Wilke Wittebrood
12 november 2024, 21:30

Shell wint tijd met zege op Milieudefensie, maar zal hoe dan ook moeten vergroenen

Blijft Milieudefensie met lege handen achter in de klimaatzaak tegen Shell? Nee, zeggen deskundigen. Het Hof mag de oliegigant in het hoger beroep dan in het gelijk hebben gesteld, maar dat is slechts ‘uitstel van het onvermijdelijke’. Vier vragen.

Getty Images 1229892536 Milieudefensie blijft verbijsterd achter na de uitspraak van het Hof in de rechtszaak tegen oliegigant Shell. | Credits: Getty Images

Op welke gronden heeft Shell gewonnen?

Vriend en vijand werd drie jaar geleden verrast door de overwinning van Milieudefensie op Shell. De milieuorganisatie eiste via de rechter dat de olie- en gasreus zijn uitstoot in 2030 met ten minste 45 procent zou verminderen ten opzichte van 2019, en werd daarin in het gelijk gesteld. Het gaat hierbij om het geheel van emissies: de operationele uitstoot, inclusief energieverbruik (scope 1 en 2) en de uitstoot in de keten (scope 3).

De CO2 die vrijkomt bij het verbranden van benzine of kerosine, bijvoorbeeld. Daar valt de meeste winst te halen, maar precies daar wringt het. Shell ging tegen de uitspraak in beroep omdat het volgens het bedrijf ‘niet haalbaar of zelfs redelijk om te verwachten’ zou zijn om de uitstoot van klanten in die tijd praktisch te halveren. Deskundigen gaven toen al aan dat de fossiele gigant grote kans maakte op dat punt in het gelijk te worden gesteld.

“Scope 3 was altijd al de zwakke schakel”, zegt Phillip Paiement, hoogleraar Recht en Bestuur in het Antropoceen aan de Tilburg Universiteit. “Omdat er onvoldoende wetenschappelijke consensus is over de verplichtingen waar olie- en gasbedrijven als Shell op dat vlak aan moeten voldoen.” Marieke Faber, advocaat en medeoprichter van het klimaatgerichte advocatenkantoor New Paradigm, voegt toe: “Dat betekent niet dat het Hof de noodzaak voor Shell om iets aan de scope 3-emissies te doen, niet ziet. Zij achten zich alleen niet in staat daar een percentage op te plakken.”

Op basis van dat argument is de zaak in het hoger beroep verworpen. Volgens het Hof is de door Milieudefensie geëiste 45 procent minder CO2 een gemiddelde dat niet zomaar op elk bedrijf kan worden toegepast. Shell kan zelfs meer gaan uitstoten, bijvoorbeeld door gas te gaan leveren aan fabrieken die voorheen op kolen draaiden. Paiement: “Daardoor stijgen de eigen emissies, maar draagt het bedrijf óók bij aan de afname van de wereldwijde uitstoot.”

Milieudefensie blijft dus met lege handen achter?

Dat niet. Het Hof erkent namelijk óók dat Shell een maatschappelijke zorgplicht heeft en zich moet inspannen om de gevolgen van gevaarlijke klimaatverandering tegen te gaan. “Dat is significant”, zegt Paiement. “Shell kan zich niet meer verschuilen achter het argument dat het bedrijf zich aan de wet houdt. Ook als je alle regels volgt en alle milieurapportages inlevert, kun je aansprakelijk worden gesteld.”

Shell stelt die verplichting ook te voelen. Na de gevoelige tik die het bedrijf in 2021 in de rechtbank kreeg, scherpte het bedrijf de klimaatambities aan, tot een reductie van 50 procent in scope 1 en 2 tegen 2030. Paiement: “Shell zal zeggen dat dit los staat van de klimaatrechtszaak, Milieudefensie zal het vieren als een overwinning.” Met de kanttekening dat de duurzame doelen drie jaar later weer werden afgezwakt: een reductiedoelstelling van 45 procent voor de net carbon intensity, de uitstoot per eenheid verkochte energie, ging volledig overboord. Het kwam Shell op forse kritiek te staan.

In bestuurskamers is zeker opgelucht ademgehaald na de winst van Shell?

Shell mag het hoger beroep gewonnen hebben, dat betekent niet dat het bedrijf nu off the hook is. Vanaf 2027 moet het bedrijf voldoen aan de Corporate Sustainability Due Diligence Directive (CSDDD), die bedrijven verplicht om een klimaattransitieplan op te stellen en uit te voeren. Ze hebben de vrijheid om hun eigen reductiedoelstellingen op te stellen, maar die moeten wetenschappelijk onderbouwd zijn.

“Dit is slechts uitstel van het onvermijdelijke”, meent Faber. Ze voorziet dat de nieuwe klimaatwetgeving uit Europa – naast de CSDDD gaat dat onder andere ook over de CSRD-rapportageplicht, die al van kracht is – mogelijk ook haakjes voor toekomstige rechtszaken biedt. “Omdat iedereen nu meekijkt.”

