Romy de Weert 23 december 2022, 09:00

Dit is de impact van vuurwerk op het milieu

Dit jaar kondigen twaalf gemeenten in Nederland een vuurwerkverbod af. Net zoals de twee voorgaande jaren betekent een verbod dat er alleen sterretjes, knalerwten, trektouwtjes en grondbloemen mogen worden afgestoken. Wat levert zo’n verbod op voor het milieu?

Adobe Stock 168855495 Bij het afsteken van vuurwerk komen zware metalen en fijnstof vrij. Hoeveel dat precies is, verschilt per vuurwerksoort. | Credits: Adobe Stock

De afgelopen jaren legde het kabinet tijdens de coronapandemie een vuurwerkverbod op. De maatregel werd genomen om de ziekenhuizen naast de coronapatiënten niet nog meer te belasten. Jaarlijks belanden er namelijk zo’n 630 vuurwerkslachtoffers rond oud en nieuw op de eerste hulp.

Het landelijke verbod is inmiddels van de baan. Hoewel er dit jaar een motie voor een algeheel verbod werd ingediend, is deze er door gebrek aan stemmen niet gekomen.

Wel kondigden twaalf gemeenten in Nederland een verbod voor zwaar vuurwerk aan. In Amsterdam, Rotterdam, Schiedam, Haarlem, Bloemendaal, Heemstede, Apeldoorn, Nijmegen, Heumen, Mook en Middelaar, Soest en Utrechtse Heuvelrug moeten inwoners het doen met sterretjes, knalerwten, trektouwtjes en grondbloemen.

Wat levert een vuurwerkverbod op voor het milieu?

Knalvuurwerk en siervuurwerk

Bij het afsteken van vuurwerk komen zware metalen en fijnstof vrij. Hoeveel dat precies is, verschilt per vuurwerksoort. Er is een onderscheid tussen knalvuurwerk en siervuurwerk. Knalvuurwerk bestaat vooral uit buskruit, en bij het afsteken ervan komt voornamelijk koolstofdioxide (CO2) en stikstofoxiden (NO en NO2) vrij. Omdat het bij knalvuurwerk om kleine hoeveelheden gaat, is het afsteken ervan minder schadelijk voor het milieu dan siervuurwerk.

Siervuurwerk bevat namelijk naast fijnstof veel zware metalen die voor de kleur zorgen, zoals strontium, barium en koper. Die eerste twee metalen komen bijna uitsluitend door het afsteken van vuurwerk in het milieu. Onderzoek naar de schadelijke effecten van deze zware metalen is schaars, maar het is wel duidelijk dat deze metalen zich ophopen in het milieu, en uiteindelijk een negatief effect hebben op mens en natuur.

De gevaren van fijnstof

De fijnstof die vrijkomt bij het afsteken van siervuurwerk is ook niet bevorderlijk voor onze gezondheid. Omdat de deeltjes tot diep in de longen kunnen doordringen kan het ontstekingen, astma, chronische bronchitis en hart- en vaatziekten veroorzaken, zo schrijft het RIVM.

In Nederland bestaat er daarom een dagwaarde voor fijnstof. Dat is een norm waar het fijnstofgehalte in de atmosfeer niet overheen mag gaan. De dagwaarde in Nederland is 50 microgram per kubieke meter. In een stad als Utrecht is de gemiddelde fijnstofwaarde per dag 21 microgram per kubieke meter.

Rond de jaarwisseling kan de fijnstofwaarde soms wel 50 keer zo hoog liggen: zo’n 1.000 microgram per kubieke meter. Maar deze twee waardes zijn eigenlijk niet met elkaar te vergelijken. Een dagwaarde is een gemiddelde en geen piekwaarde. De dagwaarde rond oud en nieuw is ongeveer drie keer hoger dan op een doorsnee dag.

Van al het fijnstof dat in een heel jaar in de atmosfeer komt, is ongeveer één procent afkomstig van vuurwerk. De Onderzoeksraad schreef hierover in 2017: “Omdat consumenten eenmaal per jaar vuurwerk mogen afsteken, is de bijdrage aan het jaartotaal van fijnstofemissies gering.”

