Teun Schröder
02 oktober 2024, 11:00

Changemaker Elisah Pals (Zero Waste Nederland): ‘Het is waanzin om te denken dat je alles tegelijk kunt aanpakken’

Mensen die haar al een tijdje op sociale media volgen weten dat Elisah Pals veel opvallende tips en praktische kennis in huis heeft voor een afvalvrij leven. Maar haar inspanningen gaan verder dan dat. Met Zero Waste Nederland probeert ze consumenten, bedrijven en overheden na te laten denken over het verminderen van afval. “Er is de laatste decennia een magisch denken ontstaan over recycling.”

Todays Change Makers Elisah Pals bruin “Ons afvalprobleem is heel sterk gedragsgerelateerd. En tegelijk is het een symptoom van een veel groter systeem."

In 2018 startte je het burgerinitiatief Zero Waste Nederland. Wat is het doel van dit initiatief?

“Het uiteindelijke doel van Zero Waste Nederland is een wereld zonder afval. Ons werkgebied is Nederland, maar onze ambitie stopt niet bij de landsgrenzen. Het grootste doel is om afval te elimineren. We kiezen voor preventie, omdat recyclen en opruimen slechts dweilen met de kraan open is. We willen een einde maken aan de wegwerpmaatschappij.”

Ik las dat jullie ook bedrijven en overheden adviseren. Waarom wil je ook die groep bereiken?

“We begonnen met ons te richten op consumentengedrag, ook vanuit mijn achtergrond in de psychologie en individuele gedragsverandering. We realiseerden ons echter al snel dat consumenten goede keuzes wel moeten kúnnen maken, en dat de verantwoordelijkheid niet alleen bij hen ligt. Als consument ben je ook een soort gebonden in een systeem waar overheden, supermarkten en bijvoorbeeld fast fashion-ketens een rol spelen. Het is dus niet eerlijk om alleen naar de consument te wijzen. We moeten op alle niveaus tegelijk werken: bedrijven, consumenten en overheid. Daarnaast is de rol van media ook belangrijk: hoe praten we over duurzaamheid? De woorden die we kiezen zijn belangrijk.”

Wat valt je nu op als je naar het thema duurzaamheid in de media kijkt?

“Er wordt doorgaans geschreven over duurzaamheid in een verlies-frame. Het wordt verbonden aan dingen die we niet meer mogen, aan beperkingen, leuke dingen die we moeten laten. Gelukkig zijn er ook platforms die het anders doen, die juist laten zien dat je met duurzaamheid heel veel kunt winnen. Dat het kan bijdragen aan je gezondheid. Dat je er geld mee bespaart. Dat het je een krachtig gevoel geeft als je bijvoorbeeld je eigen kleding repareert. Dat je creatiever gaat koken. En dat je minder kan gaan werken omdat je minder geld uitgeeft aan nieuwe spullen, omdat het goedkoper is om te lenen en te ruilen. Duurzaamheid is voor mij juist een enorme verrijking geweest.”

Je bent opgeleid als psycholoog. In hoeverre is ons afvalprobleem een gedragsprobleem?

“Ons afvalprobleem is heel sterk gedragsgerelateerd. En tegelijk is het een symptoom van een veel groter systeem. Het gaat over hoe we ons als mensen verhouden tot de natuur en hoe we met grondstoffen omgaan. We zijn heel goed in produceren, maar nadenken over wat er daarna met onze spullen gebeurt doen we nauwelijks. ‘Dat zien we dan wel, of dat lost een ander wel voor ons op’. Ons handelen heeft consequenties voor de toekomst, maar in de keuzes die we in het nu maken zijn we gericht op kortetermijngenot en -gemak, en stellen we onszelf centraal. We hebben veel meer nodig dan afval bestrijden en beach clean-ups. Daarmee lossen we het probleem niet op. We moeten veel meer verantwoordelijkheid nemen voor de consequenties van onze keuzes, niet alleen als consumenten, maar ook als overheid en bedrijven.”

Bij Change Inc. schrijven we regelmatig over innovaties die verbeterde recycling van afval beloven. Hoe kijk jij naar dit soort innovaties?

“Er is de laatste decennia een magisch denken ontstaan over recycling: je stopt een afgedankte shampoofles in een machine en er komt weer een nieuwe shampoofles uit. Dat is helemaal niet hoe het gaat. We recyclen met z’n allen nog steeds heel weinig. We sorteren het plastic en het wordt in een baal geperst. Maar er zijn veel te weinig afnemers van gerecycled plastic en recyclers hebben het zwaar. Er is veel te veel virgin plastic dat spotgoedkoop op de markt gedumpt wordt. En vooralsnog zijn we heel slecht in het verplicht stellen van een vast aandeel gerecycled materiaal in nieuwe producten. Er is dus weinig prikkel om gerecycled plastic te gebruiken, en daarom gebeurt het heel weinig.

