André Oerlemans
13 april 2023, 11:00

Dakbedekking en loodvervangers uit autoruiten: Nederlands bedrijf verovert er de wereld mee

In de wereld wordt 1,3 miljard vierkante meter dak per jaar gelegd, vaak met bitumen. Miljoenen kilo’s lood worden gebruikt voor de afwerking. Daarnaast wordt in Europa jaarlijks 1,5 miljard kilo plasticafval uit autoruiten gestort of verbrand. Het Nederlandse bedrijf Leadax bedacht een oplossing voor al die problemen: recyclebare loodvervangers en dakbedekking gemaakt van afgedankte autoruiten.

Stadskraan utrecht De gereconstueerde stadskraan in Utrecht heeft een dak van recyclebare loodvervanger | Credits: Leadax

Grondlegger en CEO Roeland van Delden verkoopt met moederbedrijf Bitufa al decennialang dakbedekkingen van bitumen, gemaakt van aardolie. Die grondstof is eindig en veroorzaakt veel CO2-uitstoot. Een ander veel gebruikt materiaal bij daken is lood. Zacht, goed buigbaar, zwaar en ijzersterk, maar ook giftig. Loodvervuiling
in bodem, water en voedsel leidt tot nierbeschadiging, hersenschade, miskramen, verminderde vruchtbaarheid en gedragsverandering. Er moet dus iets veranderen, dacht hij.

150 Eifeltorens weggegooid

Tegelijkertijd heeft de wereld een plastic afvalprobleem. Omdat we naar een volledig circulaire economie in 2050 gaan, moeten we dat afval hergebruiken en recyclen. Op zoek naar een grondstof voor een loodvervanger stuitte Van Delden in 2014 op polyvinyl butyral (PVB), een plasticsoort die als folie wordt gebruikt in veiligheidsglas, zoals autoruiten en ramen van gebouwen. Het sterke materiaal zorgt er bijvoorbeeld voor dat autoruiten niet in duizend stukjes breken als er tijdens het rijden een steentje tegenaan komt. Kapotte ruiten worden nu vervangen en belanden op de stortplaats of in de verbrandingsoven. Alleen al in Europa wordt 1,5 miljard kilo PVB-afval per jaar weggegooid, het gewicht van 150 Eifeltorens. Zonde, dacht Van Delden.

Loodvervanger

Hij besloot te onderzoeken of hij van dat PVB-afval een alternatief voor lood of bitumen dakbedekking kon maken. Zo ontstond Leadax. “PVB is een zogeheten onbestemde afvalstroom waar we op zijn gestuit. Na heel veel testen en R&D hebben we in 2017 het eerste product op de markt gebracht: een circulaire loodvervanger. Die verkopen we inmiddels in zestien landen”, vertelt commercieel directeur Bob Oostelbos van Leadax.

Het materiaal vervangt lood waarmee onder meer schoorstenen, spouwmuren en dakkapellen worden bekleed, ook bij monumenten. Om hele daken met bitumen te kunnen vervangen ontwikkelde Leadax ook duurzame dakbedekking van gerecycled PVB. Dat materiaal werd in 2021 tijdens de Wereld Expo in Dubai
gelanceerd. Dat is binnenkort nu al in 26 Europese landen te koop. “Je had in de wereld vier basismaterialen waar dakbedekking van wordt gemaakt. Wij hebben nu een vijfde variant op de markt gebracht”, zegt Oostelbos.

