Hannah van der Korput
15 februari 2024, 15:17

Twee jaar oorlog in Oekraïne: dit zijn de gevolgen voor voedselzekerheid en broeikasgassen

De oorlog in Oekraïne is bijna twee jaar oud. Van oudsher exporteert het land veel granen. Hoe verschuift de landbouwproductie en wat doet dat met de prijs van tarwe, gerst en maïs? En wat voor invloed heeft de oorlog op de uitstoot van broeikasgassen?

Getty Images 1425286698 Met het wegvallen van Oekraïne als graanexporteur, worden er op andere plekken op de wereld juist meer gewassen verbouwd. | Credits: Getty Images

Het Wageningen Economic Research deed onderzoek naar de wereldwijde effecten van de oorlog in Oekraïne op de voedselzekerheid. De conclusie: de wereldmarkt verschuift en de prijzen schieten omhoog.

Graan

Oekraïne wordt ook wel de graanschuur van de wereld genoemd. Van oudsher exporteert het land veel, maar op de dag van de invasie veranderde dat. Doordat het land in oorlog is, stokt de productie. Ook de prijzen van energie en kunstmest zijn flink gestegen. Dit alles leidt tot hogere voedselprijzen. Vooral Turkije, Egypte en landen in het Midden-Oosten zijn hier de dupe van. De prijzen voor tarwe en gerst stijgen harder dan de gemiddelde lonen. Veel mensen kunnen het geld voor de landbouwproducten niet zomaar ophoesten.

Bijzonder is dat het onderzoek zich niet alleen richt op de beschikbaarheid, maar ook op de toegankelijkheid van voedsel. Hoofdonderzoeker Hans van Meijl: “Dit is veel lastiger in kaart te brengen. Je moet dan bijvoorbeeld weten hoeveel mensen in verschillende arbeidstypen verdienen en wat zij moeten uitgeven aan voedsel. Vooral die inkomenskant wordt meestal genegeerd in onderzoek. In deze studie hebben we dit aspect juist expliciet meegenomen om de invloed van de oorlog op de toegang tot voedsel vast te kunnen stellen.”

Verschuiving van de landbouw

Met het wegvallen van Oekraïne als graanexporteur, worden er op andere plekken op de wereld juist meer gewassen verbouwd. Vooral in Midden- en Zuid-Amerika is het landbouwareaal toegenomen. De broeikasgasemissies die direct aan landgebruik kunnen worden toegerekend, zijn hierdoor gestegen. Aan de andere kant tonen berekeningen aan dat de totale uitstoot van broeikasgassen is gedaald. Dit is toe te schrijven aan de explosieve stijging van de gasprijzen, waarna we wereldwijd minder fossiele brandstoffen en meer duurzame energie verbruikten.

Oorlog voorbij

Wanneer de oorlog voorbij is en Oekraïne weer kan gaan telen, is het maar de vraag of het land zijn rol van landbouwexporteur weer kan oppakken. De kans is groot dat de bodem minder vruchtbaar en biodivers is geworden door alle vervuiling. Bodemecoloog Wim van der Putten van het Nederlands Instituut voor Ecologie (NIOO-KNAW) zei daar eerder over: “Door inslagen van raketten en granaten heeft de grond het zwaar te verduren. De bovengrond verdwijnt en metalen komen in de bodem terecht. Als de oorlog straks voorbij is en de bomkraters weer dicht worden gemaakt, is de bodemvruchtbaarheid waarschijnlijk flink afgenomen.”

Reinigen

De Oekraïense grond kan na de oorlog schoongemaakt worden. Hier zijn verschillende methodes voor, afhankelijk van wat er in de bodem zit. Zo worden soms planten ingezet om verontreinigende stoffen uit het milieu te verwijderen, een proces dat fytoremediatie heet. Dit is echter geen kortetermijnoplossing: een bodemsanering kan op deze manier wel twintig jaar duren.

Lees ook:

Tweede binnenvaartschip op groene waterstof vertrekt binnenkort vanaf Rotterdam

Vorig jaar introduceerde Future Proof Shipping in samenwerking met Holland Shipyard Group al de H2 Barge 1. Het ging om hetzelfde idee: dieselmotoren van een oud binnenvaartschip eruit, voortstuwing op groene waterstof erin. De Barge 1 vaart tussen Rotterdam en Amsterdam en werd met trots ontvangen door – inmiddels demissionair – minister Harbers (Infrastructuur en Waterstaat). “Ons doel is om in 2030 ten minste 150 emissieloze binnenvaartschepen te hebben, en in die opgave zijn alternatieve brandstoffen, zoals waterstof, onmisbaar”, zei hij toen. 200 kilowatt per brandstofcel Het schip dat tussen Rotterdam en de Duitse stad Duisburg moet gaan varen is een voortzetting van het eerste waterstofschip en gaat de naam H2 Barge 2 dragen. De voortstuwing op basis van groene waterstof maakt gebruik van zes brandstofcellen, elk met een vermogen van 200 kilowatt. Het schip kan 190 containers vervoeren en bespaart naar eigen zeggen jaarlijks 3.000 ton CO2. Dat is al meer dan de Barge 1, die 2.000 ton CO2 bespaart. CO2-vrij vrachtvervoer “De binnenwateren zijn belangrijk voor het vrachtvervoer in Europa en we zijn blij dat een krachtig containerschip wordt omgebouwd naar emissievrije schepen”, zegt Mirela Atanasiu van het Clean Hydrogen Partnership (een van de partijen die financiering leverden voor het project). “De H2 Barge 2 brengt kennis over hoe schepen kunnen worden omgebouwd van dieselverbranding naar zero-emissie-alternatieven, door gebruik te maken van batterijen in combinatie met groene waterstof in een brandstofcel. Ik ben er trots op dat onze financiering bijdraagt aan het koolstofvrij maken van het vrachtvervoer in de Europese Unie.” Schoner varen Richting een CO2-vrije toekomst heeft de binnenvaart nog een flinke transitie voor de boeg. In 2030 moet de uitstoot van broeikasgassen die voortkomt uit de binnenvaart met 40 tot 50 procent zijn afgenomen ten opzichte van 2015. Dat moet gebeuren met biobrandstoffen, maar ook met het elektrificeren van de schepen. Uiterlijk in juli treedt het verbod op varend ontgassen in werking. Dat wil zeggen dat het niet meer toegestaan is voor schippers om dampen die in laadruimtes en leidingen achterblijven na het lossen, onderweg vrij te laten. In eerste instantie gaat het om benzine, benzeen en mengsels met meer dan 10 procent ethanol. Daarna mogen ook tanks met ruwe aardolie, ontvlambare vloeistoffen en koolwaterstoffen met meer dan 10 procent benzeen niet meer onder het varen worden ontgast. Lees ook: Hoe duurzamer het schip, hoe hoger de kortingGroen investeringslabel voor vliegtuigen en cruiseschepen is waanzin, zeggen ngo’sVoor scheepvaart op groene ammoniak zijn maar tien tanklocaties nodig