Maaike Kooijman
05 november 2026, 11:32

Producenten zijn verantwoordelijk voor het afval dat ze creëren, maar 'prikkels om afval te voorkomen zijn óók nodig'

Fabrikanten en importeurs die iets verkopen, zijn daar niet zomaar vanaf. Steeds vaker moeten ze zelf opdraaien voor het afval aan het einde van de levensduur. Zo wil de politiek een circulaire economie stimuleren. Werkt dat? Change Inc. ging op onderzoek uit.

Coca Cola-blikje met statiegeld. De recycledoelstellingen voor verpakkingen werd vorig jaar ruimschoots behaald, onder meer door het statiegeldsysteem. | Credits: Getty Images

Grote bedrijven brengen spullen op de markt en spullen worden afval. Lang was het aan de maatschappij − inzamelaars, recyclers, afvalverbranders − om voor dat afval op te draaien. Maar tegenwoordig zijn het steeds vaker de producenten of importeurs zelf bij wie de juridische en financiële verantwoordelijkheid ligt.

Vergelijk het met een studentenhuis waarin de vieze afwas uit de gemeenschappelijke keuken pal voor ieders kamerdeur wordt gezet. Afwassen zul je − of toch ten minste iemand inhuren om het voor je te doen.

Dat systeem wordt UPV genoemd: Uitgebreide Producentenverantwoordelijkheid. Het bestaat onder meer in de markt voor textiel, elektronische producten, matrassen en verpakkingen. Ook voor meubels is een UPV in de maak, die uiterlijk in 2030 in werking moet treden.

Producenten in die sectoren moeten een zogenoemde afvalbeheerbijdrage betalen voor elk product dat ze op de markt brengen. Die betalen ze aan de producentenorganisatie waarbij ze zijn aangesloten, die op haar beurt inzamelaars en recyclers betaalt om het ontstane afval te verwerken.

Het middel is een belangrijke pijler in het beleid richting een circulaire economie. De vraag is: zorgt dit echt voor grote veranderingen bij bedrijven, of kopen ze hun verantwoordelijkheid simpelweg af?

Recycling van afval stijgt snel

Op het eerste oog lijkt UPV een groot succes: in veel sectoren is het recyclepercentage flink omhooggegaan.

Zo werd vorig jaar 63 procent van de in de handel gebrachte matrassen ingezameld voor recycling, tegenover slechts 42 procent in 2022. Ook de recycledoelstellingen voor verpakkingen werden in Nederland ruimschoots behaald. Waar voorheen het meeste afval werd verbrand, loont het nu steeds meer om producten uit elkaar te (laten) halen en los te recyclen.

Edwin Verhoef hoopt dat dat ook gaat gebeuren bij luiers en incontinentiemateriaal. Ook voor die sector wordt gesproken over UPV.

Verhoef is oprichter van Diaper Recycling Europe en is fervent voorstander van UPV. ‘Jaarlijks ontstaat in Nederland circa 400.000 ton afval van babyluiers en incontinentiemateriaal. Slechts circa 15.000 ton daarvan wordt gerecycled. De rest wordt verbrand. Daarmee verdwijnen op grote schaal waardevolle grondstoffen en ontstaat CO2-uitstoot die met recycling kan worden verminderd’, schreef hij vorige maand in een open brief aan klimaatminister Stientje van Veldhoven.

Diaper Recycling Europe ontwikkelt een technologie waarmee verschillende grondstoffen teruggehaald kunnen worden uit luiers, zoals plastics, cellulosevezels en zogenoemde superabsorberende polymeren (SAPs). Vergeleken met verbranding zorgt dat voor een besparing van 70 procent op de CO2-uitstoot, zegt Verhoef.

De pilots zijn geslaagd, een grote installatie is er nog niet. Verhoef: ‘Luiers zijn heel ingenieus ontworpen. Ze zijn daardoor makkelijk in gebruik, maar moeilijk om te recyclen. De aanvangsinvestering van installaties is dus serieus.’ Hij is momenteel op zoek naar investeerders voor zijn bedrijf, maar weet dat het verdienmodel daarvoor wel in orde moet zijn. ‘Een UPV met marktconforme verwerkingstarieven kan de zekerheid bieden die we nodig hebben om op te schalen. Hoe langer we wachten, hoe meer grondstoffen er verloren gaan.’

