Romy de Weert 17 april 2023, 09:00

Hoe krijgen we mensen uit de auto? 'Het alternatief moet minstens net zo goed zijn'

Auto’s op de weg veroorzaken een hoop CO2-uitstoot. Het vervoermiddel staat bovenaan de lijst van grootste vervuilers voor personenvervoer. Het openbaar vervoer, zoals de trein, bus, en ook de fiets en deelmobiliteit kunnen samen een uitkomst bieden. Hoe krijgen we ons massaal uit de auto de trein in? En wat levert dat op?

Adobe Stock 294381597 Editorial Use Only Het openbaar vervoer moet minstens net zo goed en comfortabel zijn als reizen met de auto, zegt professor Niels van Oort. Het centraal station Rotterdam is een plek waarbij reizigers van alle gemakken voorzien zijn. | Credits: Adobe Stock

Niels van Oort is associate professor aan de TU Delft en geeft les in openbaarvervoersystemen en deelmobiliteit. Hij is medeoprichter van Smart Public Transport Lab, waar hij met experts uit de sector oplossingen onderzoekt voor duurzaam personenvervoer.

Zetten we als land voldoende in op duurzame mobiliteit?

“Wat mij opvalt wanneer het over duurzame mobiliteit gaat, is dat we vaak praten over de elektrische auto. Terwijl je het ook over de fiets, lopen en het openbaar vervoer moet hebben en de integratie ervan. Wil je duurzaam reizen écht stimuleren? Dan moet je ook op sommige plekken de auto minder ruimte geven. Duurzaamheid gaat verder dan alleen CO2-uitstoot. Het gaat wat mij betreft ook om ruimtegebruik en leefbaarheid.

Als je naar een duurzaam openbaar vervoerssysteem kijkt, moet je eigenlijk helemaal terug naar de basis. Waar bouwen we? Daar begint het al. Bouw je woningen, werkgelegenheid en voorzieningen in de buurt van goede reisvoorzieningen? Bij sommige stations zie je dat er heel veel hoogbouw is. Op die manier zitten veel mensen binnen bereik van het openbaar vervoer en stimuleer je gebruik. Dat is een voorbeeld van hoe je slim met bebouwing kunt omgaan. Als je wil gaan bouwen, moet je het tijdens je ruimtelijke ordening al hebben over mobiliteit. En goed mobiliteitsbeleid begint bij ruimtelijk beleid. Vanaf dat moment kun je al het verschil maken.”

Hoe goed is het Nederlandse openbaar vervoer ten opzichte van andere landen?

“In Nederland hebben we het over het algemeen goed voor elkaar. Dan heb ik het over hoe vaak het openbaar vervoer rijdt en hoe de stations zijn uitgerust. Denk bijvoorbeeld aan die in Utrecht of Rotterdam. Die zijn ruim opgezet en hebben goede faciliteiten.

In Zwitserland is het openbaar vervoer ook goed geregeld. Van oudsher was hier de concurrentiepositie ten opzichte van de auto altijd beter, door de bergachtige omgeving. Ik denk dat het Nederlandse openbaar vervoer op Europees en op wereldniveau in de top kan meedoen. Maar dat wil niet zeggen dat we niets kunnen verbeteren. Afgelopen periode was duidelijk een dieptepunt, met onder andere veel stakingen en uitval door personeelstekort. De reiziger stond in de kou. Dat doet het imago geen goed.”

Waarom is reizen met de trein duurzaam?

De trein is goed in grote groepen mensen van A naar B brengen. Anders dan de auto, rijden bijna alle treinen op (groene) elektriciteit. Als je kijkt naar de openbare ruimte, dan gaan we met treinen heel efficiënt om met de ruimte die we hebben. Met name in grote steden is dat belangrijk. Toch zit daar wel een kleine disclaimer: lege bussen en lege treinen zijn ook niet per se heel duurzaam, dus moeten we slim ontwerpen en plannen.

Wat kan er beter in het openbaar vervoer in Nederland?

“Het openbaar vervoer heeft twee belangrijke functies: verbinden en ontsluiten. Het eerste doen we met snelle treinen, bussen en metro’s. Daar heeft Nederland de laatste decennia goede stappen in gezet.

Het ontsluitende net, bijvoorbeeld de bussen in buitenwijken en op het platteland, staat echter zwaar onder druk. Vaak om financiële redenen. Maar het is belangrijk, om naast de kosten, ook naar de waarde van deze functie te kijken. Wat is het ons bijvoorbeeld waard dat locaties buiten stadscentra ook goed bereikbaar zijn of dat iedereen gebruik kan maken van openbaar vervoer, dicht bij huis?

