Anna Roos van Wijngaarden 17 februari 2023, 11:03

Tanken bij de koffieproducent en branden op koffiedik: binnenkort kan het

Het zaadje werd vijf jaar geleden geplant in de achtertuin van Patrick Koster, medeoprichter van Circle of Beans. De totale voetafdruk van boontje tot bakkie is nog niet neutraal, maar deze koffiebonen zijn op de goede circulaire weg, vinden ook de Tweede Kamer, Provincie Groningen en Wageningen Universiteit.

Koffie Circle of Beans timmert aan de weg voor circulaire koffie. | Credits: Circle of Beans

Wereldwijd is de productie van koffie sinds 2010 met 20 procent gegroeid met negatieve gevolgen voor de tropische gebieden waar die bonen vandaan komen. De teelt leidt daar tot ontbossing, watervervuiling, erosie, en milieuvervuiling.

Maar het impactverhaal gaat in eigen land verder. De CO2-uitstoot van koffieconsumptie (46 procent), het branden (5 procent) en distributie (2 procent) is aanzienlijk en makkelijker te beïnvloeden. Nederland zou daar met een consumptie van 33,5 miljoen kopjes koffie per dag een mooi proefgeval voor zijn. Dat was ook het startpunt van Circle of Beans.

Je bent deze onderneming begonnen met compagnon Arnaud Duine

“Tevens mijn achterbuurman. Hij heeft in Wageningen gezeten en biologie gestudeerd. Ik heb daar ook gezeten – levensmiddelen. Hij vertelde me wat hij deed, afvalwaterzuivering door middel van bacteriën, en dat hij ooit iets voor Douwe Egberts had gedaan. Zelf heb ik twee koffiebedrijven gehad.

Arnaud is een echte ondernemer en aan de andere kant een wetenschapper, dus diezelfde avond hebben wij koffiedik gepakt uit mijn koffieapparaat. Drie weken later kreeg ik bericht: wij kunnen hier gas van maken.”

Hoe kwam hij daarop?

“Arnaud heeft zich bekwaamd in het vak vergisting. Dat is een beproefde technologie die vooral gebruikt wordt in de afvalwaterzuivering en dus ook de basistechnologie die wij gebruiken om gas te maken van ons koffiedik.”

Jullie branden weer nieuwe koffie op dat koffiedik. Leg uit.

“Als wij onze klanten verse koffie brengen, nemen we gelijk het verzamelde koffiedik mee terug en die stoppen wij in een reactor. Daar vindt het proces plaats waaruit biogassen ontstaan. Het was een hele zoektocht om de juiste bacteriecultuur, temperatuur en filtratie te vinden om het koffiedik af te breken en er biogas van te maken; monovergisting is echt topsport. Het gas halen we weer naar de brander toe door middel van een pomp en daar wordt nieuwe koffie op gebrand.

Omdat we dit de klok rond, zeven dagen per week doen, hebben we altijd wel gas over en dat gebruiken we voor transport. Onze busjes rijden daarom ook op koffiedik. We zijn echt van het gas af.”

De busjes waarmee koffie wordt bezorgd en koffiedik opgehaald, rijden zelf op droes. | Credit: Circle of Beans

Stoppen jullie letterlijk koffiedik in jullie busjes?

“We hebben een hele grote tankwagen achter het pand staan waar bacteriën en koffiedik ingaan. Het gas wordt gepompt naar het gaszak met daaromheen een container. Vanuit die zak loopt één leiding naar de koffiebrander toe en één naar een compressor. Dat is een omvormer die zorgt dat het gas uiteindelijk in de gastank terecht komt. Met een slang wordt dat in de auto gepompt.”

Hebben jullie genoeg koffiedrinkers om de reactor consistent te voeren?

“We hebben hele mooie ambassadeurs als klant: provincie Groningen, de Tweede Kamer en Wageningen Universiteit. Er is ook veel interesse vanuit koffiebranderijen om een joint venture aan te gaan. Onze koffieleverancier en partner MAAS heeft busjes beschikbaar die op koffiedik rijden om hen de verse koffie te brengen en het koffiedik op te halen.”

Van koffiedik naar gas

Van 1 kilo verse koffie blijft ongeveer 2,2 kilo koffiedik over. Met 1 kilo koffiedik kun je 4,46 kilo koffie branden. Er is dus altijd een surplus aan gas. Dat gebruikt Circle of Beans voor transport. Met 120 kilo koffiedik, dat is 16,5 kilo biogas (CNG), kun je ongeveer 300 kilometer rijden.

Biogas is lang niet altijd CO2-neutraal. Kan je daar nog iets aan doen?

“Tijdens het vergisten wordt methaan geproduceerd. Dat kun je wassen om schadelijke producten zoals CO2, stikstof en zwavelzuur weg te filteren. Dan heb je een schoon, groen biogas en schiet de calorische waarde omhoog tot 92 procent. Dat is brandbaar en heeft het een aardgaskwaliteit. Wij hebben al zo’n ‘amine wastechniek’ ontwikkeld, maar er komt nog CO2 vrij en dat willen we neutraal maken.”

Doen jullie nog iets met het residu na de vergisting?

“Je houdt 15 procent digestaat over. In ons lab hebben we een extra stap ontwikkeld, dat heet thermische hydrolyse, waarbij we dat restafval kunnen omzetten in hoogwaardige meststoffen. Die verkopen wij weer door aan de glastuinbouw en de landbouw. Het vocht wat vrijkomt, stoppen weer terug In de reactor, dus van het hele proces blijft er nul over.”

Zitten er nog innovaties in de pijplijn?

