André Oerlemans
08 mei 2024, 10:00

Drijvende radar voorkomt dat vogels en vleermuizen botsen met windparken op zee

Een drijvende radar die voorkomt dat vogels en vleermuizen in botsing komen met de enorme turbinebladen van offshore windparken. Dat is wat het Haagse bedrijf Robin Radar windparkontwikkelaars over de hele wereld aanbiedt.

1920 240214imagepressreleaserobinradarmidodhi Het radarsysteem wordt geïnstalleerd op een drijvend platform dat golfenergie opwekt | Credits: Robin Radar Systems

Wanneer grote zwermen vogels het toekomstige windpark Ecowende
– zo’n 53 kilometer voor de Nederlandse kust bij Wijk aan Zee – naderen, kunnen windturbines automatisch worden stopgezet of vertraagd. Om vogelsterfte door botsingen te voorkomen, werd Robin Radar Systems door de ontwikkelaar van het windpark gevraagd om een radarsysteem te leveren en dat te combineren met een alarmsysteem, camera en software, dat uiteindelijk op de Noordzee zal worden ingezet.

Juiste balans

“Hiermee kunnen ze op drukke momenten tijdens de vogeltrek de turbines real-time stilleggen. Met deze tools kunnen operators de juiste balans vinden tussen het maximaliseren van de energieproductie van het windpark en tegelijkertijd het minimaliseren van het risico op botsingen met vogels of vleermuizen”, zegt Sibylle Giraud, VP wind, milieu en burgerluchtvaart bij Robin Radar Systems.

Impact verkleinen

Er worden momenteel meer windparken gebouwd dan ooit tevoren. Alleen al het Nederlandse deel van de Noordzee had eind 2023 een totale opwekcapaciteit van 4,7 gigawatt. “De exponentiële groei van windparken in Nederland is enorm. De hoeveelheid investeringen in Europa en wereldwijd is ongekend”, zegt Giraud. Volgens haar bedrijf is er een dringende noodzaak om de impact van windmolenparken op vogels en vleermuizen te verkleinen en dood door botsingen te voorkomen. Dat houdt in: monitoren en stopzetten als vogels of vleermuizen de turbinebladen naderen. “Er is een groot risico op botsingen. Veel vogels migreren ‘s nachts, hebben geen zicht en vliegen ter hoogte van de turbines. Dan kunnen er botsingen plaatsvinden, ook met beschermde vogelsoorten”, zegt ze.

Moeilijk in te schatten

Meten hoeveel vogels en vleermuizen tegen turbinebladen botsen
is lastig. Verschillende onderzoeken
– meestal uitgevoerd bij windparken op land in de VS – schatten dat jaarlijks tussen de 140.000 en 679.000 vogels sterven als gevolg van botsingen met windturbines. In andere onderzoeken lopen de schattingen uiteen van vier tot achttien gedode vogels per turbine per jaar. Vooral jan-van-gents zouden zich te pletter vliegen tegen de rotors. Een studie van de internationale koepel van natuurorganisaties IUCN
concludeerde dat de meeste schattingen van botsingen met zeevogels tot nu toe gebaseerd zijn op theorie en niet op empirisch bewijs, vanwege de moeilijkheden bij het monitoren en verzamelen van karkassen op zee. Over de sterfte van vleermuizen
bestaan vrijwel geen betrouwbare gegevens, maar het is duidelijk dat windparken ook een gevaar vormen voor migrerende vleermuizen.

De geavanceerde 3D-vogeldetectieradars in combinatie met de AI-softwarealgoritmen van DHI kunnen vogels en vleermuizen in het luchtruim nauwkeurig identificeren en monitoren. | Credit: Ecowende

Sterfte terugdringen

Om vogelsterfte te voorkomen en te vermijden is door radar ondersteunde stopzetting zeer effectief gebleken, zo blijkt uit onderzoek in Portugal. Vijf jaar lang stierven er tijdens de vogeltrek in de herfst bijna geen vogels. De perioden dat de turbines stilstonden varieerden van 0,2 tot 1,2 procent van de tijd dat het windpark jaarlijks in bedrijf was. IUCN stelt dat een combinatie van detectie van camera’s en radarsystemen, gecombineerd met geautomatiseerde analyse van de beelden door AI, en gevolgd door stopzettingen, effectief kan zijn in het terugdringen van de vogel- en vleermuissterfte bij offshore windmolenparken. Dat is precies waar Robin Radar Systems en zijn partners MIDO en DHI naar streven.