Deelmobiliteit en flexibele systemen vallen wat mij betreft ook onder openbaar vervoer. Denk aan alle deelauto’s, -scooters en -fietsen die in de stad staan. Die ontwikkeling heeft veel potentie. Wat nog mist, is een goede integratie van het openbaar vervoer met deze systemen. Als je bijvoorbeeld vanaf het station met een deelscooter verder wilt gaan, dan heb je een extra app nodig. Zo had een collega wel twintig apps op zijn telefoon voor deelmobiliteitsaanbieders in Europa. Dat helpt natuurlijk niet.”

“De ov-fiets is een voorbeeld van wat wél goed werkt. Met je chipkaart kun je namelijk de trein én de fiets gebruiken. Dat is ook internationaal gezien interessant. Je kan met één kaart in heel Nederland met het openbaar vervoer en zelfs met de boot reizen.

Daarnaast kunnen we nog heel wat verbeteren op het moment dat er treinen uitvallen. We hebben relatief weinig storingen, maar áls er dan een storing is, dan lijkt steeds vaker het hele systeem plat te liggen. Het probleem is dan lastig te lokaliseren, waardoor een groot deel van het treinnetwerk eruit ligt. We zijn dus niet zo robuust om met storingen om te gaan. Dat maakt ons systeem kwetsbaar.

En overal waar ik kom en over het ov vertel, beginnen mensen over de prijs. Het Nederlandse ov zit wat reiskosten betreft wel aan de bovenkant van de Europese benchmark.”

Hoe komt het dat mensen reizen met de trein zo duur vinden?

“Internationaal gezien is de trein in Nederland relatief duur. Daarnaast vergelijken mensen een treinreis vaak met de prijs die het kost om dezelfde rit met een auto te maken. Maar als je de aanschafwaarde van de auto en het onderhoud zou meenemen in de prijs, dan denk ik dat je met het openbaar vervoer voordeliger uitkomt. Tenzij je met meer mensen reist. De auto wordt niet duurder als je meer mensen vervoert. De trein wel.

Je ziet dat Duitsland daar goed op inspeelt door groepskaarten aan te bieden. Reizen met het openbaar vervoer wordt daar relatief goedkoper als je bijvoorbeeld met een gezin reist.”

Moet het openbaar vervoer in Nederland goedkoper worden om meer mensen uit de auto te krijgen?

“Het is niet gezegd dat iedereen de auto verruilt voor de trein als je het openbaar vervoer supergoedkoop maakt. In verschillende studies over mobiliteitsbeleid hebben we gezien dat het goedkoper maken van het openbaar vervoer niet leidt tot schokkend minder auto bewegingen. De prijs is wel belangrijk, maar het is niet de holy grail. Daarnaast is de prijs niet alleen van belang om mensen uit de auto te krijgen, maar ook om inclusieve mobiliteit te bieden: bereikbaarheid van banen en voorzieningen voor iedereen in de samenleving.”

Wat is dan wel de holy grail om meer mensen uit de auto te krijgen?

“Het is een combinatie van dingen. Het openbaar vervoer moet goed georganiseerd, betrouwbaar, snel en duidelijk zijn. Dat is de holy grail. Laten we eerlijk zijn, vervoerstechnisch is de auto voor de meeste mensen toch comfortabeler? Die brengt je van deur tot deur. Vaak sneller en in je eigen coconnetje. Dus als je daar een alternatief voor bedenkt, moet je echt alles op alles zetten. Geen tochtig station, of een bushalte zonder dak. Alles moet goed zijn.

Als we mensen willen verleiden om de auto te verruilen voor het openbaar vervoer, dan moet je ook de auto minder faciliteren. Het is de wortel en stok. Je zou dan in de binnensteden niet te veel auto’s moeten toelaten, maar zorgen dat er goede fiets- en ov-verbindingen zijn. Zo heb je in centrum Den Haag bijvoorbeeld de tramtunnel. Dat is ook een parkeergarage, waardoor je heel makkelijk parkeert in het hart van de stad. Als je echt minder auto’s in de stad wilt, moet je daar kritisch naar kijken. Het is dus echt een combinatie: als je iets wilt stimuleren, dan moet je aan beide kanten dingen doen.”

Je hoort steeds vaker dat het openbaar vervoer minder rijdt. Wat is daar de oorzaak van?

“Nederland heeft, niet alleen met de treinen, maar ook met de bussen, een groot probleem: personeelsgebrek. Daar hebben meer sectoren last van. Daardoor wordt het systeem onbetrouwbaarder. Er vallen treinen en bussen uit en het wordt steeds drukker in de voertuigen die wel rijden. Het geeft een gevoel niet in controle te zijn: je wilt ergens heen, maar je kunt niet meer op het moment dat je wilt vertrekken. Betrouwbaarheid is één van de basiskwaliteitseisen die een reiziger aan het systeem stelt. Je moet er wel van op aan kunnen.

