Sebastian Maks
18 oktober 2023, 14:12

Dit moet er gebeuren om het elektriciteitsnet toekomstbestendig te maken

Volgens het Internationaal Energieagentschap (IEA) zijn de elektriciteitsnetten er slecht aan toe. Die conclusie publiceert de organisatie in een nieuw rapport. Het IEA toont aan dat er voor 80 miljoen kilometer aan energie-infrastructuur vervangen of bijgebouwd moet worden voor 2040 om de klimaatdoelen te kunnen halen en energiezekerheid te garanderen. Om dat voor elkaar te krijgen, is een zestal maatregelen nodig.

Andrey metelev qp A Oxji4d Ao unsplash De investeringen in elektriciteitsnetten moeten verdubbelen tot bijna 600 miljard euro per jaar in 2030. | Credits: Unsplash

Het IEA geeft aan dat elektriciteitsnetten al voor meer dan een eeuw de ruggengraat van samenlevingen vormen, maar dat ze de forse groei van onder meer hernieuwbare energie, elektrische auto’s en warmtepompen niet langer aankunnen. Steeds meer regio’s krijgen te maken met netcongestie, wat ervoor zorgt dat bedrijven en huishoudens niet kunnen worden aangesloten op het stroomnet. Ook wordt de rij van duurzame projecten die niet uitgevoerd kunnen worden door een gebrek aan ruimte op het elektriciteitsnet steeds langer. Het IEA schat die wachtrij in op 1.500 gigawatt; vijf keer zoveel als vorig jaar wereldwijd aan zonne- en windenergie werd toegevoegd.

Grotere geldstroom

Daarom moeten elektriciteitsnetten worden verzwaard en moet er meer infrastructuur bij komen. Om dat te realiseren, draagt het IEA zes maatregelen aan, beginnend met een no-brainer: investeren. Tegen het jaar 2030 moeten investeringen in het elektriciteitsnet maar liefst zijn verdubbeld, tot 600 miljard dollar (567 miljard euro) per jaar. Vooral voor ontwikkelingslanden met budgettaire beperkingen is dat een uitdaging, en het is dan ook de taak van welvarende landen om hen (vanuit zowel publieke als private hoek) financieel bij te staan. Daarnaast is het nodig om netbeheerders financieel te stimuleren en om de transparantie van geldstromen te vergroten, wat additionele investering kan aantrekken.

Scherpere communicatie

Ten tweede is een betere en actuelere planning van netverzwaring nodig. Vanwege de enormiteit van de uitdaging en de vele betrokken partijen daarbij, blijkt het voor die partijen lastig om hun werkprocessen efficiënt op elkaar af te stemmen. Daarin slagen vergt een sterkere communicatie tussen verschillende spelers binnen het energiesysteem, zowel binnen als tussen geografische regio’s.

Inzet op digitaal

Het IEA benadrukt dat digitalisering steeds belangrijker wordt bij de transmissie (het bewegen van veel energie met een hoog voltage) en distributie (het omzetten van energie naar een laag voltage en deze naar gebruikers transporteren) van energie. Hier meer op inzetten door middel van transparant gebruik van data en kunstmatige intelligentie kan ertoe leiden dat energie efficiënter wordt getransporteerd en niet of minder verloren gaat. Ook helpt het bij de bescherming van het elektriciteitsnet tegen cyberaanvallen en eventuele operationele gebreken.

Competente arbeidskracht

Om daarop in te zetten is een grote poule aan gekwalificeerd personeel onmisbaar. Maar ook voor andere taken binnen het energiesysteem zijn geschoolde arbeidskrachten nodig. Die taken lopen wijd uiteen, van managementposities bij netbeheerders, tot technici die netten vervangen en bijbouwen, tot handhavers bij energie-instituties. Ook ligt er een rol voor de overheid om arbeidskrachten binnen de energiesector om te scholen als de werkzaamheden van die arbeidskrachten worden geautomatiseerd. Het gaat dan niet alleen om onderwijsprogramma’s na ontslag, maar ook (en misschien wel vooral) om trainingen tijdens lopende dienstverbanden, zodat de werknemers gelijk op een andere manier bij kunnen dragen aan de energietransitie.

Technologie veiligstellen

De laatste twee maatregelen hebben te maken met de benodigdheden van, en druk op technologie bij het uitbouwen van de netten. Allereerst is het van belang dat beleidsmakers blokkades wegnemen die het snel uitrollen van netbouwprojecten beperken. Daartoe behoren het vergemakkelijken van anticipatory investments (investeringen voorafgaand aan de bouw die niet onmiddellijk bij de start nodig zijn maar later kunnen of moeten worden ingezet) en het stroomlijnen van administratieve processen. Ten tweede is het belangrijk om de keten van benodigde materialen veilig te stellen. Dat kan bijvoorbeeld door de inkoop van technische installaties te standaardiseren en daar transparant over te communiceren.

