Het is de standaard reactie van techoptimisten op elke kritische opmerking over kunstmatige intelligentie: ‘Maar AI kan ook het klimaat redden.’
Ze wijzen erop dat AI kan helpen bij het afstemmen van vraag en aanbod naar hernieuwbare energie, doorbraken op het gebied van duurzame chemie kan versnellen en zelfs bosbranden kan voorkomen.
En dat klopt. Maar in al dat optimisme wordt vaak vergeten dat vervuilende fossiele bedrijven óók kunstmatige intelligentie inzetten. En de gevolgen daarvan zijn groot, suggereert nieuw onderzoek.
Meer dan energieslurpende datacenters
AI heeft directe en indirecte gevolgen voor milieu en klimaat. De directe zijn veruit het bekendst. Wie aan de klimaatvoetafdruk van kunstmatige intelligentie denkt, komt al snel uit op energieslurpende datacenters.
Niet onterecht: Microsoft, Google als Amazon rapporteerden voor hun wereldwijde operaties allemaal een hogere CO2-uitstoot in 2025, vooral veroorzaakt door de bouw van datacenters en het energieverbruik daarvan.
In Nederland is Microsoft in tien jaar tijd één van de grootste stroomconsumenten geworden. En de gascentrale die Amazon gaat bouwen voor zijn AI-ambities dreigt de grootste uitstoter van broeikasgassen in de VS te worden. Samen gaan de geplande Amerikaanse gascentrales voor datacenters evenveel broeikasgassen uitstoten als heel Australië.
Maar AI veroorzaakt ook minder zichtbare, indirecte uitstoot. Die ontstaat voornamelijk doordat olie- en gasbedrijven kunstmatige intelligentie inzetten om efficiënter olie en gas te winnen en productiekosten te verlagen. Daardoor kunnen producenten meer olie en gas uit bronnen halen dan zonder AI het geval was geweest, wat voor extra CO2 -uitstoot zorgt.
In BP’s lijstje met manieren waarop het energieconcern AI inzet staat ‘optimalisatie van olie- en gasboringen’ bijvoorbeeld bovenaan. ‘Hoe beter BP begrijpt wat zich onder de grond en de zeebodem bevindt, hoe gemakkelijker we de meest winstgevende vaten olie kunnen vinden en winnen’, schrijft de oliereus trots. Ook Saudi Aramco zegt AI ‘overal in de keten’ te hebben geïmplementeerd.
Indirecte uitstoot AI veel groter dan directe uitstoot
Andere olie- en gasbedrijven hanteren dezelfde strategieën, blijkt uit een artikel in wetenschappelijk tijdschrift Nature. Met grote gevolgen: volgens berekeningen van de auteurs zijn de enabled emissions van AI drie tot dertien keer zo hoog als de directe uitstoot door datacenters.
Kunstmatige intelligentie wordt weliswaar ook ingezet om hernieuwbare energie efficiënter op te wekken en te verdelen, maar dat positieve effect is veel kleiner dan het negatieve effect.

Credits: Alpine et al. (2026)
De berekeningen van de auteurs zijn gebaseerd op meerdere scenario’s. In vrijwel allemaal is de extra uitstoot die AI mogelijk helpt maken groter dan de uitstoot die het helpt voorkomen. Alleen als de fossiele industrie helemaal geen gebruik meer maakt van kunstmatige intelligentie, kan AI de wereldwijde uitstoot helpen verlagen, stellen ze.
Ex-medewerkers Microsoft trekken aan de bel
Het Nature-artikel is geschreven door twee Amerikaanse onderzoekers, samen met Holly en Will Alpine, twee ex-medewerkers van Microsoft. Beiden hadden de intentie om met AI het klimaat te helpen, tot ze erachter kwamen dat Microsoft hun AI-tools aan grote oliebedrijven verkocht, tekent klimaatjournalist Emily Atkin op.
‘Techbedrijven hebben teams van ingenieurs en salesmensen die zich expliciet op de fossiele industrie richten. Ze schrijven code in samenwerking met grote oliebedrijven om de productie uit te breiden’, zegt Holly Alpine tegen Atkin. ExxonMobil heeft bijvoorbeeld een samenwerking met Microsoft, Saudi Aramco werkt samen met IBM.
De twee ex-medewerkers van Microsoft richtten de Enabled Emissions Campaign op om aandacht te vragen voor de extra uitstoot die AI helpt veroorzaken. Holly Alpine: ‘Het is frustrerend om te zien dat het gesprek over de klimaatimpact van AI zich beperkt tot operationele uitstoot. We kunnen niet genoeg benadrukken hoe belangrijk het is om ook mee te nemen waarvoor AI wordt gebruikt.’
In The Guardian benadrukt Alpine dat de schattingen van haar onderzoek nog conservatief zijn. De meeste berekeningen gaan ervan uit dat de fossiele en hernieuwbare industrie AI allebei evenveel toepassen. In werkelijkheid past de fossiele industrie AI al grootschalig toe, zegt ze, terwijl toepassingen voor hernieuwbare energie veelal nog in de pilotfase zitten.



