Erika van Zinderen Bakker 29 juni 2023, 15:00

Vegan en altruïstisch: hoe een kleine horecazaak zo maatschappelijk verantwoord mogelijk onderneemt

Hoe werk je als kleine ondernemer zo maatschappelijk verantwoord mogelijk? In een Haarlemse wijk opende dit jaar een café dat volledig volgens de ESG-waarden werkt: milieu, mens & maatschappij en behoorlijk bestuur staan er voorop. Hoe doet een kleine ondernemer dat en wat levert het op?

Cafe Lief Haarlem binnen In het huiskamercafé Lief zijn 'milieu, mens & maatschappij en behoorlijk bestuur' verankerd in de bedrijfsvoering.

Het is vrij rustig als ik om een uur of vijf café Lief in Haarlem binnenstap. Het café sluit over een uurtje. Het is een drukke dag geweest en de laatste gasten zitten nog op het terras en binnen in de huiskamerachtige zaak. Eigenaresse Kelle Tallentire maakt van de rust gebruik om even haar kinderen van de BSO op te halen. Als ze een kwartiertje later weer terug is, raken we aan de praat. Over idealen, veganisme en altruïsme.

Sustainable Development Goals

Dat ook kleine ondernemers de ESG-waarden en Sustainable Development Goals (SDG) in hun bedrijfsvoering kunnen implementeren blijkt uit het verhaal van deze Nieuw-Zeelandse ondernemer. Tallentire opende in februari dit jaar een vegan café in Haarlem-Noord. Verrassend genoeg ligt het café niet in het centrum van Haarlem, maar in een rustiger wijk in Haarlem-Noord. In eerste instantie had de Nieuw-Zeelandse haar zinnen gezet op een locatie in het centrum, maar dat wilde niet echt vlotten. Eén locatie buiten het centrum stond wel op haar wensenlijstje, maar dat café was helaas net verkocht. Toen bleek dat die koop niet was doorgegaan, was Tallentire de eerstvolgende gegadigde.

Buurtcafé

“Ik mocht direct komen kijken. De sfeer was zo goed. Het was een druilerige herfstdag, maar het licht was mooi. Dit was het.” Het bleek een goede keuze. “Ik werk al jaren in de horeca, maar nooit eerder in een buurtcafé. Het leuke hieraan is dat er een hele community rondom mijn café ontstaat. Ik ken alle klanten, ik ken hun kinderen, hun honden en hun routines. Dat is heel bijzonder.”

Café Lief

De van oorsprong Nieuw-Zeelandse Kelle Tallentire (30) woont nu zeven jaar in Nederland. Hiervoor werkte ze al vijftien in de horeca in diverse functies: van serveerster tot manager. Huiskamercafé Lief is haar eerste eigen zaak. In Café Lief is alles huisgemaakt en vegan. Het café is overdag open en binnenkort ook één avond in de week voor ‘sociale diners’. Daar is iedereen welkom, ongeacht hun budget, en zitten mensen bij elkaar aan één grote tafel.

Kelle Tallentire voor haar eigen zaak

Geen concessies

Het personeel uit alle windstreken kookt fusion en serveert uitsluitend plantaardige gerechten. “Ik ben zelf veganist”, vertelt Tallentire, “dus ik wil geen concessies doen aan waar ik voor sta.” Ook haar toeleveranciers kiest ze daarom niet zomaar. “Ik werk alleen met leveranciers die in lijn zijn met mijn waarden. Die moeten dus ook écht duurzaam zijn. Op die manier kan ik ook weer andere kleine bedrijfjes met een duurzaam beleid promoten.”

Individuele impact

De keuze voor het veganisme komt vooral voort uit de wil om iets te doen aan het klimaat. “Toen mijn oudste dochter net was geboren, begon ik me echt zorgen te maken om het klimaat. Ik wilde dat mijn individuele positieve impact zo groot mogelijk zou zijn.” Dat die stap ook invloed heeft op het welzijn van dieren, was destijds nog niet aan de orde, maar noemt ze nu ‘een positieve bijkomstigheid’.

Altruïsme

Maar Tallentire noemt zichzelf vooral altruïst. “Ik vind het ontzettend belangrijk om goed te zijn voor mijn medemens. Binnenkort gaan we beginnen met diners op donderdagavond. Een driegangenmenu dat voor iedereen toegankelijk is, dus ook voor mensen met een kleine beurs. Iedereen zit aan lange tafels bij elkaar en de gasten mogen zelf bepalen hoeveel ze betalen. Het idee is dat op die manier echt iederéén kan meegenieten.”

Personeel wordt mede-eigenaar

Het altruïsme blijkt niet alleen uit het feit dat ze haar gerechten graag met iedereen deelt. “Mijn personeel heeft nu nog een contract”, vertelt ze. “Maar in september lopen die contracten af. Dan worden mijn medewerkers mede-eigenaar – met behoud van salaris. Ik vind het eerlijker dat zij ook kunnen delen in de winst. Als ondernemer moet je goed zijn voor je personeel.”