Gert Jan Kramer, hoogleraar Duurzame Energievoorziening aan de Universiteit Utrecht, is geen fan van de klimaatzaak als stok. “Ik heb moeite met het feit dat individuele spelers aangesproken worden”, zegt hij. “Shell is een grote partij, maar tegelijkertijd ook maar een radar in een groter systeem. Stel dat het bedrijf van het Hof wél aan de scope 3-reductieplicht had moeten voldoen en de productie dus, even kort door de bocht, met bijna de helft zou moeten worden teruggeschroefd. Dan waren afnemers gewoon naar een andere partij gegaan. Want de wereldeconomie draait nog steeds grotendeels op olie en gas. Er is geen enkel scenario waarin we in 2030 al met bijna de helft minder toe kunnen.”

Het bouwen van een compleet nieuwe, groene economie vraagt volgens Kramer om een gezond ondernemingsklimaat. “Daarop zou de focus moeten liggen”, vindt hij. “Rechtszaken als deze doen het klimaat geen goed. Als we ons alleen maar richten op emissiereductie, bestaat het gevaar dat we ergens in het komende decennium niet alleen eindigen met nul emissies, maar ook met nul industrie. En niet om Shell al te veel veren op de hoed te steken, maar volgens EW was het bedrijf vorig jaar de grootste investeerder in de verduurzaming van Nederland.”

Is het eigenlijk aan de rechter om verandering in het bedrijfsleven af te dwingen?

Daarover zijn de deskundigen eensgezind: nee. Dat is aan de politiek, al lijkt het klimaat daar momenteel niet hoog op de prioriteitenlijst te staan. “Des te belangrijker dus om het onderwerp in de publieke arena te blijven adresseren en bediscussiëren”, zegt advocaat Faber. “Al moeten we voorkomen dat we in een claimcultuur belanden. Ik ben meer voorstander van een constructieve aanpak. In plaats van de beschuldigende vinger, denk ik dat er meer waarde zit in samenwerken en de dialoog opzoeken.”

Maar vergeet niet wat klimaatrechtszaken al teweeg hebben gebracht, voegt hoogleraar Paiement toe. “Inmiddels vinden we het al bijna normaal, maar tot voor kort werd er nog niet gesproken over civiele aansprakelijkheid of het meenemen van scope 3-emissies bij het toetsen van individuele bedrijven. De volgende horde om te nemen, is of en welke absolute reductieverplichting een bedrijf als Shell kan worden opgelegd. Deze rechtsprocessen zijn extreem belangrijk om de open vragen die er nog liggen, te identificeren.”

Lees ook:

Dit bedrijf gebruikt al jaren gerecycled plastic en kan door nieuwe samenwerking blijven groeien