Als je bijvoorbeeld met de trein naar je werk gaat, moet dat op een comfortabele manier. Ik werk zelf ook veel in de trein. Een langere reistijd ten opzichte van de auto is dan niet erg, maar dan moet je bijvoorbeeld wel kunnen zitten. De betrouwbaarheid staat onder druk en uit alle onderzoeken blijkt dat de frequenties – hoe vaak het openbaar vervoer rijdt – een van de belangrijkste punten is. Het openbaar vervoer zit vol met moeilijke vraagstukken, dus het is hard nodig dat we er meer kennis en innovaties voor ontwikkelen. Want hoe mooi zou het zijn: een betrouwbaar, duurzaam en inclusief openbaar vervoersysteem voor iedereen? Daar ga ik voor.”

Meer lezen?

Primeur: BAM werkt heipalen elektrisch de grond in

De nieuwe, elektrische funderingsmachine is zo’n 36 meter hoog en weegt meer dan 100.000 kilogram. Hij kan tot 32 meter diep boren en tot 26 meter diep heien, waardoor hele gebouwen, bruggen en windmolens op hun plek blijven. Het is de eerste in z’n soort met een accupakket in plaats van een verbrandingsmotor. Waar eerder 500 liter diesel per dag werd opgeslurpt, werkt de machine nu op batterijen. Bouwbedrijf BAM bestelde de elektrische funderingsmachine bij Woltman. Omdat zo'n machine nog niet op de markt was, ontwikkelden de twee bedrijven hem samen. Accu van twintig Tesla’s De nieuwe funderingsmachine is een grote jongen die om veel vermogen vraagt. “Dat vermogen is niet zo’n probleem”, vertelt Ronald IJntema, commercieel directeur bij Woltman. “Met elektromotoren is dat goed te regelen. De ware uitdaging is dat je een hele werkdag en in verschillende weersomstandigheden met zo’n machine moet kunnen werken. Bij voorkeur wil je alleen ’s nachts opladen.” Met andere woorden: de batterijcapaciteit moet groot genoeg zijn om het acht uur lang vol te houden. Er werd een accupakket ontwikkeld van 1,2 megawattuur, wat gelijkstaat aan twintig Tesla’s. Hiermee is het mogelijk om de hele werkdag te boren. Na een nacht aan de stekker is de machine weer klaar voor de volgende klus. Van maatwerk naar mainstream De elektrische funderingsmachine is er gekomen op aanvraag van BAM, maar is nu ook te bestellen door andere bouwbedrijven. Richard Piekar, directeur inkoop bij BAM, hoopt dat emissieloze bouwmachines binnenkort meer mainstream worden. Piekar: “Wat je op bouwbeurzen ziet, is dat veel partijen met elektrisch en waterstof materieel nog in de experimentele fase zitten. Vooral als het gaat om de grote modellen. Wil ik een elektrische machine aanschaffen, dan wordt deze naar Nederland gestuurd inclusief dieselmotor om vervolgens hier om te bouwen. Duurzaam materieel wordt nog niet in de fabriek geproduceerd, waardoor elke machine haast een aparte ontwikkeling is. Het moet net als deze funderingsmachine cataloguswerk worden, dat mensen het zo kunnen bestellen. Maar daar zijn we nog niet.” Durven investeren De ontwikkelsnelheid van duurzaam materieel wordt gestuurd door de vraag, erkent Piekar. “Daar zit een uitdaging voor de bouwbranche. BAM is een groot bedrijf. Dat kan z’n nek uitsteken, dat hebben we ook gedaan. Maar op dit moment is er ook onzekerheid in de sector. We hebben te maken met stikstof, de bouw loopt vast. Voor bedrijven brengt dat risico met zich mee om te investeren, laat staan om extra investeringen te doen.” De kosten van elektrisch materieel zijn twee tot drie keer zo hoog als een gelijkwaardig fossiel model, weet machinebouwer IJntema. “Enerzijds kijk je natuurlijk naar de investering van de machine. Anderzijds moet je ook de kosten van het werk meenemen. Dan weet je wat een machine per jaar, per uur of per klus kost. Een elektrische machine is duurder in aanschafwaarde, maar je hoeft geen diesel meer te kopen en het onderhoud is een stuk minder. Feit blijft dat je voorafgaand moet investeren in duurzamer materieel. Lang niet ieder bedrijf kan zich dat veroorloven.” Piekar valt bij. “Voor mij is het simpel. Die investering doe ik om het uiteindelijk terug te verdienen. Dus die machine moet wel draaien. Als dat niet