In veel sectoren is het recyclepercentage flink omhooggegaan sinds de invoer van UPV. | Credits: Getty Images

Afval wordt niet voorkomen

Ook veel andere circulaire bedrijven zien UPV als een belangrijk middel richting een circulaire economie, zegt Klaske Kruk. Maar ze wijst ook een belangrijke tekortkoming: er zit een groot verschil tussen afval recyclen en afval voorkomen.

Kruk is directeur van de Nederlandse Vereniging Circulaire Economie (NVCE). Ze spreekt veel met bedrijven over de stappen die ze zetten richting een economisch systeem waarin grondstoffen en producten in principe worden hergebruikt. Dat was ook het hoofddoel van UPV, zegt ze: producenten financieel prikkelen om hun producten zo te ontwerpen dat ze langer meegaan. Zodra die afval werden, zouden ze er immers voor moeten betalen.

In de praktijk ontbreekt dat effect vaak. UPV is minder gericht op hergebruik van producten, en meer op inzameling en recycling, ziet Kruk. ‘Dat is ook belangrijk, maar hergebruik zorgt voor veel minder CO2-uitstoot dan recycling.’

Kleding wordt poetsdoek

Recycling is bovendien niet het eindstation in een circulaire economie, zegt Kruk. Om werkelijk tot een closed loop te komen, moet dat gerecyclede materiaal ook weer in nieuwe producten worden gebruikt. Daar schort het vaak nog aan.

Onder andere voor textiel zijn nieuwe grondstoffen veel goedkoper dan zogenoemd post-consumer recyclaat. Daardoor worden gerecyclede vezels nu gebruikt in poetsdoeken of isolatiemateriaal, en weinig in nieuwe kleding. ‘Als je circulair werken echt wilt stimuleren, hoort daar ook een verplicht percentage recyclaat in nieuwe producten bij’, zegt Kruk. ‘Investeerders in recyclingtechnologie kijken niet alleen naar wetgeving, maar ook naar afzet.’

De afzetkwestie speelt ook bij bedrijven die geen recyclede grondstoffen, maar juist herbruikbare producten als meubels en kleding leveren voor herverkoop. Vooral de match tussen vraag en aanbod is daarbij een uitdaging, zegt Cas Raedts, die aan de Universiteit Utrecht onderzoek doet naar de circulaire transitie. ‘Inkopers van herbruikbare producten hebben behoefte aan een constante invoerstroom, terwijl inzamelaars en recyclingcentra afhankelijk zijn van wat er binnenkomt.’

Duurzaamheidskorting op je afvaltarief

Wie een circulaire economie wil, moet dus verder denken dan alleen ‘klaarmaken voor recycling’: de huidige doelstelling van veel UPV’s. En er is nog iets wat nodig is om werkelijke circulariteit te stimuleren: verschillen in de afvalbeheerbijdrage voor duurzame en niet-duurzame bedrijven.

Als bedrijven minder hoeven te betalen voor het op de markt brengen van lang bruikbare producten van duurzame materialen dan voor hun vervuilendere evenknie, is dat immers een directe financiële prikkel om hun processen en producten te verduurzamen. Tegelijkertijd krijgen circulaire pioniers een financieel voordeel. Dat principe wordt ook wel ecomodulatie genoemd.

Lara-Marie Bodirsky ziet wel wat in zulke ecomodulatie. Ze doet onderzoek naar de circulaire transitie in de textielketen aan de Universiteit Utrecht. De textielketen valt sinds 2023 onder een UPV, al laten de resultaten nog te wensen over, schrijft NRC in een reconstructie.