“We zijn een beetje een vreemde eend in de bijt”, zegt Arno Kanters, directeur van AVK Plastics. “Als onderdeel van de Deense AVK Group - die voornamelijk metalen afsluiters produceert - focust AVK Plastics zich juist op kunststofproducten.” Het bedrijf opgericht in Nederland en inmiddels actief door heel Europa, maakt producten zoals straatpotten, transportpallets en mobiele afvalcontainers van gerecycled kunststof met een zo klein mogelijke milieu-impact “We voegen slechts in kleine hoeveelheid nieuwe additieven aan onze gerecyclede kunststof toe, zoals voor het inkleuren van producten of betere verwerking. Maar het uitgangspunt is dat het eindproduct ook weer volledig recyclebaar is.” Drankkartons recyclen AVK Plastics werkt sinds 2022 samen met met Recon Polymers. Dit bedrijf uit Roosendaal verwerkt PolyAl-afval uit drankenkartons tot herbruikbare grondstoffen voor de kunststofindustrie. PolyAl is het restant van plastic en aluminium dat overblijft nadat papierfabrieken de papiervezels uit gebruikte drankenkartons hebben gehaald. Tetra Pak, producent van drankkartons en voedselverwerkingsoplossingen, investeerde in 2023 nog 1 miljoen euro in de recyclingtechnologie van Recon Polymers. Die investeringen zijn belangrijk, omdat geavanceerde techniek nodig is om de PolyAl-reststroom zo te verwerken dat er een grondstof uitkomt die AVK Plastics kan gebruiken voor nieuwe producten. Met de kapitaalinjectie stijgt de recyclingcapaciteit tot minstens 8.000 ton per jaar. Hierdoor kan ongeveer 30 procent van het PolyAl uit drankenkartons in Frankrijk, België en Nederland gerecycled worden. Schone korrel “Het is belangrijk dat wij een gerecyclede korrel krijgen die voldoet aan de juiste specificaties zodat wij er iets mee kunnen”, zegt Kanters. “Deze korrel kunnen wij vervolgens tot zo’n 20 procent bijmengen in onze receptuur voor nieuwe producten.” Deze maakt AVK Plastics middels spuitgieten. De kunststofreceptuur wordt met een spuitgietmachine verhit en gesmolten en in een gekoelde stalen mal geperst. Als de kunststof voldoende afgekoeld en gestold is, wordt de mal geopend en blijft een nieuw product van gerecycled kunststof over. Het spuitgietproces is nauwkeurig afgesteld; verandert de receptuur, dan moet ook vaak het proces bijgesteld worden. Kanters: “Het PolyAl-granulaat dat we via Recon binnenkrijgen, kunnen we op dit moment alleen nog verwerken in de receptuur voor transportpallets. Dat is de eerste toepassing die we hebben aangepakt. Maar in de toekomst zie ik ook mogelijkheden voor enige van onze andere producten.” Technische innovaties AVK Plastics werkt al sinds het begin van zijn bestaan met gerecyclede kunststoffen en ziet zijn productievolumes gestaag groeien. “We hebben dus ook steeds meer volume grondstof nodig”, zegt Kanters. “Samenwerken met partners die ons een stabiele en consistente materiaalstroom kunnen bieden is dus essentieel. De samenwerking met Recon Polymers en andere partners zoals Tetra Pak is ideaal, omdat we met hen open en transparant kunnen samenwerken en zo technische innovaties sneller kunnen doorvoeren.”AVK Plastics maakt verschillende producten van gerecycled kunststof zoals straatpotten, transportpallets en mobiele afvalcontainers.Faillissementen De markt voor gerecycled kunststof is veranderd. Waar gerecycled materiaal vroeger als inferieur werd beschouwd, is er nu steeds meer vraag naar. Toch zijn er in de afgelopen maanden verschillende vooraanstaande plasticrecyclers failliet gegaan, zoals Umincorp en Ioniqa. De reden volgens deze bedrijven: goedkoop virgin plastic uit het buitenland en achterblijvende beleidsmaatregelen, zoals de bijmengverplichting van kunststofrecyclaat in nieuwe producten. Toch denkt Kanters niet dat zo’n verplichting alleen een wenselijke situatie gaat sorteren. “Voor sommige bedrijven gaat de verplichte overstap naar gerecycleerd materiaal moeilijk zijn, omdat ze gewend zijn aan de voorspelbare eigenschappen van nieuw kunststof. Daar zijn hun processen op afgesteld. Wij hebben een behoorlijk grote technische dienst die zich juist richt op dit soort uitdagingen.”Webinar: Hoe recyclen we drankenkartons weer tot hoogwaardige producten? Op 3 december om 15.00 uur organiseert Change Inc. in samenwerking met Tetra Pak een webinar over de recycling van drankenkartons in Nederland. In het bijzonder gaan we in op wat er nu al mogelijk is. Hoe worden drankkartons nu verwerkt? Welke grondstoffen worden eruit gehaald? En wat voor nieuwe spullen kun je van dit materiaal maken? Schrijf je snel in via deze link.Bijmengverplichting Hebben bedrijven dan niet ruim de tijd gekregen om hun productieprocessen klaar te maken voor de bijmengverplichting in 2027? “De regelgeving schiet tekort op een heel ander probleem, namelijk garanderen dat er genoeg schoon, bruikbaar gerecyclede kunststof beschikbaar is”, zegt Kanters. “Als bedrijven straks verplicht worden om 30 procent recyclaat te gebruiken, dan moeten ze op zoek naar recyclaat met de eigenschappen van virgin materiaal. Dat is misschien voor sommige afvalstromen mogelijk. Maar als je gerecycled kunststof met de eigenschappen van virgin wilt hebben, kom je alsnog op een heel duur secundair materiaal uit. Ik ben bang dat er straks veel te weinig recyclaat beschikbaar gaat zijn, terwijl de vraag naar kunststoffen alleen maar blijft stijgen.” Minder verbranden Liever ziet Kanters maatregelen die ervoor zorgen dat er meer plastic wordt teruggewonnen uit afval. Daarvoor moet meer ingezet worden op inzameling, sortering en verwerken. “Een verbod op het verbranden van kunststof afval zou een stap in de goede richting zijn. Idealiter zorgt regelgeving ervoor dat afval bij recyclers terechtkomt, in plaats van bij de verbrandingsinstallaties. Zo’n aanpak zou de beschikbaarheid van gerecyclede grondstoffen verbeteren en bedrijven helpen om hun producten verder te verduurzamen.” Lees ook: Van afgedankt hout tot nieuwe meubels: deze drie bedrijven slaan de handen ineenNieuwe wind langs oude molens: hoe Vattenfall zijn windparken circulair wil makenEen bibliotheek vol kennis over circulaire materialen zoals urine, haar en algenDit artikel is gemaakt door een van onze expertredacteuren in samenwerking met onze partner Tetra Pak. Change Inc. werkt met partners die de klimaattransitie aanjagen. Zij kunnen cases presenteren waar anderen zich aan kunnen optrekken en zijn eerlijk over de uitdagingen. Niet één bedrijf is al 100 procent duurzaam, maar veel zijn onderweg. Dankzij ons partnermodel zijn onze artikelen gratis toegankelijk voor iedereen. Benieuwd naar hoe wij werken? Klik hier.