Hannah van der Korput
08 maart 2024, 11:00

Bedrijven, koester jullie duurzame voorlopers

Elk bedrijf heeft ze: duurzame pioniers. Zij die gaan voor een betere toekomst en daarin een voortrekkersrol vervullen. Omarm deze mensen, zegt innovatie-expert Simone van Neerven. Want zij zijn de drijvende kracht achter verandering.

Simone v Neerven Van Neerven is ervan overtuigd: een bedrijf in transitie heeft rebellen nodig. | Credits: Simone van Neerven

Collega’s die eindeloos vragen stellen, vinden dat het altijd beter kan en met wel heel creatieve oplossingen komen. Rebellen, noemt Van Neerven hen. Ze kent ze maar al te goed. Sterker nog: ze is er zelf één. Deze groep krijgt binnen organisaties regelmatig de stempel ‘lastpakken’. Als tegengeluid schreef Van Neerven drie boeken over rebellen en hun toegevoegde waarde.

“Een rebel herken je aan een aantal dingen”, vertelt ze. “Als eerste zijn ze supernieuwsgierig. Ze zien veel, lezen veel en vinden diverse onderwerpen interessant. Rebellen stellen vragen, bijna op het irritante af. Ook beschikken ze over een flinke dosis lef. Ze schuwen niet om op te staan, hun mening te delen en de status quo te doorbreken. Maar bovenal hebben ze een sterke wil om dingen beter te maken.”

En in de praktijk?

Op papier zijn dat waardevolle eigenschappen. In de praktijk valt dat nogal eens tegen, merkt Van Neerven. “Rebellen denken buiten de gebaande paden en komen met creatieve oplossingen voor problemen. Deze oplossingen kunnen anderen absurd in de oren klinken. Ik krijg nog veel te veel berichten van rebellen die zich in organisaties niet gehoord en gezien voelen. Er is nu veel discussie gaande over diversiteit en inclusiviteit. Dat gaat ook over de rebel. Mag die zijn wie die is?”

Begrip

En dat terwijl rebellen een grote bijdrage kunnen leveren aan de complexe vraagstukken. “In rebellen schuilt heel veel talent. Dit wordt niet volledig benut, omdat werkgevers en collega’s het lastig vinden om met ze om te gaan. Ik heb drie boeken over rebellen geschreven met het doel meer begrip voor elkaar te creëren. Dus niet alleen voor rebellen, maar ook voor teamgenoten. Ik wil die werelden bij elkaar brengen. Lukt dat, dan is er echt veel mogelijk.”

Onbegrip speelt niet alleen binnen kantoor(m)uren. Zo kunnen protesten van Extinction Rebellion en Greenpeace ook lang niet altijd op maatschappelijke steun rekenen. “Dit soort acties zijn soms nodig om iets los te maken. Ook bedrijven hebben baat bij mensen die opstaan. Tegelijkertijd kan het tot polarisatie leiden. Dat moeten we niet willen. Ik wil juist de verbinding zoeken om zo rebellen en hun managers te helpen.”

Samenwerken

Dat doet ze onder andere door trainingen en cursussen te organiseren. Van Neerven: “Sommige zijn gericht op de rebellen. Hoe goed bedoeld ook, ze kunnen hun zorgen wat onhandig overbrengen. Dat maakt ze niet altijd even effectief. Ik help ze, bijvoorbeeld met de communicatie, zodat anderen meer openstaan voor hun ideeën. Aan de andere kant help ik managers en directeuren hoe ze nog beter kunnen openstaan voor nieuwe perspectieven.”

Want dat gebeurt niet altijd, weet ze uit eigen ervaring. “Ik heb twee jaar als hoofd innovatie bij de Spaanse luchtvaartmaatschappij Vueling gewerkt. Destijds ben ik naar de directie gestapt met een voorstel. Of we niet moesten investeren in een bedrijf met de naam Zoom. Een manier om digitaal te vergaderen biedt een duurzamer alternatief dan steeds in het vliegtuig te stappen voor een zakelijke afspraak. De reactie was niet positief. Eigenlijk vonden ze het idee volslagen idioot. Eén jaar later brak corona uit en Zoom werd enorm groot. Dat bevestigde voor mij nog maar eens dat het essentieel is om open te staan voor radicale ideeën.”

Duurzame verandering

Van Neerven is ervan overtuigd: een bedrijf in transitie heeft rebellen nodig. “Om te verduurzamen, moeten duidelijke keuzes worden gemaakt. Dat vraagt om lef. Een manager heeft mensen nodig die de vraag stellen: zijn we nog het juiste aan het doen? Is het antwoord nee, dan handelen rebellen daar naar. Ze zijn niet bang om het roer om te gooien. Die doortastendheid is belangrijk. Alleen op die manier gaat er wat veranderen.”

Alle rebellen verzamelen

Overigens ziet ze steeds meer rebellen opstaan. “Dat is ook niet zo gek. De problemen waar we als wereld mee te maken krijgen, worden steeds groter. Van de natuur die achteruitgaat tot overstromingen of bosbranden. Bij steeds meer mensen gaat het borrelen. Zo van, ik moet er wat mee.”