Wereldprimeur

De drie bedrijven combineren hun geavanceerde detectiesystemen en data over diverse vogels en vleermuizen. Dat omvat de MAX vogel- en vleermuisradarsystemen van Robin Radar, de camera’s van het Deense bedrijf DHI, sensoren met de door kunstmatige intelligentie (AI) aangestuurde soortenherkenning MUSE, en een drijvend platform van het Spaanse bedrijf MIDO. Dat wekt golfenergie op en levert alle benodigde stroom die de systemen nodig hebben. De technologieën zullen worden ingezet bij het Nederlandse offshore windpark Ecowende, een joint venture van Shell, Eneco en Chubu. Eind dit jaar zal het drijvende platform met het vogel- en vleermuismonitoringsysteem operationeel zijn. Het drijvende platform zal worden gebruikt voor basislijnmonitoring. Het wordt het eerste drijvende systeem ter wereld met een dergelijke radar. Zodra het windpark van Ecowende operationeel is, wordt het monitoringsysteem aan de windturbines gekoppeld.

Volg Change Inc. ook via WhatsApp.

Toonaangevend in het volgen van kleine objecten

Robin Radar is toonaangevend in de technologie voor het volgen en classificeren van kleine objecten en groeit snel. In zes jaar tijd groeide het bedrijf van zeventien naar honderdzestig medewerkers. De geavanceerde 3D-vogeldetectieradars in combinatie met de AI-softwarealgoritmen van DHI kunnen vogels en vleermuizen in het luchtruim nauwkeurig identificeren en monitoren. | Credit: Ecowende Dezelfde radar die wordt ingezet op het drijvende platform bij Ecowende is met succes ingezet in de luchtvaartsector, bijvoorbeeld op tal van luchthavens en onshore en offshore windmolenparken. Tegenwoordig werkt Robin Radar over de hele wereld voor de belangrijkste partijen in de windenergie, van Chili tot Australië.

Waarschuwing creëren

“Onze MAX-radar zendt een signaal uit. Alles in de lucht reflecteert dat signaal”, zegt Sibylle Giraud van Robin Radar. “We kunnen een signaal tot op vleermuisniveau detecteren. We kunnen een volledig inzicht geven in het gedrag van vogels en vleermuizen en kunnen vogelpatronen in een specifiek gebied volgen, zodat exploitanten van windparken actie kunnen ondernemen. Wij creëren de waarschuwing, zodat ze de turbine kunnen stopzetten. Of dat ook gebeurt, wordt bepaald door de intensiteit en het aantal vogels of vleermuizen. Je gaat de turbine niet stoppen omdat er één vogel aankomt tijdens een drukke vogeltrek. Wat een aanvaardbaar risiconiveau is, wordt bepaald door de overheid of de windparkeigenaar. Over het algemeen is vogeltrek het grootste risico. Die kan de radar vrij eenvoudig observeren en volgen.”

Kijk hier hoe de techniek van Robin Radar werkt:

Beschermde vogelsoorten

Het systeem kan zelfs tot in zekere mate vaststellen of de naderende vogels beschermde soorten zijn “In principe weerspiegelt het systeem de lichaamsmassa van het doelwit. Een kleine zangvogel kan op een afstand van 2 tot 3 kilometer worden waargenomen. Een gans op 5 of 6 kilometer afstand van de radar, afhankelijk van de weersomstandigheden. Dat is best een behoorlijke afstand”, zegt Giraud. Wanneer deze gegevens worden gecombineerd met waarnemingen van de DHI-camera, kunnen specifieke vogelsoorten worden geïdentificeerd. Samen zorgen ze voor dubbele controle en validatie.

Bewegen is een uitdaging

Robin Radar wil zijn systeem over de hele wereld inzetten. Veel landen die nieuwe offshore windparken installeren, kunnen hiervan profiteren, stelt Giraud. “De kwaliteit van de data die we uit ons MAX-systeem moeten halen, kan behoorlijk indrukwekkend zijn. Het is ook een uitdaging, omdat radar en beweging niet hand in hand gaan. Je hebt een zeer stabiel platform nodig. We hebben eerder aan drijvende turbines gewerkt, maar nog nooit aan drijvende platforms”, zegt ze.

Lees ook:

Dit Nederlandse bedrijf wil de farma-industrie flink opschudden en redt medicijnen van de afvalberg

