Teun Schröder
04 juni 2024, 16:04

80 miljoen voor Gronings chemiebedrijf dat van plastic afval chemische bouwstenen maakt

Circulair chemiebedrijf BioBTX uit Groningen heeft een investering opgehaald van 80 miljoen voor de bouw van een eerste grote fabriek in Delfzijl. BioBTX maakt van plastic afval zogeheten aromaten; chemische bouwstenen voor alledaagse producten zoals PET-flessen, batterijen en schuim.

Infographic BioBTX maakt van plastic afval bouwstenen voor de chemische industrie. | Credits: BioBTX

De technologie die BioBTX gebruikt, heet ICCP (integrated cascading catalytic pyrolysis), een vorm van chemische recycling op basis van pyrolyse. “Met pyrolyse wordt materiaal verhit zonder zuurstof, waardoor je het materiaal kraakt in kleinere moleculen”, zegt Tijmen Vries, verantwoordelijk voor de strategie bij BioBTX. “Wij voegen hier een tweede stap aan toe. Met een katalysator worden de moleculen weer deels aan elkaar geplakt. Het resultaat: btx-moleculen, ofwel benzeen, tolueen en xyleen. Het is de combinatie van deze twee processen die ons uniek maakt.”

Circulaire chemische bouwstenen

Vries legt uit dat er in de fossiele chemie, waar olie de voornaamste grondstof is, grofweg zeven chemische bouwstenen bestaan. Met deze bouwstenen kun je in de basis alles maken; van plastics tot medicijnen en van coatings tot gels. Benzeen, tolueen en xyleen vormen drie van die bouwstenen. En de btx-moleculen die BioBTX maakt uit plastic afval hebben precies dezelfde eigenschappen en kwaliteit als de fossiele evenknie. “Wij kunnen met onze technologie dus voorzien in drie van de bouwstenen die zo belangrijk zijn voor de chemische industrie.”

Plastic afval

BioBTX wil deze grondstoffen maken van plastic afval. Het grote voordeel van zijn technologie is dat het bedrijf gemengde plastics kan gebruiken. Daardoor is het niet nodig dat plastic op voorhand gescheiden wordt. Vries: “Straks mag plastic afval niet meer vervoerd worden naar landen buiten de EU. Dus partijen die blijven zitten met plastic afval dat niet mechanisch gerecycled kan worden, moeten op zoek naar een manier om van hun afval af te komen.”

Iets meer dan de helft van al ons plastic afval wordt op dit moment verbrand. “Hierdoor wordt in feite koolstof omgezet in energie en CO2”, zegt Vries. “Wij willen juist de koolstof zo lang mogelijk in de keten houden, zodat we voorkomen dat CO2 in de atmosfeer komt. Daardoor worden we ook minder afhankelijk van de import van aardolie uit andere landen.”

Op deze plek in Delfzijl moet de nieuwe fabriek uit de grond komen. | Credit: BioBTX

Milieu-impact recycling

Chemische recycling op basis van pyrolyse gaat wel gepaard met een hoge energievraag. Om moleculen te kraken, zijn temperaturen nodig die kunnen oplopen tot een paar honderd graden Celsius. Maar de CO2-impact die deze energievraag heeft, is volgens Vries nog steeds lager dan wanneer btx-moleculen uit fossiele brandstoffen worden gemaakt. “Rekening houdend met de energiemix in Nederland hebben we berekend dat onze technologie een 70 procent lagere milieu-impact heeft dan fossiele btx.”

Met de investering van 80 miljoen wil BioBTX zijn ICCP-technologie opschalen. Daarvoor gaat het een nieuwe fabriek in Delfzijl bouwen die jaarlijks 20.000 ton plastic afval gaat verwerken tot aromaten. “Die 20.000 ton is nog steeds een drop in the ocean als je kijkt naar de hele vraag van de chemische industrie”, zegt Vries. “Maar het kan een begin zijn voor de transitie die ook de chemie moet maken. Onze bouwstenen kunnen gewoon bij de fossiele variant bijgemengd worden, zonder dat processen hoeven worden aangepast.”

Fabrieken wereldwijd

BioBTX wil eind dit jaar het definitieve investeringsbesluit nemen. Vervolgens start de bouw, waarna de fabriek eind 2026 operationeel moet zijn. In een later stadium kan de fabriek dan opschalen, zodat deze jaarlijks 50.000 ton plastic afval kan verwerken. Vries: “Uiteindelijk willen we onze technologie als licentiemodel gaan verkopen aan grote chemiebedrijven. Op die manier kunnen onze fabrieken overal ter wereld opgezet worden.”

De 80 miljoen werd uit verschillende hoeken opgehaald. Bij nieuwe investeerders Invest-NL, Infinity Recycling en Covestro en huidige investeerders Carduso Capital, NOM en Groninger Groeifonds haalde het bedrijf 42 miljoen op. 15 miljoen werd opgehaald bij het Polestar Capital Circular Debt Fund, 4 miljoen bij de provincie Groningen en 14 miljoen bij de RVO.