Doe vooral wat met dat gevoel, roept Van Neerven op. “Juist in deze tijden kunnen rebellen het verschil maken. Voor bedrijven zijn deze werknemers waardevol. Om als bedrijf te veranderen, heb je om te beginnen mensen nodig die ook vinden dat het anders moet. Veranderen is niet makkelijk. Dan helpt het om een doortastende rebel in het team of de directie te hebben die met creatieve oplossingen komt.”

Lees ook:

Klimaatoplossingen slagen pas als successen minstens zoveel aandacht krijgen als faillissementsdrama’s

‘Spotgoedkoop nieuw plastic draait recyclingbedrijven de nek om’, ‘Crisis in de plasticrecycling’ en ‘Drama voor Nederlandse plasticrecycling’ (onze eigen kop). Het is een greep uit de tragische koppen die de ondergang van Umincorp inluiden. In mijn eigen bubbel worden de berichten veelvuldig gedeeld, vaak voorzien van commentaar dat zich nog het best doet samenvatten als: ‘erg hè’. De belangrijkste oorzaak voor het faillissement van Umincorp was zonneklaar. Het bedrijf kon niet opboksen tegen de lage marktprijzen van nieuw plastic dat in China en de VS van goedkope olie wordt gemaakt. Daar valt door recyclingbedrijven niet tegen te concurreren. ‘Moeten we niet willen’ NRC, Volkskrant, Het Parool, Quote en NU.nl brachten uitgebreide verhalen over het faillissement en 1Vandaag wijdde er een reportage aan. De artikelen hadden als resultaat dat de penibele situatie in de recyclingbranche veel aandacht kreeg. Invest-NL CEO Rinke Zonneveld schreef eerder al op LinkedIn: “Als er nu geen politieke oplossing komt, dan zullen in 2027 vrees ik de meeste plasticrecyclers niet meer actief zijn”. En recent hoorde ik staatssecretaris Vivianne Heijnen op een event zeggen dat “we als overheid eigenlijk niet moeten willen dat dit soort bedrijven failliet gaat.” Profetische woorden Media moeten dan ook vooral verslag blijven doen van faillissementsdrama’s. Deze verhalen kunnen een discussie doen oplaaien waar andere noodlijdende bedrijven wat aan kunnen hebben. Maar voor het slagen van een transitie als de circulaire economie zou het nuttiger zijn als media in een veel eerder stadium schrijven over de uitdagingen in een sector. Trouw deed precies dit in 2022, over *tromgeroffel*: Umincorp. De krant interviewde de toenmalige CEO Jaap Vandehoek. Toen al sprak hij de inmiddels profetische woorden ‘zonder strengere regels komen we er niet’, doelend op de bijmengverplichting van gerecycled materiaal in nieuwe verpakkingen die ingaat in 2027. Voor Umincorp komt die wetgeving dus veel te laat. Lezers zijn ramptoeristen Als er iets faliekant mis is gegaan, willen we dat lezen. Als het op nieuws aankomt, zijn we ramptoeristen. Onze hersenen worden nu eenmaal getriggerd door ellende. Maar als we willen dat de klimaattransitie slaagt, dan moet er meer media-aandacht uitgaan naar worstelingen die gaande zijn. Zo komt in een veel eerder stadium aandacht voor obstakels waar innovatieve en duurzame bedrijven tegenaan lopen en kan er nagedacht worden over constructieve oplossingen. Op z’n minst dragen deze verhalen bij aan meer bewustwording rond alle uitdagingen die met transities gepaard gaan. Doodzonde En om te zorgen dat we het vertrouwen in plasticrecycling – en eigenlijk elke klimaatoplossing die een deuk oploopt – niet volledig verliezen, mag er nog veel meer aandacht besteed worden aan wat er nu al mogelijk is. Afgelopen week was ik bij de opening van een nieuwe sorteerinstallatie voor plastic afval van recycler Renewi. De media-aandacht die deze opening trok, valt in het niet bij de aandacht voor een faillissement. En dat is eigenlijk doodzonde. Het was fascinerend om de wirwar van loopbanden vol kunststof deeltjes in actie te zien. Voor mijn ogen zag ik van onze plastic troep nieuwe grondstoffen gemaakt worden. Sjakie en de Chocoladefabriek Thuis vertelde ik enthousiast over mijn bezoek aan de ‘Sjakie en de Chocoladefabriek, maar dan voor plastics’. Mensen zouden vaker moeten zien welke inspanningen al geleverd worden die bijdragen aan oplossingen. Overal wordt namelijk al onverminderd hard gewerkt aan onze klimaatdoelstellingen. Faillissementsdrama’s, zeker voor bedrijven die we eigenlijk niet moeten missen, blijven belangrijk om te delen. Maar naast ramptoeristen zijn lezers net zo goed normale toeristen die mooie dingen willen zien. In die behoefte moeten media ons veel vaker voorzien. Lees ook: Kunnen we stoppen met de tweestrijd tussen technologie en consuminderen? Gedachte-experiment: boeren bezetten de A12 en klimaatactivisten rijden in tractors 1 + 1 = 2, zeggen wiskundigen