Om de oplossing van TRXmeds te begrijpen, is het belangrijk eerst te snappen hoe de farmaceutische industrie nu werkt, zegt Wouter Gruijters, een van de oprichters van TRXmeds. “Op dit moment is die wereld namelijk complex en niet transparant.” De keten bestaat grofweg uit drie spelers: de medicijnleverancier, de groothandel en de apotheker. Groothandels kopen medicijnen in bij leveranciers en houden die op voorraad zodat apothekers producten snel geleverd krijgen. “Maar voor sommige medicijnen is het voor de groothandel interessant om voorraad te exporteren, vanwege hogere prijzen in het buitenland. Dit kan leiden tot tijdelijke tekorten in een land als Nederland waar de medicijnprijzen laag zijn.” Daarnaast komen kort houdbare producten vanuit leveranciers nauwelijks op de markt, omdat groothandels eigenaar van producten worden als zij die inkopen. Het risico op afschrijving willen zij niet nemen. “Daardoor krijgen apotheken niet eens de mogelijkheid om deze kort houdbare voorraden op te maken, terwijl dat financieel wel interessant kan zijn en bovendien duurzaam is. Deze voorraden worden nu afgeschreven en uiteindelijk vernietigd.” Lucratief, zonder maatschappelijk nut Door parallelhandel - de import en export door tussenhandelaren van en naar andere Europese landen - zijn er veel onnodige transportbewegingen. Als iets wordt geïmporteerd, moet de verpakking bovendien vaak aangepast worden en worden voorzien van een bijsluiter in de juiste taal. Dit ‘ompakken’ is vaak goedkoper in Oost-Europa dan in Nederland. Met onnodig transport, verbruik van materialen en hoge CO2-uitstoot tot gevolg. Gruijters: “Import en export van medicatie is lucratief voor tussenhandelaren, maar heeft geen enkel maatschappelijk nut. Door de tussenkomst van groothandelaren hebben producenten onvoldoende zicht op de werkelijke verkoop van medicijnen aan Nederlandse apotheken. Het ontbreken van dit inzicht en onvoorspelbare afzetpatronen leiden tot tekorten én overschotten. Dat heeft zelfs impact voor leveranciers die willen investeren in onderzoek naar nieuwe en verbeterde therapieën.” Vraag en aanbod verbinden “Met onze aanpak willen wij de keten transparant maken. We creëren een nieuw en toekomstbestendig ecosysteem”, zegt Gruijters. “Dat doen we met een platform, waarmee we vraag en aanbod volledig transparant op elkaar afstemmen en aanvullende diensten organiseren. Eigenlijk is het een soort Airbnb voor medicijnen. Onze contractmodule vormt de basis van het ecosysteem. Daarin worden alle contracten gesloten, houden we transportbewegingen bij en voorzien we in de financiële afhandeling tussen leveranciers en apotheken. Voor het orkestreren van de keten verdienen wij vervolgens een klein percentage op iedere transactie. Groothandels blijven een belangrijke rol spelen in opslag en distributie, maar worden in dit ecosysteem door leveranciers en apotheken gedwongen transparant te zijn.” Eerste pilot Volgens Gruijters hebben apothekers wel oren naar het platform van TRXmeds, omdat het systeem transacties transparant maakt en leverbetrouwbaarheid verhoogt. Ook leveranciers zijn enthousiast, omdat zij met transparante en voorspelbare afzet een veel accurater beeld hebben van wat ze werkelijk op de markt brengen. Groothandels en tussenhandelaren, die juist profiteren van een ondoorzichtige markt, reageren sceptischer, zegt Gruijters. “Maar uiteindelijk is het de leverancier die bepaalt.” TRXmeds is ervan overtuigd dat zijn platform kosten, maar ook een hoop CO2 en afval kan besparen. In de eerste plaats omdat er een stuk minder vervoersbewegingen nodig zijn, zegt Gruijters. En ten tweede omdat kort houdbare producten de markt kunnen bereiken en niet vernietigd hoeven te worden. Samenwerking PharmaSwap Eerder deze maand maakte TRXmeds de samenwekring met het Nederlandse bedrijf PharmaSwap bekend. PharmaSwap heeft een vergelijkbaar platform, maar dan voor verkoop van kort houdbare producten tussen apothekers onderling. Hier kunnen apothekers kostbare medicijnen die zij over hebben aanbieden aan apotheken die het medicijn nodig hebben. Zo hoeft een verkopende apotheek het product niet weg te gooien en kan de kopende partij vaak met korting een medicijn kopen. Inmiddels zijn al meer dan negenhonderd apothekers bij PharmaSwap aangesloten en werden al ruim tienduizend verpakkingen van de afvalberg gered. Inmiddels bereidt TRXmeds de eerste transacties op kort houdbare producten voor tussen apothekers en leveranciers. Daarnaast werken ze met een eerste grote leverancier aan een pilot op directe productcontracten. Gruijters: “Maar het zou ook mooi zijn als groothandels een actieve rol innemen. We moeten het vertrouwen winnen van de markt en werken aan naamsbekendheid. Maar we werken ook aan alternatieven voor opslag en distributie in het geval dat nodig is voor een succesvolle start. Over twee jaar willen we volop actief zijn op de Nederlandse markt en voet aan de grond hebben gezet in drie andere Europese landen met een duurzaam, transparant en toekomstbestendig handelsplatform.” Lees ook: Met een bus vol Milieudefensie-activisten naar Unilever in Londen: ‘Ongemakkelijker dan ik van tevoren had gedacht’Changemaker Eva Ronhaar (HEMA): 'We veranderen van een bedrijf dat duurzame dingen doet, naar een duurzaam bedrijf'Hoe een telecombedrijf als Odido de klimaatdoelen van Parijs gaat halen