‘Korting op de afvalbeheerbijdrage kan zeker helpen om circulairder te gaan werken,’ weet Bodirsky, ‘mits de korting hoog genoeg is. Bovendien is het een extra argument voor de duurzaamheidsmanagers van bedrijven die hun bestuur moeten overtuigen. Het helpt een level playing field te creëren voor degenen die willen verduurzamen.’

Sinds 2020 is het voor producentenorganisaties verplicht om ‘indien mogelijk’ verschillende prijzen voor verschillende producten te hanteren, rekening houdend met ‘de gehele levenscyclus van producten en de duurzaamheid, repareerbaarheid, herbruikbaarheid, recyclebaarheid en de aanwezigheid van gevaarlijke stoffen’. Maar de organisaties hoeven prijzen nog niet te baseren op de duurzaamheid van een product of verpakking.

Over op andere verdienmodellen

Voor de meubelsector wordt wel ecomodulatie voorgesteld. Dat stemt hoopvol, zegt Dionne Ewen, duurzaamheidsmanager bij kantoormeubelbedrijf Koninklijke Ahrend. Ahrend werkt actief aan een duurzame economie, onder meer door gebruikt kantoormeubilair op te halen en te verkopen als refurbished.

Net als Kruk vindt ook Ewen dat UPV nuttig kan zijn, maar onvoldoende om circulair werken aantrekkelijker te maken. ‘UPV is uiteindelijk slechts een afvalwetgeving. Er moeten ook prikkels zijn om afval juist te voorkomen. Denk aan het aantrekkelijk maken van dienstverlening op producten, waardoor bedrijven een alternatief verdienmodel gaan zien.’

B2B-bedrijf Ahrend sluit langdurige contracten af met grote afnemers. Het onderhoud van meubels is daar vaak al onderdeel van. Voor bedrijven die aan consumenten leveren is dat anders, weet ze. ‘Maar in beide markten ligt nog een grote kans voor bijvoorbeeld statiegeldregelingen en leasing. Dat zorgt voor een marktwerking op hergebruik. Je kunt prima verdienen aan dienstverlening, maar UPV stimuleert dat nu niet.’

In gesprekken over een circulaire economie wordt nog te vaak gesproken over afvalverwerking óf productontwerp, ziet Ewen. ‘Daartussenin zit nog een hele wereld waar we iets aan kunnen doen.’

Sommige UPV’s bestaan al decennia, zoals die voor papier en karton. | Credits: Jenya Shportiak via Unsplash

De juiste mensen aan tafel

Een verplicht percentage gerecycled materiaal, korting voor duurzame producenten, nieuwe verdienmodellen stimuleren: zulke details bepalen uiteindelijk het effect van UPV. ‘Het belangrijkste is dat het doel van UPV en het ontwerp ervan goed op elkaar zijn afgestemd’, zegt onderzoeker Bodirsky. ‘Je kunt een UPV ontwerpen die alleen voldoet aan de wettelijke verplichtingen, maar het heeft ook de potentie om bijvoorbeeld reparatie, ecodesign en hergebruik echt te stimuleren.’

Het ontwerp gaat bijvoorbeeld over de doelstellingen en de uitvoering, maar ook over de vraag door wie die bepaald worden. ‘Als het doel is om reparatie te stimuleren, moeten er ook reparateurs bij het beleidsontwerp betrokken zijn’, zegt Bodirsky.

Vaak is de gevestigde orde goed vertegenwoordigd bij een ketenoverleg over UPV, daar waar circulaire initiatieven minder zeggenschap krijgen. Dat kan leiden tot minder ambitieuze inzamel- en recycledoelen of een (te) lage afvalbeheerbijdrage voor bedrijven. Terwijl het juist ook interessant kan zijn om de financiële bijdrage te verhogen, zegt Bodirsky.

‘Dat hebben ze in Frankrijk bijvoorbeeld gedaan met textiel. Het geld dat bedrijven afdragen dient niet meer alleen om de kosten van inzameling en recycling te dekken, maar wordt ook gebruikt voor initiatieven rondom bijvoorbeeld reparatie.’ Ook wordt er in Frankrijk geld gestoken in R&D voor recyclingtechnologie.

