is veel sympathieker en positiever.’

Vegan of toch plantaardig?

Welke woorden zijn effectief voor duurzame verandering, en welke niet? Taalstrateeg Jens van der Weele neemt er drie onder de loep.

Plantaardig versus vegan

‘‘Vegan’ is een leefstijl, een identiteit. Een groep waar je wel of niet bijhoort. Best een risico dus om zo’n woord op de verpakking te zetten. Vegans voelen zich aangesproken, maar niet-vegans, en die groep is veel groter, zien zo’n product en denken: “Dit is niet voor mij.” Daarom is het veel effectiever om ‘plantaardig’ op de verpakking te zetten.

Unilever nam met Hellmann’s de proef op de som. Hellmann’s maakt sinds 2018 vegan mayo, maar twijfelde of dit de beste manier was om het product op de markt te zetten. In 2024 werd de mayo omgedoopt tot ‘100% plantaardig’. Sindsdien is de verkoop aanzienlijk verbeterd.’

Hybride zuivel en vlees

De belofte bij de overgang naar een meer plantaardig dieet, of toch niet? De vraag is of je het op deze manier aan de man moet brengen, zegt Van der Weele. ‘De effectiviteit hangt volledig af van de associaties die mensen bij het woord ‘hybride’ hebben. De meeste Nederlanders denken direct aan hybride auto’s. Maar dat roept een kil, technologisch en hard gevoel op. Dat is problematisch omdat het bij voeding juist draait om het beeld dat iets lekker en smakelijk is. Alleen dan krijg je een grote groep zover om het te proberen. Laatst zag ik op een beurs een maker die het ‘blended’ noemde. Dat was al beter, dat deed me denken aan blended whisky.’

Non-profit

‘Een woord waar ik het liefst vandaag nog vanaf zou willen. Het problematische aan de term ‘non-profit’ is dat je impliciet bevestigt dat ‘for-profit’ de norm is. Plus, het vertelt alleen wat je organisatie niet is. Je wilt juist duidelijk maken waar je organisatie wel voor staat, namelijk maatschappelijke impact. Idealen boven winst. Ik stel voor dat we non-profits daarom voortaan ideële organisaties noemen.’

Dit artikel verscheen oorspronkelijk op MT/Sprout.

Lees ook:

Nieuwsupdate: Utrecht krijgt aansluitstop voor stroomnet en recordjaar voor Fairphone

