Jeroen de Boer
24 april 2026, 11:14

Opmerkelijk: Foto's van levende dieren naast vleesgerechten stimuleren vegakeuzes

Minder vlees eten heeft grote milieu- en gezondheidsvoordelen, maar roept ook veel weerstand op. Uit onderzoek blijkt dat inspelen op de spanning tussen dierenwelzijn en het recht op vlees effectief kan zijn. Simpelweg door foto’s van levende dieren naast vleesgerechten te tonen.

vlees eten vegetarisch psychologie onderzoek Er is vaak een spanning tussen de behoefte aan vlees en empathie met dieren. | Credits: Unsplash.com / Natalie Behn / Amber Kipp

Kom niet aan mijn gehaktbal! Eten is cultuur en het blijkt heel lastig om mensen te bewegen om voor plantaardige eiwitten te kiezen, als je alleen een beroep doet op argumenten over klimaatverandering of gezondheid. Toch zijn er wel degelijk manieren om mensen aan het denken te zetten over hun eetgedrag, blijkt uit nieuw onderzoek.

De nieuwe Schijf van Vijf adviseert in veel gevallen om maximaal 100 gram rood vlees per week te eten. Dergelijke adviezen roepen makkelijk politieke weerstand op: ‘Vernieuwde Schijf van Vijf blijkt schietschijf, ook in de Tweede Kamer’, kopte NRC deze week toepasselijk.

De kritiek was zelfs zo heftig dat minister Sophie Hermans van Volksgezondheid zich genoodzaakt voelde om erop te reageren. Nee, ze ging niet ingrijpen bij het Voedingscentrum, want dat adviseert slechts. ‘Wat u straks in uw supermarktkarretje legt, is aan uzelf.’

Uit een peiling van Milieu Centraal bleek vorig jaar al dat het draagvlak voor een dieet met maximaal één dag in de week vlees relatief laag is. 67 procent van de ondervraagden staat daar niet voor open.

Foto’s van levende dieren naast vleesgerechten

Wat werkt dan wel als je vegetarische opties aantrekkelijker wilt maken? Een psychologisch beroep op het feit dat je een dood dier eet, blijkt verrassend effectief, komt naar voren in nieuw Brits onderzoek dat gepubliceerd werd in het Journal of Environmental Psychology. Wetenschappers deden hierbij experimenten in de kantine van een Britse universiteit.

Gekeken werd naar het effect van het plaatsen van foto’s van levende dieren naast vleesgerechten. Zoals een foto van een koe naast de pasta bolognese met dierlijk gehakt en een afbeelding van een varken naast een gyrosgerecht.

De onderzoekers wilden weten of het al dan niet aanwezig zijn van foto’s met levende dieren invloed had op de keuze van gerechten. Dat bleek inderdaad het geval. De kans dat mensen kozen voor een vegetarische variant steeg met 22 procent als er een foto van een levend dier bij een vleesgerecht stond. Dat effect trad op bij alle soorten vlees.

Spanning tussen dierenwelzijn en recht op vlees

Gedragswetenschapper Reint Jan Renes legt in een blog voor de Stichting Wetenschappelijk Onderzoek Commerciële Communicatie (SWOCC) uit dat het Britse onderzoek inspeelt op de zogenoemde ‘meat paradox’. Dat is het spanningsveld tussen dierenwelzijn en vlees eten. Veel mensen vinden dat ze het recht hebben om vlees te eten, maar dat is vaak makkelijker, als er een grote afstand is tussen wat er op je bord ligt en het bijbehorende levende dier.

Die afstand wordt bewust gecreëerd door de vleesindustrie en komt ook terug in de taal. ‘Hamburger’ klinkt bijvoorbeeld abstracter dan ‘koeschijf’, geeft Renes aan. Door een foto van een levend dier naast het gerecht te plaatsen, worden volgens de gedragswetenschapper drie mechanismen geactiveerd: empathie met dieren, moreel ongemak en ‘soms ook lichte walging.’ Vanuit communicatieoogpunt is de les dat puur visuele boodschappen extreem krachtig kunnen werken om een bepaald punt te maken.

Stimuleren van plantaardige alternatieven

De vraag is wel hoe je hiermee voor maximale impact kunt zorgen. Een universiteit accepteert het wellicht relatief makkelijk als er in kantines bij de vleesgerechten foto’s van levende dieren worden geplaatst. Een overheidscampagne die dezelfde tactiek hanteert, zal waarschijnlijk op meer kritiek stuiten. Helemaal revolutionair wordt het als een grote supermarkt het aandurft om bij de schappen met gehakt en kipfilet schattige foto’s van koeien en kippen te plaatsen.