Uitdagingen in de organisatie

Aan de effectiviteit van UPV zitten dus nogal wat haken en ogen. Dat hoeft geen reden te zijn om ervan af te zien, zegt Kruk van de NVCE, maar wél om goed te kijken naar welke doelen behaald moeten worden en hoe.

Bovendien staat de wetgeving niet op zichzelf. ‘Je kunt een perfecte UPV ontwerpen, maar daar heb je veel meer aan als de rest van het ecosysteem óók op orde is’, zegt onderzoeker Raedts. ‘Denk alleen al aan de fysieke infrastructuur om producten in te zamelen. Voor de UPV meubels is dat een flinke uitdaging, want het vervoeren en opslaan van afgedankte meubels neemt heel wat ruimte in beslag.’

‘Uitdagingen in de uitvoering van een UPV hangen vaak samen met het herstructureren van de hele keten, zoals het creëren van nieuwe samenwerkingen. Puur technologische barrières spelen minder vaak een rol’, zegt Raedts. ‘De effectiviteit van UPV hangt daarmee − net als bij ander beleid − sterk af van het systeem waarin het middel wordt toegepast. Een UPV kan slechts zo sterk zijn als het systeem erachter.’

Lees ook:

Nieuwsupdate: Massaclaim tegen Chemours om pfas-vervuiling en Nederlandse plasticrecycler vervijfvoudigt capaciteit

