Kaz Schonebeek 01 maart 2024, 16:34

Opmerkelijk: Saudi-Arabië begonnen met bouw 170 kilometer lange wolkenkrabber

Soms stuit je als redactie op nieuws waarbij een wenkbrauw omhoog schiet. Die ene vreemde innovatie, een onverwacht effect van klimaatverandering of een staaltje menselijke onhandigheid. Opmerkelijk dus. Deze week: de bouw van een 170 kilometer lange wolkenkrabber is begonnen.

Screenshot 2024 03 01 at 16 35 46 The Line wordt 170 kilometer lang en volgens de Saudi’s een duurzaam hoogstandje. | Credits: Neom

Tientallen graafmachines en laadtrucks rijden door een gigantische bouwput in de Saudische woestijn. Op de bodem van de put staan rijen vol heimachines opgesteld. Miljoenen kubieke meters zand worden wekelijks verplaatst. Werkzaamheden gaan de klok rond door. Dat is te zien in een nieuwe video van ‘The Line’. De bouw van het megaproject – de grootste in heel Saudi-Arabië – is begonnen.

The Line wordt ’s werelds eerste wolkenkrabber die langer dan hoog is. Vanaf de Rode Zeekust strekt The Line dwars door de woestijn diep het binnenland in. Alles aan het project is gigantisch: een gebouw van 500 meter hoog, 200 meter breed en maar liefst 170 kilometer lang. 9 miljoen mensen moeten uiteindelijk komen te wonen in deze woestijnstad die 1 biljoen (dat is 1000 miljard) dollar gaat kosten.

Groene ambities

The Line maakt deel uit van het Saudi Vision 2030-initiatief, dat tot doel heeft de economie van het koninkrijk te diversifiëren en te moderniseren. Kroonprins en minister-president van Saudi-Arabië, Mohammed bin Salman, heeft een streek in het noord-westen van het land omgedoopt tot ‘Neom’ en zet er tal van futuristisch ogende prestigeprojecten op.

Futuristisch is The Line zeker. Aan de buitenkant is het een bijna oneindige spiegelende wand, de binnenkant vormt een megastad waar bomen en grote waterpartijen het beeld bepalen. Volgens de Saudi’s wordt The Line een duurzaam hoogstandje. Een autoloze megastad waar vervoer te voet of met highspeed openbaar vervoer gaat, die volledig op groene energie draait, waar al het afval gerecycled wordt en volledig CO2-neutraal is. Een aantal van de deelprojecten is al in een vergevorderd stadium: zo moet er volgend jaar het eerste stuk van de grootste groene waterstoffabriek ter wereld openen.

Kritiek

Dat er echt aan The Line gebouwd wordt, komt voor sommigen als verrassing. Toen het plan in 2021 werd aangekondigd, dachten veel analisten dat het grootspraak was. Maar nu zijn toch echt de eerste mega-spades in de grond gegaan. De oliestaat wil het project al in 2030 voltooid hebben.

The Line heeft veel kritiek te verduren gekregen. Aan vrijwel alle beloftes van het project wordt getwijfeld. Critici vragen zich af hoe duurzaam een stad midden in de woestijn kan zijn, waar vrijwel alle consumptiegoederen, voedsel en water moeten worden geïmporteerd. Stedenbouwkundigen wijzen er op dat de rechte streep die The Line trekt, de minst efficiënte manier is van een stadsinrichting – afstanden worden onnodig groot.

Het grote spiegelende gevaarte zou daarnaast een bedreiging vormen voor allerlei trekvogels die er tegen te pletter kunnen vliegen. Ook snijdt The Line het ecosysteem in de woestijn bruut door tweeën. Op mensenrechtengebied maken de Saudi’s ook weinig goede sier. De oorspronkelijke bewoners van het gebied waar The Line verrijst, zijn verjaagd. Wie tegen de gedwongen herlocatie protesteerde, werd gevangengezet. Een aantal demonstranten zou zelfs tot de doodstraf zijn veroordeeld.

