Klimaatrechtadvocaat Marieke Faber
Marieke Faber
15 oktober 2026, 14:47

Bedrijven worden strenger beoordeeld op duurzaamheidsclaims: dat betekent niet minder, maar eerlijker communiceren

Nieuwe Europese wetgeving stelt scherpere eisen aan de manier waarop bedrijven communiceren over duurzaamheid,. Klimaatrechtadvocaat Marieke Faber legt uit hoe dat werkt en wat dit in de praktijk betekent. ‘Consumenten willen weten hoe producten en bedrijven presteren op het gebied van duurzaamheid. De ECGT is een kans om dit zichtbaarder te maken.’

groene communicatie duurzaamheid | Credits: Artem Beliaikin via Unsplash

Sinds 27 september 2026 gelden in Europa strengere regels voor duurzaamheidscommunicatie. De nieuwe regels volgen uit de Europese richtlijn Empowering Consumers for the Green Transition (EmpCo, ook wel ECGT genoemd). Doel is om de consument écht inzicht te bieden in de duurzaamheidsaspecten van een product.

Vage duurzaamheidsclaims en de wildgroei aan (eigen) keurmerken en logos moeten plaatsmaken voor duidelijke, betrouwbare informatie waar de consument op kan varen bij aankoopbeslissingen. Wat verandert er door de ECGT en hoe kunnen bedrijven hiermee omgaan?

Voortbouwen op bestaande kaders

Dat commerciële communicatie moet kloppen en de consument niet mag ‘misleiden’ (al dan niet bewust), is niet nieuw. Dit geldt nu ook expliciet voor de milieu- en sociale kenmerken en circulariteitaspecten van een product.

Op zichzelf is dat niet verrassend. Zowel de Europese Commissie als nationale toezichthouders geven de markt al jaren richting bij het gebruik van dergelijke claims. De ACM doet dit bijvoorbeeld met de Leidraad Duurzaamheidsclaims (2023).

De ECGT introduceert op onderdelen strengere regels. Een aantal duurzaamheidsclaims is bijvoorbeeld toegevoegd aan de ‘zwarte lijst’. Dergelijke claims zijn altijd misleidend, ook als niet vaststaat dat ze invloed hadden op de keuze van de consument. Dat maakt het voor de ACM makkelijker om op te treden.

Uitbreiding van de zwarte lijst

Een voorbeeld van een claim die nu op de ‘zwarte lijst’ staat, is de generieke milieuclaim. Termen als “milieuvriendelijk”, “groen” of “klimaatvriendelijk” mogen niet zomaar in isolatie worden gebruikt. Bedrijven moeten hiervoor een zogenaamde erkende voortreffelijke milieuprestatie kunnen aantonen, bijvoorbeeld het EU Ecolabel, Nordic Swan of Blauer Engel.

Daarnaast mogen bedrijven onder de nieuwe wetgeving geen milieuclaim maken over het hele product of het hele bedrijf, terwijl de claim eigenlijk alleen gaat over een bepaald aspect van het product of het bedrijf (bijvoorbeeld alleen de verpakking, of een specifieke bedrijfsactiviteit).

Bedrijven mogen ook niet een eigenschap die de wet verplicht stelt, als bijzonder voordeel van het product presenteren. Bijvoorbeeld de claim dat een product een bepaalde schadelijke stof niet bevat, terwijl die stof bij wet verboden is.

Oppassen met klimaatclaims

Van meer technische aard is het verbod op klimaatclaims over producten die zijn gebaseerd op compensatie van uitstoot (offsetting). Denk aan carbon credits uit bos- en energieprojecten. Je mag een product alleen als “klimaatneutraal” of “met beperkte CO2 voetafdruk” aanprijzen, als de compensatie ook aantoonbaar wordt gerealiseerd binnen de waardeketen van het product.

Op bedrijfsniveau geldt het verbod niet, maar communicatie over uitstootcompensatie mag uiteraard niet misleidend zijn. Daarbij is ook de bedrijfscontext relevant: hoe vervuilend is het bedrijf en welke maatregelen worden er genomen om emissies te reduceren?

Voor de praktijk betekenen de nieuwe regels onder meer dat het voor de consument in één oogopslag duidelijk moet zijn waar de duurzaamheidsclaim over gaat. Subjectieve waardeoordelen moeten plaatsmaken voor feitelijke, specifieke (en uiteraard juiste) informatie over de duurzaamheidsaspecten van een product of bedrijfsactiviteit.

Dit werkt door in de manier waarop productverpakkingen en schapkaartjes worden vormgegeven, hoe zoekfilters worden ingesteld in de webwinkel en hoe duurzaam assortiment in bredere zin wordt aangeprijsd. Communiceren over duurzaamheid kan dus nog steeds, maar bedrijven moeten de slag maken van generiek naar specifiek, en van vaag naar feitelijk.