Nog een massaclaim tegen Chemours om pfas-vervuiling Chemiebedrijf Chemours wordt nogmaals aangeklaagd om pfas-vervuiling: stichting PFAS Vrij Green Claim start een rechtszaak namens zo'n 550.000 omwonenden. Dat meldt onder meer De Telegraaf. Chemours produceert in Dordrecht zogenoemde fluoropolymeren, waaronder teflon.De omwonenden willen dat de rechtbank Chemours aansprakelijk stelt voor de pfas-vervuiling in de omgeving van de fabriek en het bedrijf verbiedt nog pfas uit te stoten. Daarnaast eisen ze een vergoeding voor de geleden schade, waaronder gezondheidsrisico's.Naast deze massaclaim lopen ook al andere rechtszaken tegen Chemours, onder meer vanuit regionale overheden. Advocaat Bénédicte Ficq deed in 2023 ook al aangifte namens ruim 2.600 omwonenden. Het onderzoek in die zaak loopt nog.Lees ook: Unieke milieustrafzaak tegen Tata Steel: 'De uitkomst kan een nieuw juridisch precedent scheppen' Ebusco krijgt € 12 miljoen toegezegd, kan productie e-bussen voortzetten Ebusco heeft 12 miljoen euro toegezegd gekregen van aandeelhouders. Het gaat om twee strategische investeerders en drie andere aandeelhouders, die hebben toegezegd in totaal 240 miljoen nieuwe gewone aandelen te kopen.De Brabantse producent van elektrische bussen zegt hiermee de lopende orders uit te kunnen voeren en tot het tweede kwartaal van 2027 door te kunnen. Volgend jaar wil Ebusco ook andere aandeelhouders 'de kans geven' om nieuwe aandelen te kopen tegen dezelfde prijs, tot een totaalbedrag van 5 miljoen euro,Eerder deze week meldde het Eindhovens Dagblad nog dat Ebusco de betaling van de salarissen over oktober meermaals had uitgesteld. Ook de productie lag al maanden grotendeels stil. Een faillissement leek onvermijdelijk, maar dat lijken de aandeelhouders niet te willen laten gebeuren.Lees ook: Peter Bijvelds bouwde Ebusco uit van startup tot beurslieveling, daarna ging het mis BlueAlp vervijfvoudigt capaciteit voor plasticrecycling De Eindhovense plasticrecycler BlueAlp gaat zijn capaciteit fors opschalen. Er komt een productiefaciliteit in Kampen, de capaciteit van de fabriek in Oostende wordt verdubbeld en er staat een nieuwe fabriek in Rotterdam op de planning. De productiecapaciteit groeit daarmee naar zo’n 140.000 ton pyrolyse-olie per jaar, tegenover 24.500 ton nu.In de fabrieken van BlueAlp wordt plastic verhit onder zuurstofarme condities (pyrolyse). Zo ontstaat pyrolyse-olie, een bouwsteen voor de productie van volledig nieuwe plastics zoals verpakkingsfolie.Ceo Valentijn de Neve zegt tegen Change Inc. dat de interesse voor circulair plastic zichtbaar toeneemt vanwege nieuwe Europese regelgeving. Nieuwe Europese verpakkingsregels brengen onder meer een verplichting om vanaf 2030 minimaal 10 procent gerecycled plastic te gebruiken. ‘De verpakkingssector begint daar nu al op voor te sorteren. Structurele aanpassingen bij de inkoop moet je zo’n drie jaar van tevoren geregeld hebben.’Lees ook: Plasticrecycler uit Eindhoven schaalt fors op met pyrolyse-olie: ‘Interesse in circulair plastic neemt toe’ Sector wil alle warmtepompen 'slim' maken Netbeheerders en warmtepompfabrikanten hebben met elkaar afgesproken dat elke geproduceerde warmtepomp vanaf 2028 slim aanstuurbaar is. Op die manier moet piekbelasting op het stroomnet worden voorkomen, schrijft de Vereniging Duurzame Warmte. Netbeheerders zeggen te zorgen 'voor de benodigde signalen en randvoorwaarden om deze mogelijkheid te benutten'.Het idee is dat warmtepompen worden gebruikt op momenten waarop het net minder wordt zwaar belast, zodat ze in de middag- en avondpiekuren minder elektriciteit vragen. Dat is extra belangrijk nu het kabinet een warmtepomp vanaf 2029 verplicht wil maken bij het vervangen van de cv-ketel.Een woning met een all-electric warmtepomp kan bijvoorbeeld eerder op temperatuur worden gebracht. In gebouwen met een hybride warmtepomp kan de cv-ketel tijdelijk verwarmen, in plaats van de warmtepomp. Volgens de sector levert dat naast ontlasting van het stroomnet ook een besparing op de energierekening op.Lees ook: Innovatie bij warmtepompen: 4 alternatieve oplossingen voor woningen om deels of helemaal van het gas af te gaan Fastned haalt € 27 miljoen op met nieuwe obligatie-uitgifte Fastned heeft 27 miljoen euro opgehaald bij duizenden Nederlandse en Belgische particuliere beleggers in een nieuwe obligatie-uitgifte, de derde en laatste van dit jaar. Daarmee komt het totaalbedrag aan nieuwe investeringen via obligaties dit jaar uit op 92 miljoen euro. Een record voor het bedrijf, aldus Fastned, dat in totaal 364 miljoen euro aan particuliere obligaties heeft uitstaan.De verse miljoenen zijn nodig om het snellaadnetwerk uit te breiden. Fastned heeft nu 452 stations in negen landen, en 70 stations in aanbouw.Lees ook: Met snellaadpalen mikt GOase op een heel nieuwe doelgroep: 'De Fastned van de binnenstad' Change Inc. volgen via Google? Dat kun je hier doenOok in de media:Geldgebrek blijft gigantisch in strijd tegen gevolgen van klimaatverandering (Nu.nl) Brussel zet het mes in regels die natuur moeten beschermen, maatschappelijke organisaties luiden de noodklok (Trouw) Vraag naar groene vaardigheden groeit sneller dan aanbod (LinkedIn) Steeds meer autokilometers afgelegd met volledig elektrische auto (CBS) Analyse: Maatregelen landbouw, natuur en stikstof ingrijpend voor boerenbedrijven (Wageningen Universiteit) Amsterdamse kabelreus Hanab heeft grote ambities en doet derde overname in Engeland (De Telegraaf) Milieubeweging richt vizier weer op JBS, ditmaal via antiwitwaswetgeving (FD) Europese Commissie presenteert nieuwe EU-strategie voor duurzaam toerisme (Duurzaam ondernemen)