10.000 vrachtwagens 40 keer om de aarde

Eén procent van al het fijnstof lijkt misschien niet zo veel, maar in 2019 was de jaarlijkse fijnstofuitstoot in Nederland zo’n 27 miljoen kilo. Dat betekent dat wij met oud en nieuw zo’n 250.000 kilo fijnstof de lucht in schieten. Ter vergelijking: daar kunnen 10.000 vrachtwagens zo’n 1,6 miljoen kilometer mee afleggen. Dat is veertig keer een rondje om de aarde.

Sinds de komst van roetfilters (rond 2010) in de uitlaat van auto’s en vrachtwagens is de totale fijnstofuitstoot drastisch minder. Onderzoeker Norbert Ligterink legt uit dat de luchtkwaliteit sindsdien enorm is verbeterd, maar dat paasvuren en vuurwerk roet in het eten gooien: “De fijnstofemissies die vrijkomen bij het afsteken van vuurwerk zijn absurd hoog.”

Illegaal vuurwerk

Naast legaal vuurwerk worden er jaarlijks ook tientallen kilo’s illegaal vuurwerk afgestoken. Dit bestaat vaak uit samengestelde vuurwerkpakketjes en toegevoegde stoffen die niet te traceren zijn. Daarom kan illegaal vuurwerk juist nóg schadelijker zijn dan legaal vuurwerk.

Lees meer: Luchtvervuiling zorgt voor meer Europese doden dan COVID-19

Vuurwerkverbod afgelopen jaar

Volgens cijfers van het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport is het verschil tussen een vuurwerkverbod en geen verbod voor het milieu duidelijk te zien. Naast dat er 70 procent minder vuurwerkslachtoffers waren, was er ook een forse daling in luchtvervuiling te zien. Tijdens de jaarwisseling van 2019 en 2020 was de fijnstofpiekwaarde 600 microgram; tijdens de jaarwisseling van 2020 en 2021 was dat 250 microgram.

Hoeveel een verbod daadwerkelijk zal helpen om het milieu te sparen, hangt volgens Milieu Centraal af van de handhaving. Tegen Vanafhier zegt woordvoerder Paulien van der Geest: “De winst die we boeken hangt af van hoeveel illegaal vuurwerk er straks toch de lucht in gaat en hoeveel professioneel vuurwerk er wordt afgestoken.”

Lees ook: Luchtvervuiling Nederland ondergeschoven kindje in klimaatdebat

Impact op dieren

Naast alle effecten op het milieu heeft vuurwerk ook een effect op dieren. Uit een recent onderzoek van het Nederlandse Instituut voor Ecologie (NIOO-KNAW) en het Max Planck Instituut voor diergedrag blijk dat wilde vogels nog dagen van slag zijn.

De dieren hebben dagen nodig om de effecten van vuurwerk te verwerken. Onderzoekers volgden acht jaar lang vier soorten ganzen met zendertjes. Tijdens het vuurwerk verlieten de ganzen direct hun slaapplaats en gingen op zoek naar een andere plek, op grotere afstand van mensen. Ze vlogen daarvoor wel 500 kilometer ver. Dagen na de knallen en op de nieuwe plek bleven de dieren nog onrustig.

De onderzoekers doen daarom een pleidooi voor een vuurwerkverbod in de buurt van belangrijke vogelrustplaatsen.

Een deel van dit artikel verscheen eerder op Change Inc.

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief: iedere dag rond 07.00 uur het laatste nieuws

Wil jij iedere ochtend rond 7 uur het laatste nieuws over duurzaamheid ontvangen? Dat kan! Schrijf je hier in voor onze dagelijkse nieuwsbrief.

Meer weersextremen, maar hoop op technologie: wat verwachten we van 2023?