Meer lezen over plantaardig eten

De Europese auto-industrie focust op Tesla, maar dat is een fout, want China is de uitdager

Een nieuwe studie bevestigt wat al een tijd wordt gedacht. Dat China nu de grootste exporteur van auto’s is, heeft niet enkel brede implicaties op economisch vlak; ook de kwaliteit van de Chinese auto’s is van die aard dat Europese constructeurs hopeloos achterop lijken geraakt. De Europese autosector staat voor verschillende uitdagingen. Volgens voorspellingen van Alix Partners zal het aantal verkochte voertuigen over vier jaar naar verwachting 17,4 miljoen bedragen. Een daling van 16 procent ten opzichte van de periode vóór de Covid-19-pandemie (20,8 miljoen in 2019). Vergelijk dat met China, waar het aantal voertuigen in 2027 zal stijgen tot bijna 30 miljoen (+17 procent in dezelfde periode). China zal dan comfortabel de positie van ’s werelds grootste automarkt innemen. Deze verschuivingen in de markt dwingen Europese autofabrikanten om zich aan te passen aan de veranderende omstandigheden. Ze moeten nieuwe strategieën ontwikkelen om concurrerend te blijven. China, niet Tesla is de uitdager Zoom in. In de Wall Street Journal schreef journalist Greg Ip eerder deze maand “dat elektrisch aangedreven auto’s van Chinese makelij geduchte concurrenten zijn geworden voor hun westerse tegenhangers”. De studie van Alix Partners bevestigt dat. “Chinese autofabrikanten hebben de afgelopen jaren aanzienlijke vooruitgang geboekt op het gebied van technologie, kwaliteit en prijs, waardoor ze steeds aantrekkelijker worden voor consumenten.” Het succes van Chinese fabrikanten in de automarkt is een direct gevolg van hun focus op elektrische voertuigen. Naast hun vermogen om snel vooruitgang te boeken op dit gebied. Europese autofabrikanten moeten niet enkel concurreren met het groeiende Chinese aanbod. Ze moeten tegelijkertijd ook voldoen aan strengere emissienormen en de verschuiving naar elektrische mobiliteit. Volgens berekeningen van Alix Partners zijn de 21 grondstoffen die nodig zijn om een elektrische auto te produceren in Europa de voorbije 3 jaar ook nog eens in prijs verdubbeld. Duits Model is aan herziening toe Wat is het probleem? De Duitse merken, die het gezicht vormen van de Europese auto-industrie, hebben decennialang succes gehad. Door de kwaliteit van hun motoren, versnellingsbakken en alles wat Deutsche Qualität uitmaakt, schrijft L’Opinion. Maar de opkomst van elektrische batterijen heeft een groot deel van deze voorsprong tenietgedaan. Dat dwingt het Duitse model om (gedeeltelijk) herzien te worden. Als gevolg hiervan verliezen de Duitse merken marktaandeel in China, waar ze worden verdrongen door Chinese modellen. Volgens gegevens van Alix Partners zullen Chinese modellen vanaf dit jaar al de overhand krijgen op de binnenlandse markt. Wat een kleine revolutie is die zich ook buiten de grenzen verspreidt. Chinese opmars nog amper te stoppen Wat zijn de gevolgen? Volgens Renault-CEO Luca de Meo is de opmars van Chinese autofabrikanten nog amper te stoppen. “China en de Verenigde Staten, met behulp van de IRA, bedrijven protectionisme en de Europese Unie moet manieren vinden om zichzelf te beschermen, niet om een industrie uit het verleden te verdedigen, maar om de industrie van de toekomst te laten groeien”. Want terwijl vaak wordt gezegd dat Chinese modellen goedkoper zijn omdat ze niet van hetzelfde niveau zouden zijn, is de realiteit anders. De Chinezen hebben begrepen dat ze een sterke positie in de internationale auto-industrie kunnen veroveren door te focussen op elektrische voertuigen, eerder dan te proberen Europese fabrikanten in te halen op het gebied van traditionele brandstofvoertuigen. De huidige autokopers hechten meer waarde aan elektronische consumententechnologie en geavanceerde rijhulpsystemen. Op dat gebied hebben Chinese merken een voorsprong genomen. Chinese elektrische voertuigen zijn uitgerust met geavanceerde entertainmentsystemen, zelfs voorzien van microfoons voor karaoke, en meerdere schermen. Ze vormen het meest geavanceerde digitale apparaat met wielen. Risico's nemen of ten onder gaan Wat nu? De snelheid waarmee nieuwe voertuigen op de markt worden gebracht, wordt daarbij van cruciaal belang. Westerse autofabrikanten moeten hetzelfde pad volgen en bereid zijn om risico’s te nemen, vergelijkbaar met die van een start-up. “Europese autofabrikanten zijn helaas hopeloos achteropgeraakt op het gebied van digitale consumentenproducten. Ze worden geconfronteerd met iets wat ze simpelweg niet begrijpen”, schrijft EuroIntelligence. Dit betekent dat ze hun productiemethoden moeten herzien, drastische keuzes moeten maken over de inhoud van hun producten en technologieën indien nodig moeten aanpassen. Europa zal zeer waarschijnlijk proberen zijn binnenlandse autofabrikanten te beschermen door invoerrechten te heffen. Dat kan hier werken, maar verandert niets in het zuiden van de wereld. Daar zal men nog steeds graag handel drijven met China en profiteren van goedkope auto’s.Lees ook:Delftse studenten verpulveren wereldrecord met zuinige waterstofauto en gaan nu voor echte stadswagen Ford vraagt patent aan voor dakaccu om bereik van elektrische auto's te vergroten Nederlands stel rijdt rondje Afrika met elektrische auto en eigen zonnepanelen