Utrecht eerste regio met aansluitstop voor stroomnet Het stroomnet rondom de stad Utrecht gaat vanaf 1 juli helemaal op slot. Alle nieuwe aanvragen, ook die van kleinverbruikers, belanden dan op een wachtlijst. Dat meldt onder meer NOS.Netbeheerder TenneT waarschuwde in februari al voor een aansluitstop deze zomer, ook voor Gelderland en de Flevopolder. Utrecht is de eerste regio waar die er ook daadwerkelijk komt. Volgens staatssecretaris Jo-Annes de Bat van Klimaat en Groene Groei is het onduidelijk wanneer aanvragen weer kunnen worden behandeld. De aansluitstop betekent een grote vertraging voor zowel bouwprojecten als verduurzamingsaanvragen van bedrijven en huishoudens.Lees ook: Energie-expert Peter Molengraaf over elektrificatie en netcongestie:'Stroomnet is fysiek niet vol, alleen op papier' Vlees en zuivel zorgen voor methaanuitstoot, maar supermarkten stellen geen doelen Supermarkten doen te weinig om hun methaanuitstoot te verlagen. Dat is de conclusie in een nieuw rapport van Changing Markets Foundation and Mighty Earth, die de twintig grootste voedselretailers ter wereld onder de loep namen. Ahold Delhaize en Lidl doen het weliswaar relatief goed, maar ook zij scoren minder dan de helft van de 100 te behalen punten. Veel Amerikaanse supermarkten staan onder aan de lijst.Hoewel veel supermarkten doelen hebben voor hun uitgestoten broeikasgassen en soms ook voor het aandeel plantaardige eiwitten, heeft geen enkele retailer specifieke doelen voor de uitstoot van methaan. Albert Heijn is de enige supermarkt die zijn methaanuitstoot openbaar maakt. Methaan is op korte termijn een veel sterker broeikasgas dan CO2 en wordt wereldwijd vooral uitgestoten door de landbouw, specifiek de veehouderij. Door de verkoop van vlees en zuivel dragen retailers daaraan bij.Lees ook: Methaan van koeienpoep afvangen met ballonachtige zeilen Fairphone verkoopt 42% meer telefoons, mikt op een miljoen stuks per jaar Voor Fairphone was 2025 een recordjaar: de duurzame telefoonfabrikant verkocht ruim 145.000 telefoons, 42 procent meer dan het jaar ervoor. De omzet steeg naar ruim 73 miljoen euro (+35 procent). Een nieuw en goedkoper (en overigens ook duurzamer) model trok veel nieuwe klanten, waaronder opvallend veel jongeren. Ook het groeiende wantrouwen richting Amerikaanse technologie hielp het Amsterdamse bedrijf een handje.Ceo Raymond van Eck wil binnen vier tot vijf jaar de grens van een miljoen verkochte telefoons per jaar bereiken. 'Dan ben je een speler van formaat.'Lees ook: Fairphone wil mainstream worden: ‘Het tipping point ligt bij een miljoen telefoons per jaar’ Elektronicabedrijf LG claimt 'nieuwe' oplossing voor energieslurpende datacenters Datacenters slurpen door AI steeds meer energie. Daar worden allerlei oplossingen voor bedacht, van efficiënte AI-modellen en chips tot nieuwe bronnen van elektriciteit. LG Electronics claimt nu dat verschillende koel- en energieoplossingen samen de prestaties van datacenters met tot 25 procent kunnen verhogen, terwijl het energieverlies daalt. Het gaat om een combinatie van onder meer directe chipkoeling, zogenoemde immersiekoeling en AI-software om het werk over servers te verdelen.Datacenters zouden met deze maatregelen veel minder stroom kwijt zijn voor onder meer koeling. Handig, want de groei van datacenters zet veel druk op het volle stroomnet. Dit weekend werd bekend dat het Australische datacenterbedrijf Goodman in een kort geding 70 megawatt aan stroom eist voor het datacenter in Vijfhuizen, nadat TenneT de belofte voor een aansluiting op het stroomnet had ingetrokken.Lees ook: Robert Keus wil milieu-impact van AI transparant maken met GreenPT: 'We gebruiken AI te veel voor simpele dingen'Meer ondernemers leasen elektrisch door energiecrisis Sinds het uitbreken van de oorlog in het Midden-Oosten leasen steeds meer ondernemers voor een gebruikte elektrische auto (EV). Het aandeel van elektrische leaseauto's is de afgelopen maand verdubbeld van 6,5 naar 13,3 procent, meldt Regeljelease.nl op basis van eigen verkoopcijfers. Het leaseplatform ziet dat ondernemers daar ook bewust naar op zoek zijn. Dat komt overigens niet alleen door de hoge brandstofprijzen, maar ook omdat werkgevers vanaf volgend jaar gaan betalen voor auto's op benzine en diesel die ze beschikbaar stellen voor werknemers.De populariteit van elektrisch stijgt trouwens met name voor personenauto's. Van de bedrijfswagens rijdt ruim negen op de tien nog op diesel, zegt het leaseplatform.Lees ook: Verkoop elektrische trucks schiet omhoog Ook in de media:Deelnemers aan het burgerberaad over klimaat zijn het niet eens, maar kwamen vanuit begrip toch met voorstellen (Trouw) Onderzoek laat zien hoe oorlog economische keuzes beïnvloedt: verwachting dat energietransitie versnelt (KPMG) Oliebedrijven profiteren van de schaarste, maar maken volgens kabinet nog geen ‘overwinst’ (Trouw) NVM waarschuwt voor overvol stroomnet en hoge regeldruk: ‘De uitdagingen stapelen zich op’ (BNR) Lucht voor zonnebedrijf Enstall na deal met eigenaren en schuldeisers (FD) Nederland wil koploper blijven in duurzamer textiel, 'rest van wereld zit niet stil' (NOS) Eurocommissaris Hoekstra: 'EU heeft deltaplan voor energieonafhankelijkheid nodig' (FD) Nederlandse rechtszaak tegen spijkerbroekenmerk Levi’s vanwege misstanden in Turkse fabriek (Trouw)