Lees ook:

De (on)zin van duurzame pop-up restaurants

“Pop-ups zijn een belangrijke trend, vooral in de foodservice branche“, zegt Marlene Vock. Ze is gespecialiseerd in marketing en verbonden aan de Universiteit van Amsterdam. “Het tijdelijke karakter maakt het voor ondernemers een goede manier om zaken uit te proberen. Hierbij kun je denken aan het menu, de locatie en de aankleding.” Vis- en vleesalternatieven Ook duurzame merken hebben de pop-ups ontdekt. In de zaken staan vegetarische en plantaardige gerechten op de kaart. Zijn vis- en vleesalternatieven geschikt om te serveren? Vock schat in van wel. “Smaak is de grootste barrière als het gaat om het accepteren van plantaardig voedsel. Is het niet lekker, dan eten we het niet. In restaurants wordt het eten bereid door professionele chefs. Dat maakt dat zij, met hun expertise, een grote bijdrage kunnen leveren aan de smaak. Als gasten het proeven en ze zijn positief verrast, is de kans aanwezig dat ze dat specifieke product nog een keer kopen. Ze hebben er al een goede smaakervaring mee gehad.” Bovendien denkt ze dat een nieuw restaurant en een nieuw product elkaar kunnen versterken. “Omdat een pop-up tijdelijk is, hangt er een zekere vorm van excitement omheen. Als daar plantaardige producten worden bereid die vernieuwend zijn, dan kan dat elkaar versterken. Dat is toch wat spannender dan de zoveelste wafelbar of pannenkoekenrestaurant.” Doelgroep Durk Bosma, marktonderzoeker gespecialiseerd in duurzame voeding, betwijfelt of dit horecaconcept een compleet nieuwe doelgroep aantrekt. “Ik vraag me af of mensen die normaliter vlees en vis eten over de drempel stappen om duurzamere alternatieven te proberen. Ik denk dat de drempel lager is wanneer potentiële gasten een product al kennen. Bij het zoveelste broodje rookworst komen mensen wel, is mijn verwachting. Maar of een pop-up geschikt is om mensen voor het eerst kennis te laten maken met een product, dat weet ik niet.” Vock ziet dat anders. “Als mensen in een supermarkt niet actief op zoek zijn naar bijvoorbeeld vervangers voor vlees en vis, komen ze er niet makkelijk mee in aanraking. Het ligt vaak in een ander schap. Bij zo’n pop-up is dat anders. De Vegetarische Slager heeft tijdelijk een broodjeszaak gehad op Rotterdam Centraal. Op een centrale plek, zoals het station, komen genoeg mensen die niet de doelgroep zijn. Zij komen nu wel in aanraking met het merk. In die zin kan een pop-up op een strategische plek een toegankelijke manier zijn om producten te introduceren bij een nieuwe doelgroep.” Leerschool Bosma benadrukt dat een tijdelijk restaurant een goede leerschool is. “Het is een mooie manier om mensen kennis te laten maken met een product en om feedback te vragen. De meerwaarde van een restaurant is het directe contact en het feit dat een reactie meteen kan worden uitgevraagd. Vraag gasten dus vooral hoe het smaakt en of ze het lekker vinden.” Zichtbaarheid Vanuit marketingperspectief kan een pop-up gunstig zijn. Vock: “In de horeca gaat het niet om één specifiek product, maar om het totaalplaatje. Merken kunnen een beleving neerzetten die verdergaat dan puur een product. Gebeurt dat goed, dan gaan gasten dit delen op sociale media en genereert zo’n merk aandacht. Dit kan ook door in de media te komen met het nieuws dat er een nieuw restaurant opent. Dan is het feitelijk gratis reclame.” Daar is Bosma het mee eens. “Als het doel is om media-aandacht te genereren, kan een tijdelijk restaurant helpen. Loopt het, dan kan een merk of product daar zeker een boost van krijgen.” Voor bestaande merken kan het ook een manier zijn om het imago op te krikken. Vock neemt de fastfoodketen Burger King als voorbeeld. “Zij hebben verschillende pop-up zaken geopend in diverse landen. Alle zaken hadden een vleesvrij menu. Dat is opvallend, want bij de Burger King denk je nog vaak aan vlees. In dit geval is zo’n pop-up een manier om te laten zien: kijk, wij hebben ook vleesvrije producten. Daarbij is het een experiment. In een tijdelijk zaak kan een Burger King doen wat ze in hun reguliere restaurants wellicht niet durven. Het is een speelplaats, zogezegd.” Nieuwe normaal Vock is van mening dat vegetarische en plantaardige restaurants een positief effect hebben, of ze nu tijdelijk of permanent zijn. “De draai naar een duurzamer voedselsysteem is hard nodig. Het moet het nieuwe normaal worden. Dan helpt het als restaurants die zich daarop richten aanwezig zijn in het straatbeeld. Ik denk dat alleen die aanwezigheid al wat doet voor wat in onze perceptie normaal is. Hopelijk verandert zo de norm.” Lees ook: Plantaardig eten duur? Dit onderzoek bewijst het tegendeelGaat dit alternatief onze honger naar makreel stillen?Plantaardige gerechten bouwen als lego: ‘We benaderen duurzaam eten anders’