Lees ook:

Milieudefensie maakt volgens juristen meer kans met nieuwe tactiek tegen Shell: stop met boren

Milieudefensie is niet moegestreden na het in 2024 verloren hoger beroep tegen Shell. Integendeel – het lijkt juist nieuwe energie te hebben gegeven. De milieuorganisatie daagt de oliegigant nóg een keer voor de rechter, de dagvaarding werd deze week verstuurd.De activistische milieuorganisatie eist nu dat Shell stopt met het aanboren van nieuwe olie- en gasvelden. Daarnaast moet het concern CO2-reductiedoelen vastleggen voor de periode na 2030, in lijn met het doel uit het Parijsakkoord om de mondiale opwarming onder de 2 graden te houden, en liever nog op maximaal 1,5 graden.Shell moet volgens de claim niet alleen de eigen uitstoot verlagen, maar ook de uitstoot die wordt veroorzaakt door het verbranden van de benzine, diesel en andere brandstoffen die het verkoopt. Daar is de meeste winst te halen: deze scope 3-emissies zijn goed voor zo’n 95 procent van de totale klimaatvoetafdruk van het bedrijf. Gevaarlijke klimaatverandering tegengaan De eisen verschillen wezenlijk van die van de vorige zaak tegen Shell, die in 2019 werd gestart. Toen probeerde Milieudefensie de oliegigant via de rechter te dwingen om de uitstoot, inclusief scope 3, tegen 2030 met 45 procent te verminderen. De zaak werd in eerste instantie beslist in het voordeel van Milieudefensie, maar in hoger beroep werd het vonnis vernietigd.Ja, Shell heeft de plicht – een op de maatschappelijke zorgvuldigheid gebaseerde zorgplicht, in juridisch jargon – om de eigen uitstoot te beperken, en daarmee gevaarlijke klimaatverandering tegen te gaan. Het hof wilde alleen niet zover gaan om het ‘generieke’ reductiepercentage van 45 procent dat voor landen geldt, op een individueel bedrijf te plakken.Die afwijzing was een klap, maar tegelijkertijd zagen Milieudefensie-directeur Donald Pols en advocaat Roger Cox aanknopingspunten om een vervolgzaak op te bouwen. Het hof erkende namelijk ook dat de CO2-uitstoot ‘drastisch’ naar beneden moet om de doelen van Parijs enigszins binnen bereik te houden, en dat daarvoor ook iets aan de aanbodzijde moet gebeuren. Negatieve gevolgen voor energietransitie En toen kwam de uitsmijter van het vonnis: ‘Van olie- en gasbedrijven kan worden verlangd dat zij bij hun investeringen (…) rekening houden met de negatieve gevolgen die uitbreiding van het aanbod van fossiele brandstoffen voor de energietransitie heeft. De voorgenomen investeringen van Shell in nieuwe olie- en gasvelden kunnen hiermee op gespannen voet staan.’Alleen, stelde het hof, was dat nu net niet de vraag die hier moest worden beantwoord.Een advies of hint was het waarschijnlijk niet, denkt Laura Burgers, klimaatjurist en universitair docent aan de Universiteit van Amsterdam. Het gerechtshof is immers onpartijdig. ‘Maar opmerkelijk was het wel: ze hadden deze overweging achterwege kunnen laten. Ik lees hem vooral als invulling van wat het hof óók oordeelt, namelijk dat juist Shell als historisch grote uitstoter wel degelijk een zorgplicht heeft om iets tegen klimaatverandering te doen. Het hof vond alleen dat het die plicht niet kon vertalen in een concreet reductiepercentage.’Heeft Milieudefensie in 2019 dan de verkeerde eis gesteld? ‘Zo zou ik het niet zeggen’, reageert Loes van Dijk. Ze is oprichter van Climate Court, een platform dat klimaatrechtszaken wereldwijd volgt. ‘Milieudefensie was zeven jaar geleden de eerste die probeerde om bedrijven via het recht aan de Parijsdoelen te committeren. Dat was toen onontgonnen terrein: het kost veel tijd – en ook veel geld – om te leren wat je wel en niet kunt vragen.’ Concrete gedragsbeperkingen voor olie- en gasbedrijven Dat Milieudefensie de zaak in eerste instantie won, maar in hoger beroep bakzeil moest halen, laat volgens Burgers zien dat daarover onder rechtelijke instanties nog geen consensus is. ‘Die discussie is volop gaande. Milieudefensie is tegen het vonnis bij de Hoge Raad in cassatie gegaan. Dat gaat over de vraag of het recht goed is toegepast. Het wordt heel interessant om te zien wat daaruit komt.’ Die uitspraak wordt in de eerste helft van 2027 verwacht.Hoe dan ook is de focus op olie- en gasvelden volgens de deskundigen kansrijker. ‘De eerste zaak draaide om abstracte reductiepercentages’, zegt Van Dijk. ‘Dit gaat over concrete gedragsbeperkingen. Bovendien is de impact van het openen van nieuwe velden met de huidige wetenschap makkelijker meetbaar, en directer aan het actieve handelen en de investeringsbeslissingen van Shell te koppelen. Dat maakt deze claim juridisch makkelijker op te leggen.’Milieudefensie benadrukt het gevaar van een zogeheten lock-in effect. Shell kan volgens de milieuclub in potentie nog 700 olie- en gasvelden ontwikkelen. Het kost tientallen miljarden om die in gebruik te nemen, miljarden die over meerdere decennia worden afgeschreven, zegt advocaat Roger Cox tegen NRC. ‘Die investeringen willen bedrijven natuurlijk uitnutten. Met elke nieuwe investering creëert Shell dus zijn eigen weerstand tegen de energietransitie.’ ‘Onrealistisch en onredelijk’ Tegelijkertijd wil Shell in 2050 een bedrijf zijn met netto-nul uitstoot. Het openen van nieuwe velden, die tot langdurige nieuwe emissies leiden, staat daar haaks op, zegt Van Dijk. ‘Het hof heeft al bepaald dat Shell een zorgplicht heeft. Dat zou met deze nieuwe zaak kunnen betekenen dat bepaalde dingen straks niet meer mogen.’ Het is alleen niet aan Milieudefensie of de rechter om dat op te leggen, reageert Shell, maar aan overheden. Het concern noemt de nieuwe claim ‘onrealistisch, onredelijk en fundamenteel misplaatst’.Milieudefensie zou de realiteit van het wereldwijde energiesysteem negeren en voorbijgaan aan de behoefte aan olie en gas, volgens Shell momenteel goed voor ongeveer 80 procent van de mondiale energiebehoefte. ‘Investeringen in olie- en gasontwikkeling zijn dan ook nodig om de leveringszekerheid in de komende jaren te waarborgen.’Volgens het Internationaal Energieagentschap (IEA) stroken zulke investeringen echter niet met de ambitie van de energiesector om klimaatneutraal te worden. De velden die nu in gebruik zijn, plus nieuwe velden die vóór 2021 zijn goedgekeurd, voldoen volgens het Net Zero Emissions-scenario uit 2023 ruim aan de resterende vraag naar olie en gas in een ‘wereld die op koers ligt voor netto nul uitstoot in 2050’.Burgers: ‘Het IEA wijst er ook op dat we met de huidige hoeveelheid opgepompte olie en gas de legale grens van 1,5 graden opwarming al overschrijden.’ Effect op hele klimaatsysteem Een recent oordeel van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens kan volgens Burgers ook goed uitpakken voor Milieudefensie. Deze zaak – tegen de Noorse staat, aangespannen door Greenpeace en Young Friends of the Earth Norway – draaide om tien door de overheid verstrekte vergunningen voor het zoeken naar olie in de Barentszzee. Volgens de milieuorganisaties had de regering bij de toekenning te weinig rekening gehouden met het klimaat, en daarmee mensenrechten geschonden.Van mensenrechtenschendingen was volgens het Europees Hof geen sprake omdat het om een verkenning ging, niet om een boorvergunning. ‘Maar het Hof maakte ook duidelijk dat er in de procedure rekening moet worden gehouden met de klimaatimpact van nieuwe fossiele brandstofwinning, inclusief de scope 3-emissies’, zegt Burgers. ‘Noorwegen had graag gezien dat het alleen de uitstoot van het aanboren moest meerekenen, en niet ook de uitstoot van het uiteindelijke verbranden van de nieuwe olie en gas. Maar dat moet dus wel. Ook als dat in een ander land gebeurt.’Zulke uitspraken gaan over grenzen heen, vult Van Dijk aan. ‘In het internationale klimaatrecht wordt heel erg naar elkaar gekeken.’Dit artikel verscheen oorspronkelijk op MT/Sprout. Lees ook:Milieudefensie, Greenpeace en een Peruaanse boer kunnen het klimaatrecht mogelijk voorgoed veranderen 'Baanbrekend vonnis' in klimaatzaak Bonaire: coalitie moet flink aan de bak Strafrecht biedt kansen voor klimaatzaken: ‘Het is bij uitstek geschikt om gedragsverandering af te dwingen’