Recycling is de laatste oplossing voordat iets de verbrandingsoven ingaat. De oplossing waar ik voor sta, is preventie. Dan krijg je ook heel andere vragen: van hoe kunnen we dit recyclen, naar hoe kunnen we deze afvalstroom in de eerste plaats voorkomen? Neem wegwerp-koffiebekers. We kunnen die inzamelen en recyclen. Misschien. Want ook dat is niet zo simpel met plastic verlijmd in karton. Maar laten we simpelweg de vraag stellen of het ook anders kan? Moeten we niet gewoon een eigen beker meenemen en een vaatwasser aanschaffen?”

Hoe motiveer je anderen om mee te doen met deze beweging?

“Ik probeer altijd de positieve aspecten te benadrukken. Ik heb het niet zo snel over duurzaamheid of klimaat. Ik benader het meer vanuit ‘what’s in it for me’. Iedereen wil een gezonder leven, minder stress, fijne spullen van goede kwaliteit en een opgeruimd huis. Zo hoop ik zoveel mogelijk positieve associaties te leggen. Ik koppel het altijd aan handelingsperspectief. Vanuit mijn achtergrond weet ik dat mensen moedeloos worden als problemen te groot worden gepresenteerd, dus ik probeer altijd met oplossingen te komen, klein en morgen toepasbaar.”

Hoe gaat het met je eigen afvalvrije bestaan? Wat is het moeilijkst gebleken in je zoektocht om afvalvrij te leven?

“Het gaat best aardig. De meeste veranderingen heb ik één keer gemaakt en daar kom ik niet meer van terug. Een goed voorbeeld is menstruatieproducten: ik gebruik nu alleen wasbare en herbruikbare producten, geen wegwerpartikelen meer. Die switch was zo prettig, en bespaarde me zo veel geld, dat ik nooit meer terug wil.

Ik heb mezelf onlangs wel weer chips toegestaan. Lekker, maar helaas niet goed, want de verpakking is niet recyclebaar. En ik ben onlangs verhuisd. Dan moet je weer op zoek naar nieuwe routines om onverpakte producten te vinden. Dat kost wat tijd. Toch lukt het, en de zoektocht vind ik persoonlijk ook leuk.”

Wat raad je anderen aan die willen starten met een leven zonder afval?

“Wat ik vaak zie, bijvoorbeeld bij influencers die proberen een week lang afvalvrij te leven, is dat ze onderschatten hoe veel het is. Afvalvrij leven gaat over álle aspecten van je leven: je eten, cosmetica, schoonmaakmiddelen, kleding, en alles wat je onderweg gebruikt. Het is waanzin om te denken dat je alles tegelijk kunt aanpakken. Als één ding niet lukt, denk je misschien snel dat het hele project mislukt is. Ik heb er zelf acht maanden over gedaan om volledig zero waste te gaan, door stap voor stap alles apart aan te pakken. Pas wanneer één verandering comfortabel aanvoelde en een moeiteloze gewoonte was geworden, ging ik door naar de volgende stap. Het is echt een kwestie van nieuwe gewoontes opbouwen. M’n haar wassen zonder plastic flessen was een project op zich. Maar zodra een nieuwe gewoonte een routine wordt, kun je door naar de volgende. Met elke stap kom je dichter bij het doel.”

Zijn er binnenkort nog campagnes en acties waar we op moeten letten?

“Zero Waste Week Amsterdam komt eraan van 13 tot 19 oktober. We organiseren een week vol activiteiten in de stad, gericht op het in praktijk brengen van zero waste. Er zijn kookworkshops, rondleidingen, en praktische lessen zoals het maken van je eigen lippenbalsem of wasmiddel. Ook gaan we plastic vissen in de grachten en zijn er bijzondere filmvertoningen. Mensen kunnen zich aanmelden, en de meeste activiteiten kosten slechts een paar euro of zijn helemaal gratis. We willen hiermee zoveel mogelijk mensen inspireren om het zelf te ontdekken. Het is een festival, en die feestelijke vibe geven we de deelnemers mee.”

Met wie zou je graag willen samenwerken?

“Een persoon die ik bewonder, is Jessica den Outer, zij kreeg tegelijk met mij een lintje voor haar werk op het gebied van rechten voor de natuur. Ze is een inspiratie, vooral als het gaat om jong vrouwelijk leiderschap. Dit soort leiderschap inspireert me enorm. Daar mogen we wel meer van hebben, en ik ben nieuwsgierig hoe het haar vergaat, en hoe ik haar werk eventueel kracht bij kan zetten.”

Lees ook:

De Changemaker-serie wordt mede mogelijk gemaakt door Vattenfall en Vlerick Business School.