De circulaire dakbedekking van Leadax is een alternatief voor bitumen. | Credit: Leadax

Vijf keer zo duurzaam

Leadax heeft een levenscyclusanalyse (LCA) laten doen voor zijn producten. Daar kwam onder meer uit dat het 31 procent duurzamer is dan lood en ongeveer vijf keer duurzamer dan de meest gebruikte dakbedekking. De klimaatimpact is klein, bijvoorbeeld omdat Leadax onder fors lagere temperaturen wordt gemaakt dan lood. Bovendien maakt het gebruik van gerecycled plastic en is het materiaal zelf recyclebaar. Dat werkt zo: de autoruiten die normaliter naar de sloop, stort of oven gaan, worden onder meer bij recyclebedrijf Maltha – onderdeel van Renewi – gescheiden in glas en PVB-vlokken. Dat PVB gaat naar de fabriek van Leadax in het Gelderse Wapenveld, die er dakbedekking van maakt. Die fabriek wekt met zonnepanelen zijn eigen elektriciteit op. Ongeveer dertig jaar nadat het op daken is aangebracht wordt de bedekking weer opgehaald en kan het materiaal gerecycled worden.

Niet meer investeren in bitumen

Leadax groeit snel. Het bedrijf telt al zestig werknemers, zag zijn verkopen vorig jaar met 50 procent groeien en verwacht dit jaar een zelfde groei als de dakbedekking in nog meer landen verkocht wordt. De verkoop van bitumen dakbedekkingen door moederbedrijf Bitufa gaat ook nog steeds door. “Maar daar zetten we niet meer in op verdere groei, want we verwachten dat die markt gaat afnemen. Alle investeringen gaan in het circulaire alternatief Leadax”, zegt Oostelbos.

Middeleeuwse stadskraan

De loodvervanger van het Nederlandse bedrijf is geliefd onder eigenaren van monumenten en oude boerderijen. Het ziet er namelijk net zo uit als lood en heeft dezelfde sterke eigenschappen, maar is een stuk milieuvriendelijker. Zo liet Utrecht het dak van de gereconstrueerde middeleeuwse stadskraan
bekleden met Leadax in plaats van lood. “De gemeente Utrecht wilde niet dat er lood gebruikt zou worden omdat hierdoor het oppervlaktewater vervuild kan raken”, zegt Oostelbos. “Voor ons bood dit de kans om ons product bij een aansprekend project te laten zien.”

Lees ook:

In Europa wordt jaarlijks 1,5 miljard kilo plasticafval uit autoruiten gestort of verbrand. | Credit: Leadax

