Romy de Weert 22 december 2022, 15:37

Meer weersextremen, maar hoop op technologie: wat verwachten we van 2023?

Dit jaar ervaarden veel Nederlanders torenhoge energierekeningen, de gevolgen van de oorlog in Oekraïne en de nasleep van de coronapandemie. Al deze gebeurtenissen hebben impact op de beeldvorming van de toekomst. Marktonderzoeksbureau Ipsos vroeg burgers over de hele wereld om vooruit te blikken op het nieuwe jaar. Wat zijn onze verwachtingen?

Adobe Stock 511585579 Bijna 70 procent van de Nederlanders verwacht meer extreme weersomstandigheden in 2023. | Credits: Adobe Stock

Ieder jaar voert marktonderzoeker Ipsos het Global Predictions onderzoek uit. Hierin zijn burgers uit 36 landen gevraagd om vooruit te blikken op het nieuwe jaar. Zo ook over het klimaat. “De mate waarin er gesproken wordt over extreem weer is opvallend. Nederland staat best hoog met dit punt”, zegt Daan Versteeg, country manager van Ipsos in Nederland.

68 procent verwacht meer extreme weersomstandigheden

Zo blijkt uit het onderzoek dat 68 procent van de Nederlanders volgend jaar meer extreme weersomstandigheden in het land verwacht. 55 procent verwacht dat er in 2023 een hitterecord zal plaatsvinden. Een eenduidige verklaring is er niet, maar volgens Versteeg zijn de hoge cijfers onder andere te koppelen aan de overstromingen in Limburg. “Dat is heel zichtbaar geweest.”

Versteeg denkt dat mensen in het algemeen vaker gebeurtenissen van dichtbij meemaken. “Er vinden ontzettend veel ontwikkelingen tegelijkertijd plaats. En die gebeurtenissen zijn vaak ook nog met elkaar verbonden. We hebben niet één crisis, maar een polycrisis. Als je naar Nederland kijkt zie je bijvoorbeeld dat we te maken hebben met de stikstofcrisis, die leidt tot woningnood en boerenprotesten. De oorlog in Oekraïne, op zichzelf een geopolitieke ontwikkeling, leidt ook nog eens tot een energiecrisis. De energiecrisis zet de klimaatcrisis weer op scherp en dwingt ons te verduurzamen.”

Klimaatzorgen nemen toe

Een polycrisis zorgt ervoor dat mensen zich meer zorgen gaan maken, ziet Versteeg. Zo nemen de zorgen om het klimaat wereldwijd toe, blijkt uit het onderzoek. Duitsers, Australiërs en Fransen ervaren klimaatverandering als een van de grootste maatschappelijke problemen (alle drie 31 procent), gevolgd door Nederlanders (28 procent).

De uitkomsten van het rapport zijn pessimistischer en zorgelijker dan de afgelopen jaren. Maar Versteeg ziet ook kansen. “Ieder individu kan actie ondernemen. Door zelf iets te doen, en door zijn of haar verwachting uit te spreken over wat anderen zouden kunnen, of zelfs moeten doen. Zodra de verwachtingen van burgers duidelijk zijn, kunnen de overheid en het bedrijfsleven daar gericht op inspelen en bijvoorbeeld diensten aanbieden.”

Een derde wil minder vliegen

Het gevaar ligt op de loer dat we gaan doemdenken, ziet Versteeg. “Maar dat moeten we zeker niet doen. Er zijn écht mensen die opstaan en de verandering gaan leiden”, zegt hij. Dat sluit aan bij een positievere trend. “Van alle Nederlanders zegt 35 procent minder te gaan vliegen dan voor de coronacrisis. Dat is meer dan een derde van de bevolking. Mensen zijn zich dus bewuster geworden van de impact van vliegenreizen op het klimaat.” Dat stemt hem hoopvol. “Daar kunnen alternatieve vervoerders op inspelen door met nieuwe oplossingen te komen.”

“Maar we weten dat er nog een verschil zit tussen wat mensen zeggen en wat ze doen”, gaat Versteeg verder. “Dat vraagt om diepgaander inzicht. Toch zit er echt wel beweging in de keuzes die mensen bereid zijn om te maken voor het klimaat.”