Zo bouw je een groene campus, waar studenten en wetenschappers ook gelukkig worden

De tweede fase van het Gorlaeus Gebouw, waar de Faculteit der Wiskunde en Natuurwetenschappen van de Universiteit Leiden is gehuisvest, werd eind vorig jaar opgeleverd door Heijmans en in maart door de medewerkers in gebruik genomen. Sinds de start van het nieuwe studiejaar begin september, vindt ook het onderwijs in het gebouw plaats. Het nieuwe gebouw sluit aan op de eerste fase, die in 2016 werd opgeleverd. Het vormt ook de nieuwe hoofdentree van de faculteit aan het Rosalind Franklinplein, in het hart van Leiden Bio-Science Park. In de tweede fase is 30.000 vierkante meter aan collegezalen, kantoren, studie- en ontmoetingsruimtes, laboratoria, een bibliotheek en een brasserie bijgebouwd. De voorbereidingen voor de derde en laatste fase zijn begonnen. Als die klaar is, beslaat het complex 100.000 vierkante meter. Very Good Naast de state-of-the art onderzoek- en onderwijsfaciliteiten heeft het gebouw ook allerlei duurzame elementen. Op het dak liggen bijna zevenhonderd zonnepanelen en een Warmte Koude Opslag (WKO) systeem zorgt ervoor dat de faculteit zo zuinig mogelijk gekoeld en verwarmd wordt. Verder zijn de glazen gevels, daken en vloeren goed geïsoleerd, is er overal ledverlichting en zetten sensoren de klimaatinstallaties en de verlichting uit als er niemand in de ruimte is. Dat leverde de universiteit het BREEAM certificaat ‘Very Good’ op. Interne eis “Dit is het minimale vereiste bij al onze nieuwbouwprojecten. Eigenlijk wilden we voor het hogere niveau van ‘Excellent’ gaan, en zelfs energieneutraal, maar dat lukte net niet”, zegt Jeroen van der Lelie, hoofd projectmanagement van het vastgoedbedrijf van de universiteit. “Er zitten heel veel laboratoria in het gebouw, met veel zuurkasten, die veel energie gebruiken. Dan is energieneutraal gewoon onhaalbaar.” Van der Lelie is van begin af aan bij de nieuwe Science Campus betrokken. Daarbij werd duurzaamheid een steeds belangrijker onderdeel. “Het is tegenwoordig bijna regelgeving. We mogen niet anders meer. Ook op de universiteit is het een hot item. Wij krijgen die vragen ook veel van medewerkers en studenten. Intern wordt dit gewoon van ons verlangd”, zegt hij. Bekijk hier een video over de opening van het Gorlaeus Gebouw:Circulair bouwen Ook op het gebied van circulair bouwen heeft de universiteit stappen gezet. Bij elke fase wordt eerst op lege plekken nieuw gebouwd. Vervolgens verhuizen de faculteiten en wordt het bestaande gebouw gesloopt. “Tijdens de sloop van het oude collegegebouw zei de landschapsarchitect ineens: waarom gebruiken we niet het oude skelet? Toen zijn we acuut gestopt met slopen en hebben we met een deel van het oude skelet een nieuwe fietsenstalling ontworpen. Op de eerste verdieping daarvan komt straks een verblijfstuin”, vertelt Van der Lelie. Het andere deel van het skelet is gebruikt voor de hoofddraagconstructie van Biopartner 5, elders op het Leiden Bio-Science Park, dat mede hierdoor Paris Proof is. Toekomstbestendig De universiteit had de duurzame ambitie, de praktische uitwerking daarvan liet het over aan aannemer Heijmans en de architectencombinatie Inbo en Sweco Architects. “Wat voor ons belangrijk was is dat het gebouw toekomstbestendig is. Het moet minstens vijftig jaar mee kunnen gaan”, zegt architect Ad van Aert van Sweco. Dat komt onder meer terug in de flexibele indeling en de mogelijkheid om ruimtes en zalen te wijzigen en voor andere doelen te gebruiken, zonder dat grote verbouwingen nodig zijn. Van Aert begon, met Hans Toornstra van Inbo, vijftien jaar geleden al met de eerste ontwerpen voor fase 1 van de nieuwe campus. “Duurzaamheid is altijd belangrijk geweest, maar je moet het wel in zijn tijd plaatsen. Toen was circulair bouwen bijvoorbeeld nog niet zo’n hot item als nu”, zegt hij.De nieuwe laboratoria slokken veel energie opGebruiker bepaalt Het moest niet alleen een duurzaam, maar ook een leefbaar gebouw worden. Het gebruikersgeluk was net zo belangrijk. Daarom spraken het vastgoedbedrijf van de universiteit, de architecten en Heijmans van begin af aan met de gebruikers, zoals studenten, onderzoekers, docenten en professoren. Via werkgroepen werden