André Oerlemans
02 augustus 2023, 11:00

Windmolens zorgen voor groei groene stroom in regenachtig juli

De productie van groene stroom groeide de afgelopen maand met 21 procent ten opzichte van juli 2022. Omdat het een regenachtige maand met veel wind was, wekten windturbines twee keer zoveel stroom op als vorig jaar.

Adobe Stock 516555617 1 Windturbines wekten in juli de meeste groene stroom op. | Credits: Adobe Stock

Dat blijkt uit de maandcijfers die het Nationaal Klimaat Platform, EnTranCe, Hanzehogeschool Groningen, Tennet en Gasunie bijhouden op Energieopwek.nl. In totaal werd 60 procent van alle stroom groen opgewekt. Vorig jaar was dat nog 46 procent. Daar zit wel een grote ‘maar’ aan: stroom maakt slechts een vijfde uit van alle energiegebruik. Het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) gaat ervan uit dat in 2030 al 85 procent van alle stroom uit hernieuwbare bronnen komt. Een deel daarvan zal dan ook geëxporteerd worden naar het buitenland.

Geld terug bij stroomverbruik

Juli telde 65 uur dat de stroomprijs negatief was, vooral door het groeiende aanbod van wind- en zonne-energie. De teller voor heel het jaar staat al op 192 uur. 2022 kende slechts 85 uur met negatieve stroomprijzen. Op zulke momenten krijgen huishoudens met een dynamisch energiecontract geld terug als ze elektriciteit gebruiken. Volgens cijfers van de ACM
hadden in juni 2023 al 225.000 Nederlanders zo’n contract. Nadeel is wel dat tijdens deze momenten wind- en zonneparken worden stilgezet omdat ze anders verlies lijden.

Minder zon, maar meer zonne-energie

De bijdrage van windenergie verdubbelde in vergelijking met juli vorig jaar tot ruim 26 procent. Dat komt omdat het in juli veel waaide, maar ook omdat er steeds meer windturbines op land staan en het offshore park ‘Hollandse Kust Zuid’ steeds meer groene stroom levert. Dit park op zee komt naar verwachting dit jaar volledig in productie. Hoewel juli volgens het KNMI
45 zonuren minder telde dan vorig jaar, werd er toch 10 procent meer zonne-energie opgewekt. Dat komt vooral omdat er veel meer panelen liggen dan vorig jaar. In de zomer wordt de meeste zonne-energie opgewekt, afgelopen juli 28,5 procent van alle stroom.

Lees ook:

CSRD steeds dichterbij: Europese Commissie presenteert standaarden voor duurzaamheidsrapportage van bedrijven

De standaarden, genaamd de European Sustainability Reporting Standards (ESRS), zullen verplicht worden voor vrijwel alle beursgenoteerde bedrijven. De ESRS moeten ervoor zorgen dat bedrijven voldoende handvatten hebben om hun duurzaamheidsrapportages goed uit te kunnen voeren. Ook moeten ze een gelijk speelveld creëren, zodat de rapportages goed met elkaar vergeleken kunnen worden. De ESRS zijn in het leven geroepen nadat gebleken is dat de informatie die bedrijven nu al naar buiten brengen op het gebied van duurzaamheid, ontoereikend is.Even opfrissen: wat is CSRD? CSRD staat voor Corporate Sustainability Reporting Directive en verplicht een groot aantal bedrijven in Europa om vanaf januari 2024 te rapporteren over de impact die de bedrijven hebben op mens en milieu. De CSRD is in november 2022 aangenomen door de Europese Unie en is een uitbreiding van de bestaande Europese richtlijn rondom duurzaamheidsverslaglegging; de zogeheten Non-Financial Reporting Directive (NFRD). De CSRD gaat over het uitvoeren van een ‘dubbele materialiteitsanalyse’, het meten van de langetermijndoelstellingen, niet-financiële indicatoren opnemen zoals sociaal kapitaal en een externe accountantscontrole.Dubbele materialiteit In totaal bestaat het pakket uit 12 werkvelden met standaarden voor rapportage. Voorbeelden van die werkvelden zijn: vervuiling, biodiversiteit, circulaire economie, werknemers in de hele bedrijfsketen en consumenten. Daarbij neemt de Europese Commissie het perspectief van een ‘dubbele materialiteit’ als leidraad. Dat wil zeggen dat bedrijven niet alleen transparant moeten zijn over hun invloed op mens en milieu, maar ook over hoe deze kwesties andersom invloed hebben op het bedrijf en welke risico’s dit met zich meebrengt. Bedrijfsleven nog niet klaar Hoewel de CSRD, waar de ESRS onderdeel van uitmaken, beursgenoteerde bedrijven al vanaf volgend jaar verplicht om met hun rapportages te beginnen, hebben veel van hen nog een lange weg te gaan. Uit onderzoek van Lefebvre Sarrut en diens Nederlandse dochter Sdu bleek eerder dit jaar al dat bedrijven nog veel kennis moeten opdoen over de Europese rapportagewetgeving. “We merken dat bedrijven pas aan het begin staan”, zei Esther van Doesburg, chief innovation manager bij Sdu. “Veel bedrijven weten dat deze wetgeving eraan komt, maar weten niet wat ze ermee moeten doen”. Standaard ontbrak Marktonderzoeksbureau Ipsos herkent die constatering en zegt bovendien dat een eenduidige methode voor bedrijven om te rapporteren cruciaal is. “Die standaard ontbreekt nog voor CSRD”, zei Daan Versteeg, country manager van het bureau, eerder. Met de aangekondigde ESRS van de Europese Commissie lijkt daar nu verandering in te komen. Ipsos ontwikkelt zelf ook een methode om het bedrijfsleven klaar te maken voor de aanstaande CSRD en stelt daarbij vragenlijsten op. Versteeg zei daarover: ““We proberen op een kwantitatieve manier in kaart te brengen hoe je de best bruikbare informatie uit bepaalde vraagstellingen kunt krijgen.” Daarmee wil Ipsos een pasklare methode met voorbeeldvragen ontwikkelen die bedrijven aan hun stakeholders kunnen voorleggen. Politiek proces Nu de Europese Commissie de standaarden voor duurzaamheidsrapportage heeft goedgekeurd, moet het pakket nog aangenomen worden door zowel de Raad van de EU als het Europees Parlement. Beide instellingen krijgen vanaf augustus twee maanden om hierover in conclaaf te gaan. Lees ook: Het aftellen is begonnen: is de Nederlandse modebranche klaar voor deze duurzaamheidswetten?Europarlementariër Lara Wolters: Europese duurzaamheidsverslaggeving “niet vrijblijvend”Stoomcursus om bedrijven klaar te maken voor nieuwe Europese regelgevinDe CSRD komt eraan: is het bedrijfsleven daar klaar voor?