gebeurt door een bouwstop, stikstof of wat dan ook, dan kost het alleen maar geld. Het is niet gek dat mensen voorzichtig zijn om zulke investeringen te doen.” Dat de overheid subsidies en financiële regelingen beschikbaar stelt, is volgens Piekar een beperkte zekerheid. “Je weet niet honderd procent zeker dát je het geld krijgt. Daarbij denk ik niet dat het gezond is om alleen te investeren op het moment dat er subsidies beschikbaar zijn. Verduurzamen moet rendabel zijn.” Aanbestedingen Om dit te bereiken, moet duurzaamheid lonen in aanbestedingen. Piekar ziet dit langzaam maar zeker steeds vaker gebeuren. “Maar dit gaat langzaam”, geeft hij toe. “Het is echt een verandering. Die transitie gaat niet over één nacht ijs. Een Rijkswaterstaat neemt milieuvoordelen nu actiever mee in zijn aanbestedingen dan eerder het geval was.” Nieuwe manier van werken Inmiddels zijn bij bouwbedrijf BAM de eerste palen elektrisch de grond in geboord. Op de bouwplaats vraagt dit om een andere manier van werken. Piekar: “Zo’n machine voelt en werkt anders. De mensen die ermee werken, waren eerst trots op motorvermogen en een dikke zwarte pluim uit de uitlaat. Dat is er niet meer, maar de ploeg is trots dat ze deze machine mogen bedienen. En er zijn veel voordelen: zo maakt de machine veel minder lawaai en nu er geen diesel meer wordt verbrand, komen er geen CO2 en fijnstof vrij.” IJntema erkent dat elektrisch werken om meer flexibiliteit vraagt. “Wanneer je een dieseltank van 500 liter leeg hebt, vul je ‘m en je kan weer door. Dat is bij elektrisch boren toch anders. Als je nog twee palen moet boren en je hebt nog maar batterij voor één paal, dan moet je toch echt even bijladen. Wat dat betreft, vraagt het om iets meer planning.” Al benadrukt hij dat de funderingsmachine een hele werkdag meegaat. Meer materieel verduurzamen Naast de enorme funderingsmachine kan er nog meer bouwmaterieel geëlektrificeerd worden. Bij BAM zijn ze daar druk mee bezig. Piekar: “De eerste grote asfaltset is volledig emissieloos: van de walsen tot de asfaltspreider. Dit gaan we verder uitrollen voor de andere asfaltapparatuur.” De investeringen zijn niet geheel zonder risico, weet Piekar. “De ontwikkeling van elektrische apparatuur gaat snel. De batterijcapaciteit en de actieradius worden alleen maar beter. Wellicht is er volgend jaar nog een veel betere machine, terwijl de elektrische variant die ik nu aanschaf nog tien of vijftien jaar mee moet. Dat is een risico wat we nu nemen.” Ook Dieseko Group B.V. (moederbedrijf van Woltman) gaat door met verduurzamen. Het bedrijf richt zich onder andere op elektrische trilblokken. Deze worden gebruikt om buispalen en damwanden in de grond te trillen of juist eruit te trekken. IJntema: “We gaan nieuwe trilblokken voorzien van elektrische aandrijving. Daarnaast liggen in Nederland honderden oude trilblokken die nog lang niet afgeschreven zijn. Deze worden aangedreven met een dieselaggregaat. Om te voorkomen dat bouwers deze blokken gaan afschrijven om naar emissieloos te gaan, leveren we elektrisch aangedreven powerpacks met een batterijset. Deze worden aan de bestaande trilblokken gekoppeld, waardoor diesel wordt vervangen door elektriciteit. Het is zonde om de trilblokken die het nog prima doen, af te schrijven. Dat is tenslotte ook niet duurzaam”, besluit IJntema. Meer verduurzaming in de bouw: 39 miljoen m2 leegstand in Nederland: hoe geven we dat een herbestemming?Miljoenen voor Nederlandse start-up die de houtbouw digitaliseertBiobased bouwen: hoe gaan we van niche naar mainstream?Webinar: van boer tot bouwer Op dinsdag 18 april van 15:00 tot 16:00 organiseert Change Inc. in samenwerking met Provada een webinar over biobased ketens. De landbouw kan een grote rol spelen bij het behalen van de klimaatdoelen van de bouwsector. Onder leiding van moderator Anic van Damme gaan verschillende experts over dit belangrijke onderwerp met elkaar in gesprek. Webinar digitaal bijwonen, schrijf je dan hier in. Meer weten over dit event, klik dan hier.