Van overdaad naar overzicht

Naast een nieuwe set ‘verboden’ claims, liggen duurzaamheidskeurmerken onder het vergrootglas. Veel bedrijven gebruiken logos, symbolen en afbeeldingen om consumenten te begeleiden in hun duurzame keuzes. Uit onderzoek blijkt dat consumenten door de bomen het bos niet meer zien. ‘Echte’ keurmerken verliezen hierdoor aan waarde.

Onder de nieuwe regels kwalificeren ‘eigen’ logos al snel als duurzaamheidskeurmerk. Duurzaamheidskeurmerken mogen alleen nog gevoerd worden als ze voldoen aan bepaalde vereisten, zoals transparante toetredingsvoorwaarden en toezicht op de naleving hiervan. Zo niet, dan is ook hier sprake van een ‘zwarte lijst’-overtreding. Visuele elementen in de duurzaamheidscommunicatie zijn dus een belangrijk aandachtspunt voor bedrijven onder de nieuwe wetgeving.

Claims over toekomstige prestaties moeten berusten op een gedegen uitvoeringsplan. Nieuw is dat dit plan ook extern gevalideerd dient te worden. Klimaattransitieplanning is dus ook onder deze wetgeving relevant.

Wat betekent dit voor bedrijven?

De ECGT dwingt tot een kritische blik op de wijze waarop commercieel over duurzaamheid wordt gecommuniceerd. Daarbij is het belangrijk om het doel van de regelgeving voor ogen te houden: eerlijke communicatie.

De reflex om dan maar niets over duurzaamheid te zeggen is onnodig. Consumenten willen juist weten hoe producten en bedrijven presteren op het gebied van duurzaamheid. De ECGT is een kans om dit zichtbaarder te maken.

Bovendien staat de ECGT niet op zichzelf. De wetgeving maakt onderdeel uit van een bredere Europese ontwikkeling onder meer gericht op duurzamer productontwerp, meer inzicht en traceerbaarheid in de toeleveringsketen (denk aan due diligence-verplichtingen en het digitaal productpaspoort) en transparantie richting de markt over duurzaamheidsprestaties.

De ECGT is daarmee meer dan een compliancevraagstuk. Het is onderdeel van een strategische afweging over hoe bedrijven duurzaamheid (blijven) verankeren in hun bedrijfsvoering. Dit vergt wellicht een deels commerciële herijking die, zeker in het begin, best een zoektocht kan zijn, maar wel één die de moeite waard is.

Klimaatrechtadvocaat Marieke Faber is mede-oprichter van New Paradigm, een advocatenkantoor voor toekomstgerichte organisaties. Ze ondersteunt bedrijven en organisaties bij juridisch-strategische uitdagingen op het gebied van duurzaam en verantwoord ondernemen.

Lees ook:

Vanuit Den Haag spreekt dit bedrijf met mensen in crisissituaties, van Bangladesh tot Syrië: 'Betrekken hen bij belangrijk beleid'