Elk waterstofproject een Chief Information Officer

Dit is een gastbijdrage van Jörg Gigler – directeur TKI Nieuw Gas van de Topsector Energie CIO’s vervullen de heersende, grote behoefte om ervaringen, data, informatie en best practices te delen. Dat is noodzakelijk om de ontwikkeling van waardeketens van waterstof te versnellen, zodat de bijdrage aan de klimaat- en andere doelstellingen in 2030 substantieel is en de energietransitie opschiet. Gegeven de hoge doelstellingen die Europa heeft afgesproken voor groene waterstof (42 procent van de gebruikte waterstof in de industrie moet in 2030 groen zijn) is een versnelling ook echt noodzakelijk. De tijd van pappen en nathouden is definitief voorbij. Dus deel je ervaringen en benoem een CIO! Lange ontwikkeltijden Er is nog veel innovatie nodig op alle terreinen om grootschalige import, eigen productie en de toepassing van duurzame en klimaatneutrale waterstof, inclusief alle verbindende stappen zoals transport en opslag, succesvol op te schalen. Afgaande op alle initiatieven en verhalen lijkt het soms alsof we morgen al grote fabrieken en faciliteiten hebben staan en veel duurzame waterstof kunnen gebruiken. Tegelijkertijd verbaas ik me over de lange ontwikkeltijden van projecten, zeker tegen het licht van de hoge doelstellingen voor 2030 en de hoeveelheid werk die we daar nog voor moeten verzetten. Aan die traagheid liggen goede (of eigenlijke slechte…) redenen ten grondslag: onduidelijk (Europees) beleid, gebrek aan financiering, ingewikkelde en trage vergunningprocedures, technologische vraagstukken die nog niet zijn opgelost, lange levertijden bij fabrikanten, de beschikbaarheid van gekwalificeerd personeel, enzovoorts. Deel je successen en mislukkingen! Veel zaken vallen tegen, simpelweg omdat het nog niet eerder gedaan is. Ja, waterstof gebruiken we al heel lang, en ja, in grote hoeveelheden, maar nee, niet in de systeemfunctie zoals we die in de toekomst beogen, midden in de maatschappij. Wat is dan belangrijker dan ervaringen uit te wisselen? Om data en best practices te delen? Om informatie breed beschikbaar te maken? Natuurlijk komt meteen eigenbelang boven drijven: bedrijven houden hun geheimen vaak liever in huis en de vuile was buiten hangen is al helemaal not done. Terwijl we juist kunnen versnellen als we meer van elkaar leren en iedereen volop wil meewerken om best, maar ook worst practices te delen. Terugverdienen door versnelling Hoe kun je dat dan doen? Een paar maanden geleden zijn zeven IPCEI-projecten (Important Project of Common European Interest) gehonoreerd met een totaal productievermogen van 1150 megawatt elektrolyse. Samen ontvangen zij bijna € 800 miljoen aan subsidie, alleen al uit Nederland. De projecten variëren in omvang en zijn tussen 100 en 250 megawatt groot. Het is een enorme klus om deze zeven projecten te ontwikkelen. Het zou toch prachtig zijn als de voorlopers de andere projecten helpen door hun ervaringen breed te delen, zodat zij sneller en tegen lagere kosten tot ontwikkeling kunnen komen. Er is vast een klein budget van die 800 miljoen af te knabbelen voor een team dat dit voor én vanuit alle projecten regelt. Dat geld verdienen we makkelijk terug als het tot versnelling leidt. Ligt daarmee alle kennis op straat? Nee hoor, want de vertrouwelijke details kun je buiten de monitoring houden. En als je publieke subsidie ontvangt, heb je ook de verplichting om mee te werken aan dit soort activiteiten.Maximaal van elkaar leren Ik vind de gebouwde omgeving wel een mooi voorbeeld. Momenteel zijn 11-12 projecten in uitvoering. Dat is een mooie set variërend van één (model)woning in Apeldoorn en Delft, een straat in Lochem, wijken in Hoogeveen en Wagenborgen tot hele dorpen zoals Stad aan ’t Haringvliet. De betrokken netbeheerders en andere partners werken intensief samen om de ervaringen en gegevens te delen en wisselen in het kader van onder andere de Green Deal Waterstofwijken hun ervaringen uit. Het onderzoeksconsortium HyDelta ontfermt zich over de vragen die uit de projecten komen en alle antwoorden komen publiek beschikbaar. En iedereen is welkom om de projecten (in wording) te bezoeken en naar de ervaringen te kijken en te luisteren. Er zijn vast verbeterpunten te bedenken, maar daar wordt maximaal van en met elkaar geleerd. En daardoor versnellen we de energietransitie. Chief Information Officer bij elk project Ik pleit ervoor om projecten goed te monitoren en ervaringen te delen. Laten we bij elk project van enige omvang of logische set van projecten een CIO benoemen die tot taak heeft om ervaringen en best (en worst) practices te delen, zodat we sneller de energietransitie kunnen realiseren. Dat is een rol die heel goed publiek-privaat kan worden ingevuld: bedrijven stellen hun ervaringen integraal beschikbaar, de overheid helpt om deze ervaringen met behoud van vertrouwelijkheid beschikbaar te stellen. Dan vliegen er geen bedrijfsgeheimen de deur uit, mag de vuile was binnen blijven hangen, en versnellen we de energietransitie. Dus hup, over die eigen schaduw heen springen en informatie en ervaringen delen. De energietransitie is tenslotte voor ons allemaal. Meer lezen over waterstof Twents onderzoek: nieuw materiaal voor de productie van groene waterstofNederland gaat grootschalig waterstof produceren op zee boven Groningen: "Lopen wereldwijd voorop"Witte waterstof uit de bodem kan onuitputtelijk bron van energie zijn