Ieder jaar voert marktonderzoeker Ipsos het Global Predictions onderzoek uit. Hierin zijn burgers uit 36 landen gevraagd om vooruit te blikken op het nieuwe jaar. Zo ook over het klimaat. “De mate waarin er gesproken wordt over extreem weer is opvallend. Nederland staat best hoog met dit punt”, zegt Daan Versteeg, country manager van Ipsos in Nederland. 68 procent verwacht meer extreme weersomstandigheden Zo blijkt uit het onderzoek dat 68 procent van de Nederlanders volgend jaar meer extreme weersomstandigheden in het land verwacht. 55 procent verwacht dat er in 2023 een hitterecord zal plaatsvinden. Een eenduidige verklaring is er niet, maar volgens Versteeg zijn de hoge cijfers onder andere te koppelen aan de overstromingen in Limburg. “Dat is heel zichtbaar geweest.” Versteeg denkt dat mensen in het algemeen vaker gebeurtenissen van dichtbij meemaken. “Er vinden ontzettend veel ontwikkelingen tegelijkertijd plaats. En die gebeurtenissen zijn vaak ook nog met elkaar verbonden. We hebben niet één crisis, maar een polycrisis. Als je naar Nederland kijkt zie je bijvoorbeeld dat we te maken hebben met de stikstofcrisis, die leidt tot woningnood en boerenprotesten. De oorlog in Oekraïne, op zichzelf een geopolitieke ontwikkeling, leidt ook nog eens tot een energiecrisis. De energiecrisis zet de klimaatcrisis weer op scherp en dwingt ons te verduurzamen.” Klimaatzorgen nemen toe Een polycrisis zorgt ervoor dat mensen zich meer zorgen gaan maken, ziet Versteeg. Zo nemen de zorgen om het klimaat wereldwijd toe, blijkt uit het onderzoek. Duitsers, Australiërs en Fransen ervaren klimaatverandering als een van de grootste maatschappelijke problemen (alle drie 31 procent), gevolgd door Nederlanders (28 procent). De uitkomsten van het rapport zijn pessimistischer en zorgelijker dan de afgelopen jaren. Maar Versteeg ziet ook kansen. “Ieder individu kan actie ondernemen. Door zelf iets te doen, en door zijn of haar verwachting uit te spreken over wat anderen zouden kunnen, of zelfs moeten doen. Zodra de verwachtingen van burgers duidelijk zijn, kunnen de overheid en het bedrijfsleven daar gericht op inspelen en bijvoorbeeld diensten aanbieden.” Een derde wil minder vliegen Het gevaar ligt op de loer dat we gaan doemdenken, ziet Versteeg. “Maar dat moeten we zeker niet doen. Er zijn écht mensen die opstaan en de verandering gaan leiden”, zegt hij. Dat sluit aan bij een positievere trend. “Van alle Nederlanders zegt 35 procent minder te gaan vliegen dan voor de coronacrisis. Dat is meer dan een derde van de bevolking. Mensen zijn zich dus bewuster geworden van de impact van vliegenreizen op het klimaat.” Dat stemt hem hoopvol. “Daar kunnen alternatieve vervoerders op inspelen door met nieuwe oplossingen te komen." "Maar we weten dat er nog een verschil zit tussen wat mensen zeggen en wat ze doen", gaat Versteeg verder. "Dat vraagt om diepgaander inzicht. Toch zit er echt wel beweging in de keuzes die mensen bereid zijn om te maken voor het klimaat." Vertrouwen in technologische innovaties Daarnaast is Versteeg positief over het vertrouwen van de Nederlanders in technische innovaties. Zo’n 26 procent van de bevolking in ons land gelooft dat er een baanbrekende technologie zal worden ontwikkeld om klimaatverandering tegen te gaan. In Aziatische landen zijn mensen hier ook enthousiast over, met uitzondering van Japan. “We mogen veel verwachten van technologische innovaties. Maar we kunnen niet denken dat technologie alles gaat oplossen. Daar is ook menselijke gedragsverandering voor nodig.” Wil je meer lezen? Hoe een kleine kast het klimaatprobleem kan oplossen Moet Nederland ontgroeien om de klimaatdoelstellingen te halen?Directeur Urgenda Marjan Minnesma: ‘Het besef dat we de snelheid van een crisis nodig hebben is nog niet doorgedrongen.’Schrijf je in voor onze nieuwsbrief: iedere dag rond 07.00 uur het laatste nieuws Wil jij iedere ochtend rond 7 uur het laatste nieuws over duurzaamheid ontvangen? Dat kan! Schrijf je hier in voor onze dagelijkse nieuwsbrief.