hun wensen en eisen geïnventariseerd en tijdens de bouw werden regelmatig feedbacksessies en bouwbezoeken met hen georganiseerd. “Dat gebeurde ook al in de eerste fase en die ervaringen zijn meegenomen om de tweede fase te verbeteren”, zegt Van der Lelie. Het komende jaar wordt het klimaat in de faculteit gemonitord en wordt gebruikers gevraagd naar hun ervaringen met zaken als binnenklimaat, de beleving van het interieur, akoestiek en de uitstraling. Dit wordt gebundeld in een zogeheten ‘belevenismonitor’. Aangepast ontwerp Die eisen en wensen van gebruikers leidden tot diverse aanpassingen in het ontwerp. Voor trillingsvrije apparatuur in laboratoria bleken hogere ruimtes nodig. Studenten gaven aan dat ze meer beenruimte wilden in collegezalen en dat de klaptafels teveel lawaai maakten. Dat werd aangepast in het ontwerp. Ook kregen wetenschappers iets smallere kantoren voor maximaal twee personen. Zo kunnen wetenschappers zich maximaal concentreren zonder dat dit extra gevellengteruimte en energieverlies betekenden.De nieuwe collegezalen kregen na opmerkingen van studenten meer beenruimteOnderdeel van community De belangrijkste aanpassing ging over de vorm van het gebouw. “Het is een heel groot gebouw. Wij vonden het belangrijk dat je je goed kunt oriënteren. Rustig en geconcentreerd werken doe je vooral in de vleugels. Maar als je die vleugels verlaat dan sta je ineens in een grote centrale hal. Daar zitten alle publieke functies rondom een centrale as. Dat is de plek om elkaar te ontmoeten. Zo ervaar je dat je onderdeel bent van een community en voel je je als individu toch prettig in zo’n groot gebouw”, legt architect Van Aert uit. Uitzicht op groen De werkruimtes heeft hij zoveel mogelijk daglicht en uitzicht gegeven. “Alle kantoren en werkplekken kijken uit op de groene omgeving. De laboratoria liggen juist aan de noordkant, om ze op constante temperatuur te kunnen houden”, zegt Van Aert. Studenten komen er graag Volgens hem blijkt een paar weken na de ingebruikname al dat het concept werkt. “De ruimtelijke variatie en de warme uitstraling met kleuren en materialen is goed gelukt. Wat je wilt bereiken is dat studenten er graag komen en dat je een levendige cultuur hebt in het gebouw. Ik zie nu al dat dit werkt. Studenten komen er graag en zoeken een plekje om samen te komen of te studeren. Dat is leuk om te zien”, zegt hij.De centrale hal van het nieuwe Gorlaeusgebouw van de Universiteit LeidenKwaliteit geborgd Heijmans kreeg van de universiteit het vertrouwen om zelf aan te tonen dat de kwaliteit van het project geborgd werd. “De samenwerking met de Universiteit Leiden heeft ons in staat gesteld om onze gezamenlijke waarden rondom kwaliteit en maatschappelijke verantwoordelijkheid in praktijk te brengen”, zegt Ramon Janssen, projectdirecteur bij Heijmans. “We delen een passie voor vooruitgang en het verbeteren van de leefomgeving, wat duidelijk zichtbaar werd in de manier waarop we het project hebben benaderd. Deze gedeelde waarden vormden de basis voor een succesvolle samenwerking.” Leefbaar hart Het werk is nog niet af. Achter de nieuwe campus wordt nog een derde gebouw aangebouwd. Ook gaat de universiteit het grote, centrale plein voor de entree, het Rosalind Franklinplein, verlevendigen. Van der Lelie: “Dat wordt het hart van de campus. Behalve onze faculteit komen er winkels en woningen en een sportgebouw. Zo maken we van een oud industrieel gebied, dat ’s avonds dood was, een heel leefbaar gebied.” Lees ook: Groene normen voor de bouw kunnen strenger: "Uiteindelijk moet duurzaamheid bij alle aanbestedingen terugkomen.”Hollands hout maakt houtbouw nog een stukje duurzamerDeze Brabantse spoortunnel is gebouwd met zelfhelend betonSchiphol gaat beton recyclen op eigen bodemDit artikel is gemaakt door een van onze expertredacteuren in samenwerking met onze partner Heijmans. Change Inc. werkt met partners die de klimaattransitie aanjagen. Zij kunnen cases presenteren waar anderen zich aan kunnen optrekken en zijn eerlijk over de uitdagingen. Niet één bedrijf is al 100 procent duurzaam, maar veel zijn onderweg. Dankzij ons partnermodel zijn onze artikelen gratis toegankelijk voor iedereen. Benieuwd naar hoe wij werken? Klik hier.