Honderden westerse overheden en ngo's willen hulp bieden aan mensen in nood. Maar weten we wel wat die nodig hebben?Niet goed genoeg, betoogt Upinion: beleid wordt te vaak gemaakt zonder dat de mensen over wie het gaat daarbij betrokken worden. Dat leidt tot hulp die bijvoorbeeld niet het gewenste effect heeft of niet voor iedereen toegankelijk is.Daarom ontwikkelde het Haagse bedrijf een online platform dat de stemmen van mensen die zijn getroffen door crisis of conflict wél laat horen. Het gaat daarbij bijvoorbeeld om mensen die hun thuis zijn ontvlucht door oorlog of natuurrampen: van Syrische vluchtelingen in Turkije tot ontheemden in Mali.'We communiceren met hen op de manier waarop jij en ik ook contact met elkaar hebben', vertelt Upinion-directeur Noor Lekkerkerker. 'Niet één keer, maar wanneer ze daar behoefte aan hebben, gedurende langere perioden. We hebben én houden contact.' Juist dat langetermijncontact vindt ze waardevol om te ontdekken wat mensen echt nodig hebben. 'We hebben al in tientallen landen bewezen dat onze technologie werkt.' Contact met mensen in crisisgebieden Sommige mensen in crisisgebieden hebben weinig of geen toegang tot internet. Maar veel van hen ook wél, zegt Lekkerkerker − in elk geval voldoende om mee te doen. Het digital engagement platform van Upinion maakt contact met bestaande berichtenapps als Facebook Messenger en WhatsApp. Klikken mensen op een advertentie van het bedrijf, dan kunnen ze naar een nieuw venster worden gestuurd, waarmee hun privacy wordt geborgd.[caption id="attachment_187599" align="alignright" width="300"] Upinion-directeur Noor Lekkerkerker: 'We hebben al in tientallen landen bewezen dat onze technologie werkt.' | Credits: Upinion[/caption]De gesprekken die volgen zijn geautomatiseerd. Mensen in het buitenland praten dus niet live met een Upinion-medewerker, maar de gesprekken zijn wel gemaakt door Upinion-onderzoekers en lokale experts, zegt Lekkerkerker. 'En willen mensen later nog iets vragen of zeggen, dan blijft de chat beschikbaar via de berichtenapp.'Lekkerkerker vindt het belangrijk dat het contact niet eenzijdig is. Het belangrijkste wat deelnemers terug moeten krijgen is hulp die op hen is afgestemd, vindt ze. Maar concretere dingen zijn ook nodig: soms in de vorm van een financiële vergoeding voor bijvoorbeeld internetkosten, vaak ook in de vorm van nuttige informatie. 'Dat gaat van gegevens van psychisch hulpverleners in de omgeving tot informatie over terugkeer naar hun eigen land als ze daar behoefte aan hebben.' Real-time feedback op humanitaire hulp Klanten van Upinion zijn onder andere VN-organisaties, het Nederlandse ministerie van Buitenlandse Zaken en ngo's. Zij betalen het bedrijf voor rapporten of dashboards waarop geanonimiseerde informatie over hun doelgroep is verzameld. Deels gaat het om informatie tijdens het ontwikkelen van beleid, maar Upinion kan ook feedback ophalen op bestaande hulp. 'De internationale organisatie voor migratie (IOM) zet ons systeem bijvoorbeeld in om real-time feedback op hun interventies te krijgen, om die eventueel te kunnen aanpassen.'Het komt vaak voor dat mensen in crisisgebieden andere informatie hebben dan beleidsmakers dénken dat ze hebben, zegt Lekkerkerker. 'Veel organisaties geven wel informatie aan mensen in crisissituaties, maar hebben geen idee of die informatie relevant wordt gevonden of überhaupt aankomt. Daarom vertalen wij alles, zelfs in de meest lokale dialecten, en checken we of het nuttig is voor de ontvanger. Voor bijvoorbeeld de vluchtelingenorganisatie van de VN is dat cruciale informatie.'Upinions doel is om uiteindelijk gedragsverandering te veroorzaken bij 'de mensen die over het geld en het beleid gaan'. Zij moeten de stemmen van de gemeenschap waar ze voor werken structureel meenemen in besluitvorming en evaluaties, vindt Lekkerkerker. Het helpt daarbij dat de technologie van Upinion tegen relatief lage kosten toegang kan bieden tot veel mensen, ook in moeilijk bereikbare gebieden. 'Dat maakt dat het goed gaat met Upinion, ondanks dat de budgetten voor humanitaire hulp wereldwijd dalen.' Van commercie naar sociaal ondernemen Het digitale platform werd oorspronkelijk in de markt gezet als innovatie voor communicatie met digitale gemeenschappen. Upinion was destijds vooral een commercieel bedrijf. Lekkerkerker: 'Pas later realiseerden we ons dat onze technologie ook heel goed kan worden ingezet voor maatschappelijke doeleinden. Sinds 2019 gebruiken we het alleen om community-driven hulp mogelijk te maken. De technologie is niet het hoofddoel, maar een middel.'Het verdienmodel staat nog steeds, maar Upinion werkt nu alleen nog samen met impactgedreven organisaties. Ook bekijkt het bedrijf de mogelijkheid om steward-owned te worden. Steward-ownership is een ondernemingsvorm waarbij zeggenschap en economisch eigendom van elkaar gescheiden zijn, zodat een onderneming zich optimaal kan richten op zijn missie. De zeggenschap ligt vaak bij een stichting. Impact maken vanuit Den Haag Lekkerkerker zelf woonde enkele jaren in Libanon, maar Upinion opereert vanuit Den Haag. Het kantoor zit in The Hague Humanity Hub, waar ook veel andere missiegedreven organisaties huizen. De verhuizing naar die plek heeft een grote rol gespeeld in de omslag naar sociaal ondernemen, zegt Lekkerkerker. Net als de scale-upprijs van The Hague Innovators Challenge, een initiatief van ImpactCity. 'Die prijs was de bevestiging dat we goed bezig waren.'Natuurlijk is sociaal ondernemen soms een uitdaging, zegt Lekkerkerker. 'Maar we hebben er nooit aan getwijfeld dat we nodig waren.'Bekijk hier hoe ImpactCity ook jouw impactbedrijf vooruit kan helpen. Dit artikel is gemaakt door een van onze expertredacteuren in samenwerking met onze partner ImpactCity. Change Inc. werkt met partners die de klimaattransitie aanjagen. Zij kunnen cases presenteren waar anderen zich aan kunnen optrekken en zijn eerlijk over de uitdagingen. Niet één bedrijf is al 100 procent duurzaam, maar veel zijn onderweg. Dankzij ons partnermodel zijn onze artikelen gratis toegankelijk voor iedereen. Benieuwd naar hoe wij werken? Klik hier. Lees ook:Sociaal ondernemerschap hielp dit bedrijf weer relevant worden in een 'cowboymarkt' Evelyn Brakema (Groene Zorg Alliantie): ‘Groot deel van Nederland kent de relatie tussen klimaatverandering en gezondheid niet’