Actie benodigd

Er moet volgens het IEA snel actie worden ondernomen, aangezien het uitbouwen van elektriciteitsnetten veel tijd kost; zo’n vijf tot zelfs vijftien jaar. Dat tegenover de maximaal vijf jaar die het kost om hernieuwbare projecten uit te rollen, of de maximaal twee jaar om laadpaalnetwerken voor elektrische auto’s aan te leggen. “De recente vooruitgang op het gebied van schone energie die we in veel landen hebben gezien is ongekend en een reden voor optimisme”, zegt
Fatih Birol, directeur van het IEA. “Maar die vooruitgang kan in gevaar komen als regeringen en bedrijven niet de handen ineenslaan om ervoor te zorgen dat elektriciteitsnetten klaar zijn voor de nieuwe mondiale energie-economie die snel aan het ontstaan is.”

Lees ook:

Investeringsbesluit Porthos definitief: binnenkort CO2-opslag in de Noordzee

Porthos is een joint venture van Energie Beheer Nederland, Gasunie en Havenbedrijf Rotterdam. Het plan is dat bedrijven als Shell, ExxonMobil en Air Liquide in de haven CO2 gaan afvangen en leveren aan Porthos. Porthos zal er vervolgens voor zorgen dat de CO2 naar lege gasvelden, zo’n 20 kilometer van de kust, wordt getransporteerd. Daar wordt de CO2 permanent in de bodem opgeslagen, zo’n 4 kilometer onder de Noordzeebodem. De infrastructuur voor Porthos vraagt om een investeringsbedrag van 1,3 miljard euro. Het is aan de CO2-leverende bedrijven zelf om te investeren in afvanginstallaties. CO2-opslag in Nederland Verspreid over een periode van 15 jaar wordt op deze manier circa 37 megaton CO2 opgeslagen. Hans Meeuwsen, directeur Porthos: “De opslag van CO2 is cruciaal als we de klimaatdoelen in Nederland willen halen. Dit investeringsbesluit is een belangrijk startmoment voor toekomstige ontwikkelingen in de opslag van CO2 in Nederland.” Milieuorganisatie Mobilisation for the Environment (MOB) heeft zich lang verzet tegen de bouw van Porthos. Enerzijds heeft dat een principiële reden: de overheid betaalt mee aan Porthos, waardoor grootvervuilers steun krijgen om hun eigen rommel op te ruimen. Daarvoor zouden ze eigenlijk zelf moeten opdraaien, vindt de organisatie. Milieudefensie onderschreef die opvatting eerder: “Mensen betalen belasting voor hun vuilniszakken, maar Shell en Exxon krijgen miljarden om hun afval op te ruimen”. Natuurbeschermingswet Anderzijds beroept MOB zich op de Natuurbeschermingswet. Doordat er bij de aanleg van het Porthos-project stikstof vrijkomt, zou de overheid met die wet in strijd zijn. De Raad van State oordeelde juist dat er aan de eisen van die wet is voldaan. Bart Jan van Ettekoven, voorzitter van de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, zei na de uitspraak in een perstoespraak: “Het Porthos-project leidt weliswaar tot een tijdelijke en beperkte toename van de stikstofuitstoot op delen van de omliggende Natura 2000-gebieden, maar de ministers hebben op basis van objectieve gegevens aangetoond dat het in dit geval uitgesloten is dat deze natuurgebieden daarvan significante gevolgen ondervinden. Dat is het relevante criterium.”Wat is CCS; het opslaan van CO2? CCS staat voor ‘Carbon Capture and Storage’: het vangen en opslaan van CO2 uit schoorstenen en andere bronnen. Het is voor de (fossiele) industrie een gewild middel om de uitstoot te verminderen. Lege gasvelden in de Noordzee kunnen als reservoir dienen voor de afgevangen CO2. En misschien dat die CO2 in de toekomst een nuttige grondstof wordt. Maar de opslag is controversieel, omdat het de overstap naar duurzame productiemethodes vertraagt. Toch lijkt CCS essentieel voor de klimaatdoelen; zonder kunnen de targets voor CO2 niet gehaald worden, stelt het IPCC. Het lijkt daarom een onmisbare overgangstechniek te worden. Lees hier meer over CCS.Meer over Porthos:Vertraging CO2-opvang en opslag via Porthos-project schiet gat in klimaatdoelenBlauwe waterstof kan CO2 haven Rotterdam reducerenSamenwerking havens voor CO2-opslag in zeebodem