“Samen met Biotech, een Duits bedrijf dat bioplastics maakt, hebben we vier proeven uitstaan voor de volgende generatie verpakkingen. We lanceren binnenkort koffiecapsules die je kunt retourneren. Die gaan bij het koffiedik en daar wordt ook gas van gemaakt, dus dan ben je af van je aluminium koffiecapsules.

Wij hebben nu een hotelklant als pilot en dat gaat goed. De gasten geven hun koffiecups aan de kamermeisjes, die verzamelen de cups en stoppen het bij het koffiedik. Wij nemen dat terug en stoppen alles in een keer in de reactor.”

De reactor en de gaszak in actie. | Credit: Circle of Beans

Hoe zit het met jullie impact bij de bron, de koffieteelt?

“Met de koffiepulp die overblijft in herkomstlanden wordt meestal niks gedaan. Dat gaat als CO2 de lucht in en dan gaat het echt over miljoenen stromen. Wij hebben een ontwerp gemaakt om die pulp ook weer in een soortgelijke (lokale) vergister te stoppen. We maken daar een heleboel energie (CNG) van die de boeren kunnen gebruiken voor hun busjes en hoogwaardige meststoffen, zodat er geen kunststof meer nodig is.

We zijn nu serieus aan het praten met een leverancier die in al die landen zit, rechtstreeks met die boeren praat en ook daar de koffie inkoopt. Met hen willen wij als joint venture onze technologie gaan opschalen. We ontwikkelen de koffie daar en kopen het weer terug. Dan kunnen we echt zeggen: nu is de cirkel rond.”

Meer lezen?

Gebalanceerd vergroenen of hard blijven duwen?

Bij het afscheid van Marjan van Loon als directeur van Shell Nederland viel op hoe mild de kritiek was, ook in media die doorgaans wel raad weten met het olieconcern. De Volkskrant prees haar benaderbare houding tot de media en schreef dat ze bij haar aantreden in 2016 ‘beschouwd werd als het gezicht van een vernieuwend Shell.’ In een profiel in dezelfde krant noemde hoofd Klimaat en Energie bij Greenpeace Nederland Faiza Oulahsen haar ‘een aimabel persoon en capabele topvrouw met groene ambities voor een fossiele mammoettanker.’ Opvallend is dat aan de groene ambities van Shell al twee decennia niet of nauwelijks wordt getwijfeld door kritische media. In het boek “Geen vak voor bange mensen” uit 2015, dat ik samen met Bernard Hammelburg schreef, mochten een aantal CEO’s, experts en politici reflecteren op hun ervaringen met de media. Ik interviewde Jeroen van der Veer, oud-topman van Shell, die besmuikt lachte om de kwalificatie ‘Groene Jeroen.’ Een typering die hem een paar keer ten deel was gevallen. ‘Haha, ik wil niet onbescheiden zijn, maar dat mocht ook wel een keer, want dat hele onderwerp van klimaatverandering staat al lang op mijn netvlies.’ Geen bluf, want boven een profiel uit 2004 in nota bene De Groene Amsterdammer prijkt de kop: ‘De Shell-baas met het groene hart.’ Het gaat over ‘Groene Jeroen, zoals Van der Veer vanwege zijn nadruk op duurzaam beleid door sceptische beleggers wordt genoemd.’ En daarna wordt het nog mooier voor Groene Jeroen: ‘In Pernis is het groene hart van Van der Veer sneller gaan kloppen. Binnen Shell wordt hij de personificatie van een duurzame koers.’ (…) “Wij werken met schaarse grondstoffen uit de aarde”, zegt Van der Veer over die koers. “Als we die winnen, heeft dat invloed op mensen en het klimaat. Wij opereren wereldwijd en we moeten een reputatie hebben dat we zorgvuldig met de omgeving omgaan.”’ Twintig jaar later is de kritiek vooral dat het veel sneller moet. Niet voor niets kreeg de klimaatzaak van Milieudefensie tegen Shell Nederland veel (internationale) aandacht. De uitkomst van het hoger beroep laat nog even op zich wachten, maar Milieudefensie zegt dat Shell lang niet genoeg doet om zelfs maar in de buurt van de eis van de rechter te komen: namelijk 45 procent CO2-reductie voor 2030. Mark van Baal van Follow This maakt zich ook zorgen, vanwege een draai bij de aandeelhouders. Hij vreest voor een ‘klimaatpauze’ bij Shell, dat de energiecrisis als argument aanvoert. En de nieuwe topman van Shell Nederland Frans Everts gaat het tempo ook niet opvoeren. NRC schrijft dat Everts tien jaar geleden al voorspelde dat ’de energievraag tot in ieder geval 2050 (fors) zou blijven stijgen, en dat dit consequenties zou hebben voor de snelheid van de transitie.’ Onder huidig topman Bernard Looney werd ook door BP in 2020 een klimaatvriendelijke strategie aangekondigd: ‘Looney is het nieuwe gezicht voor een nieuwe toekomst van BP. Een mooie, succesvolle en vooral duurzame toekomst die goed is voor mensen, bedrijven en de planeet.’ Drie jaar later ziet ook daar de wereld er heel anders uit. In The Wall Street Journal maakte Looney een terugtrekkende beweging vanwege de energiecrisis en de oorlog: ‘We must not just deliver cleaner energy, we must also deliver affordable energy.’ Als je de grote olieconcerns als deel van de oplossing ziet, en ook ziet dat fossiel nog even nodig is (zie de Statistical Review of World Energy), rest alleen nog, naast hard blijven duwen, het antwoord van Paul Polman (boek ‘Net Positive): ‘Vraag hoe je de juiste weg kunt bewandelen, niet wat ideaal is. Elke dag iets beter doen is al een deel van de oplossing. Technologie ontwikkelt zich snel en er is meer mogelijk. Begin daarmee. En dan langzaam de moed vinden om onverwachte coalities te sluiten, ook met concurrenten.’