Lees ook:

Heilige boontjes van eigen bodem: hoog in eiwitten, laag in milieubelasting

Een groeiende wereldbevolking in combinatie met een alsmaar luider protesterend klimaat vraagt om een duurzamer dieet. Peulvruchten kunnen hierin een glansrol spelen. Ze groeien op diverse bodemsoorten en hebben minder kunstmest en bestrijdingsmiddelen nodig ten opzichte van granen. Ook trekken peulvruchten stikstofbindende bacteriën aan. Deze bodembacteriën zetten stikstof uit de lucht om in bouwstenen voor de plant. Tegelijkertijd geeft de plant voedingsstoffen af aan de bodem. Dat zijn goede eigenschappen. Maar welke bonen doen er nog een schepje bovenop en zijn de beste keuze voor het klimaat? We schotelen een paar opties voor.Lupine Lupine is een vlinderbloemige plant waarvan meer dan honderd soorten bestaan. De witte, gele en blauwe lupine worden het meest gegeten. Ze zitten bomvol voedzame ingrediënten zoals vezels, ijzer, calcium, zink en vitamine B. Lupine is eiwitrijk met 42 gram eiwitten per 100 gram. Dat is vergelijkbaar met soja, ware het niet dat lupine minder vet bevat. Van de lupineplant zijn de bonen en de zaden eetbaar. Het kan worden verwerkt in verschillende ingrediënten, zoals meel. Lupinemeel is glutenvrij en daarom populair in glutenvrije baksels zoals brood en taart. De eiwitten kunnen goed worden gebruikt in vleesvervangers. Langzaam maar zeker vindt lupine ook zijn weg naar zuivelvervangers. Zo heeft supermarktketen Albert Heijn lupine drink in het assortiment opgenomen (die we in een grijs verleden recenseerde). Hoewel lupine een kansrijk gewas is, wordt het nog niet omarmd door voedselproducenten. De focus ligt vooralsnog op de goedkopere soja uit Argentinië en Brazilië. Lupine kan daarentegen goed groeien in Europa. De belangrijkste teeltgebieden liggen in Duitsland en Frankrijk. In Nederland wordt het op kleine schaal verbouwd. Doordat de vraag vanuit de voedselindustrie laag is, zijn er niet veel boeren die zich wagen aan de lupineteelt. De teelt van peulvruchten wordt niet extra gestimuleerd door de Nederlandse overheid. Vanuit financieel oogpunt is het dan ook niet gek dat er wordt gekozen voor gewassen die meer opbrengen zoals aardappels en tarwe. Veldboon In deze lijst mag de veldboon niet ontbreken. Het wordt ook wel de Nederlandse vervanger van soja genoemd. Het gewas gedijt goed in het Nederlandse klimaat. Ze worden al vroeg in het seizoen geteeld en hebben dus niet zo’n last van de steeds drogere zomers. En dan levert de plant ook nog een hoge opbrengst per hectare op. Ook voor de veldboon geldt dat de vraag vanuit de voedselindustrie nog aan de lage kant is. Toch neemt het areaal in Nederland toe. In 2010 stond de teller op ruim 3.000 hectare. Dat is in 2023 gegroeid naar 4.340 hectare, met het grootste aandeel in Zeeland. Van de opbrengst eindigt zo’n 95 procent in veevoer. Dat is zonde, want veldbonen bevatten veel eiwitten, ijzer en magnesium. Een andere goede eigenschap is dat de veldboon een neutrale, romige smaak heeft. Dat maakt het een goed ingrediënt in vlees- en zuivelvervangers. Agrarische coöperatie Royal Cosun is al druk aan het experimenteren. “Yoghurt, ijs, mayonaise en kaas: het is allemaal mogelijk met veldbonen”, vertelde Cosun Protein-directeur Thijs Bosch eerder. Kidneyboon Veel vezels, ijzer, magnesium, vitamine B: de kidneyboon heeft het allemaal. En met 24 gram eiwitten per 100 gram zit het met de proteïne ook wel goed. De kidneyboon komt oorspronkelijk uit Canada en Zuid-Amerika, maar bonenproducent Hak ontdekte dat de peulvrucht het ook goed doet in Nederland. Het bedrijf doet verschillende proeven met het doel om meer ‘exotische’ bonen op eigen bodem te telen. Zo hoeven gewassen niet de halve wereld over te reizen. De vlinderbloemige planten nemen hier stikstof op en zijn ook nog eens goed voor de biodiversiteit. De teelt van de kidneybonen is een succes: de kidneybonen van Hak komen nu voor 100 procent van Nederlandse bodem. Bean Deal Om peulvruchten populairder te maken bij telers en afnemers, is de Bean Deal in het leven geroepen. Het is een samenwerking tussen het Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (LNV) en 56 partners. Doel is om Nederland meer zelfvoorzienend en minder afhankelijk van het buitenland te maken als het gaat om eiwitrijke gewassen. Omdat er in peulvruchten veel plantaardige eiwitten zitten, zijn ze onmisbaar voor de eiwittransitie. Lees ook: Met plantaardig eten in ziekenhuizen wil Caring Docters de gezondheid verbeterenMet zeewier en reststromen van peulvruchten wil Europa zijn eiwitten veiligstellenHoe gaat het nu met: de bitterballen en kroketten van Cas & Kas