‘Biologisch. Dat smaakt naar meer.’ Met die slogan vraagt het ministerie van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur vanaf deze week aandacht voor biologische landbouw.
Het ministerie heeft immers nog maar vier jaar om haar eigen doel van 15 procent biologische landbouwgrond in 2030 te halen. ‘Voor deze groeiambitie is het stimuleren van de vraag noodzakelijk’, weet het zelf ook. Vandaar: een charmeoffensief over de voordelen van biologisch voedsel.
Biologische landbouw groeit te langzaam
Het aandeel biologisch in de totale oppervlakte landbouwgrond groeit elk jaar gestaag. Maar wie de huidige lijn doortrekt, ziet dat die in 2030 nog lang niet bij 15 procent is. In 2025 was 4,8 procent van de Nederlandse landbouwgrond biologisch. 5,1 procent, als je het land in omschakeling meetelt.
Daarbij worden overigens alleen biologisch gecertificeerde bedrijven meegenomen. Boeren die ‘regeneratief’ of ‘natuurinclusief’ boeren, worden niet meegeteld als ze geen keurmerk hebben. Daarom is het moeilijk te bepalen hoeveel boeren al in harmonie met de natuur werken.
Er is hoe dan ook nog een lange weg te gaan, al lijkt de uitdaging niet in elk gebied even groot. Flevoland zit al bijna op 15 procent, tegenover slechts 2,3 procent in Zeeland.
Dat betekent niet dat elke provincie per definitie het landelijke doel moet halen; in sommige provincies is de bodem geschikter voor biologische landbouw dan in andere.
Albert Heijn aan kop in biologisch
Dinsdag werd ook de jaarlijkse update van het Dashboard Supermarkten uitgebracht. Dit overzicht laat zien welke Nederlandse supermarkten het meeste biologisch verkopen. Van de grootste retailers scoort Albert Heijn het hoogst, gevolgd door Lidl. Aldi scoort het slechtst; alleen Nettorama en Spar verkopen nog minder biologisch.
Van de supermarkten met een kleiner marktaandeel lopen biosupers Ekoplaza en Odin vanzelfsprekend aan kop. Picnic heeft net als Albert Heijn een biologisch aandeel van zo’n 6 procent in de totale voedselomzet.
Deze cijfers gaan over het hele assortiment. Kijk je alleen naar de huismerken, dan is het aandeel biologisch in veel supermarkten iets hoger. Questionmark, de stichting die supermarkten verantwoordelijk houdt voor hun bijdrage aan de voedseltransitie, stelt zelfs dat A-merken ‘nog nauwelijks een rol spelen’ in de omslag naar biologisch.
Grafiek van de week
Voor de transitie naar een duurzame economie is meer nodig dan alleen rationele argumenten. Maar cijfers zeggen wél heel veel. In een wereld waarin je wordt overspoeld met informatie is het vaak lastig om te bepalen wat echt belangrijk is. In de rubriek ‘Grafiek van de week‘ licht Change Inc. op een visuele manier een onderwerp uit dat substantiële impact heeft op duurzame transities.
Veel retailers hebben doelen voor hun biologische omzet, maar de ambitie en omvang verschillen nogal. Waar sommige supermarkten kijken naar hun hele voedselassortiment, kijken andere alleen naar hun huismerk of bijvoorbeeld naar groenten en fruit.
De vraag is of de nieuwe overheidscampagne daadwerkelijk een impuls kan geven. Sectormanager akkerbouw Gea Bakker van Rabobank is sceptisch. ‘Met voorlichting bereik je de burger wel. Maar de consument in de supermarkt maakt toch een andere keuze’, zei ze eerder tegen Change Inc. ‘Zolang biologisch anderhalf tot twee keer zo duur is, gaat de vraag niet voldoende stijgen om 15 procent van het areaal te rechtvaardigen.’
Meer lezen over het voedselsysteem van de toekomst? In de nieuwsbrief Kweekvlees & Kool schrijft Change Inc.-redacteur Maaike Kooijman over nieuwe ontwikkelingen en interessante updates. Schrijf je hier in.