Vertrouwen in technologische innovaties

Daarnaast is Versteeg positief over het vertrouwen van de Nederlanders in technische innovaties. Zo’n 26 procent van de bevolking in ons land gelooft dat er een baanbrekende technologie zal worden ontwikkeld om klimaatverandering tegen te gaan. In Aziatische landen zijn mensen hier ook enthousiast over, met uitzondering van Japan. “We mogen veel verwachten van technologische innovaties. Maar we kunnen niet denken dat technologie alles gaat oplossen. Daar is ook menselijke gedragsverandering voor nodig.”

Wil je meer lezen?

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief: iedere dag rond 07.00 uur het laatste nieuws

Wil jij iedere ochtend rond 7 uur het laatste nieuws over duurzaamheid ontvangen? Dat kan! Schrijf je hier in voor onze dagelijkse nieuwsbrief.

De echte prijs van een kerstdiner: hoe duurzamer, hoe goedkoper

Het kerstdiner is één van de duurste maaltijden van het jaar. Het aantal gangen is groot, de recepten lang, de producten chique. Maar als je de échte prijs van een kerstdiner uitrekent - inclusief verborgen milieukosten - blijkt het nog eens een stuk duurder dan op je bonnetje staat. Het goede nieuws? Een duurzaam en vegetarisch kerstdiner is vele malen voordeliger dan een kerstmaal vol vlees en vis. Onderzoekers van Wageningen Economic Research hebben een wetenschappelijk geïnformeerde bierviltjesberekening gemaakt van de true price van een kerstdiner. Een klassiek diner met onder andere garnalencocktail, kreeftensoep en runderrollade komt volgens de berekeningen voor acht personen uit op 175 euro (de winkelprijs plus 32 euro milieukosten). Een vegetarische variant met bietencarpaccio, wortelsoep en vega beef wellington blijkt minder dan een derde te kosten: 53,50 euro (met 6 euro aan milieukosten). Milieu en gezondheidsschade Hoofdonderzoeker Willy Baltussen vertelt dat vooral de gevolgen van luchtvervuiling zwaar meewegen in de true price van producten. “Bij de productie en het vervoer van goederen komt fijnstof en ammoniak vrij. Die luchtvervuiling heeft een direct effect op de menselijke gezondheid. De kosten daarvan zijn doorgaans veel groter dan de kosten van bijvoorbeeld klimaatverandering, lucht- of bodemvervuiling.” Vlees en groente Vlees en kreeft zijn natuurlijk sowieso al duurder dan biet en wortel. Maar bovenop de 50 euro die je voor een kreeft bij de visboer neertelt, komt nog eens 15 euro aan verborgen milieukosten. Zo raken walvissen verstrikt in de touwen van kreeftenkorven en gaan kreeften levend in het vliegtuig van Canada naar Europa. Dat levert aanzienlijke milieuschade, en dus ook kosten, op. Ter vergelijking: een vegetarisch wortelsoepje met kokosmelk levert maar 40 cent milieuschade op. Een andere uitschieter op het kerstmenu van de onderzoekers is de runderrollade. In de supermarkt kost die voor acht man 42 euro. De milieukosten bedragen nog eens 15 euro. Het kappen van regenwoud voor de soja die de koe gegeten heeft, is hier de belangrijkste oorzaak van. Wie toch vlees wil eten, doet er volgens de onderzoekers goed aan om wild zwijn van de Veluwe op het menu te zetten. Aangezien zo’n zwijn geschoten wordt om de wildstand op peil te houden, zitten daar nauwelijks verborgen milieukosten aan. De 32 euro die het stuk vlees kost, is de volledige prijs. Je eigen kerstdiner Baltussen vertelt dat het onderzoek in twee dagen in elkaar is gezet. “We hebben gebruik gemaakt van onderzoeken die we al op de plank hadden liggen. De meeste winkelprijzen heb ik van de website van de Albert Heijn geplukt. Helemaal kloppend is het niet, maar de ordes van grootte kloppen zeker wel.” Voor volgend jaar hoopt Baltussen op een uitgebreider vervolg. Een online tool waar consumenten zelf de echte prijs van hun kerstdiner mee kunnen berekenen, is het doel. Meer duurzaam koken: Wat zet je op tafel als je zo duurzaam mogelijk wilt eten?Duurzaam voedsel in 2023: de trendsDuurzaam eten volgens de topkoks van NederlandSchrijf je in voor onze nieuwsbrief: iedere dag rond 07.00 uur het laatste nieuws Wil jij iedere ochtend rond 7 uur het laatste nieuws over duurzaamheid ontvangen? Dat kan! Schrijf je hier in voor onze dagelijkse nieuwsbrief.